Het balhoofdplaatje van Otto …

Een week voor de Tour begint heb ik in mijn verzameling gezocht naar een plaatje dat aan een vroegere Tourheld herinnert. Er zijn er vele, maar ik viel voor dit plaatje dat een link legt met Sylvère Maes (foto 2).

De Tourwinnaar van 1936 en 1939 had een prachtige voornaam, maar iedereen in Vlaanderen noemde hem Peer, of Lepe Peer, want Sylvère was een uitgekookte coureur, die uitstekend kon rekenen, zowel in frankskes als in minuten en seconden.

Het was een prachtig plaatje dat ik jaren geleden vond bij een oudijzerboer in Gistel, vlakbij Zevekote en Torhout. Zevekote is de geboorteplaats van Peer en in Torhout heeft hij jarenlang Café Tourmalet uitgebaat en er zijn laatste dagen gesleten.

Er ging de dag van de vondst een wereld voor mij open. De oudijzerhandel bestond uit niet meer dan een aftands vrachtwagentje, een weegschaal en een binnenplaats (‘cour’) waar alle troep lag opgestapeld.

Het hoorde bij een café en de ‘cour’ deed dienst voor beide neringen, want op de deur die in het café toegang gaf tot de binnenplaats zat een bordje met de tekst ‘urinoir’. Mannen willen altijd graag ergens tegenaan pissen en dat zou best die hoop schroot geweest kunnen zijn.

Ik dacht daar maar niet verder over na, maar dook in de berg oud ijzer en vond twee juweeltjes. Een plaatje van Legia, de mooist gemaakte Belgische fiets ooit uit Luik, en dit plaatje van Sylvère Maes.

Het was flink beschadigd, maar de prijs viel alleszins mee. De betaling bestond namelijk uit een aantal pinten voor de mannen die op dat moment toevallig in het café zaten. Met het blond schuimend bier kwamen de verhalen los en ik kon er geen genoeg van krijgen.

Sylvère Maes, vertelden ze, had in Torhout aan de Steenweg tussen Oostende en Roeselare dat café gehad waar al zijn trofeeën, truien en wat van zijn fietsen aan de muur of aan de zoldering hingen of stonden opgesteld.

In Torhout was ook de fietsenwinkel die werd gerund door Wilfried David, met foto’s, meneerke, zo schoon. En daar woonde om de hoek, de framebouwers van De Kimpe (Groene Leeuw) en er waren ook nog een stuk of vijf andere oudijzerboeren in de gemeente, waar ik ook nog heen kon.

Er is er in Torhout nu nog maar één over. Dat is een fabriekshal waar motorblokken van auto’s professioneel gekraakt worden. Ze worden met 30 ton tegelijk aangevoerd uit alle delen van Europa.

En oude fietsen gaan tegenwoordig naar de gemeentelijke milieuparken, waar je noch voor pinten, geld of goede woorden mag rondsnuffelen, want het oud ijzer blijft er geen dag langer liggen dan nodig is.

Mijn jachtvelden van weleer zijn helaas voor eeuwig afgesloten.

Foto 2: archief dewielersite.net

Door Otto Beaujon, 29 juni 2018 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web