ad ad ad ad
Deel 3 is uit

Slogblog



Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
FLAHAUT, Denis (1978, Frankrijk)
GUNS, Fons (1929, Nederland)
HOUWELINGEN, Arie van (1931, Nederland)
JEKER, Fabian (1968, Duitsland)
LOPEZ SANCHEZ, Josť Carlos (1985, Spanje)
MALFAIT, Geert (1953, BelgiŽ)
RIBEIRO, Sergio (1980, Portugal)
RODRIGUEZ BARROS, Emilio (1923, † 21.02.1984, Spanje)
SUNDERLAND, Scott (1966, AustraliŽ)
VAN DER SANDE, Tosh (1990, BelgiŽ)
VAN GOOLEN, Jurgen (1980, BelgiŽ)
RESTREPO VALENCIA, Jhonatan (1994, Colombia)

of ons op deze datum ontvielen:
HEEREN, Wout (1933, † 28.11.1996, Nederland)
Door Fred van Slogteren, 28 november 2017 0:00

Toen eerder deze maand de biografie Hennie Kuiper, kampioen van de wilskracht op mijn deurmat viel, een pareltje van Joop Holthausen, Jacob Bergsma en Bjorn Kuiper, moest ik meteen denken aan een ander boek van Holthausen. Fedor, eenzaamheid in de school van het genie, de biografie die in november 2008 verscheen.

En omdat Wielerrevue acht jaar geleden een mooi interview publiceerde met de hoofdpersoon van dat boek is dit een gelegenheid om deze bijzondere coureur weer eens voor het voetlicht te halen. Fedor den Hertog was uniek als coureur en én uniek als mens. Tussen 1967 en 1973 was de zoon van een Nederlandse vader en een Oekraïnse moeder ‘s werelds beste amateur. Hij was de Merckx van de amateurcategorie.

Hij kon in een koers soms zo verwoestend tekeergaan dat ze hem Iwan de Verschrikkelijke noemden. Een fenomeen, niet alleen op de fiets, maar ook daarbuiten. Hij had een sluier van geheimzinnigheid rond zich geweven, die hem een andere bijnaam opleverde: Fedor de Mysticus.

Zijn verhaal is in het kort samen te vatten in zeven bondige statements: een moeilijke jeugd; een grootse amateurtijd; teleurstellend als professional; een gestrand huwelijk; mislukt als zakenman; onbegrepen, maar zeker niet onbemind en een dramatisch einde.

Fedor was fascinerend en ongrijpbaar. Holthausen sprak met iedereen die een rol in Fedor’s leven speelde en maakte er een prachtig levensverhaal van. “Fedor den Hertog was een raadsel en werd na afloop van zijn fietsloopbaan een nog groter raadsel”, zei hij na het verschijnen van het boek.

De in Utrecht geboren Den Hertog vierde grote successen als amateur met als hoogtepunt de gouden medaille op de Spelen van Mexico. Hij won ook de Ronde van de Toekomst, Olympia's Tour en tal van nationale titels. Zijn opmerkelijkste zegereeks dateert van 1969, toen hij in de Ronde van Rheinland-Pfalz negen van de elf ritten won en uiteraard het eindklassement.

Hij stapte pas op z’n 28ste over naar de profs en dat was veel te laat om nog de top te bereiken. Fedor reed als prof vier keer de Ronde van Frankrijk uit en won tussen 1974 en 1979 de nodige koersen, waaronder een etappe in de Tour en de Ronde van Spanje. In 1977 werd hij Nederlands kampioen.
... Lees meer
Door Jan Houterman, 27 november 2017 12:00

Een jaar of twaalf geleden gold Theo Eltink als een van de grote beloften in de Rabobank-ploeg, maar eind 2009 zette hij noodgedwongen al een punt achter zijn carrière.

Een jaar eerder had de belangrijkste Nederlandse ploeg niet langer plaats voor hem gehad en ook Skil-Shimano bleek niet langer dan één seizoen in hem te geloven.

Na een zoektocht bij andere ploegen kwam Theo tot de conclusie dat zijn carrière erop zat en dat hij wat anders in het leven moest gaan doen. Hoe kan dat?

In 2005 was Jan Zomer voor zijn jaarlijkse boekje Wielerexpress bij hem op bezoek in zijn ouderlijk huis in het Brabantse Westelbeers en trof daar een renner die net een mooi seizoen achter de rug had.

Getuige een 29ste plaats in de eindstand van de Ronde van Italië. Zijn contract werd verlengd tot en met 2007 en het leven lachte hem toe. Maar toen kwam de tegenslag.

