Slogblog


De geschiedenis van de tweelingbroers Otxoa Palacios is diep tragisch. Javier (foto 1) en Ricardo (foto 2) waren zo rond de laatste eeuwwisseling goede renners die vooral uitblonken in het hooggebergte.

Javier reed vanaf het begin van zijn profcarrière voor de Kelme-ploeg en sinds 1999 reed Ricardo voor dezelfde sponsor, na eerst vier jaar voor Once te hebben gereden. Javier was de bekendste van de twee.

De oorzaak daarvan was zijn overwinning in een zware Pyreneeënetappe in de Tour de France van 2000. Die ging van Lourdes naar Hautacam en met de punten die hij daar verdiende behaalde hij de tweede plaats in het bergklassement.

In het algemeen klassement eindigde als dertiende. Als de organisatie van de Tour in 2012 niet alleen winnaar Lance Armstrong uit de uitslag had verwijderd, maar alle dopingzondaars dan zou Javier Otxoa als winnaar zijn uitgeroepen.

Maar in plaats van die twaalf dopinggebruikers voor hem werd Javier zeven maanden later door de voorzienigheid zwaar gestraft. Op 15 februari 2001 was de 26-jarige tweeling aan het trainen langs een snelweg (in Spanje niet verboden) toen een auto vol op ze inreed en ze na de botsing allebei door de lucht vlogen.

Ricardo was op slag dood, terwijl Javier levensgevaarlijk gewond naar het ziekenhuis werd gebracht. Daar werden zware verwondingen vastgesteld aan hoofd en thorax en de onfortuinlijke renner lag dagenlang in coma. Onwetend van wat zich had afgespeeld.

Zijn sportdirecteur Vicente Belda zocht hem op in het ziekenhuis, zag een zielig hoopje mens en liet de pers weten geen hoop te hebben dat Javier nog ooit op een fiets zou kunnen stappen. Maar het wonder geschiedde en na zeven dagen opende Javier zijn ogen en keek in een voor hem volslagen onbekende wereld.

De hersenbeschadiging was dusdanig dat hij nauwelijks nog kon spreken, zijn gedachten ordenen of zich ook maar iets herinneren. Vijf maanden lang lag hij in het ziekenhuis om vervolgens aan de revalidatie te beginnen. Elke dag ging hij in training. ’s Morgens werkte hij aan het herstel van de hersenfuncties en ’s middags was hij in de weer met allerlei toestellen om lichamelijk weer zo veel mogelijk de oude te worden.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 30 augustus 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
CANUTI, Federico (1985, ItaliŽ)
DE LILLO, Domenico (1937, ItaliŽ)
DE MARIA, Giuseppe (1984, ItaliŽ)
DE WINDE, Greg (1986, BelgiŽ)
DESMET, Luc (1957, BelgiŽ)
DEWOLF, Roger (1943, BelgiŽ)
JEZOWSKI, Krzysztof (1975, Polen)
KATWIJK, Jan van (1946, Nederland)
LAKEMAN, Henk (1922, † 08.04.1975, Nederland)
MINGUEZ AYALA, Miguel (1988, Spanje)
MORETTI, Umberto (1943, ItaliŽ)
NIESTEN, Coen (1938, Nederland)
VAN DER MERWE, Marissa (1978, Zuid-Afrika)
VAN DYCK, Niels (1990, BelgiŽ)
VARINI, Maurizio (1978, ItaliŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
DEKKERS, Hans (1928, † 30.08.1984, Nederland)
VERMEIREN, Pierre (1917, † 30.08.1986, BelgiŽ)
Door Fred van Slogteren, 30 augustus 2018 0:00

Hij is nu eigenaar van een pension in Oostenrijk en helemaal uit beeld verdwenen, maar het is nog maar zeven jaar geleden dat hij als wielrenner wereldnieuws was. Door een spectaculaire val in de negende etappe van de Tour de France van 2011.

Johnny Hoogerland maakte deel uit van een kopgroep van vijf die op weg naar Saint Flour voor de etappezege leek te gaan. Dat was niet het primaire doel van Zeeuwse Johnny, want hij was met de vlucht meegegaan om de bolletjestrui te heroveren.

Op ieder klimmetje pakte hij de punten en de zo begeerde trui zou na afloop weer om zijn schouders glijden, nadat hij die eerder in deze Tour ook al had gedragen. Maar met nog 36 kilometer te gaan sloeg het noodlot toe.

Een auto van de Franse televisie wurmde zich naar voren en wilde de renners passeren. Op de weg was geen ruimte, dus dan maar door de berm zal de gehaaste chauffeur hebben gedacht. Hij gaf flink gas, maar had er niet op gerekend dat er ineen een dikke boom in die berm stond.

