Uit de ordners van Jan …

Het is ondertussen alweer 35 jaar geleden toen er, niet onverwacht, een einde kwam aan de samenwerking van Jan Raas en Peter Post. In het voorjaar van 1983 kondigde Raas zijn vertrek uit de ploeg Post aan.

Een gouden tijdperk liep ten einde liep. In die tijd vertelde Jan Raas dat zijn ploegleider te veel de eer van de triomfen naar zich toetrok. Maar in werkelijkheid botsten hun Amsterdamse en Zeeuwse karakter en winnaarsmentaliteit.

Aan alles komt een eind, in 1984 ging Post verder met de Panasonic-ploeg en begon Raas met het Kwantum-team. Dat was nadat Raas contact kreeg met de slimme zakenman Joop Steenbergen, eigenaar van de winkelketen Kwantum Hallen.

De primaire doelgroep van de Kwantum Hallen waren mensen met lage inkomens. Steenbergen: “Mijn opvatting was: als mensen met lage inkomens komen, volgen mensen met hogere inkomens ook wel.

Die willen echt niet meer betalen voor dezelfde kwaliteit. Zakendoen met het motto: groot, snel en veel betekent dat je veel aandacht en geld moet besteden aan reclame. Daarom plaatste ik iedere week paginagrote advertenties op de laatste pagina's van alle landelijke dagbladen en werd ik in 1984 sponsor van de wielerploeg die in de Tour de France reed.”

Steenbergen vroeg Jan Raas, kopman van de ploeg, die door blessureleed aan een bestaan na het wielrennen dacht, om medio 1985 ploegleider te worden. Joop Zoetemelk was 38 en had ook zijn beste tijd gehad, maar was als winnaar van de Tour de France 1980 altijd nog een echte held.

Bij het wereldkampioenschap in Italië, in 1985, werd Zoetemelk tot ieders grote verbazing nog wereldkampioen op de weg. Het effect op het imago en de naamsbekendheid van Kwamtum Hallen was enorm.

Met Zoetemelk in de regenboogtrui kunnen we in de Tour een voorname rol spelen, vond Raas. Na de Tour zou het volledige criteriumprogramma in Nederland volgen, waar Kwantum, in tegenstelling tot Peter Post, wel veel aandacht aan wilde schenken.

“Want," zei directeur Steenbergen, “in totaal staan daar zo'n twee miljoen kijkers langs de kant. Dat is in principe ons publiek en wij sponsoren deze ploeg om zoveel mogelijk naamsbekendheid te krijgen.”

Flandria, Gitane, Gan-Mercier, Raleigh en Coöp-Mercier waren de ploegen waarin en waarmee Zoetemelk triomfen vierde. Maar nooit gebeurde dat onder leiding van de gerenommeerde Lomme Driessens.

De destijds zeventigjarige Belg en zijn Eindhovense assistent Jan Gisbers voerden het commando over een ijzersterke ploeg. “Ik denk niet”, aldus Zoetemelk, “dat de aanwezigheid van een groot aantal topfiguren problemen zal opleveren. Bij Raleigh was ook altijd veel kwaliteit verzameld. En de successen zijn niet uitgebleven”.

Hoewel Zoetemelk in de nieuwe ploeg verschillende renners aan zijn zijde had die niet alleen in meerdaagse wedstrijden, maar ook in de klassiekers tot de belangrijkste figuren behoren zei hij bij de ploegpresentatie toch een paar eendagswedstrijden op het oog te hebben.

Met name de Waalse Pijl, Luik-Bastenaken-Luik en de Amstel Gold Race stonden op zijn verlanglijstje. Het hoofddoel was echte de Tour.

De ploeg bestond bij aanvang van het seizoen 1984 uit de kopmannen Jan Raas, Joop Zoetemelk, Hennie Kuiper en Adrie van der Poel.

Zij konden rekenen op de steun van Ad Wijnands, Leo van Vliet, Jacques Hanegraaf, Jan en Adri van Houwelingen, Cees Priem, Gerrit Solleveld en de Belgen Ludo Peeters, Roger De Cnijf, Dirk De Wolf en Noël Segers.

Foto 2 en 3: archief dewielersite.net

Door Jan Houterman, 5 februari 2018 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web