Erelid van de Geraint Thomas Fanclub!

Er zijn nogal wat kenners die verwachten dat Geraint Thomas vandaag of uiterlijk vrijdag door zijn hoeven zakt. Er is in ieder geval één uitzondering die heilig in de kansen van de Welshman gelooft. Geloven jullie met hem mee?

Wat er ook gebeurt in de laatste week van deze Tour de France, ik geef het maar alvast toe: ik ben een groot fan van Geraint Thomas. Bij zijn zege in de Tourproloog van vorig jaar ben ik, in het bijzijn van mijn volledig verbaasde kinderen, van de bank opgesprongen uit vreugde over het veroveren van de Gele Trui.

En ter gelegenheid van zijn twee ritoverwinningen in de bergetappes van vorige week heb ik, dit keer stilletjes, een imitatie gemaakt van een aantal zegegebaren die ik in een halve eeuw als tv-kijker naar sportgebeurtenissen zoal heb meegekregen.

Al vanaf zijn debuut als broekie in de Tour de France van 2007, rijdend voor het kleine Barloworld team, heb ik een zwak voor Geraint Thomas uit Wales. Vanwege zijn ontwikkeling van baanrenner naar wegrenner, later van klassiekerspecialist naar ronderenner. Van kasseien, via kleine rondes, naar het hooggebergte in de grote rondes, elk jaar iets beter, ook in tijdritten.

Een ander facet van mijn neiging om maar snel lid te worden van de Geraint Thomas Fanclub is dat hij uiterlijk wel iets wegheeft van mijn allereerste wieleridool, Rini Wagtmans. En dan is er nog zijn zeer leesbare en grappige autobiografie The World of Cycling According to G, dat bijna naadloos aansluit bij het sfeertje in het Slogblog Tourspel.

Daarnaast speelt ook een minstens zo belangrijke rol dat ik in het begin van de profloopbaan van Geraint Thomas nog in Engeland woonde en werkte. Eén van mijn beste collega’s was John, een … Welshman. John en ik maakten er een gewoonte van om elkaar op elk onderwerp van discussie af te troeven, of het nu over het werk ging of over iets geheel anders.

Bijna altijd op een speelse manier en met humor als ondertoon, ook al begrepen de andere collega’s er vaak niets van. Op die manier, zo ontdekte ik pas jaren later, gingen we in feite allebei om met onze situatie als minderheid in The British Empire.

In John’s geval ging en gaat het om de zowat geïnstitutionaliseerde verhouding tussen het kleine Wales en het grote Engeland, terwijl mijn situatie die van een toevallige foreigner was die er soms wel bij mocht horen en op andere, geheel door de eilandbewoners bepaalde momenten juist helemaal niet.

John speelde het in onze verbale duels taktisch sterk door pertinent te weigeren deel te nemen aan de door mij op ons werk georganiseerde Fantasy Tour de France Game, de voorloper van het Slogblog Tourspel. Als er weer eens een dopingschandaal in de Tour was, kon hij vanzelfsprekend schaamteloos de moraalridder uithangen.

Met de opkomst van Geraint Thomas werd het mijn vurige wens dat hij als coureur uit Wales ook maar één dag geletruidrager zou mogen zijn. Ook al zijn John en ik al jaren geen collega’s meer en heb ik de Britse eilanden ruim pre-Brexit verlaten, met Thomas in de Yellow Jersey zou ik van ons kinderachtige wedstrijdje vérplassen tenminste nog een draw kunnen maken.

Mijn Hope of Glory voor Geraint Thomas kreeg nog eens een extra dimensie bij de Grand Départ van de Tourstart in Utrecht in 2015. De rest van ons gezin maakte vreemd genoeg weinig aanstalten om de proloog te gaan bekijken, maar ik moest en zou er naar toe.

Zonder de illusie om veel van het wielrennen te gaan zien, maar om in ieder geval de sfeer te proeven en vooral toeschouwer te zijn van het Tour-spektakel. Ik nam me voor om mij niet, zoals vroeger, te mengen in de strijd om spulletjes van de reklamekaravaan, ploegfoto’s, handtekeningen e.d.