In een split second nam hij een beslissing en hij stuurde naar rechts. Het ging bijna goed, maar niet helemaal, want hij toucheerde de Spanjaard Juan Antonio Flecha, net zo´n drieste aanvaller als Johnny en die viel. Johnny reed er vlak achter, knalde bovenop Flecha en maakte een salto door de lucht en landde in de afscheiding tussen weg en de akkers met prikkeldraad.

Eenmaal geland bleek zijn broek van zijn kont gescheurd en was zijn linkerkant van middel tot enkel volledig geperforeerd. Er waren 33 ter plekke uitgevoerde hechtingen nodig om de huid weer strak te trekken, waarna hij met een nieuwe broek zijn weg huilend van ellende kon vervolgen.

Het was spectaculair en Johnny was even wereldnieuws. Op het podium in Saint Flour werd hem inderdaad de bollentrui aangetrokken, maar aan zijn bedrukte gezicht was te zien dat de Tour, waar hij zich zo veel had voorgesteld, naar de vaantjes was. Hij zou in deze conditie die trui nooit kunnen verdedigen.

Hij reed de Tour wel uit op een nietszeggende 74ste plaats, Met zijn gehavende been, vaker gefotografeerd dan het onderstel van de mooiste filmster, kon hij als bezienswaardigheid alle criteriums rijden. Zo pakte hij een hoop geld, maar hij had liever met veel strijd en afzien die bollentrui in Parijs gebracht.

Het is eigenlijk niet meer goed gekomen met ‘Go-Johnny-Go’, de bijnaam die hij aan het ongeluk overhield. Hij herstelde wel van zijn verwondingen, maar van de doldrieste aanvaller die reageerde op alles wat bewoog in de overtuiging dat hij wel zou zien waar het schip strandde, was niets meer over. Hij werd in 2013 nog Nederlands kampioen op de weg, maar de spirit was bij dat prikkeldraad achtergebleven.

Die eenmalige opleving was te danken aan een in feite veel ernstiger ongeluk dat hem in februari 2013 overkwam toen hij tijdens een training in Spanje door een afslaande auto omver werd gereden en meer dood dan levend naar de IC-afdeling van het dichtstbijzijnde ziekenhuis werd vervoerd.

Het leek het einde van zijn carrière, maar dat moet je niet tegen een wielrenner zeggen. Hij knokte voor herstel en stopte al zijn energie in de revalidatie. Met succes want twee maanden l;ater kon hij de training hervatten en weer twee maanden daarna na een indrukwekkende solo in Kerkrade kampioen van Nederland worden.
... Lees meer
Door Henk Theuns, 29 augustus 2018 12:00

Denemarken is geen groot wielerland, maar al sinds het bestaan van de wielersport komen er uitzonderlijke renners uit het kleinste Scandinavische land.

De eerste Deense superkampioen was Thorvald Ellegaard (1877-1954) en na hem kwam een stroom Denen het peloton binnen, die via toppers als Bjarne Riis en Rolf Sörensen eindigt bij nu actieve coureurs als Michael Valgren en Magnus Cort Nielsen.

Ergens middenin die lijst staat de naam Ole Ritter en dat was in de jaren zestig en zeventig een begenadigd hardrijder. Hij reed zowel op de weg als op de baan, maar het waren vele records waarmee zijn naam is de wielerhistorie is vereeuwigd.

Op 10 oktober 1968 verbeterde hij op de splinternieuwe Olympische piste van Mexico City het werelduurrecord met een afgelegde afstand van 48 kilometer en 653 meter. Vier jaar later werd hij - met 778 meter meer - onttroond door Eddy Merckx en die was toen echt op het toppunt van zijn atletische vermogens.

Ondanks die wetenschap ondernam Ritter in 1974 twee pogingen om het record terug te krijgen, maar hij faalde. Hoewel falen? Hij verbeterde beide malen zijn eigen beste tijd, maar bleef net onder de 49 kilometer steken.

Ook achter de motor vestigde hij records, maar die werden niet als zodanig erkend. Dat was meer iets voor het Guiness Book of Records werd door de UCI meegedeeld. Op de weg won hij een hele reeks tijdritten in diverse etappekoersen.

Een zevende, een negende en een twaalfde plaats in het eindklassement van de Ronde van Italië bewijzen dat hij ook als ronderenner over uitstekende kwaliteiten beschikte. Volgens wijlen fotograaf Guus de Jong was Ole Ritter in het bezit van nog een record, ook al zul je dat nergens op internet kunnen terugvinden.

