Het was me het weekje wel …

Het was een week van melancholie, huldigingen, criteriums, overlijdensberichten en een steeds belangrijker wordende klassieker. Melancholie wil voor mij zeggen dat je een leeg gevoel hebt, omdat iets waar je intens van hebt genoten voorbij is.

Het was een prachtige Tour dit jaar en ik heb er van genoten. De eerste dagen waren soms wat saai, maar wat er vanaf de etappe op de keien van Parijs-Roubaix allemaal gebeurde, had de intensiteit van een spannend boek dat je maar niet weg kunt leggen.

Dan leef je van dag tot dag tot in je haarvaten mee en als het dan ineens voorbij is, komt de melancholie binnensluipen. Ik heb nooit de aanvechting gehad om daags na de Tour naar Boxmeer af te reizen voor ‘Daags na de Tour’, maar dit jaar heb ik het even overwogen, om het ook direct weer te verwerpen.

Laat het huldigen maar aan anderen over, daar ben ik niet zo van. Dat gevoel was er alleen omdat je iets wil vasthouden wat aan het hart gebakken zit. En het feit dat niet alleen Tom Dumoulin een hoofdrol speelde, maar ook Steven Kruijswijk en zo’n leuke snotaap als Antwan Tolhoek (foto 1) verheugt de feestvreugde.

Een niet te vergeten Robert Gesink, die in de Pyreneeën de hele groep met favorieten op sleeptouw nam en binnen een goed kwartier twee minuten dichtreed. Een geweldige prestatie in het belang van zijn kopmannen Roglic en Kruijswijk.

Drie sterfgevallen telde ik in de afgelopen. De Duitser Andreas Kappes, de Fransman Armand De Las Cuevas en de mij dierbare Hennie Marinus. Als ik hem sprak ging het al gauw over onze gezamenlijke leeftijd. Beide in 1938 geboren, beide op de drempel van tachtig jaar.

Ze vonden Hennie in zijn stoel, met al zijn wielerfoto’s op tafel. Hij was de laatste jaren eenzaam. Z’n parkietje dood, z’n hondje moeten laten inslapen, z’n dierbaren dichtbij maar wel in een urn. Eens is ieder mens moederziel alleen.

Maar gisteren was het weer koers, in Spaans Baskenland, een prachtige streek waar ik vaak ben geweest. Rond de wonderschone badplaats San Sebastian speelde zich weer de Clasica af, de enige Spaanse klassieker.

Met een afschuwelijke valpartij, de zege van Julian Alaphilippe, de bergkoning van de afgelopen Tour en een renner die ik in mijn hart heb gesloten. Aanvallen en niet bang zijn voor het moment dat het schip strandt.

De uitslag is de zoveelste bevestiging dat ons land weer een grote wielernatie is, zoals uit de tijd van Zoetemelk, Kuiper, Raas en Knetemann. Van de tijd die daarna hebben we geleerd dat niets vanzelfsprekend is.

Vier landgenoten bij de eerste tien in de Clasica San Sebastian. Dat is geen uitzondering meer, maar regel aan het worden. Mollema, Gesink, Kruijswijk en die kleine Tolhoek die dit jaar echt is doorgebroken. Wat zal zijn vader Patrick (foto 2) daar trots op zijn.

Hij was in mijn boeken over de geschiedenis van ons land in de Tour de France een lichtend voorbeeld voor een ieder die tegenslagen moet overwinnen en wat van zijn leven wil maken. Zoals mijn wijze vader eens tegen me zei, toen ik een jaar of tien was.

“Ik weet niet of je ergens talent voor hebt, maar als je het hebt, gebruik het. Laat het niet verloren gaan. Het is de sleutel om je te onderscheiden en wat van je leven te maken.” Ik denk dat ik dat op mijn manier heb gedaan, maar Patrick Tolhoek heeft dat zeker. Groot respect.

Foto’s: © Cor Vos

Door Fred van Slogteren, 5 augustus 2018 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web