Uit de ordners van Jan …

Komende zaterdag 17 maart wordt de 109e uitgave van La Primavera, de bijnaam van de klassieker Milaan-San Remo verreden. Met zeven overwinningen is Eddy Merckx recordhouder. Constante Girardengo won de wedstrijd zes keer en behaalde tussen 1917 en 1928 een recordaantal van elf podiumplaatsen.

Roger De Vlaeminck stond zeven keer op het podium in San Remo. Driemaal was hij de sterkste, even zo veel keren werd hij er tweede. Alle klassiekers lagen hem goed, dus ook Milaan-San Remo.

Net als zijn generatiegenoten Merckx, Maertens, Gimondi en Moser was Le Gitan een veelzijdig renner. Hij kon goed bergop en was snel in de aankomst. Zonder die eigenschappen win je Milaan-San Remo niet.

In zijn tijd stonden er altijd ronde de driehonderd renners aan het vertrek. Tot aan de Passo del Turchino (ongeveer halfweg koers) lag het tempo al op vijftig aan het uur. Wilde je winnen dan moest je daar al bij de eerste twintig zzitten anders was je gezien. Op de Poggio viel meestal de beslissing en moest je attent voorin zitten omdat het daar gebeurde. De Cipressa zat toen nog niet in het parcours.

De Vlaeminck vertelt in deze uitgave van Miroir du Cyclisme dat de Tirreno Adriatico de beste voorbereiding is om de Primavera te winnen. Omdat je in die koers de beste basis, beter dan in Parijs-Nice de koers naar de zon die tientallen jaren lang gold als de beste voorbereiding.

De etappes zijn in Parijs-Nice niet zwaar genoeg en die koers is bovendien een paar dagen eerder afgelopen dan de Tirreno, zodat je extra moet trainen om de vorm te behouden. Daarom rijden de specialisten van de voorjaarskoersen de Tirreno tegenwoordig louter om zich voor te bereiden op het voorjaar. In de tijd van De Vlaeminck en Merckx moest je er altijd staan en in iedere koers voor de eindzege gaan.

Met het oog op Milaan-San Remo reed De Vlaeminck altijd de Tirreno, omdat hij daar meer gelegenheid had om zichzelf moe te maken, waardoor de conditie werd aangescherpt en hij op punt stond voor de Primavera.

Voor de afsluitende tijdrit ging De Vlaeminck altijd tweehonderd kilometer warm rijden om op de donderdag na afloop van de Tirreno nog eens honderdtachtig kilometer te trainen om een dag later nog eens tachtig kilometer in de benen te proppen.

De Vlaeminck is samen met Eddy Merckx en Rik Van Looy één van de drie renners die er in is geslaagd om de vijf monumenten allemaal te winnen. Milaan-San Remo, de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix, Luik-Bastenaken-Luik en de Ronde van Lombardije.

“Tegenwoordig is er geen enkele renner meer die ze alle vijf rijdt. Dat vind ik jammer. Men zou de toppers moeten verplichten om alle topwedstrijden te koersen. De huidige trend is om steeds meer te pieken richting één bepaalde wedstrijd”, aldus De Vlaeminck in deze uitgave van Cyclisme Magazine.

Op de hierboven afgebeelde cover van Miroir du Cyclisme heeft De Vlaeminck net Milaan – San Remo in 1978 gewonnen. De belofte van de Italiaanse wielersport, de pas twintigjarige Guiseppe Saronni, was die zaterdag de grote ster van de 69ste editie van de Sint-Jozefs-klassieker.

In de eindsprint van het drie man tellende kopgroep kwam hij echter tekort tegen de routine van de tien jaar oudere Roger De Vlaeminck, die vijf jaar eerder ook al gewonnen had.

Saronni ging als eerste over de top van de Poggio en bleef tot groot enthousiasme van zijn al talrijke Italiaanse supporters ook in de afdaling vooraan. Beppe liet zich door dat enthousiasme meeslepen en De Vlaeminck zag die jeugdige overmoed met welgevallen aan.

De Belg opende zelf de eindsprint. Nu hij zijn reserves niet eerder had hoeven aanspreken won hij met enkele lengten voorsprong.

Door Fred van Slogteren, 12 maart 2018 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web