Tijdens een grote verplaatsing in een grote ronde bevond Ritter zich eens met alle renners, ploegleiders, verzorgers, journalisten en fotografen in een vliegtuig op tienduizend meter hoogte, toen een beeldschone stewardess zijn aandacht trok.

Ze reageerde lacherig en totaal niet afwijzend op zijn grofgebekte avances, maar gilde het toch uit toen hij opstond, haar stevig beetpakte en het toilet insleurde. Achter de gesloten deur klonken kort daarna de geluiden die bij ‘de oudste beweging der wereld’ passen, zoals de heren Van Kooten ne De Bie dat eens op z’n plat Haags formuleerden.

Na vijf minuten ging de deur weer open en kwamen de stewardess en Ritter naar buiten terwijl ze hun kleding weer in orde maakten. “Ik heb zojuist het wereldrecord hoogteneuken verbeterd’ riep de schavuit, volgens De Jong.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 29 augustus 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
AMADOR BIKKAZACOVA, Andrey (1986, Costa Rica)
DE BOEVER, Jaak (1937, BelgiŽ)
DEVOLDER, Stijn (1979, BelgiŽ)
FAANHOF, Henk (1922, † 27.01.2015, Nederland)
HOSTE, Frank (1955, BelgiŽ)
JONKERS, Jan (1955, Nederland)
KURMANN, Xaver (1948, Zwitserland)
STIEGELIS, Sander (1989, Nederland)
SURAY, Gil (1984, BelgiŽ)
VAN DE VIJVER, Paul (1941, BelgiŽ)
VAN DOUSSELAERE, Sven (1988, BelgiŽ)
VLASSAKS, Ronny (1964, BelgiŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
FISCHER, Josef (1865, † 29.08.1959, Duitsland)
Door Fred van Slogteren, 29 augustus 2018 0:00

Een fiets met een naam die klinkt als een klok. Tourmalet is een van de merken uit een serie van zeven van de Britse fietsenfabrikant Saracen. De andere merken zijn: Tour, Aravis, Morzine, Sestriere, Aubisque en Galibier.

Het zijn natuurlijk niet de eerste fietsen die naar beroemde cols zijn vernoemd. De Tourmalet in de Pyreneeën wordt al sinds 1910 opgenomen in de Tour en is de meest beklommen berg in de ronde.

Hij hoort dan ook bij de Tour zoals de Eiffeltoren bij Parijs. Jacques Goddet, de oud-Tourdirecteur wordt geëerd met een monument op de Tourmalet, hetgeen in de lokale taal zoiets betekend als ‘slechte weg’.

Op de Nieuwpoortsesteenweg in het Vlaamse plaatsje Gistel bevindt zich het museumcafé van voormalig Tourwinnaar Sylvère Maes (foto 2). Omdat die in 1935 en 1936 als eerste de Tourmalet bedwong heeft hij zijn café naar de berg vernoemd.

Als je daar toch in de buurt aan het fietsen bent, kun je ook nog café Aubisque aandoen, de kroeg van wijlen Lucien Buysse, een andere Tourwinnaar uit lang vervlogen tijden.

Zoals de afbeelding laat zien, vereist deze koersfiets nog enig restauratiewerk. Het driepoots Stronglight trapstel met holle as is prima in orde en dat geldt ook voor de rest van de onderdelen.

De ontbrekende achterderailleur zal ik moeten zoeken in de merken Huret of Simplex met vier of vijf versnellingen. Onvoorstelbaar dat die mannen op onverharde grindpaden op dit soort fietsen trappend boven konden komen.
... Lees meer
Door Peter Ravensbergen, 28 augustus 2018 12:00

Tot er renners als Zdeněk Štybar en Roman Kreuziger aan het wielerfirmament verschenen was Ján Svorada met voorsprong de bekendste Tsjechische wegwielrenner. In aanmerking genomen dat de carrière van de fenomenale jachtrijder Jiri Daler te ver achter ons ligt om jonge generaties te overtuigen.

Svorada fietste in de jaren rond de laatste eeuwwisseling en doorliep de weg die zoveel renners uit het voormalige Oostblok gingen. Hij werd ontdekt door westerse scouts en hij werd in 1991 ingelijfd bij Lampre.

Dat was een Italiaanse sponsor die heel lang in de wielersport actief is geweest. Svorada is in het geheugen blijven hangen als een snelle finisher, maar hij was zeker geen klassieke sprinter uit de categorie van Cipollini en Petacchi.

