ad ad ad ad
Deel 3 is uit

Slogblog


Geniet

Snellend door de Waard,
met zicht op Oudewater,
stad van heks en touw,
van moord en brand,
’t is nu eeuwen later.

Op ’n steenworp
volgt er Hekendorp,
‘Goejanverwellesluis’,
ooit voor even ’t thuis,
van Willemien, de Pruis.

In ’t Land van Steyn
ligt Haastrecht daar,
stad van Vlist en IJssel,
van Visser en Vergeer,
sportmannen van ’t jaar.

Na Vlist wacht Bonrepas,
hart van ’t Groene Hart,
Hollandser kan ’t niet,
geniet,
van wat dit hart je biedt.

© Nol van ’t Wiel
... Lees meer
Door Nol van 't Wiel, 2 december 2017 12:00

Natuurlijk kende ik Jan Ullrich lang voor hij in 1997 de Tour de France won. Bijvoorbeeld van het WK op de weg voor amateurs van vier jaar daarvoor. Voor het eerst werd daar in Oslo zijn naam verbonden met die van Lance Armstrong, die een dag later wereldkampioen bij de profs werd.

Der Jan moest toen nog twintig worden en hij straalde klasse uit. Een fors geboetseerde Ossie, die een jaar later bij Team Telekom als stagiair in het profpeloton debuteerde. Hij kon geweldig tijdrijden en op de macht met de besten bergop, hoe hoog de cols ook waren.

Twee jaar later debuteerde hij in de Tour de France. Het zou de zesde Tourzege van Indurain worden, maar het liep anders. De Spanjaard had met vijf opeenvolgende Tourzeges zijn plafond bereikt en de Tour kreeg een nieuwe winnaar. Bjarne Riis, een kalende Deen en de kopman van Telekom.

Er gingen direct de wildste geruchten, want Riis had weliswaar altijd tegen de top aangezeten, maar dat hij dit kon had niemand voor mogelijk gehouden. Hij werd ‘monsieur soixante pourcent’ genoemd en niemand leek tegen hem opgewassen.

De kenners zagen gelijk ook zijn opvolger aan het werk, want het was duidelijk dat Riis, gezien zijn leeftijd, geen jaren zou heersen. Ullrich, de nummer twee in de eindstand, moest af en toe in de remmen knijpen om zijn kopman voor te laten gaan, zoals een aantal jaren later ook Froome deed ten aanzien van zijn kopman Wiggins.

Een jaar later deed Jan Ullrich inderdaad wat er van hem werd verwacht: de Tour winnen. Zijn duels met Pantani in het hooggebergte waren van een superieure schoonheid. Het raspaard en de locomotief. Ik heb er destijds van genoten.

Het raspaard reed de locomotief er niet af en in de tijdritten was de Italiaan geen partij voor Der Rosse von Rostock. Als iemand van 23 jaar dat kan, dan moet hij in staat worden geacht tien keer de Tour te winnen, vermoedde iedereen.

In potentie was dat juist, maar het is bij die ene Tourzege gebleven. In de eerste plaats omdat twee jaar later de ster van Armstrong ging stralen en in de tweede plaats omdat Der Jan zelf niet in staat was het leven van een toprenner te leiden.

In de wintermaanden verwaarloosde hij zijn conditie, leefde te veel als een gewoon mens en begon steeds veel te zwaar en veel te laat aan zijn voorbereiding. Hij raakte in allerlei affaires verstrikt en stond vaker in de tabloids, dan in de sportbladen.

Hij vocht in de Tour nog wel mooie duels uit met Armstrong, maar hij kon de Amerikaan niet verslaan in de strijd om de Tourzege. Hoewel hij nog wel hoog eindigde bleef die buiten bereik en zo kon de man die tegelijk met hem wereldkampioen was een unieke zevenklapper realiseren.

