Monique Knol (1964)

Als we het hebben over de beste vrouwelijke wielrenners die we in Nederland hebben gehad, wordt ze vaak vergeten. In de eerste plaats valt dan natuurlijk de naam van Leontien en vervolgens die van Keetie. Maar Monique kon er ook wat van. Ze won Olympisch goud in de wegwedstrijd tijdens de spelen van Seoul van 1988 en vier jaar later nog een keer brons en ze maakte deel uit van het kwartet vrouwen dat in 1990 in het Japanse Utsunomiya wereldkampioen ploegentijdrit werd. In dat gebrek aan erkenning speelt ook haar jarenlange vete met Van Moorsel een rol. Tinus is wat dat betreft onverzettelijk, maar Monique niet minder. Wie Knol – zoals ze zich zelf bij voorkeur noemt – een beetje kent weet dat ze een goedlachse en vrolijke sportvrouw is die helemaal leip is van het wielrennen. Ze zit er nog middenin, want ze is trainster van het Work Cycling Team, waarvan haar man Wim Kruis de ploegleider is. En verder is de geboren Friezin sinds 2003 moeder. 42 wordt ze vandaag en ik wens haar een prettige dag. Lees het hele verhaal van Monique in Wielerhelden van Oranje (© Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 31 maart 2006 0:00

Wout Verhoeven (1931)

Wout Verhoeven is een wielerinstituut. Hij was een uitstekende wielrenner – hij won in 1953 de Ronde van Noord-Holland – maar hij wilde geen beroepsrenner worden. Zijn oudere broer Tonny was prof geweest en daar had Wout genoeg van meegekregen. Hij is een techneut en de techniek van de fiets interesseerde hem vanaf het moment dat hij er mee werd geconfronteerd. Hij begon een racespeciaalzaak in Rotterdam en hij werd constructeur. Hij zette vele renners uit het Rotterdamse vakkundig op de fiets en vooral voor Eef Dolman verrichtte hij wonderen. Hij was ook vele jaren mekanieker voor KNWU-selecties. De racespeciaalzaak heeft hij niet meer, maar wel al vele jaren een groothandel in race-artikelen. Hij is o.a. importeur voor Nederland van Gios, een van de betere Italiaanse fietsmerken. Met zijn dochter is hij nog elke dag druk aan het werk. Ik wens deze sympathieke wielerfanaat nog vele jaren in goede gezondheid toe. Proost Wout!

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 30 maart 2006 0:00

Nidi den Hertog (1952)

Vandaag een galerij van kleijne luyden met Nidi den Hertog als meest aansprekende naam. Dat komt deels omdat hij de zes jaar jongere broer is van Fedor, maar ook omdat hij wel degelijk de aandacht op zich vestigde. Nidi was een specialist in lange solo-ontsnappingen. Uren reed hij vaak voor het peloton uit tot de finale begon en zijn voorsprong als sneeuw voor de zon verdween. Een enkele keer heeft zo iemand wel eens geluk, maar dat geluk is Nidi niet deelachtig geworden. In de zeven jaar dat hij beroepsrenner was boekte hij geen enkele overwinning. Wat is er van Nidi den Hertog geworden.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 29 maart 2006 0:00

Jos Lammertink (1958)

