Areke HASSINK (1981, Nederland)

Vader Arie was een van de beste amateurrenners die Nederland ooit gehad heeft. Hij is door gezondheidsproblemen nooit beroepsrenner geweest. Dat is jammer want als amateur was hij toppers als Raas, Knetemann en Schuiten regelmatig de baas. Na zijn carrière was de Achterhoeker nog lang actief bij de sponsoractiviteiten van Giant. Zo bleef het wielrennen een belangrijk gespreksonderwerp in het dorpje Zieuwent, waar Arie met zijn gezin woont. Dochter Areke en zoon Arne raakten dan ook volledig besmet met de wielerbacil. De 22–jarige Arne is een goede eliterenner die dit jaar voor het Fondas P3 team begon en gedurende het seizoen overstapte naar Ubbing-Syntec. Zijn drie jaar oudere zus Areke behoort inmiddels niet meer tot de beste vrouwen van Nederland. Ze maakte de PABO af en ze staat nu fulltime voor de klas en dat is moeilijk te combineren met een sportcarrière. Daarom is het wielrennen een beetje op het tweede plan gekomen. Ze kan terugzien op mooie jaren, waarin ze niet veel won, maar zich wel onderscheidde in de zwaardere koersen. Net als haar vader kan ze goed klimmen en moet ze het niet hebben van criteriums. Als kind zeurde ze haar ouders de kop gek om een racefiets en op haar tiende verjaardag stond de felbegeerde velo voor haar klaar. Ze miste het fanatisme van haar vader en het interesseerde haar aanvankelijk niets dat ze nauwelijks mee kon komen. Evert Nanninga en Monique Knol wisten wel uit haar te halen wat haar vader niet lukte. Ze kwam in selecties en ze behoorde jarenlang tot de top van Nederland. Dat ze er niet meer vol voor gaat, leid ik af aan de enige uitslag die ik dit jaar van haar kan vinden. Een 23e plaats in de Omloop van het Ronostrand. Misschien kan ze zelf dit stukje eens aanvullen en mij op onjuistheden betrappen. (Foto: © Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 22 september 2006 22:00

Giuseppe SARONNI (1957, Italië)

Toen Beppe Saronni met dispensatie van de Italiaanse wielerbond in 1977 bij de profs debuteerde won hij achter elkaar de ene na de andere wedstrijd in eigen land. Hij leek niet te stuiten en hij werd enorm opgehemeld. In augustus van dat jaar raakte de pas 19-jarige Lombardijn bij een valpartij betrokken en hij brak zijn sleutelbeen. “Dat is het beste wat hem dit jaar is overkomen”, sprak Eddy Merckx wijs. Twee jaar later won Beppe op 21-jarige leeftijd de Giro d’Italia. In de grijze oudheid van de wielersport hebben wel eens meer heel jonge renners een grote ronde gewonnen, maar na de tweede wereldoorlog is dat – bij mijn weten – niet meer voorgekomen. De Giro was zijn wedstrijd, want hij won hem twee keer, veroverde vier maal de trui van het puntenklassement, hij droeg 39 koersdagen de roze trui en hij schreef 26 etappes op zijn naam. Hij kon aardig klimmen, hij had een sterke tijdrit in de benen en hij was – en dat is een zeldzame combinatie – ook nog eens razendsnel. Die snelheid had hij ontwikkeld door als jong rennertje regelmatig op de Milanese Vigorellibaan te trainen. Zo leerde hij sprinten en met die vaardigheid kon hij zich in wedstrijden sparen omdat hij op zijn eindschot kon vertrouwen. Daardoor was hij onder collega’s niet zo geliefd. Toch is Saronni niet de campionnissimo geworden die velen in hem hebben gezien. Dat kwam door het feit dat hij jarenlang voor een Italiaanse ploeg reed waarvan de sponsor (de meubelindustrie Del Tongo) geen belangen in het buitenland had. Slechts eenmaal startte hij in de Tour. Dat was in 1987 en hij haalde het einde niet. Hij won in zijn carrière vier klassiekers, het Kampioenschap van Zürich, de Waalse Pijl, de Ronde van Lombardije en Milaan-San Remo. Zijn mooiste triomf is echter het wereldkampioenschap geweest in 1982 in Engeland. In een zinderende finale rekende hij af met LeMond en Kelly. Giuseppe Saronni is nu al weer een aantal jaren teammanager van de Lampre-ploeg.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 21 september 2006 22:00

