Het balhoofdplaatje van Otto …

Het Verenigd Koninkrijk staat in deze dagen weer volop in de belangstelling vanwege het huwelijk van Prins Harry met de mooie Meghan. Voor de Britten een gelegenheid om de Brexit en andere zorgen even te vergeten, omdat ze niets willen missen van de pracht en praal die met zo´n gebeurtenis gepaard gaat.

Er zullen ook wel weer enkele hoogwaardigheidsbekleders verschijnen die een sjerp dragen als uiterlijk teken van hun ridderschap in de orde van de kousenband. Het zijn er niet veel, maar de oma en opa, alsmede de  vader van de bruidegom kroonprins Charles en zijn broer William zullen hem zeker dragen, maar niet zoals dat vroeger gebruikelijk was.

De Orde van de Kousenband is een wat frivole benaming en het bijbehorende ereteken werd bij officiële gelegenheden dan ook niet op de borst gedragen, maar om het been, waar een kousenband behoort te zitten. Om het dragen geloofwaardig te maken werd er tot enkele tientallen jaren geleden een kuitbroek bij gedragen alsook de verdere kostumering uit de tijd waar deze orde uit stamt.

Maar dat is niet meer en de kousenband is niet meer te zien. Het is een kleinood met daarop de tekst: Honi soit qui mal y pense. Naar een uitspraak van koning Edward III, die ongeveer 670 jaar geleden tijdens een hofbal, dansend met de gravin van Salisbury, spontaan op de knieën ging om haar afgezakte kousenband even boven de knie en dus onder de hoepelrok om haar dijbeen te gespen.

De hovelingen er omheen gniffelden en de koning werd fluisterend een geile snoodaard genoemd. His Majesty ving daar van onder die rok iets van op, maar in plaats van in woede te ontsteken sprak hij de bovengenoemde zin, die zoveel betekent als: ‘Schande voor hem die er iets kwaads achter zoekt’.

Waarom hij dat in het Frans deed en niet in zijn moerstaal komt omdat in de hogere kringen van toen bij voorkeur Frans werd gesproken als uiting van beschaving en voornaamheid. De kousenband is bovenaan gedrapeerd rond het wapen in de Coat of Arms te zien, een schild dat uitsluitend hofleveranciers, in dit geval Humber, mogen voeren.

Het Frans is in Britse hofkringen al lang geen voertaal meer en het Engels, waar men zich destijds wellicht voor schaamde, is het belangrijkste communicatiemiddel in de wereld geworden. Zelfs in de Tour de France. De Engelssprekenden in het peloton en dat worden er steeds meer, hebben daarnaast ook nog een taaltje tot hun beschikking, waarvan de woorden in geen enkel woordenboek voorkomen. Bradley Wiggins gaf hier eens een mooi voorbeeld van toen hem tijdens een persconferentie werd gevraagd of hij soms doping gebruikt.

FUCKING WANKERS, siste hij woedend terwijl hij de tafel met alle microfoons erop omkieperde. FUCKING WANKERS, en boos beende hij weg.

Dat was niet zo beschaafd van Sir Bradley, maar eigenlijk zei de eerste Britse Tourwinnaar precies hetzelfde als wat King Edward de Derde in 1344 uitbracht: Schande voor hen die zulke gedachten naar voren brengen.

Dit is mijn stukje voor vandaag en als u als man morgen uw ogen niet van de bruid kunt afhouden, weet dan dat uw vrouw dat ook zal doen, dus: Honi soit qui mal y pense!

Door Otto Beaujon, 18 mei 2018 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web