Wel droeg ik een polo-shirt, dat we ooit op een vakantie in Wales hadden gekocht. Bewust vanwege het lekkere kraagje dat me tegen de hete zon kon beschermen, maar onbewust misschien wel als supporter van Geraint Thomas. Het is een fel rode polo met op de linker borst het CYMRU(*)-embleem.

Als ik het in Engeland op zomerse dagen wel eens op kantoor droeg, veroorzaakte dat altijd enige commotie als John en ik het zogenaamd weer niet eens met elkaar eens waren.

Na in Utrecht genoten te hebben van het sfeer proeven, langs het parcours, bij de start en na de finish, hing ik nog wat rond omdat ik niet zeker wist hoe druk het op Utrecht Centraal en in de treinen zou zijn. Tegen mijn bedoeling in werd ik toch naar het terrein met de teambussen getrokken.

De Sky-bussen trokken mijn aandacht, en al vanaf een afstand zag ik een kleine menigte staan rond … Geraint Thomas. Mijn kleine incognito bezoek aan de grote Tour de France kreeg opeens iets weg van een missie. Het zou toch wat zijn als ik een handtekening van Geraint Thomas zou kunnen bemachtigen. Niet voor mij, maar voor mijn ex-collega John?

In mijn tas vond ik zowaar nog een stukje papier en een pen, maar ik wilde me niet als vervelende 50-plusser tussen alle kinderen rond Geraint Thomas begeven. Hij verdween in de bus, en de aandacht verschoof zich naar Chris Froome. Ook bij hem kreeg ik, uiteraard, niet de kans waar ik passief op stond te wachten.

Het aankijken van de activiteiten rond de teambussen was in ieder geval al vermakelijk genoeg, vooral het gekrioel van personeel. Hoeveel deurtjes heeft een teambus? Wie van het veelkoppige personeel heeft de eindverantwoordelijkheid voor het beheren en los- en vastdraaien van de ventieldopjes?

Met alle aandacht gericht op Froome zag ik opeens Geraint Thomas, inmiddels omgekleed, naar één van de ploegauto’s gaan. Hij werd door het publiek met rust gelaten en werd blijkbaar niet herkend. Het was hét moment om mijn afwachtende houding te laten varen en in actie te komen.

Ik sprak hem aan voor een handtekening en, min of meer als verontschuldiging, vroeg ik hem wat hij van mijn Wales-shirt vond. “In support of you, sir.“ Hij moest er ontwapenend om glimlachen, waarna ik hem bedankte voor de handtekening en hem Good Luck in de Tour toewenste. “Thank you”, zei Thomas nog.

Een dag later, bij de doorkomst op de Coolsingel in Rotterdam zag ik Geraint Thomas richting de Erasmusbrug achter het peloton aan harken, op achterstand en in beangstigend dreigend noodweer. Gelukkig kon hij die dag terugkomen en, weliswaar zonder succes, nog meedoen voor de ritwinst en Gele Trui.

Later in die Tour verdween Thomas in de afdaling van de Col de Manse van de weg door een stuurfout van Warren Barguil. Ik begon me ernstig af te vragen of ik wel Good Luck tegen hem had moeten zeggen. In de Britse cultuur wordt iemand juist Break A Leg toegewenst, oftewel het tegenovergestelde van wat men bedoelt.

Inmiddels is Geraint Thomas één van de hoofdrolspelers van deze Tour de France 2018 en kan hij misschien als derde winnaar voor de zesde Britse Tourzege zorgen en de allereerste uit Wales.

Mijn ex-collega John staat nog altijd sterk in zijn rol en spreekt nog steeds over wielrennen als evil en work of the devil. Wat kan ik nog doen, vooral vanuit het oogpunt van het Keltische bijgeloof?

Zal ik in de komende dagen mijn Wales T-shirt weer dragen, of juist niet? Met of zonder de Wales-sjaal die ook nog ergens moet rondslingeren en de Wales-muts die ik ooit van mijn vriend John heb gekregen?

We zullen het beleven.

Ad van der Linden

(*) CYMRU = Wales, in de keltische taal van Wales

Foto 1: © Cor Vos

 

Door Ad van der Linden, 25 juli 2018 14:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web