Andrei KIVILEV (1973, overleden 11.03.2003, Kazachstan)

Ik zou wel eens willen weten waarom er zoveel goede wielrenners uit Kazachstan komen. Ik zou het niet weten. In ieder geval kon Andrei Kivilev het ook. Hij kwam in 1998 naar West-Europa waar hij een contract kreeg bij Festina, de grote Franse wielerploeg die in datzelfde jaar in de Tour werd ontmaskerd als grootgebruiker van epo-producten. Geen prettige ambiance voor een beginnende profrenner. Toch bleef Kivilev twee jaar bij de ploeg en maakte toen de overstap naar AG2R. Een jaar later, in 2001, tekende hij voor Cofidis en dat werd het jaar van zijn doorbraak. In de maand juni reed hij een sterke Dauphiné, waarin hij als vijfde eindigde en een goede week daarna zegevierde hij in de Route du Sud, een driedaagse etappewedstrijd in Zuid-Frankrijk met veel klimwerk in de Pyreneeën. Het bleek een perfecte opmaat voor de Tour de France, waarin Andrei wederom sterk reed. In de achtste etappe was hij mee in een succesvolle ontsnapping die meer dan een half uur voorsprong opleverde. Kivilev stond in de top van het klassement en daar kon hij zich tot het eind handhaven. Hij eindigde als vierde, net naast het podium. Het seizoen 2002 was iets minder succesvol, maar zijn toekomst zag er nog steeds rooskleurig uit. In 2003 startte hij in Parijs-Nice. In de tweede etappe kwam hij ten val en hij liep een schedelbreuk op omdat hij geen helm droeg. Een dag later overleed hij in het ziekenhuis. De UCI reageerde verstandig en stelde per direct het dragen van een helm verplicht. Zijn landgenoot en vriend Alexandre Vinokourov leek ontroostbaar, maar hij had nog voldoende moraal om diezelfde uitgave van Parijs-Nice winnend te beëindigen. Hij droeg zijn overwinning aan zijn overleden vriend op. Glorie en drama, het gaat in de wielersport hand in hand. (Foto: © Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 20 september 2006 22:00

Marcel KINT (1914, overleden 23.03.2002, België)

In 1998 heb ik hem eens geïnterviewd. In zijn huis, annex rijwielgroothandel in Kortrijk. Hij was toen 83 jaar en nog volop aan het werk samen met Marcel junior, zijn zoon en diens vrouw die de administratie deed. De aanleiding voor het gesprek was het feit dat de wereldkampioenschappen dat jaar in Nederland werden gehouden en dat er iedere maand in Wieler Revue een oud-wereldkampioen(e) van Nederlandse of Belgische huize aan het woord moest komen over zijn of haar prestatie van damals. Omdat het van Marcel Kint al zo lang geleden was (1938) dat hij in Valkenburg de beste van de wereld werd, dook ik eerst in het archief van een krant die toen ook al bestond. Ik vond het summiere wedstrijdverslag na enig zoeken, want in die tijd was sport een onbeduidende bijzaak in het wereldnieuws. Toch kreeg ik na het lezen van het berichtje veel respect voor de Belg, alsmede voor de Zwitsers Egli en Amberg en onze landgenoot Piet van Nek, die in die volgorde over de finish kwamen. De wedstrijd was zo zwaar geweest dat er slechts zeven renners finishten. Ik was achteraf erg blij dat ik dat verslag had opgeduikeld, want Kint wist het allemaal niet meer. Ik las hem bijna het hele stukje voor, maar er ging geen belletje rinkelen. Ook zijn overige successen, die ik op een blocnotevelletje had verzameld hoorde hij met belangstelling aan alsof het over iemand anders ging. Wat hij zich nog wel helder kon herinneren waren zijn armoedige jeugdjaren. Zijn moeder overleed toen hij nog een kind was en zijn vader was zo arm dat hij de zorg voor de kinderen overdroeg aan oma Kint die het ook maar moest zien te redden met drie keer niks. Op zijn twaalfde kreeg de latere wereldkampioen een baantje bij de draadfabriek van Bekaert, waar hij op zijn achttiende ontslagen werd omdat hij te oud was. Zo werd Marcel Kint coureur, uit pure noodzaak. Hij had de mazzel dat hij veel talent had, maar de pech dat hij wereldkampioen werd aan de vooravond van de tweede wereldoorlog. Die trui heeft hem geen frankske opgeleverd. Wel een eretitel: FLANDRIEN! Een echte!

