Slogblog


Er zijn drie BF'ers, ofwel Bekende Fransen die Jean-Pierre Genet heten. Er is een professor in de chemie die zo heet, er is ook een bekende balletdanser/choreograaf van die naam en er is Jean-Pierre Genet uit Brest, de wielrenner.

Tussen 1964 en 1976 reed deze J.P. Genet bij de profs en dat deed hij bijzonder goed. Hij was een indrukwekkende renner, groot en sterk die zijn hele profcarrière de kleuren van Mercier verdedigde.

Hij was in die ploeg de wegkapitein, de man die de renners van de ploeg aanstuurde met een natuurlijk gezag waardoor ze ook naar hem luisterden, ondanks de taalbarrière.

Zoals de meeste Fransen sprak Jean-Pierre uitsluitend Frans en dan nog in een Bretons dialect. Zijn Nederlandse ploegmaten, zoals Gerard Vianen, moesten vaak gissen naar zijn bedoelingen.

Maar dan was er Barry Hoban, die vrolijke Brit die vloeiend Frans spreekt die de bevelen van Genet in het Engels vertaalde en dat aan de Nederlanders en de Vlamingen doorgaf.

Het werkte feilloos en Gan-Mercier was in het begin van de jaren zeventig een sterke ploeg onder leiding van Petit Louis, de bijnaam van ploegleider Louis Caput.

Jean-Pierre Genet was ook een goede renner. Geen klimmer daar was hij te fors voor gebouwd maar iemand die een lange solo aankon en een opgebouwde voorsprong kon vasthouden.

Zo won hij in 1971 een etappe na een solo van zestig kilometer en dat was een van de drie ritten die hij in de Tour de France won.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 24 oktober 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BLUM, Katharina (1984, Duitsland)
BUTS, Vitaliy (1986, OekraÔne)
CHENG, Ji (1987, China)
DIERICKX, Marc (1954, BelgiŽ)
FAHLIN, Emilia (1988, Zweden)
JI CHENG, (1987, China)
JIN LONG, (1983, China)
LONG, Jin (1983, China)
RAMOULUX, Georges (1920, † 05.11.2013, Frankrijk)
RICHLI, Emilio (1904, † 12.05.1934, Zwitsserland)
SIMONS, Suzan (1987, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
MERTENS, Joseph (1923, † 24.10.1994, BelgiŽ)
Door Fred van Slogteren, 24 oktober 2018 0:00

Bertus Lauwers was een redelijke amateur uit de rijen van de Rotterdamse Renners Club Feijenoord. Eén van zijn beroemdste clubgenoten was André de Korver, die in 1939 in de Tour de France zou starten en als 28e in Parijs zou aankomen.

Lauwers heeft het zo ver niet geschopt, maar hij had wel veel verdiensten voor zijn vereniging. Hoogtepunt in de clubgeschiedenis was wel het behalen van de Nederlandse titel bij de clubkampioenschappen van Nederland van 1936.

Behalve Lauwers en De Korver droegen ook Overweel, Berwers, Saarloos en Van Gerven de roodwitte kleuren. In 1937 kwam nagenoeg dezelfde formatie aan de start en wederom werd het kampioenschap behaald.

Vijf jaar lang was Bertus vervolgens prof zonder belangrijke uitslagen te realiseren. Hij was een naamloze prof. Bekender werd Bertus als fietsenmaker die ook nog wel eens op maat een kader fabriceerde.

Via Cees Jonkers aan de Rotterdamse Strevelsweg kwam ik aan dit frame uit de jaren vijftig. Er zit een mooi verhaal aan vast. Bertus maakte lugloze frame’s. Niet omdat die beter waren, maar omdat er zo vlak na de oorlog moeilijk aan lugs was te komen.

Verder stond Bertus bekend om zijn vergaande service. Je kon altijd bij hem terecht als je je fiets weer eens kapot had gereden. Zelfs als mevrouw Lauwers de tafel al had gedekt en de soep dampend was opgediend, bleef Bertus in de werkplaats, want de fietsreparatie ging voor.

