De Burgerlijke Stand van 9 juni.

Luis OCAÑA PERNIA (1945, overleden 19.05.1994, Spanje)

In Nederland bestaat bij velen het beeld dat in de periode Merckx alleen Joop Zoetemelk in staat was het wiel van de Brusselse geweldenaar te houden, maar dat was dan ook alles. Dit terwijl de Nederlander diverse malen Merckx heeft verslagen. Ook het feit dat Joop de enige was die Merckx partij kon geven, is niet juist. Er waren er meer, zoals Roger De Vlaeminck in de eendagskoersen en Luis Ocaña in de Tour de France. De in Frankrijk wonende Spanjaard heeft Merckx zelfs eens vernietigend verslagen. Dat was in de Tour van 1971 in de 11e etappe van Grenoble naar het skidorp Orcières-Merlette. Merckx – in de gele trui – had die dag geen goede benen en de in supervorm verkerende Spanjaard rook zijn kans. Hij ging op avontuur en hij reed een magistrale solo van meer dan 100 kilometer voor het grootste deel bergop. Toen de tijdverschillen waren gemeten stond het hele klassement op zijn kop. Van Impe kon met zes minuten achterstand de schade nog beperkt houden, maar Merckx en Zoetemelk gingen met negen minuten aan de broek diep door het stof. De Belg legde zich direct neer bij zijn nederlaag en verklaarde dat Ocaña de Tour ging winnen, want de achterstand was niet meer in te halen. De volgende dag ging hij al in de aanval, maar Ocaña hield dapper stand. Ook in de tijdrit gaf hij geen krimp, maar in de 14e etappe van Revel naar Luchon greep het noodlot onbarmhartig in. In de afdaling van de Col de Mente vloog Ocaña tijdens een vreselijk onweer uit de bocht en belandde zeer onzacht op het kletsnatte wegdek. Door het weer zagen de renners geen hand voor ogen en ze daalden volstrekt op gevoel ‘in the blind’ naar omlaag. Op het moment dat Ocaña probeerde op te staan reed Joop Zoetemelk vol op hem in. Met een shock, inwendige kneuzingen en een gebroken sleutelbeen bleef de arme Luis liggen en hij verloor daar de Tour, die hem zo toekwam, aan Eddy Merckx. Twee jaar later won hij alsnog de Tour bij afwezigheid van de geblesseerde Merckx, maar die overwinning had niet de glans van de zege die in 1971 voor hem zou zijn geweest als dat ene moment, waar het dunne bandje de grip met het kletsnatte wegdek verloor, niet had plaatsgehad. Ocaña was een groot renner, maar te wisselvallig om als een van de allergrootsten de geschiedenis in te gaan. Hij zocht de geschiedenis overigens zelf op, want in 1994 maakte hij een eind aan zijn leven, vanwege allerlei zakelijke en privé-problemen. (Foto: © Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Ernest KAUFMANN (1895, overleden 20.12.1943, Zwitserland)

Zoals de trouwe bezoekers van de slogblog weten heb ik het boek ‘Te midden der kampioenen’ van Joris van den Bergh meerdere malen gelezen. De meeste keren in mijn kinderjaren. Ik pak het nog wel eens uit de kast om er een stukje in te lezen. Het boek heeft één duidelijke held en dat is natuurlijk Pieter Daniel Moeskops (1893-1964) en dus een hele reeks anti-helden, omdat ze op enig moment door de Haagse reus zijn verslagen, verpletterd en vernederd. Voor al die verslagenen had Moeskops wel enige waardering, maar voor de Zwitser Ernest Kaufmann heeft hij in het hele boek geen goed woord over. Omdat het mensen eigen is om voor de underdog te kiezen, voelde ik bij iedere herlezing meer sympathie voor de Zwitser. Die had het ook niet makkelijk tegen die Nederlandse gigant die na iedere pagina groter leek te worden. Dat terwijl Kaufmann in de ogen van Big Pete niets kon, alleen maar erg hard rijden van kop af en dan nog alleen op een grote baan. Een simpel en eenvoudig te kloppen tegenstander, die altijd lachte. Of hij nou gewonnen of verloren had, Kaufmann lachte. Het is duidelijk: Moeskops mocht de Zwitser gewoon niet en alles aan de man irriteerde hem. Toch was Kaufmann niet zo’n slechte renner, gezien zijn resultaten. In zeven jaar tijd werd hij op het WK sprint voor profs één keer eerste, twee keer tweede en drie keer derde. In een tijd dat er mondiaal zo’n stuk of zestig topsprinters rondreden. Moeskops heeft ze waarschijnlijk allemaal wel eens verslagen, maar ook diverse nederlagen geleden. Ook door toedoen van Ernest Kaufmann uit Bellikon. Gezien de resultaten was Moeskops een soort Merckx en Kaufmann minimaal een Zoetemelk, De Vlaeminck of een Ocaña. En zonder de tegenstand van die drie had Merckx nooit zo groot kunnen worden, want de kracht van de tegenstanders bepaalt de grootheid van de kampioen. ‘Is ’t te waor of te nie?’ zou Kees Pellenaars gezegd hebben.

De andere op 9 juni geborenen zijn:

FROHLINGER, Johannes (1985, Duitsland)
GESLIN, Anthony (1980, Frankrijk)
HORST, Piet van der (1939, Nederland)
INDURAIN LARRAYA, Prudencio (1968, Spanje)
KUSTERS, Yvo (1986, Nederland)
MUNOZ BANON, David (1979, Spanje)
RIE, An van (1974, België)
WOLKE, Rudolf (1906, overleden 12.03.1979, Duitsland)

Door Fred van Slogteren, 9 juni 2007 0:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web