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 19 september 2006 22:00

Damiano CUNEGO (1981, Italië)

Deze blonde Italiaan wordt vandaag 25, maar hij ziet er niet ouder uit dan een jaar of 18. In 2004 verbaasde hij de hele wielerwereld door als 23-jarige in één seizoen zowel de Giro d’Italia als de Ronde van Lombardije te winnen. En dan vergeet ik nog zijn zeges in de Ronde van Trentino en die van de Apennijnen. Zo’n entree op het hoogste niveau hadden de tifosi niet meer gezien sinds Giuseppe Saronni. Uiteraard werden er direct grote verwachtingen aan hem verbonden, maar in de twee seizoenen die sindsdien zijn verstreken heeft de renner uit Verona het maar gedeeltelijk kunnen waarmaken. In 2005 stelde hij meer dan teleur, maar achteraf bleek hij een klieraandoening onder de leden te hebben. 2006 verliep tot nu toe veel beter. Hij won wederom de Ronde van Trentino en met zijn derde plaats in Luik-Bastenaken-Luik behoorde hij gelijk weer tot de favorieten voor het winnen van de Giro. Dat lukte niet, want hij werd slechts vierde. Die plaats viel op zich niet tegen, maar wel de 18 minuten achterstand op winnaar Basso. De bovengenoemde Giuseppe Saronni is teammanager bij Lampre, de ploeg van Cunego. Misschien heeft Beppe veel van zichzelf herkend in de jonge Damiano. Saronni werd als jeugdig talent veel te vroeg uitgemolken en zijn carrière werd niet wat het beloofde, ondanks een prachtige palmares. Daarom gebood Saronni voorzichtig met Cunego om te gaan. Zo ging Damiano dit jaar voor het eerst naar de Tour om er ervaring op te doen en meer niet. Hij presteerde echter boven verwachting, want hij reed constant in de voorste linie en in de etappe naar l’Alpe d’Huez werd hij tweede. In de eindstand werd hij twaalfde en hij pakte bovendien het jongerenklassement, door een voor zijn doen sterke tijdrit te rijden. Het heeft hem kennelijk moraal gegeven, want hij heeft zijn ambities voor de komende twee jaar al bekendgemaakt. Volgend jaar wil hij wederom de Giro winnen en in 2008 komt hij naar Frankrijk met maar één doel: de gele trui in Parijs brengen. We zullen zien. (Foto: © Cor Vos)
Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 18 september 2006 22:00

Lance ARMSTRONG (1971, Verenigde Staten)

Iemand die zeven keer op rij de Tour de France wint, heeft een unieke prestatie geleverd die misschien nooit meer verbeterd zal worden. Daar heb ik zeker respect voor, maar ik heb niet zo veel met Lance Armstrong. Dat zal hem een zorg zijn en ook zijn talloze fans zullen er niet van wakker liggen, maar ik voel dat zo. Het is voor een wielerliefhebber niet leuk als de wedstrijd aller wedstrijden begint en je weet voor 99 procent zeker wie er gaat winnen. Dat is ons wielerliefhebbers zes keer overkomen. Dat was ook zo in de tijd van Merckx, zult u tegenwerpen maar van Merckx kon je nog genieten. Die ging in de aanval en als hij het op zijn heupen had dan ging hij er in een bergetappe met vijf cols al in het begin vandoor. Hij stampte die vijf cols zichtbaar lijdend in een verschrikkelijk tempo omhoog en aan de finish was de schade voor de rest enorm. Hij was superieur en dat liet hij ook zien. Hinault had dat in mindere mate ook, maar Indurain en Armstrong volgden een andere tactiek. Als superieure tijdrijders legden zij in de ritten tegen het horloge de basis voor hun overwinning en in de bergen controleerden ze. Ze namen daar nooit het initiatief en ze verdedigden alleen maar. Bij Indurain wist je dat hij niet beter kon, maar Armstrong kon het wel. Dat zag je als Ullrich, Pantani, Beloki of Basso in de aanval gingen dan kwam Armstrong uit zijn schulp en dan liet hij zien dat hij op dat kleine koffiemolentje tot veel in staat was. Dat heet efficiency en daar was Armstrong een meester in. En verder hoop ik dat er eens een eind komt aan het gespeculeer over zijn vermeende dopinggebruik. Renners die gestopt zijn en die nooit zijn betrapt moet je met rust laten. En ik ken weinig oud-renners met veel geld die zo veel goeds doen voor de mensheid. En dat mag ook wel eens gezegd worden over de vandaag 35 jaar wordende Lance Armstrong. (Foto: © T&T Tekst & Traffic)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 17 september 2006 22:00

