Uit de wasserette van Henk …

In het afgelopen weekeinde werd het Nederlands voetbalelftal onder de 17 jaar Europees kampioen en in de krantenverslagen las ik veel optimisme. Maar liefst vier scorende spitsen zijn in aantocht.

Medio de jaren tachtig waren de wielerenthousiastelingen van toen ook zo optimistisch. De generatie Zoetemelk, Kuiper, Knetemann en Raas liep op zijn laatste benen en we realiseerden ons dat we met renners als Breukink, Rooks, Theunisse en Van der Velde, hoe goed ook, toch een stapje terug moesten doen.

Maar kijk, in 1984 werd Tom Cordes uit Wilnis wereldkampioen op de weg bij de junioren, een jaar later gevolgd door het Limburgse talent Raymond Meijs en weer een jaar later de eveneens uit Wilnis afkomstige Michel Zanoli.

Er werd heel wat van die jongens verwacht, maar geen van drieën hebben ze de top bereikt. Bij lange na niet. De een (Zanoli) door zijn karakter dat niet opgewassen was tegen alle randverschijnselen van beroemdheid, de ander (Cordes) door een woordje van drie letters dat zijn plezier in het profbestaan vergalde.

Waarom Raymond Meijs zijn enorme wielergaven niet heeft kunnen verzilveren, weet ik niet precies. Het kan zijn dat het een combinatie is van de twee redenen waarom Zanoli en Cordes er niet zijn gekomen. Het is triest vast te stellen dat ze alle drie van het verkeerde bouwjaar waren.

Hun start was hoopvol, want in wereldkampioenen waren en zijn grote ploegen altijd geïnteresseerd. Maar al spoedig liepen ze tegen de bovengenoemde problemen aan die hen als beroepsrenner fataal werden. Cordes verruilde zijn proflicentie voor die van een amateur en heeft tot voorbij zijn veertigste met veel plezier gefietst.

Dat gold niet voor Zanoli en Meijs die uiteindelijk allebei bij een onbeduidende ploeg als Asfra terechtkwamen. ‘Onbeduidend’, met respect overigens, want in die tijd waren ploegen als Asfra broodnodig om de renners op te vangen die bij de grote ploegen op straat werden gezet.

Ze wisten vaak niet hoe het verder moest, hadden al hun kaarten op een profcarrière gezet en nooit over hun toekomst nagedacht, als het onverhoopt als wielrenner niet zou lukken. Dankzij Asfra en iemand als Jos Elen konden ze als prijsrijders nog wat geld verdienen in de criteriums en de kermiskoersen.

Tom Cordes werkt nog steeds in de wielersport als soigneur/verzorger, maar met Michel Zanoli is het helaas triest afgelopen. Hoe het met Raymond Meijs gaat, zou ik niet direct weten.

Zij waren in ieder geval niet de renners die het Nederlandse wielrennen weer op de kaart hebben gezet. Onze nationale trots moest jarenlang flink bijgesteld worden, tot er nu weer een lichting is waar we enthousiast over zijn.

Met Dumoulin, Kruijswijk, Kelderman en in hun kielzog grote talenten als Sam Oomen en Koen Bouwman kunnen we de toekomst met vertrouwen tegemoet zien en zijn er geen ploegen (nogmaals met alle respect) als Asfra meer nodig.

Foto 2: archief dewielersite.net

Door Henk Theuns, 23 mei 2018 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web