Herinneringen bij een foto …

De Tour de France van 1958 was een beetje van ons. Van Nederland, bedoel ik. Zo voelde het althans. Het was nog de tijd van de landenploegen en acht Nederlandse renners vormden een ploeg met vier Luxemburgers.

Bij die mannen uit het Groothertogdom stond Charly Gaul bekend als het klimwonder, bijgenaamd De Engel van het Hooggebergte, die al eens derde in de Tour was geworden en twee maal het bergklassement had gewonnen voor wie bij het totstandkomen van de alliantie nadrukkelijk het kopmanschap was geclaimd.

De acht Nederlanders vonden het prima, want met name twee oude rotten en zeer ervaren Tourrenners als Wim van Est en Gerrit Voorting gingen alleen nog naar de Tour om geld te verdienen. Die wilden de kloten wel afdraaien voor het grillige talent uit Luxemburg.

De overige zes landgenoten vonden alles goed, want die kwamen net kijken. Jef Lahaye, Jaap Kersten, Piet van Est en Pieter de Jongh hadden er al een Tour opzitten en voor Martin van der Borgh en Pietje Damen was het de eerste kennismaking met La Grande Boucle en hadden nog niks in te brengen.

De drie Luxemburgers, door Gaul persoonlijk aangewezen, waren gewend voor de Engel te rijden en haalden het niet in hun hoofd hem tegen te spreken. De ploegleider was oud-renner Jean Goldschmit die die Nederlanders zag als eenvoudig voetvolk voor de kleine Luxemburgse generaal.

Hoewel er tussen de twee nationaliteiten geen enkele samenhang bestond, kwam het aan tafel niet tot ruzie. De vier van Goldschmit verstonden geen Nederlands en de acht Nederlanders konden geen chocola maken van dat Letzeburgs, een tot dialect vermalen samenraapsel van Franse en Duitse woorden.

De door de KNWU naar voren geschoven ploegleider Klaas Buchly (hier nog prominent op de foto) werd bij de eerste kennismaking te verstaan gegeven dat hij in de samenwerking alleen maar lege briefjes mocht inbrengen en verder zijn mond moest houden, en verder de auto van Goldschmit mocht besturen.

Het was allemaal geen gelukkige opmaat voor een Tour die de NeLux-ploeg veel succes zou opleveren. Gaul won vier etappes (inclusief drie tijdritten) en Gerrit Voorting één. Wim van Est en Gerrit Voorting droegen allebei twee dagen de gele trui en Charly Gaul pakte twee dagen voor het einde het geel en de eindzege.

In de eindstand werd debutant Pietje Damen fraai elfde en Piet van Est 22ste. Tien van de twaalf NeLux-mannen reden de Tour uit en de algemene opvatting was in Nederland dat WE de Tour hadden gewonnen.

Wim van Est en Gerrit Voorting lieten iedereen die het horen wilde weten dat Gaul die Tour zonder hun hulp nooit zou hebben gewonnen en het talent Pietje Damen werd tot de volgende Tourwinnaar bestempeld.

Een jaar later zou de ploeg op herhaling gaan, tot duidelijk werd dat Gaul een dubbele agenda had en hij bij lange na niet de vedette was van een jaar eerder. Het eindigde in ruzie en de conclusie dat het experiment van een ploeg met twee nationaliteiten als experiment niet voor herhaling vatbaar was.

Het is een mooie foto, waarvoor ik Piet van der Meer wederom dank zeg, met op de voorste rij van links naar rechts: Piet Damen, Jaap Kersten, Pieter de Jongh, Piet van Est, Klaas Buchly, Charly Gaul, Wim van Est en Jean Goldschmit. Daarachter vlnr: Jempy Schmitz, Aldo Bolzan, Gerrit Voorting en Marcel Ernzer.

Door Fred van Slogteren, 3 juli 2018 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web