Jens VOIGT (1971, Duitsland)

Ik heb het al vaker op deze blog geschreven, Jens Voigt is een renner naar mijn hart. Een onvermoeibare aanvaller. Geen coureur die in de grote ronden een goed klassement kan rijden, want met zijn 1 meter 92 en een gewicht van 77 kilo is hij etwas zu schwer voor het hooggebergte. Maar in het middengebergte kan hij goed mee. Hij is een van de laatste Duitse coureurs die in hun jeugd nog gedrilld zijn in het sportsysteem van de DDR. Als amateur won hij de Vredeskoers en dat beloofde veel. Maar door militaire dienst duurde het tot zijn 26e voor hij prof werd. Na een jaar bij een onbeduidend ploegje te hebben gereden, werd hij ontdekt door Roger Legeay destijds ploegleider van Gan Mercier. Door een transfer naar Crédit Agricole brak hij door en hij leerde daar veel van zijn ploeggenoot en buurman Stuart O’Grady, want Jens woont met zijn Franse vrouw Stéphanie al jaren in Zuid-Frankrijk. Hij bouwde geen geweldige erelijst op, want hij was vooral een voorbeeldige ploegmaat. Bjarne Riis heeft meerdere malen bewezen dat hij in staat is om er bij renners die tegen de top aanzitten nog dat beetje extra uit te halen en daar is Jens een goed voorbeeld van. Dit seizoen werd het beste uit zijn carrière, want hij won een etappe in de Tour de France en met drie etappezeges op indrukwekkende wijze de Ronde van Duitsland. Die gewonnen Touretappe is achteraf gezien van beslissende betekenis voor de afloop geweest. Het was die warme zaterdag en er ontstond een kopgroep die van geletruidrager Floyd Landis alle ruimte kreeg. Vooral door het beulswerk van Voigt werd een grote voorsprong opgebouwd. Voor hem zelf maakte dat niet veel uit, maar voor medevluchter Oscar Pereiro Sio wel. Die stond op bijna een half uur achterstand ergens in de twintig, maar aan het eind van de door Voigt gewonnen etappe had hij het geel te pakken. Over twintig jaar zal bijna niemand het meer over Floyd Landis hebben, maar wel over Oscar Pereiro. Want die staat in de geschiedenisboekjes als Tourwinnaar en dat is different cake. Of dan nog algemeen bekend is wie Jens Voigt was, moeten we afwachten. Een wereldtitel zal zeker helpen. (Foto: © Philip van der Ploeg)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 16 september 2006 22:00

Alexandre VINOKOUROV (1973, Kazachstan)

Als alles gaat zoals verwacht dan wordt Alexandre Vinokourov op zijn verjaardag definitief winnaar van de Ronde van Spanje 2006. En reken maar dat dat gaat gebeuren, want de nu 33-jarige Kazach was de afgelopen dagen een klasse apart. Hij startte niet als favoriet, maar naarmate de Vuelta vorderde kwam de grote vorm. En zie, Vinokourov lijkt sterker dan ooit tevoren. Ook mentaal moet hij zijn gegroeid na dit aanvankelijk desastreus verlopen seizoen. Hij stapte eind vorig jaar van T-Mobile over naar Liberty Seguros en hij liet weten alles op de Tour te zullen zetten. Zijn voorbereiding was ongetwijfeld perfect, maar hij geraakte onbedoeld – en wellicht onschuldig want ik geloof niemand meer – in de neerwaartse spiraal die zijn ploegleider Manolo Saiz in gang zette. Op persoonlijke titel regelde hij een nieuwe sponsor vanuit zijn vaderland, toen verzekeraar Liberty Seguros nog langer weigerde haar reputatie afhankelijk te maken van sjoemelende wielrenners, ploegleiders en ploegartsen. De Tour moest hij laten schieten, maar hij wist direct waar hij zijn revanche wilde halen. In de Vuelta natuurlijk. Hij startte als outsider, zo slim had hij zijn campagne voorbereid. Maar hij won twee etappes en in de laatste week sloeg hij genadeloos toe. Hij heeft in eigen land voldoende losgemaakt om een oliemagnaat te bewegen om Kazachstan voor eens en voor altijd op de kaart te zetten. Onder de naam van de hoofdstad van dat grote en zeer onbekende land is er een formatie in wording die volgend jaar wel eens de sterkste ploeg in het ProTour-circuit zou kunnen zijn. Met een opengetrokken blik Kazachstanen onder aanvoering van de bonkige Vino. Met zeer veel olie en gas in de bodem is het land op weg naar status en rijkdom. De nouveau riche in het voormalige Sowjetrijk is bezig de West-Europese sport over te nemen. Of dat een gelukkige ontwikkeling is moeten we afwachten, maar bij Astana is die machtsgreep wel gebaseerd op kwaliteit. De kwaliteit van die kleine renner met dat grote witblonde hoofd, die al jaren als grootkapitalist in het westen woont. Met het geld van zijn suikeroom en de kracht van de Kazachstaanse wielertop zou de jarige van vandaag wel eens de Armstrong van morgen kunnen zijn. (Foto: © Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 15 september 2006 22:00