Voor een oud stalen frame is het gewicht opmerkelijk gering. Als je kijkt naar de buis waar de zadelpen in moet zakken is de wanddikte griezelig dun. Voor de rest is het keurig afgebiesd in de kleuren rood en wit, en de naam is er ook met de hand opgeschilderd.

Hand in hand kameraden voor het rood en wit van Feijenoord is ooit nog een optie geweest op Zuid. De naam Feijenoord voedde in de gelijknamige wijk een grote lotsverbondenheid en er is zelfs even sprake geweest van het samengaan van de wielerclub met de voetbalclub.
... Lees meer
Door Peter Ravensbergen, 23 oktober 2018 12:00

De Zwitserse oud-renner Beat Breu werd in Sankt Gallen geboren. Hij was een goede renner, maar daarnaast een veelzijdig mens, misschien wel de veelzijdigste mens die ooit in een peloton heeft gereden.

Hij maakte in de jaren zeventig en tachtig naam als klimmer die bergetappes in de Tour de France won en bergklassementen op zijn naam schreef en die in 1980 door Peter Post bij Raleigh werd binnengehaald als mogelijk klassementsrenner.

Toen Post hem al had gecontracteerd, was plotseling ook Joop Zoetemelk beschikbaar, waardoor Breu dat jaar thuisbleef in plaats van de Tour te rijden. Voor de grote ronden kwam hij overigens iets tekort, maar hij won wel de Ronde van Zwitserland.

Ook in de klassiekers liet hij zich niet onbetuigd en hij won de enige klassieker die Zwitserland rijk was, de helaas verdwenen koers Het Kampioenschap van Zürich.

In 1988 bleek hij ook nog een sterke veldrijder, die dat jaar het kampioenschap van zijn land op zijn naam schreef. In datzelfde jaar haalde hij bij het WK veldrijden een derde plaats achter zijn landgenoot Pascal Richard en Adrie van der Poel.

Weer wat later in zijn carrière bleek hij ook te kunnen stayeren, nadat hij op de piste ploegkoersen had gereden met Urs Freuler. Wie had dat van een rasklimmer verwacht? Hij nam enkele keren deel aan het nationaal Zwitsers kampioenschap stayeren en hij werd een keer vierde. Veelzijdig dus, maar wel allemaal op de fiets.

Na hun carrière blijven veel wielrenners in de sport hangen als ploegleider, journalist, wedstrijdleider, organisator of wat dan ook of ze worden ondernemer. Beat Breu koos hier ook weer een eigen weg.

Hij werd artiest, entertainer en je schijnt erg om hem te kunnen lachen. En dat is toch wel heel bijzonder. Ik herinner me uit een ver verleden alleen de Amsterdamse wielrenner Henk Lakeman. Deze oud-winnaar van de Ronde van Nederland kreeg na zijn wielerloopbaan een contract als zanger bij de Hoofdstad Operette, maar dat is wel de enige wielrenner, voor zover ik mij kan herinneren, die de bühne is opgegaan.

Beat zong niet, want zijn kracht was moppen tappen en hij kreeg als moppentrommelaar zelfs een eigen tv-programma. ‘Spasz mit Beat!’ was de titel. Maar toen alle Zwitsers waren uitgelachen en hij zijn repertoire in steeds armzaliger omgevingen moest afdraaien, maakte hij andermaal een switch. Hij ging de horeca in.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 23 oktober 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
DE SEGOVIA BOTELLA, Josť Antonio (1982, Spanje)
MEER, Casper van der (1965, Nederland)
SPIJKERMAN, Herman (1988, Nederland)
WECKERLING, Otto (1910, † 06.05.1977, Duitsland)
PIBERNIK, Luka (1993, SloveniŽ)
HANSEN, Jesper (1990, Denemarken)
PEDRERO, Antonio (1991, Spanje)
STOUGJE, Chanella (1996, Nederland)
BERG, Julius van den (1996, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
DE VOCHT, Godefried (1908, † 23.10.1985, BelgiŽ)
VANDENBERGHE, Georges (1919, † 23.10.1995, BelgiŽ)
Door Fred van Slogteren, 23 oktober 2018 0:00

Op 2 juli 2009 startte ik met een reeks terugblikken op een Ronde van Frankrijk uit het verleden. Voorwaarde was dat de Tour van toen precies op dezelfde dag zou eindigen als de Tour van het lopende jaar. In 2009 begon ik de reeks met de Tour van 1953.