Na twee redelijke seizoenen (2005 en 2006) zat het in 2007 behoorlijk tegen. Pech en problemen met de luchtwegen zorgden er voor dat Theo nauwelijks een uitslag reed.

Zijn geplande Tourdebuut ging daarom niet door, te meer daar hij maar bleef sukkelen. De klachten waren achteraf terug te voeren op een niet goed functionerende lever.

Verder speelde hem parten dat Rabobank in de grote etappekoersen met een echte kopman reed (Menchov, Thomas Dekker) en Theo langzaam in de rol van knecht werd gedrongen en nauwelijks nog toe kwam aan eigen kansen.

Aan het eind van 2008 kreeg hij daarom te horen dat er geen plaats meer voor hem was bij de sponsor waar hij tot dat moment zijn hele wielerleven had doorgebracht.

Het was al laat in het seizoen toen hij die mededeling kreeg en de meeste ploegen waren voorzien. Skil-Shimano had echter nog een plaatsje voor hem, maar in 2009 kon hij bij zijn nieuwe werkgever geen indruk meer maken.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 27 november 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
CHICCHI, Francesco (1980, ItaliŽ)
ERKELENS, Cees (1889, † 07.01.1959, Nederland)
GUNNEWIJK, Loes (1980, Nederland)
GUTIERREZ PALACIOS, Josť Ivan (1978, Spanje)
KILUM, Roman (1981, Verenigde Staten)
LEUNG CHI YIN, (1981, HongKong)
MOINEAU, Julien (1903, † 14.05.1980, Frankrijk)
MOREELS, Sammy (1965, BelgiŽ)
OSINSKI, Marcin (1983, Polen)
PEDRAZA MORALES, Walter (1981, Colombia)
PUCINSKAITE, Edita (1975, Litouwen)
SCHUR, Jan (1962, Duitsland)
VELGHE, Bart (1978, BelgiŽ)
VRANCKEN, Jacques (1933, † 08.10.1988, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
GOMMANS, Piet (1914, † 27.11.1998, Nederland)
Door Fred van Slogteren, 27 november 2017 0:00

Tien jaar geleden heb ik een boekje gemaakt over fietsen in het Groene Hart, waar ik zeventien jaar heb gewoond. Ik praatte toen met 26 (oud)wielrenners, een paar schaatsers en een bekende tratleet.

Een van die ontmoetingen was met de toen zeventienjarige Raymond Kreder, een van de zes Kredertjes uit Zevenhuizen, een mooi dorp tussen Rotterdam en Gouda waar Raymond met twee broers en drie neven bezig was naam te maken als veelbelovend wielrenner.

Op de grens van junior naar belofte had hij al het nodige laten zien zoals het winnen van de juniorenversie van Parijs-Roubaix en de Trophee Morbihan, een zware klimkoers in Frankrijk. Hij werd dat jaar belofte en was al een grote belofte.

Ik trof een wat verlegen jongen in een doorzonwoning die vol stond met racefietsen. Vader en moeder luisterden mee toen ik hem aan de eetkamertafel interviewde. Ik hoorde dat het zijn grootste wens was om beroepsrenner te worden.

Zijn jonge leven stond volledig in het teken van zijn toekomst. Hij zat in selecties, reed al veel in het buitenland, had zijn opleiding voltooid maar zat nog op een cursus Frans omdat hij als klimmer en tijdrijder zijn toekomst in dat land zag.

Over zijn trainingsgebied in het Groene Hart had hij niet veel te melden. “Het is gewoon mijn thuis. Het mooie is dat er altijd veel wind staat en dat is goed voor mijn inhoud, maar verder heb ik er niet veel mee, als ik eerlijk ben.”

Zo snel als hij klaar was met zijn omgeving zo uitgebreid had hij het toen over zijn fiets. “Die is alles voor me. Ik sta ermee op en ga er mee naar bed. Ik heb voor het fietsen gekozen en niet voor een baan.”

Op mijn vraag of hij dan geen alternatief had als het met het fietsen niets zou worden, zei hij: “Daar heb ik nog niet bij stilgestaan en daar ga ik ook niet vanuit. Ik zet alles op het wielrennen. Ik ben normaal een stille jongen, maar op de fiets ben ik hondsbrutaal. Dat zeggen ze althans over me.”

Even later zag ik hem vertrekken, richting Moerkapelle, voor een kort rondje van zo’n zestig kilometer om via Waddinxveen, Moordrecht Gouda, Stolwijk, Berkenwoude, Gouderak, Nieuwerkerk aan den IJssel weer in Zevenhuizen aan te komen, het dorp van de Kredertjes.