Mooie kunst, zult u denken, want Armstrong reed op superbenzine, zo bekende hij in 2013. Maar daar werd Ullrich ook van beticht toen zijn naam in verband werd gebracht met dokter Eufemiano Fuentes en was hij een van de bekendste namen die rondgingen.
... Lees meer


Door Fred van Slogteren, 2 december 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BON, Matthijs van (1974, Nederland)
BOYER, Eric (1963, Frankrijk)
CIONI, Dario David (1974, ItaliŽ)
DUCASSE, Jean-Claude (1949, Frankrijk)
EDET, Nicolas (1987, Frankrijk)
EFIMKIN, Vladimir (1981, Rusland)
EFIMKIN, Alexander (1981, Rusland)
HOLCOMB, Janel (1978, Verenigde Staten)
KATWIJK, Nathalie van (1985, Nederland)
LAHAYE, Jef (1932, † 12.04.1990, Nederland)
LELLI, Massimiliano (1967, ItaliŽ)
LENFERINK, Jasper (1982, Nederland)
LOPEZ CARRIL, Vicente (1942, † 29.03.1980, Spanje)
MAROTTA, Laura (1987, ItaliŽ)
MAZUR, Piotr (1982, Polen)
SAN MIGUEL ANGULO, Gregorio (1940, Spanje)
ULLRICH, Jan (1973, Duitsland)
VANCLOOSTER, NoŽl (1943, BelgiŽ)
WINDEN, Dennis van (1987, Nederland)
ZIELINSKI, Damian (1981, Polen)
GELDER, Tinus van (2016, † 26-8-1991, Nederland)
BOUWMAN, Koen (1993, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
Door Fred van Slogteren, 2 december 2017 0:00

Met de drie laatste bijdragen hebben we de koninkrijken en keizerrijken waar fietsen werden gemaakt, wel gehad. Zoals de afgelopen weken geschreven werd de vorst of vorstin 'geëerd' met tal van industriële producten waaronder niet zelden een fietsenmerk.

In het Duitsland van voor de Eerste Wereldoorlog onder Kaiser Wilhelm en verder in België, Engeland en Nederland. In geen van de drie Scandinavische koninkrijken heb ik bijvoorbeeld ooit een fiets met koninklijke naam kunnen vinden.

Ook niet in Griekenland, Rusland, Spanje of Portugal. Wel in Italië, waar het fietsen een ware cultuur is. Buiten Europa hoeven we al helemaal niet te zoeken: in Japan zou het ophemelen van de bijna goddelijke keizer als godslastering opgevat worden. In Nepal, Tonga en Thailand worden geen fietsen gemaakt.

Als we de royalty of verdwenen royalty in de vwereld langs gaan, is er ook geen rijwielindustrie in Jordanië, en evenmin worden er in Marokko, Lesotho en Swaziland fietsen gemaakt. Ook niet in Egypte toen koning Faroek daar tot in de jaren vijftig de scepter zwaaide.

Blijft over Italië. De grootste en belangrijkste fietsenindustrie in Italië was Bianchi en is dat in zekere zin nog steeds, want het bedrijf is onderdeel van Cycleurope, een Franse onderneming met zo'n vijftien fietsmerken in portefeuille.

Bianchi is als merk natuurlijk veel meer dan fietsen, want het bedrijf maakt alle soorten gemotoriseerde vervoermiddelen tot pantserwagens aan toe. Geen wonder dat Bianchi al in de fietsentijd hofleverancier werd.
... Lees meer
Door Otto Beaujon, 1 december 2017 12:00

Als Peet Oellibrandt niet zulke lieve ouders had gehad, plus een fietsenmaker die hem in ruil voor wat hulp matste met zijn materiaal, dan was er van de wielercarrière van deze coureur uit Beveren-Waas niet veel terechtgekomen.

Oellibrandt kwam uit een gezin met negen kinderen en hij moest al jong als bouwvakker meehelpen om het gezinsinkomen wat op te krikken. De franskes die hij binnenbracht waren meer dan welkom.

Zelf had Peet niet veel nodig. Hij was dan wel wielrenner maar de koersmachien die hij als onderbeginneling bereed had hij van een oom gekregen. Veel soeps was het niet, maar de plaatselijke fietsenmaker sleutelde het vehikel iedere keer weer in topconditie.

Als tegenprestatie plakte de jongen de banden van de klanten. I’ll scratch your back and you scratch mine, was zijn Leitmotiv en dat leidde tot een vruchtbare samenwerking waar Peet de motivatie uit putte om het als renner ver te brengen.

