Zo maar wat ontmoetingen …

In 2007 en 2008 heb ik in het kader van de Campina Ronde van het Groene Hart, een 1.1 koers op de UCI-kalender, een tweetal boekjes gemaakt, waarin (oud) wielrenners en aanverwante personen die in het Groene Hart zijn geboren of er wonen, aan het woord komen..

Het Groene Hart is het landelijke gebied dat ingeklemd tussen de vier grootste steden van Nederland vecht voor een agrarisch en recreatief voortbestaan met de steeds meer oprukkende verstedelijking van de Randstad als voornaamste vijand.

In een aantal gevallen leverde die ontmoetingen ware liefdesverklaringen op en om gelijk maar met de mooiste te beginnen was ik met fotograaf Cor Vos in Amstelhoek aan de Amstel voor een ontmoeting met Peter Zijerveld.


Peter was in de jaren tachtig een redelijke beroepsrenner, daarna een sterke triatleet en hij coördineert nu als talentcoach op Papendal de werkzaamheden van motivering tot topsport. Hij houdt van zijn werk, maar als iemand hem een salaris zou bieden om elke dag tachtig kilometer in het Groene Hart te fietsen, dan zou hij dat direct doen.

Als kind was Peter Zijerveld (1955) altijd buiten, voetballen, hardlopen en natuurlijk fietsen. Hij werd een goede amateurwielrenner met een gave voor het klimmen. Hij was daarna vijf jaar beroepsrenner en zijn beste prestaties waren een vijfde plaats in Parijs-Nice en een vijftiende in de Ronde van Spanje.

Na zijn wielercarrière kwam hij door toeval in de wereld van de triatlon terecht en hij vond het prachtig. Een werkdag lang zwemmen, fietsen en hardlopen was nog veel leuker dan alleen wielrennen. Hij behoorde zeven jaar lang tot de wereldtop, met tal van ereplaatsen op zijn palmares. Hij kijkt met dankbaarheid op zijn actieve sportjaren terug en hij geniet van het feit dat hij in zijn huidige werkkring nog midden in de sport staat.

“Zonder de fiets kan ik niet leven, denk ik. Zodra ik kon lopen, was ik ook aan het fietsen. In mijn jeugd speelden we iedere zomer Toerdefransje. De ene jongen was Anquetil, een andere Merckx, maar ik was – vanwege mijn brilletje – natuurlijk Jan Janssen.

De fiets is mijn leven. In mijn wielerjaren, in mijn tijd als triatleet en nu in mijn baan bij de KNWU. Honderden jeugdrenners uit het hele land heb ik begeleid. Een dagtaak maar als ik even gemist kan worden, dan kleed ik me gauw om en dan rij ik mee.

De fiets heeft me gevormd. Die jarenlange trainingsarbeid zorgt voor een ijzeren discipline en als ik terugkijk en ik zie wie ik ben en hoe ik ben, dan ben ik tevreden. Ik ben er niet rijk van geworden, maar wel een heel gelukkig mens. Dankzij de fiets!”

Zijn liefde voor zijn geboortegrond in het Groene Hart gaat boven alles. “Ik weet wanneer de koeien naar buiten gaan, wanneer er gelammerd wordt, waar de eendennesten zitten, waar de reigers broeden en voor de geur van kuilgras kun je me wakker maken. Ik ruik het hooi, de geur van vers gras en die specifieke lucht van het boerenland.

En dan het decor met boerderijtjes, weilanden, water, riet, dijkjes het komt onverbiddelijk op je af, maar het blijft altijd een vergezicht. Je voelt je er één mee. Ik heb zelfs een paar plekjes in het Groene Hart, waar ik het heel aangenaam warm krijg. als ik er langs fiets of loop.

Alsof er aardstralen actief zijn. Dan denk ik wel eens: die verschrikkelijk mooie plekjes moeten wel iets goddelijks hebben, anders zijn ze niet zo mooi. De mensen die voor hun werk altijd binnen zitten, die missen veel.”

Foto’s: © Cor Vos

Door Fred van Slogteren, 29 oktober 2017 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web