Francesco CASAGRANDE (1970, Italië)

Een van de beste Italiaanse renners van het laatste decennium. De middelste van drie fietsende broers was verreweg de beste van de familie. Hij was een sterk ronderenner die onder andere de Ronde van Zwitserland, de Tirreno Adriatico, De Ronde van het Baskenland en de Ronde van Romandië op zijn erelijst heeft staan. In de grote rondes kwam hij iets te kort voor de top hoewel hij zowel in de Tour, de Vuelta als de Giro bij de eerste tien is geëindigd. In de ronde van zijn land was hij zelfs een keer tweede. Dat was in 2000 toen hij op de laatste dag de leiderstrui aan zijn landgenoot Stefano Garzelli moest afstaan. In het eendags werk kon hij ook behoorlijk uit de voeten en dat blijkt uit het feit dat hij twee keer de Clasica San Sebastian op zijn naam schreef, alsmede de Waalse Pijl. Dat is weliswaar het kleine zusje van La Doyenne, maar die is o zo lastig, al is het maar vanwege die steile wand waar die koers op finisht. Inmiddels is Casagrande gestopt met de wielersport, kwaad als hij was omdat zijn ploeg niet goed genoeg werd bevonden om aan de Tour deel te nemen. Als consequentie daarvan heeft hij zich helemaal teruggetrokken uit de belangstelling en woont hij nu met zijn vrouw Debora op een wijngaard. Dat past wel een beetje bij deze altijd wat nors kijkende Florentijn die meerdere malen op doping is betrapt. Hij zat daarvoor een keer een schorsing uit van negen maanden, maar hij kwam daarna gewoon weer terug aan de top. Nou ja, bijna top, want een groot huis staat vaak in de schaduw van een toren.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 13 september 2006 22:00

Robert MILLAR (1958, Groot Brittannië)

De Schot Robert Millar is een heel goede coureur geweest. Hij was zestien jaar beroepswielrenner en in die periode reed hij voor zes verschillende ploegen. Hij heeft niet heel veel gewonnen, want als specifieke klimmer waren niet veel wedstrijden geschikt voor hem. Voor de grote ronden kwam hij net iets te kort. Tweede plaatsen in de Giro en de Vuelta zijn natuurlijk mooie klasseringen, maar hij werd toch nooit als een echte favoriet gezien voor een eindzege. In de kleinere rittenkoersen werd er wel altijd rekening met hem gehouden. Zijn belangrijkste zegepraal is dan ook de Dauphiné Liberé in 1990.
In meerdere opzichten is Robert Millar een buitenbeentje. In de eerste plaats was hij een echte klimmer uit een land dat – bij mijn weten - nooit klimmers van betekenis heeft voortgebracht. En dan bedoel ik niet Schotland, maar Groot Brittannië. In de tweede plaats was hij een aparte omdat hij vegetariër was (of is). Tot grote ergernis van Peter Post die twee jaar zijn baas was. Zijn laatste wapenfeit in het anders zijn dan anderen dateert van recenter datum. Robert Millar heeft zich een aantal jaren geleden tot vrouw laten transformeren en hij gaat nu door het leven als Roberta. Dat was aanleiding voor veel hilariteit in de wielerwereld. Zelfs Joop Zoetemelk maakte er een grap over: “Dat had hij eerder moeten doen, want bij de vrouwen had hij vast veel meer gewonnen.”

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 12 september 2006 22:00

« Vorige 1 2 3  ... 687 688 689 690 691 692 693 694 695 696 697  ... 707 708 709 Volgende »