Hij was rap en met die gave reed hij bijna altijd prijs in de jeugdrangen. Als het geen eerste plaats was dan altijd wel een stekkie bij de eerste tien. Hij liep niet over van talent, maar hij kon behalve sprinten heel hard fietsen en tegen een solootje zag hij niet op.

Toen hij amateur werd vroeg hij zijn ouders om hulp. Hij wilde het een jaartje proberen zonder te werken. Alles op het koersen zetten om te kijken of er geld mee te verdienen zou zijn.

Ze gingen akkoord en kregen er een kostganger voor terug die van het prijzengeld meestal wel zijn bijdrage aan de huishoudpot kon leveren. Door veel te trainen ging hij bij de amateurs mooie uitslagen rijden en prijzen winnen.

Zijn naam haalde iedere week de gazetten vol met wieleruitslagen en de Belgische keuzeheren selecteerden hem voor het WK. De beslissing om daarna beroepsrenner te worden was snel genomen.

Hij kreeg een contract bij Poeders Mann en toen was het karren maar. Waar hij maar kon starten stond hij aan de start, zowel op weg als baan. In zijn tweede profjaar werd hij op de weg op indrukwekkende wijze Belgisch kampioen door de sterke Jan Adriaanssens te vernaggelen. Maar liefst drie maal schreef hij de Grote Scheldeprijs op zijn naam.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 1 december 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BOTHEREL, Jacques (1946, Frankrijk)
DAY, Gabriella (1984, Groot BrittanniŽ)
GANNA, Luigi (1883, † 02.10.1957, ItaliŽ)
GUTIERREZ CATALU—A, Josť Ignacio (1977, Spanje)
KATWIJK, Fons van (1951, Nederland)
RHODES, Alex (1984, AustraliŽ)
URIA GONZALEZ, Josť Manuel (1969, Spanje)
VAN DAMME, Albert (1940, BelgiŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
AIMO, Bartolomeo (1889, † 01.12.1970, ItaliŽ)
CONTERNO, Angelo (1925, † 01.12.2007, ItaliŽ)
RIVI»RRE, Gaston (1862, † 01.12.1942, Frankrijk)
SCHEPERS, Alfons (1907, † 01.12.1984, BelgiŽ)
Door Fred van Slogteren, 1 december 2017 0:00

ALS JE DE TOUR NIET HEBT GEREDEN …

door Fred van Slogteren

Beste Slogblog-vrienden, jullie zijn het op de donderdag gewend, maar dit is geen recensie. Een slager die zijn eigen vlees keurt, is immers niet de betrouwbaarste persoon. Er komt een dezer dagen wel een recensie op deze plaats, van de hand van Evert de Rooij, oud-hoofdredacteur van Wielerrevue en Wielerland Magazine.

Daarom is dit slechts een mededeling dat morgen het derde deel van Als je de Tour niet hebt gereden … verschijnt en dus vanaf morgen 1 december te koop is.

De verschijning is het sluitstuk van een lang en vaak moeizaam proces, waaraan de geportretteerde renners overigens part noch deel hebben. In december 2014 verscheen deel II en het was de bedoeling dat deel III in juni 2015 zou verschijnen, vlak voor de Tourstart in Utrecht.

Van alle kanten werd mij van de Tourorganisatie (dank Ton Wetselaar en Femke van der Meij) en het Business Peloton Utrecht (dank Cor Jansen en Laurens Hillmann) hulp aangeboden om omtrent dat evenement zo veel mogelijk publiciteit voor de trilogie te kunnen maken.

Helaas liet mijn gezondheid het niet toe hiervan gebruik te maken. Het voortbewegen na een gebroken heup en de door artrose vervangen andere heup, was er oorzaak van dat het lopen strompelen is geworden. Een rugprobleem maakte het alleen nog maar erger.

Ook tobde ik met de naweeën van een gebroken schouder en een vastzittend schouderblad en ik was geestelijk meer met al die ellende bezig dan met deel III. Ook mijn vrouw kreeg in die periode het een en ander te verwerken, maar we telden onze zegeningen.

Ook Frans van den Muijsenberg die met zijn uitgeverij Sylfaen de verschijning van deze boeken heeft mogelijk gemaakt (dank Frans) ondervond de nodige tegenslag. Ook zijn gezondheid speelde hem parten en de verkoopcijfers van de eerste twee delen gaven evenmin aanleiding voor het uitsteken van de vlag.