Hij was meer een rittenkaper, zoals Freire en Karstens dat waren. Alert op het vinkentouw en adequaat reagerend op de kansjes die zich in een massaprint altijd voordoen. Zo won hij elf etappes in de drie grote ronden.

Drie in de Tour, vijf in de Giro en drie in de Vuelta. Ook won hij vele ritten in kleinere etappekoersen. Maar rittenkapers kunnen vaak meer en winnen ook nog wel eens een wedstrijd waar men niet direct een sprinter verwacht.

Zo staan op de palmares van Svorada overwinningen in de Midi Libre en de Ster van Bessèges. Hij is er eind 2005 mee gestopt en hij liet aanvankelijk een grote leegte achter.

Toen Kreuziger en Štybar voor Tsjechië het stokje van Svorada overnamen als renners waar in het huidige peloton rekening mee moet worden gehouden, waren het toch weer enkelingen, want in de breedte is het geen land van grote wielerbetekenis.

Toen Tsjechië in het communistische tijdperk nog een natie vormde met buurland Slowakije was het wel een wielernatie van formaat. Ieder jaar bij het WK en eens in de vier jaar bij de Olympische Spelen werden vooral op de baan, maar ook in het onderdeel 100 kilometer ploegentijdrit door de toenmalige staatsamateurs vele successen geboekt.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 28 augustus 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BORILE, Silvia (1987, ItaliŽ)
B‹CHNER, Bruno (1871, † 30.11.1943, Duitsland)
DEBUSSCHERE, Jens (1989, BelgiŽ)
GRAND, Arnaud (1990, Zwitserland)
HEIREWEGH, Bart (1967, BelgiŽ)
HOPMAN, Jan (1987, Nederland)
INFANTINO ABREU, Rafael (1984, Colombia)
KEIZER, Hennie (1921, † 19.12.1990, Nederland)
LOOS, Coen (1980, Nederland)
MERTENS, Pieter (1980, BelgiŽ)
PARSANI, Serge (1952, ItaliŽ)
SANTY, Alain (1949, Frankrijk)
STAR, Cor van der (1915, Nederland)
VERHELST, Louis (1990, BelgiŽ)
VICIOSO, Josť (1973, Spanje)
FOMINYKH, Daniil (1991, Kazachstan)
DELFOSSE, Florent (1993, BelgiŽ)
NAESEN, Lawrence (1992, BelgiŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
SAMYN, Josť (1946, † 28.08.1969, Frankrijk)
Door Fred van Slogteren, 28 augustus 2018 0:00

Vandaag is het precies veertig jaar geleden dat Gerrie Knetemann op de Duitse Nürburgring de regenboogtrui veroverde door de Italiaanse favoriet Francesco Moser in een bloedstollende millimeterspurt te kloppen. Een mooie gelegenheid om eens terug te kijken naar die regenachtige zondag van de 27ste augustus 1978.

Bernard Hinault opende de finale pas na 228 kilometer koers. Met Mario Beccia kwam hij echter niet ver. Even verderop brak het stevig uitgedunde peloton in stukken, op het moment dat de Duitse favoriet Thurau lek reed.

Gerrie Knetemann, Herman Vanspringel, Giuseppe Saronni en Johan van der Velde sprongen weg, maar Vanspringel en Van der Velde konden het tempo niet bijbenen en vielen snel terug. Hinault waagde zijn kans en sprong naar de Italiaan en de Nederlander toe.

Voor ons land was deze situatie gunstig. De Belgen moesten nu het zware werk aan kop van het achtervolgende peloton doen. Thurau zag zich genoodzaakt vrijwel in zijn eentje het tweede peloton weer bij de eerste hoofdmacht terug te brengen. Zwaar werk op de grillige Nürburgring.

De drie koplopers kwamen een minuut voor, maar vooral onder de impulsen van Thurau, Godefroot, Vanspringel en Dierickx slonk de winst en werden de drie leiders ingelopen. Knetemann: “Dat was precies op het goede moment. Ik zat kapot. Ik zou op dat moment zelfs geen schuttingwoord op een muur hebben kunnen schrijven. Doordat wij bij elkaar kwamen, zakte het tempo even en kon ik weer wat op krachten komen".

Een groep van veertien renners bleef aan de kop over. Voor Nederland waren Jan Raas, Joop Zoetemelk en Knetemann nog van de partij. De anderen hadden hun werk gedaan enn lieten het lopen. Nadat Raas een vergeefse demarrage had geplaatst sprong Knetemann weg, nadat hij van de eerdere inspanning was bekomen.