Hij was een groot talent en een echt winnaarstype toen hij in 1977 als 19-jarige junior met overmacht twee klassiekers won. Dat wordt me er eentje, dacht iedereen, zeker toen hij als amateur onder de hoede kwam van Herman Krott in diens Amstel Bier-ploeg. Jos stelde niet teleur, bepaald niet. In 1978 werd hij wegkampioen van Nederland en een jaar later won hij Olympia’s Tour. Peter Post stond al klaar om het supertalent bij Raleigh in te lijven, maar toen hij in 1980 de deal van zijn leven kon sluiten door Joop Zoetemelk te contracteren, moest Jos wegens budgetproblemen nog een jaartje wachten. Maar daar had hij geen zin in. Hij tekende voor HB Alarm, omdat Rody Hoogenboom, de baas van die kleine Nederlandse ploeg “mie een bietje de kop had gek gemaakt”, zoals Jos dat op z’n Twents in 1997 aan mij vertelde. En toen kwam de pech in zijn leven. Niet incidenteel, maar structureel. In zijn eerste profjaar kreeg hij de ziekte van Pfeiffer en toen hij daar van genezen was, ging het niet meer zoals vroeger. “Bij de amateurs was het net of ik een soort overdrive had. Ik reed 55x12 met m’n vingers in de neus. Ik zette gewoon de turbo aan als ik demarreerde. Die macht is na mijn ziekte nooit meer teruggekomen.” Toch werd hij in 1986 wegkampioen van Nederland, maar in de Tour liep hij een schedelbasisfractuur op. Vanaf 1987 raakte hij bij TVM op een zijspoor. In 1989 beëindigde hij zijn carrière om in de jeugdzorg te gaan en daarna in personeelszaken. Maar pech bleef hem achtervolgen en Jos werd het slachtoffer van ziekte. Maar Jos is niet iemand die gauw bij de pakken neerzit en daarom, Jos: Sterkte en veel plezier op je verjaardag!

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 28 maart 2006 0:00

Matthé Pronk Sr. (1947, overleden 25.03.2001)

Matthé was er één uit het Noord-Hollandse schaatsgeslacht der Pronken. En een schaatser heeft ook altijd een racefiets in de schuur staan. En in het geval van Matthé ook een baanfiets, want Alkmaar was dichtbij en Amsterdam was ook te doen. Martin Wierstra, destijds de bondscoach der stayers, raadde hem aan het eens achter de motor te proberen. Hij had veel inhoud, souplesse en de kracht een tandje groter te rijden dan de concurrentie. En Noppie Koch, de beste gangmaker die er toen was, was beschikbaar. Het duo werd twee keer wereldkampioen. Van een veelgevraagde stayer werd hij na zijn afscheid een honkvaste timmerman met een grote liefde voor de natuur en huisdieren. Hij was supergezond, dacht hij in 2000, toen hij voor de eerste keer in zijn leven met een klacht naar de dokter ging. Pijn in zijn keel en dat bleek kanker te zijn. In slechts enkele maanden werd dat oersterke lichaam gesloopt. Het was een emotioneel gesprek dat ik twee jaar later met Matthé junior had. Het werd me duidelijk dat die rustige, zwijgzame man in de families Pronk en Giling een grote leegte had achtergelaten. Lees het hele verhaal van Matthé in Wielerhelden van Oranje

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 27 maart 2006 0:01

Wim van Est (1923, overleden 01.05.2003)

Hij was de eerste Nederlandse renner die in de Ronde van Frankrijk het geel veroverde. Dat weet iedereen, en ook dat hij daarmee het ravijn van de Aubisque in stuurde. Minder bekend is dat hij ook de eerste Nederlander is geweest die een klassieker op zijn naam bracht. Dat was Bordeaux-Parijs een monsterrit die grotendeels achter een derny werd afgelegd. IJzeren Willem won die koers drie keer. In 1950, ’52 en ’61. Bordeaux-Parijs bestaat niet meer, omdat de laatste editie in 1988 werd verreden. Er zijn ongetwijfeld mensen die het daarom geen echte klassieker zullen vinden. Om die de mond te snoeren: Wim van Est was ook de eerste Nederlander die een echte klassieker won. De Ronde van Vlaanderen in 1953, dus daar kan geen misverstand over bestaan. Hij was vooruit met de Belg Keteleer en ze werden opgehouden door een gesloten spoorwegovergang. Pierre Pellenaars, de oudste zoon van d’n Pel de ploegleider van Van Est, weet het nog precies. “Ons pa stapte uit en praatte even met Keteleer en ik weet zeker dat er na afloop wat Pontiac-geld van eigenaar gewisseld is.” Met Wim van Est-anekdotes zou ik een boek kunnen vullen, want hij was een stripfiguur, zoals Tim Krabbé ooit schreef. Ook als die verhalen niet allemaal kloppen zou zo’n werk het waarheidsgehalte van ‘Het IJzeren Uurwerk’, waarin Van Est zijn eigen leven vertelt, ver overtreffen. Maar misschien kan Wim van Eyle dat boek eens van zijn boekenplank halen?