We zijn nu tien jaar verder, Raymond wordt vandaag 27 jaar en we mogen de vraag stellen of hij in zijn opzet is geslaagd. Niet bepaald, want zijn erelijst bij de profs is bescheiden. Hij werd in 2010 als stagiair ingelijfd door Jonathan Vaughters, de manager van een Amerikaanse ploeg die toen Garmin-Transitions heette.

Hij kreeg een jaar later een contract en reed tot en met 2014 voor Garmin-Sharp. Hij won hier en daar een etappe in een kleine ronde reed een keer de Vuelta, maar de grote doorbraak is er niet gekomen. Zijn contract werd niet verlengd en hij rijdt vanaf 2015 voor Team Roompot.

Sindsdien heeft hij geen overwinning van betekenis meer geboekt. Of zijn doorbraak er nog komt is de vraag. Maar het kan nog altijd, want hij heeft nog een paar jaren voor zich.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 26 november 2017 12:00

Toen ik met de research van mijn boek over Jan Janssen bezig was, zei Jan bij een van onze ontmoetingen: ‘Als je echt wil weten wie Jan Janssen was, moet je naar Frans Aerenhouts en Roger Rosiers gaan.’

Ik was daar zelf niet opgekomen, want de relatie met de eerste kende ik niet en van de tweede wist ik slechts dat het een ploeggenoot was in de laatste jaren van Jan’s carrière.

Jan had gelijk, want zijn trainingsmaat Aerenhouts vertelde me wat voor een beul die Janssen in de training is geweest en van Rosiers hoorde ik het nooit echt goed vertelde verhaal van het drama Janssen in Parijs-Tours 1970.

Ik maakte telefonisch een afspraak met Rosiers en op de afgesproken tijd was ik bij het eenzame bedrijfsgebouwtje waarin hij toen zijn nering uitoefende. Er was niemand en er stond ook geen auto.

Ik wachtte een kwartier, het werd een half uur en ik was net van plan te vertrekken toen een bestelbus de bocht uitkwam en de chauffeur mij met een zwaaiende arm uit het portierraam gebaarde dat hij Roger Rosiers was.

Hij opende de deur van het pandje en we stapten een magazijn binnen vol met dozen en blikken waarin schoonmaakmiddelen waren verpakt. Vanuit deze ruimte gingen we een piepklein kantoortje binnen met twee bureaus.

Het werd een leuk gesprek, want met zijn stem als een klok nam Rosiers geen blad voor de mond en hij gaf unverfroren zijn mening over van alles en nog wat, maar het meest over de wielersport.

Hij vertelde me dat hij veel aan Jan Janssen te danken heeft en dat zijn grootste overwinning (Parijs-Roubaix 1971) helemaal door Janssen werd geregisseerd.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 26 november 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BASSO, Ivan (1977, ItaliŽ)
BOER, Menno de (1984, Nederland)
CLOSE, Alex (1921, † 21.10.2008, BelgiŽ)
JEROME, Vincent (1984, Frankrijk)
KREDER, Raymond (1989, Nederland)
MOLLEMA, Bauke (1986, Nederland)
SLUIS, Ab (1937, Nederland)
SWART, Carla (1987, Zuid Afrika)
THORSEN, Daniel (1986, AustraliŽ)
VEILLEUX, David (1987, Canada)
VICHOT, Arthur (1988, Frankrijk)
WUURMAN, Joop (1935, † 20.12.2015, Nederland)
PEYSKENS, Dimitri (1991, BelgiŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
BARTH…L…MY, Albert (1906, † 26.11.1988, Frankrijk)
GALVEZ, Isašc (1975, † 26.11.2006, Spanje)
Door Fred van Slogteren, 26 november 2017 0:00

Een paradijs

Fietsend door de Meije,
van ‘Boreft’ naar ’t Sticht,
vliegt ’n kale kip
z’n voorwiel in
en ligt hij op zijn gezicht.

Op ’t gladde ‘vlaaienpad’
naar Zevenhoven
smakt hij op de grond,
’t is niet te geloven,
ligt hij midden in de stront.

Of de duvel ermee speelt.
Langs de Kromme Mijdrecht
vliegt ‘n zwaan hem aan
en komt hij deze dag
ook nog in ’t majem terecht.

Maar ’t Groene Hart blijft,
al deze verhalen ten spijt,
een paradijs voor de fietser,
die boodschap
wil ik hier wel even kwijt.

© Nol van ‘t Wiel
... Lees meer
Door Nol van 't Wiel, 25 november 2017 12:00

Een van de eerste Nederlandse renners die weg en baan vloeiend wist te combineren was de Amsterdammer Petrus Gerardus Ikelaar, zeg maar Piet.