Hij had het goede moment gekozen en de anderen pasten, behalve de Italiaan Francesco Moser. Die slaagde er als enige in nog bij de Amsterdammer aan te haken. De Kneet leek kansloos na zoveel werk en tegen zo’n rappe sprinter. Hij leek in de feiten te berusten toen hij vierhonderd meter voor de streep de kop overnam van Moser.

Dat bracht de theoretisch snelste man in de gunstige tweede positie. Toen de Nederlander op tweehonderd meter de sprint inzette kwam de Italiaan er dan ook vlot overheen en maakte vervolgens de beginnersfout om het gat niet af te sluiten, waardoor De Kneet met een uiterste krachtsinspanning nog binnendoor kon komen.

Langzij gekomen perste de die dag beresterke Knetemann nog eens alle krachten samen en kwam centimeter voor centimeter naar voren tot hij met niet meer dan één centimeter verschil zijn voorwiel als eerste over de streep duwde.

Dat laatste duwtje, hoe zwaar ook want het kwam uit zijn tenen, zorgde ervoor dat hij de winnaar was van dat bloedstollende duel. Hij was met miniem verschil de nieuwe wereldkampioen op de weg. De bekroning van een door de Nederlandse ploeg, maar bovenal door Knetemann zelf ijzersterk gereden kampioenschap.

Die geweldige eindsprint was voor iedereen een grote verrassing, en niet in het minst ook voor hemzelf. Een dappere solo bracht de Deen Marcussen de derde plaats, terwijl Saronni de sprint van de groep in zijn voordeel besliste.
... Lees meer
Door Jan Houterman, 27 augustus 2018 12:00

Tot ver in de vorige eeuw was de naam Bols een begrip in Nederland en dat behoefde geen nadere uitleg. Lucas Bols, sinds 1575 is een eeuwenoude distilleerderij waar jenevers en likeuren volgens oude Hollandsche recepten werden bereid met export naar bijna ieder land op dit ondermaanse.

Met Bols zijn de generaties opgegroeid die hun vader zaterdags uit de kroeg moesten halen voor hij zijn net uitbetaalde weekloon in de producten van oude Lucas wilde omzetten. Bouwondernemers maakten een dealtje met de kasteleins door de loonzakjes na afloop van de werkweek in de kroeg uit te delen.

De slagzin die in de jaren zestig van de schaatstribunes afwapperde met de tekst: VERKERK SCHENK(T) BOLS begreep dan ook iedereen, maar moet tegenwoordig waarschijnlijk uitgelegd worden. Verkerk sloeg op Keessie, de populaire zoon van Pleun, kastelein te Puttershoek en een groot schaatskampioen; zijn maatje Ard leende zijn achternaam als werkwoord aan de slagzin en dat zal iedereen begrijpen en Bols – wist toen iedereen – sloeg niet op Lucas maar op Jan.

Jan Bols uit Hoogeveen, die Dritte im Bunde die gezamenlijk de Europese schaatspistes onveilig maakten en die verrekte Noren en Russen een poepie lieten ruiken. Die Jan Bols die vandaag zijn 74ste verjaardag viert was wel de minste schaatser, maar verreweg de beste wielrenner van het drietal.

Hij is beroemd geworden door een verkeerde wissel, waardoor hij een Europese titel verspeelde én als de sportman die maar niet kon kiezen. Hij schaatste graag en hij fietste zo mogelijk nog grager. Het beet elkaar lang niet, want het een deed je ’s winters en het ander in de zomer.

Maar naarmate de sport professioneler werd ging het een het ander steeds meer in de weg zitten. De generatie van Jan Bols maakte het nog net mee dat ze in maart voor het laatst de schaatsen uittrokken om in mei al weer te worden opgeroepen voor de eerste droogtrainingen.

Dan kun je nog wel een criteriumpje rijden, maar meer ook niet. Maar Jan wilde én voor de Europese- en de wereldtitel schaatsen gaan en op de fiets klassiekers winnen en de overwinning in zijn favoriete koers Olympia’s Tour betwisten.

Dat ging op den duur wringen. Toch bleef hij beide sporten tot het eind van zijn carrière trouw en zal er dus altijd de vraag blijven, wat zou de jarige van vandaag bereikt hebben als hij toen had durven kiezen en óf de schaatsen óf de fiets had afgezworen.

Een interessante vraag waar iedere sportliefhebber een mening over zal hebben, behalve Jan Bols. Die is nog steeds hartstikke blij met zijn sportverleden op twee sporen dat hem zoveel moois heeft gebracht en plezier heeft bezorgd.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 27 augustus 2018 9:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 ... 1149 1150 1151 Volgende »