Die Tour was de succesvolste voor ons land in de tijd dat er nog met landen ploegen werd gereden. Met maar liefs vijf Nederlandse etappeoverwinningen (Gerrit Voorting, Jan Nolten, Wim van Est en Wout Wagtmans 2x) en een vijfde plaats van Wagtmans in het eindklassement als beste prestatie ooit door een Nederlander verricht,

Als klap op de vuurpijl was er ook nog de geweldige overwinning van de Nederlandse ploeg in het ploegenklassement, die de tourkoorts in ons land naar ongekende hoogte stuwde. De huldiging van de winnende ploeg in het Olympisch Stadion trok 40.000 toeschouwers.

Ik begon mijn terugblik toen als volgt: De Tourorganisatie brak in de Tour van 1953 met de traditie van de grote en de kleine wielerlanden. Van oudsher waren Frankrijk, Italië en België de landen waar de beste renners vandaan kwamen en die vertrokken dan ook met ploegen van twaalf man.

De kleine landen, zoals Spanje, Zwitserland, Luxemburg en ook Nederland mochten met slechts acht man starten. Die landen hadden echter in de jaren na de oorlog uitzonderlijk gepresteerd en zo besloot Goddet cs. dat alle deelnemende landen met tien man aan het vertrek mochten komen.

Een ongekende weelde voor Nederland, zeker nu we in Jan Nolten een renner hadden die in staat moest worden geacht op het erepodium te komen. Pellenaars geloofde echter niet zo in de Limburger, omdat die volgens hem leed aan de Limburgse ziekte, die er volgens hem voor zorgde niet voldoende gedisciplineerd te zijn.

De echt goede wielrenners werden alleen maar op Brabantse grond grootgebracht, beweerde hij en zo waren Wim van Est en Woutje Wagtmans bleven zijn speerpunten en de rest moest toch tevreden zijn met een tweede viool. Hij was niet geïnteresseerd in het klassement, etappezeges wilde hij en zo veel mogelijk.
... Lees meer
Door Jan Houterman, 22 oktober 2018 12:00

Wie de populariteit van Thaddy Robl zo rond de voorlaatste eeuwwisseling wil duiden, moet denken aan de verafgoding voor beroemde filmsterren uit de eerste helft van de vorige eeuw.

Als Charles Chaplin, Mary Pickford of Lionel Barrymore ergens in het openbaar verschenen dan bracht dat enorme mensenmassa’s op de been om maar een glimp op te vangen van de persoon in kwestie.

Dit soort verering viel ook Thaddeus Robl ten deel. Hij was iemand die geen gevaar zag en op het gebied van snelheid nergens voor terugdeinsde. Hij had het nodig, verslaafd aan de spanning van met je leven spelen.

De meeste garantie op een vroege dood was destijds het stayeren en die levensgevaarlijke sport bracht de geboren Münchener roem en rijkdom. Hij had het er voor over om regelmatig te vallen en ledematen te breken.

Zijn roem strekte zich uit over heel Europa en hij reed altijd in uitverkochte stadions. Veel vrouwen op de tribune, want hij was een mooie man die de dames het hoofd op hol bracht. Iemand met een geweldige uitstraling.

Altijd in het zwart gekleed, met lange wapperende haren, want een helm was nog niet verplicht, en achter een vuurrode gangmaakmotor bracht hij met zijn gedurfde rijden het publiek in extase.

Living on the edge, was zijn levensmotto, want hij zocht het uiterste risico op, in het vertrouwen dat de Heilige Maagd Maria zijn immer aanwezige beschermheilige was. Ook als hij niet stayerde, in alles zocht hij het gevaar op.

