Het balhoofdplaatje van Otto …

Fietsenmakers die hun naam en woonplaats in hun logo zetten, hebben niks te verbergen. Dat geldt zeker voor Léon Cattrysse uit De Haan aan Zee. Honderd jaar geleden bestond deze kleine badplaats nog niet.

Vanaf 1903 is het min of meer ontstaan toen er vlak bij zee een fraai gelegen hotel werd geopend. Dat moest bereikbar zijn en zo kwam er een weg naar toe en vervolgens een boulevard.

Het personeel moest ergens wonen en zo kwamen de eerste huizen en volgde langzamerhand een infrastructuur. Waar mensen wonen ontstaat vanzelf vraag naar de eerste levensbehoeften en daarna de tweede levensbehoeften.

Gaandeweg werd het een badplaats met nog meer huizen en andere hotels. Oud-wielrenner Léon Cattrysse vestigde zich in 1945 in het plaatsje als de locale fietsenmaker. Daar was een markt voor want badgasten willen nog wel eens een stukje fietsen in de mooie omgeving.

Fietsverhuur was een gat in de markt en zo ging Cattrysse ook fietsen enk kuitentaxis verhuren, de Vlaamse verbastering van het Franse woord quisse-tax, waarmee een soort trapskelter werd bedoeld. Tegenwoordig heten die dingen in diverse uitvoeringen go-carts.

Cattrysse was niet de enige die de commerciële mogelijkheden zag en zo kreeg hij direct een concurrent in David André, een collega-fietsenmaker. Het ging beide heren voor de wind, want in de zomermaanden waren de huurfietsen en kuitentaxis niet aan te slepen.

De zaken gingen zelfs zo goed dat Cattrysse tegenover het station een nieuwe winkel liet bouwen met maar liefst vier etages. Ook André breidde zijn commerciële activiteiten uit met een nog grotere winkel.

Daarnaast was hij burgemeester van Klemskerke, de gemeente waar De Haan aan Zee onder valt. Toen zijn finale ambtstermijn er op zat, werd hij opgevolgd door Ivan Cattrysse, de zoon van Léon.

Die diende de gemeenschap als burgervader maar liefst drie termijnen van elk zes jaar, in welke periode hij recht tegenover de winkel van André een nog grotere fietsenwinkel liet bouwen.

Bovendien kocht hij namens de gemeente het vervallen hotel, waar de geschiedenis van De Haan aan Zee mee is begonnen en liet het verbouwen tot een monumentaal gemeentehuis. Inmiddels staan de derde generaties André en Cattrysse als een soort Vlaams equivalent van Don Camillo en Peppone aan het roer.

De één verkoopt Batavus, de ander Gazelle, de één sponsort de tennisclub en de wielervereniging, de ander de fanfare en het jaarlijkse trammelant-feest, zoals de zomerse braderie wordt genoemd en ze houden elkaar nauwlettend in de gaten.

Ze hebben hun welvaart aan elkaar te danken en houden elkaar daarom graag in ere. ‘Beter één concurrent dan geen, zeggen ze dan ook uit volle overtuiging.

Door Otto Beaujon, 6 juli 2018 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web