Martin van der Borgh (1934-2018)

Zonder gele trui naar eindstreep van het leven

In zijn woonplaats Brunssum kwam op maandag 12 februari, terwijl stad en streek carnaval vierden, een einde aan het leven van Martin van der Borgh. De prostaatkanker die hij in een eerdere fase overwonnen leek te hebben bleek toch weer teruggekomen.

Dat liet de sympathieke oud-renner geen kans meer opnieuw deze strijd te winnen. Martin van der Borgh, Mart voor zijn Limburgse vriendenkring, werd 83 jaar.

Zijn glorietijd op de fiets beleefde hij in de jaren vijftig, zestig. Eerst deed hij van zich spreken in wedstrijden van de Wieler Federatie Limburg, de ’wilde bond’ die overigens een opstap bleek te zijn voor menige amateur en latere prof uit deze provincie.

Van der Borgh bewees dit onder meer door als amateur in 1954 de Ronde van Limburg te winnen en derde te worden in het wereldkampioenschap dat in het Duitse Solingen werd gehouden.

Drie jaar later, met de militaire dienst achter de rug, stapte hij de betaalde categorie binnen. En ook op het hoogste niveau kwam zijn kwaliteit als all-rounder tot uiting. Niet alleen won hij in het shirt van onder meer Eroba, Locomotief of het Duitse Rüberg de meerdaagse Tour du Nord in Frankrijk.

Hij zegevierde ook in de eveneens al van de kalender verdwenen Ronde van Haspengouw, die men zou kunnen vergelijken met hedendaagse koersen als Kuurne-Brussel-Kuurne of Brabantse Pijl.

Tevens behaalde hij ritzeges in de Ronde van Luxemburg en ereplaatsen in de ronden van Nederland, België, Duitsland, Romandië, Zwitserland, noem maar op.

Drie achtereenvolgende deelnames aan de Tour de France - die toen nog met landenploegen werd verreden - onderstreepten zijn kwaliteiten nog meer. Weliswaar haalde hij slechts één keer Parijs, maar dat kwam vooral omdat hij nogal eens met Vrouwe Fortuna overhoop lag, zoals in 1958 bij zijn debuut.

Als lid van een uit acht Nederlanders en vier Luxemburgers bestaande equipe was hij na twee weken bezig de top-10 van het klassement binnen te rijden toen hij in de vijftiende rit Luchon-Toulouse tijdens de afdaling van de Col d’Ares onderuit ging.

Met een gebroken linker sleutelbeen moest hij de volgende dag beginnen aan de thuisreis naar Koningsbosch, wielernest binnen de gemeente Echt-Susteren. Enkele weken later was hij overigens weer fit genoeg om op het WK in Reims als achtste en bestgeklasseerde Nederlander te eindigen.

In 1959 verliet hij opnieuw na twee weken de Tour omdat knieklachten het onmogelijk maakten nog verder te strijden. Het euvel was een gevolg van een zware tuimeling in het voorjaar tijdens een oefencampagne aan de Middellandse Zee.

Blijkbaar had hij zich naderhand in de Dauphiné Libéré en Ronde van Zwiitserland (zevende in de eindstand) geforceerd om toch maar tijdig terug op niveau te zijn voor La Grande Boucle.

In 1960 bestond dáárover geen twijfel. Toen hij op het einde van de openingsrit Lille-Brussel als koploper naar het Heyzelstadion snelde waren de dagzege én gele leiderstrui nog slechts een kwestie van enkele minuten.

Helaas voor Van der Borgh stuurde een paniekerige seingever hem vlak voor de ingang van het stadion dezelfde kant uit als de volgauto’s en motoren. Hij moest omdraaien, maar verspeelde de winst ten opzichte van zijn medestrijders die hij even tevoren in de steek had gelaten.

De vierde plaats was het povere resultaat. Het gemis van de etappezege, maar vooral dat van het gele erehabijt hebben de sterke Limburger, die na afloop van het seizoen 1964 zijn rennerscarrière beëindigde, nooit losgelaten.

Ik wens zijn nabestaanden veel sterkte toe bij het dragen van dit verlies.

Wiel Verheesen

Foto's: archief T&T Tekst & Traffic

Door Wiel Verheesen, 13 februari 2018 21:00

Martin van den Borgh

Mijn allereerste Touretappe die ik als 13 jarige jongen volgde, was de etappe Rijssel-Brussel op zondag 26 juni 1960. Om iets na het middaguur kwam Dick van Rijn in de ether. Het was ook zijn eerste Touretappe. Een zeer enthousiaste Van Rijn wist te vertellen dat er een kopgroep van veertien, met daaronder drie Nederlanders, op weg was naar het stadion in Brussel. In de eindsprint, gewonnen door de Belg Schepens, werd, Martin van den Borgh vierde, Wim van Est vijfde en Piet Damen veertiende. Ik vond het een sensationeel begin van de Tour voor de Nederlanders. Pas de volgende dag las ik in de krant dat het begin veel sensationeler had kunnen zijn . Martin van den Borgh was een zekere etappe overwinning en een bijbehorende gele trui ontnomen door een fout van een seingever.
Een jaar of zes geleden stuurde in Martin van den Borgh twee boekjes over de Tour van 1958 en de Tour van 1960, twee Tours, waarbij hij met een overdosis pech had af te rekenen. Ik kreeg een heel enthousiaste reactie van hem. Dat hij van een wildvreemde zo maar twee boekjes kreeg toegestuurd en dat hij regelmatig uitnodigingen ontving voor het bijwonen van wielerwedstrijden vond hij geweldig.
Een sympathiek mens is heengegaan.
Geplaatst door Piet van der Meer, 15 februari 2018 21:02:58

Martin van der Borgh

Herstel,
Waar ik schreef Martin van den Borgh, moet staan Martin van der Borgh
Geplaatst door Piet van der Meer, 15 februari 2018 21:07:14

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web