Uittreksel uit de Burgerlijke Stand van 19 december …

De Rotterdammer Joop Demmenie was net voor de Tweede Wereldoorlog een van de beste amateurs van ons land. Dat mag je stellen, omdat hij zowel in 1937 als in 1938 geselecteerd werd voor de Nederlandse ploeg voor het WK op de weg.

En daar deed hij het lang niet gek, want in 1937 werd hij vierde in Kopenhagen, achter de Italiaan Leoni, de Deen Sörensen en de Duitser Scheller, maar voor zijn landgenoot Henk de Hoog. Een jaar later werd Demmenie in Valkenburg derde achter de Zwitsers Knecht en Wagner.

Met die resultaten was Demmenie na Gerrit van de Berg in 1925 (3e) en Kees Pellenaars in 1934 (1e) de derde Nederlander die bij een WK op de weg voor amateurs het erepodium haalde.

Hij moest nog twintig worden, maar hij vroeg voor 1939 een proflicentie aan. Er is altijd geschreven dat Jacques Hanegraaf de jongste prof ooit was, want die was op 1 januari 1981 21 jaar en 18 dagen. Wout Wagtmans was in 1950 nog jonger. Om niet te spreken van Harrie van der Kamp die zeventien jaar was toen hij beroepsrenners werd. 

Demmenie was ook jonger dan Hanegraaf, want op 1 januari 1939 was hij 21 jaar en 12 dagen. Maar wie ligt daar nog wakker van? In zijn eerste profjaar deed Demmenie het uitstekend, want hij won de semi-klassieker Brussel-Hozemont en hij werd tiende in de Ronde van Luxemburg.

In de jaren daarna waren er nauwelijks nog prestaties, maar het was oorlog en voor renners was het toen bepaald niet makkelijk om aan wedstrijden deel te nemen.

In 1944 vroeg hij geen licentie meer aan en Demmenie leidde, volgens een neef na de oorlog een roerig leven. Hij was drie keer getrouwd en had ettelijke vriendinnen. Ook hield hij van grote auto’s en vakanties in zonnige oorden.

Zijn verhaal lijkt een beetje op het liedje Ome Jan van Willeke Alberti, want waar Ome Joop zijn geld mee verdiende was de familie Demmenie lang niet duidelijk.

Tot die neef ontdekte dat Ome Joop (Wat is er joh?) een roulette in huis had en zijn woning bij notoire gokkers bekend stond als een gokpand. En toen was het duidelijk dat zijn oom het breed had en het dus breed kon laten hangen.

Een illegale gokbaas, zoals je er toen zoveel had. Maar in die stiekeme achterkamertjes ging veel geld om, genoeg om veel alimentatie te betalen, veelvuldig met vakantie te gaan en in grote auto’s te rijden. Daar konden de beroepsrenners in de jaren veertig en vijftig alleen maar jaloers naar kijken.

Joop Demmenie overleed op 3 juni 1991. Hij was toen 72 jaar.

Foto: archief dewielersite.net

Door Fred van Slogteren, 19 december 2017 9:00

Joop Demmenie

Joop is jarenlang onze buurman geweest op de Schieweg in Rotterdam, waar hij zijn gokvrienden en vriendinnen thuis ontving. Ondanks zijn manier van geld verdienen was Joop een van de leukste mensen die ik ooit in mijn leven heb meegemaakt. Hij was gek op onze kinderen. Ik genoot van zijn wielerverhalen.
Geplaatst door Hans van Tol, 07 mei 2018 21:49:18

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web