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 25 maart 2006 0:01

Piet Hoekstra (1947)

Zijn profcarrière stelde niet veel voor, maar als amateur was deze fors uit de kluiten gewassen Fries een kanjer. In 1968 en ’69 behaalde hij 37 overwinningen bij de amateurs, waaronder een etappe in de Tour de l’Avenir en het kampioenschap van Nederland achtervolging. Toen werd hij prof bij Caballero en daarna nog een jaar bij Gan-Mercier, waarna hij weer tot de rijen der amateurs toetrad. Van 1973 tot 1978 behaalde hij nog eens 44 zegepralen, waaronder de Ster van Zwolle. Na zijn carrière werd hij gevangenisbewaarder en ploegleider. Als bondscoach bij de vrouwen maakte hij eens een ongelukkige opmerking over dikke konten, die eraf moesten en het merendeel van zijn selectie ging aan de lijn. Aan de hongerlijn wel te verstaan. Er gingen er een paar bijna onderdoor, maar gelukkig is het allemaal weer goed gekomen. Piet is nu een vaderlijke ploegleider van de Skil-Shimano-formatie. (© Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 24 maart 2006 0:01

Hein Smeets (1932, overleden 1988)

Het verhaal wordt eentonig, maar Hein Smeets was ook een van die Limburgse talenten die in het begin van de jaren vijftig tot de top van het Nederlandse amateurkorps behoorde. Ook bij hem kwam het er als prof niet uit. Zijn zevende plaats in het Nederlands kampioenschap op de weg in 1956 was zijn beste prestatie.

Geplaatst door Fred van Slogteren, 23 maart 2006 0:01

Leontien Zijlaard-van Moorsel (1970)

Ik heb haar wel eens een handje gegeven, maar ik heb haar nooit gesproken. Toen ik haar portret voor Wielerhelden van Oranje moest schrijven, was ze intensief bezig met de voorbereiding van haar aanval op het werelduurrecord in Mexico. Niet storen dus. In plaats daarvan ben ik naar Kaat Mossel gegaan, het restaurant van schoonvader Joop Zijlaard. Van hem hoorde ik nog eens gedetailleerd wat ze er allemaal voor deed en weer raakte ik onder de indruk. Zoals ik al zo vaak onder de indruk van haar geraakt was. Wat ik het meest in haar bewonder is het feit dat ze ondanks al het beulswerk steeds vrouw is gebleven. Ze kon er wel eens slecht uitzien van al dat getrain, maar als ze zich in burger moest presenteren, dan stond er iemand. Ze heeft niet alleen in haar ontwikkeling als wielrenster geïnvesteerd, maar ook in haar ontwikkeling als mens. Dat kunnen alleen de groten in de wielersport. Karakter en persoonlijkheid, het gaat vaak samen. (© Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 22 maart 2006 0:00

Joop Captein (1937)

Jopie Captein was een groot talent. En dat manifesteerde zich al op zeer jeugdige leeftijd. De zoon van een Amsterdamse melkboer was nog maar 17 jaar toen hij bij de populaires in het Olympisch Stadion iedereen klopte. Ook de ruim drie jaar oudere Peter Post moest er regelmatig aan geloven. Ik was een fan van Kappie en toen ik in die tijd een interview met hem las waarin hij zijn succes verklaarde met de mededeling dat hij elke dag een koppie levertraan dronk, ben ik dat prompt ook gaan doen. Jaren later heb ik hem daar eens naar gevraagd en toen moest hij onbedaarlijk lachen. Hij had slechts één keer in zijn leven een lepeltje van die viezigheid ingeslikt en daarna nooit meer. Hij bereikte niet wat velen in hem zagen, want een echte serieuze beroepsrenner is hij nooit geweest. Wel was hij vier keer kampioen van Nederland op de sprint, maar dat was bij gebrek aan echte goede sprinters in ons land. Hij stayerde en hij reed zesdaagsen en op de weg behaalde hij negen overwinningen. Niet slecht, maar het had veel beter gekund.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 21 maart 2006 0:00

« Vorige 1 2 3 ... 568 569 570 571 572 573 574 575 576 577 578 579 580 581 Volgende »