Hoewel hij op de baan zijn grootste successen behaalde, moesten ze op de weg toch ook terdege rekening met hem houden. In 1917 werd hij tweede in het Nederlands kampioenschap op de weg achter Jorinus van der Wiel en in 1921 derde, met wederom Van der Wiel als kampioen.

In 1923 was Piet Ikelaar echter de beste toen hij afrekende met totaal vergeten renners als Bekkering en Van Melis. Een jaar later prolongeerde de Amsterdammer zijn titel door ene Vreeswijk voor te blijven met Van der Wiel op de derde plaats.

Nadat hij in 1920 op de baan kampioen van Nederland was geworden op het wieleronderdeel dertig kilometer zonder gangmaking, werd hij later dat jaar uitgezonden naar de Olympische Spelen in Antwerpen.

Ikelaar nam daar aan vier onderdelen mee. In de wegwedstrijd eindigde hij als achtste, de kilometer tijdrit op de baan legde hij af in de achtste tijd en op de tandem behaalde hij met zijn stadgenoot Frans de Vreng brons.

Voor De Vreng bleef het bij die ene plak, maar Piet Ikelaar behaalde er nog eentje in het nummer vijftig kilometer zonder gangmaking op de baan. Met twee bronzen plakken keerde hij in de hoofdstad terug.

In 1921 werd hij beroepsrenner en specialiseerde zich in het rijden van races waarbij de renners door tandems werden gegangmaakt, destijds een populair baanonderdeel.

Hij startte als zodanig twaalf keer in grote internationale wedstrijden en negen keer kraaide zijn haan victorie. In 1926 versloeg hij in Parijs op dit nummer zelfs kanjers als Francis Pélissier en Marcel Buysse.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 25 november 2017 9:00

De afgelopen twee weken heb ik jullie op deze plaats bericht over de commerciële verwantschap van keizerlijke en koninklijke huizen en de rijwielindustrie. Overigens een eenzijdige verwantschap, want de keizerlijke en koninklijke hoogheden werd niets gevraagd.

Behalve in Duitsland, Engeland en Nederland werd ook in andere landen enthousiast gebruik gemaakt van namen uit de royalty van het betreffende land om die als merknaam te gebruiken. Overigens niet van recente datum, maar van al wat jaren geleden.

Wie het als fabrikant nu in zijn hoofd zou halen om bijvoorbeeld mueslirepen in de smaken Amalia, Alexia, en Ariane op de markt te brengen, zou acuut door de Rijksvoorlichtingsdienst in zijn (of haar) lurven worden gegrepen.

Maar in de jaren vijftig en zestig lag dat nog anders, voorbeelden genoeg, zoals het Belgische koningshuis. In 1959 stelde Prins Albert, de latere koning Albert II, een prins met het imago van een playboy zijn verloofde voor: prinses Paola Ruffio di Calabria.

Een Italiaanse prinses en ook nog eens een hele fraaie dame. Met haar intrede in dat stijve, streng katholieke vorstenhuis, zorgde ze voor een binnenkomer à la Maxima bij ons. Er was ineens glamour in het kasteel in Laken en heel België lag in katzwijm.

Inclusief de destijds wereldberoemde Adamo, een Belgische zanger van Italiaanse afkomst. Hij maakte een lied over de koninklijke tortelduifjes. Paola, dolce Paola. Geen wonder dat er markt was voor allerhande artikelen met de merknaam Paola. De mooie prinses, zo uit een sprookje gestapt, kreeg natuurlijk ook een fiets naar haar vernoemd. Met op het balhoofdplaatje haar naam en de Italiaanse en de Belgische vlag.

Het was toen nog ondenkbaar dat ze naast haar man ooit koningin zou worden, want de oudere broer van Albert, Boudewijn, was de koning der Belgen na de geruchtmakende koningskwestie in 1947. Vrijgezel en de saaiste piet uit de collectie saaie pieten.

Toch slaagde Boudewijn er een jaar later in ook een vrouw te vinden toen zijn verloving bekend werd gemaakt met de Spaanse prinses Fabiola Fernanda María-de-las-Victorias Antonia Adelaida de Mora y Aragón. Dat was geen schoonheid en ze viel dan ook heel wat minder in de smaak bij het Belgische volk dan de oogverblindende Paola.

Ik herinner me nog de schunnige mopjes die er vanaf dag één werden gemaakt over de aanstaande koningin en haar houten klaas. Die gingen deels over de troonopvolger waar ze samen voor moesten zorgen.
... Lees meer


Door Otto Beaujon, 24 november 2017 12:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 ... 1078 1079 1080 Volgende »