Achter het stuur van zijn auto haalde hij levensgevaarlijke toeren uit, aan de goktafel in de mondaine casino’s verspeelde hij vermogens en achter de motor van gangmaker Brettschneider deed hij dingen die zijn concurrenten niet durfden.

Behalve dan zijn grootste concurrent, de Amsterdammer Piet Dickentman. Dat was weliswaar een heel ander type, maar in lef en onverschrokkenheid deed hij niet voor Robl onder.

Toen Thaddy op het stayeren was uitgekeken, het gaf niet meer die adrenalinekick die hij zo nodig had, stortte hij zich op het vliegen. Hij werd een van de vele luchtvaartpioniers die met wrakke bouwsels tegen beter weten in het luchtruim kozen.

Zij hebben de wereld kleiner helpen maken, maar laten we niet vergeten dat de meeste van die experimenteerders te pletter zijn gevallen.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 22 oktober 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BOCKOM, Hans (1907, † 10.06.1981, Nederland)
CIANCOLA, Luciano (1929, † 25.07.2011, ItaliŽ)
GIRARDI, Edoardo (1985, ItaliŽ)
GRAAF, Aad de (1939, † 21.07.1995, Nederland)
ONGENA, Thomas (1980, BelgiŽ)
PAVARIN, Marcello (1986, ItaliŽ)
RENSHAW, Mark (1982, AustraliŽ)
SHEIL, Norman (1932, Groot BrittanniŽ)
VAN DAMME, Davy (1981, BelgiŽ)
VEGGERBY, Jens (1962, Denemarken)
VERMAUT, Steve (1975, † 30.06.2004, BelgiŽ)
BONIFAZIO, NiccolÚ (1993, ItaliŽ)
KANTER, Max (1997, Duitsland)

of ons op deze datum ontvielen:
DELBECQUE, Julien (1903, † 22.10.1977, BelgiŽ)
MICHAUX, Willy (1913, † 22.10.2002, BelgiŽ)
Door Fred van Slogteren, 22 oktober 2018 0:00

Er was deze week weinig of geen wielernieuws, want dat Mathieu van der Poel in deze periode veldritten wint, is geen nieuws meer. Daarom aandacht voor een artikel in de Amersfoortse Courant, waar ze een rubriek hebben waarin aandacht wordt besteed aan gevangenen in Kamp Amersfoort die in de oorlogsjaren Bekende Nederlanders waren. Afgelopen donderdag was wielrenner Wim de Ruiter de hoofdpersoon. De Rotterdammer was in 1950 de enige Nederlander die de Tour de France volbracht en dat werd in heel Nederland als een prestatie van formaat gezien, waarvoor hij op meerdere plaatsen is gehuldigd. Hieronder het hele artikel.

Kamp Amersfoort was in de oorlog voor velen een helse plek. Wie waren zij en wat overkwam hen? In deel 20: Wim de Ruiter, de Tourheld die nachtmerries kreeg van Amersfoort.

Spion op fiets werd Tourheld

door Remco Reiding

Overal wordt Wim de Ruiter in augustus 1950 met applaus en bloemen ontvangen, Als enige Nederlander heeft hij de Tour de France uitgereden! Bij gebrek aan televisie hebben journalisten in opzwepende krantenstukken verslag gedaan van zijn prestaties,

´Een dorstende karavaan trok vandaag door de woestijnwarme Languedoc´, schrijft Het Vrije Volk. ´Hoog oplaaiende stofwolken maakten de tongen van leer en de lippen van perkament.´

De avonturen van De Ruiter doen menig jongenshart in het bekrompen Nederland van begin jaren 50 sneller kloppen. De held blijkt in het echt wel een stuk kleiner dan in de krantenkolommen, zo ziet Nederlands beroemdste variëteartieste Heintje Davids, als ze de wielrenner het podium op haalt. “Je bent een flinke jongen. Dat zo'n klein ventje zo'n grote daad verricht heeft ...”

Die Tour heeft De Ruiter de Algerijn Zaaf dronken langs de weg zien liggen. ‘Die om zijn dorst te lessen een fles landwijn in zijn keel gegoten had." Het incident zou wereldberoemd worden, doordat Zaaf opstond en in de war het peloton tegemoet fietste.

Tourgekte In die even loodzware als legendarische Tour haalt De Ruiter als enige Nederlander Parijs. Een jaar later zal de Tourgekte in Nederland pas echt toeslaan: Wim van Est verovert de gele trui en stort tijdens de afdaling zeventig meter diep het ravijn van de Aubisque in.

De Ruiter is direct vergeten. Wielerhistoricus Fred van Slogteren gaat in 1999 op zoek naar De Ruiter voor zijn boek 'Als je de Tour met hebt gereden ...'. Hij blijkt in 1956 geëmigreerd te zijn naar de Verenigde Staten, waar hij zich De Ruyter noemt. Zijn dochter en schoonzoon vertellen Van Slogteren dat zijn ouderlijk huis in Rotterdam is platgebombardeerd door de bezetter. Alleen zijn fiets heeft De Ruiter over.

In 1943 wordt hij Nederlands kampioen bij de onafhankelijken. Tijdens trainingsritten maakt De Ruiter schetsen van Duitse stellingen. Die geeft hij door aan de ondergrondse via een loketje in een ijssalon. ‘Zo is menig installatie op zijn aanwijzing door sabotage onklaar gemaakt’, schrijft Van Slogteren.

In de zomer van 1944 wordt De Ruiter gearresteerd. Op 18 augustus 1944 komt hij terecht in Kamp Amersfoort. Rennfahrer, vermeldt zijn kampkaart, maar al snel is hij een nummer: 5594.  De Ruiter protesteert - zo vertelt hij zijn schoonzoon - wanneer de kampbewakers een gevangene martelen. Daarna wordt hij zelfverrot geschopt en geslagen.

Op 1 september vertrekken honderden mannen naar de bruinkoolmijnen van de Sachsische Werke in Bohlen bij Leipzig, een subkamp van Buchenwald. Ook De Ruiter staat op de Iijst, maar zijn naam is doorgestreept. Is hij zo hard geslagen dat hij niet op transport kan?
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 21 oktober 2018 12:00

Als je naar de niet al te indrukwekkende erelijst van de Italiaan Vito Favero kijkt, dan springt één uitslag er uit. In 1958 werd de man uit Treviso tweede in de Tour de France.

Bestuderen we het verloop van die Tour dan komen we er achter dat de Italiaan zes dagen lang de gele trui droeg. Hij veroverde dat kleinood in de Pyreneeën toen hij in de etappe naar Luchon tweede werd achter een ontketende Federico Bahamontes.

Met de gele trui om de schouders kreeg Vito van de Italiaanse ploegleiding de toezegging dat hij vanaf die dag de kopman van de Italianen zou zijn en niet langer Gastone Nencini, die als zodanig was gestart.

Favero verloor de trui in de etappe naar de Mont Ventoux, maar hij stond in kansrijke positie op de tweede plaats achter Raphaël Geminiani en ruim voor Jacques Anquetil.

Normaal gesproken was Maître Jacques uitgeschakeld, maar er moest nog een tijdrit worden gereden en daarin was Anquetil buitencategorie die minuten kon goedmaken.

Charly Gaul stond op dat moment met ruim zestien minuten op een hopeloze achterstand. Maar de weergoden waren de renner uit Luxemburg welgezind, want in de 21ste etappe van Briançon naar Aix-les-Bains gebeurde er een mirakel.

De dag begon zonnig maar zodra de eerste van de vijf cols was beklommen – waar Piet van Est als eerste boven kwam - pakten zwarte wolken zich samen boven het peloton en de temperatuur zakte in het hooggebergte tot nabij het vriespunt.

Alle renners vervloekten de dag dat ze wielrenner waren geworden, maar voor Charly Gaul was dit het ideale weertje. Volgens zijn soigneur, de Rotterdammer Gerrit Visser kon hij bij dat weer meer zuurstof opnemen.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 21 oktober 2018 9:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 ... 1163 1164 1165 Volgende »