Maar op enig moment begrepen we beide door al die verhalen van die Tourrenners dat het bij het rijden van de Tour op karakter aankomt en je altijd weer op dit fiets moet omdat de eindstreep te halen.

Niet voor niets heten deze boeken: Als je Tour niet hebt gereden …, waarbij iedere renner weet dat daar zes woorden achteraan komen, namelijk: ben je niet echt wielrenner geweest! Want de Tour de France is voor renners het hoogste en een Tour de Force is voor een schrijver en een uitgever niet anders.

Ik begon aan deel III in de wetenschap dat het in de eerste paar honderd bladzijden kommer en kwel zou zijn omdat het Nederlandse wielrennen in de jaren negentig en de eerste jaren van de nieuwe eeuw op z’n gat lag.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 30 november 2017 12:00

De in Schoten nabij Antwerpen geboren Emile Severeyns was een echte baanrenner die zijn geld tussen 1953 en 1970 voornamelijk verdiende met het rijden van zesdaagsen en koppelkoersen.

Hij reed 151 zesdaagsen, waarvan hij er 25 won. De meeste met Rik Van Steenbergen als koppelgenoot, een van de grootste renners aller tijden.

Hoewel Severeyns van zichzelf veel klasse had, werd hij aan de zijde van Rik I een grote. Dan kon hij meer dan zonder The Boss, een bekend verschijnsel zeker bij renners die van nature bescheiden zijn. Hij trok zich op aan zijn partner.

Van Steenbergen had aan de andere kant het vermogen bij zijn partners iets extra’s op te wekken, waardoor ze boven zich zelf uitstegen. Bij Miel Severeyns was dat heel duidelijk het geval, zo vertelde Peter Post mij.

Post was samen met eerst Rik Van Looy en later de Zwitser Fritz Pfenninger de grootste concurrent was van het duo Van Steenbergen-Severeyns. Met Stan Ockers met wie Rik I eerder zesdaagsen reed, was die kruisbestuiving veel minder het geval.

Toen ik Peter een jaar of tien geleden eens naar Severeyns vroeg, antwoordde hij dat de Belg een prettige collega was geweest en als zesdaagsenrenner opviel door een tomeloze inzet.

Als mens was het volgens Peter een stille, rustige man die zich uitstekend thuisvoelde in de schaduw van Van Steenbergen voor wie hij door het vuur ging als het moest. Hij was heel gedisciplineerd en kon heel diep gaan.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 30 november 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BERGAUD, Louis (1928, Frankrijk)
BUYSSE, Albert (1911, † 13.10.1998, BelgiŽ)
F…DRIGO, Pierreck (1978, Frankrijk)
GOOS, Marc (1990, Nederland)
HABETS, Piet (1942, Nederland)
HOEVENAERS, Jos (1932, † 15.06.1995, BelgiŽ)
KLOOSTERMAN, Nol (1941, Nederland)
LINDEN, Ad van der (1961, Nederland)
POZZOVIVO, Domenico (1982, ItaliŽ)
ROKS, Thijs (1930, † 07.02.2007, Nederland)
SNIJDERS, Ron (1959, Nederland)
SYS, Klaas (1986, BelgiŽ)
TULLEKEN, Jan (1883, † 03.11.1962, Nederland)
VAN RIJ, Jeroen (1985, BelgiŽ)
WERF, Teake-Piet van der (1987, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
B‹CHNER, Bruno (1871, † 30.11.1943, Duitsland)
HUYBRECHTS, Frans (1884, † 30.11.1944, BelgiŽ)
KIRCHEN, Jean (1919, † 30.11.2010, Luxemburg)
LUGINB‹HL, Ueli (1941, † 30.11.2010, Duitsland)
PELSER, Gerrie (1911, † 30.11.1997, Nederland)
Door Fred van Slogteren, 30 november 2017 0:00

Oleg Tinkoff is enigszins te vergelijken met mannen als Nico de Vries en Dirk Scheringa. Schathemeltjerijk geworden met een gat in de markt waar ze op het juiste moment ingedoken zijn, wisten ze van gekkigheid niet wat ze al die poen aan moesten.

Oliemagnaat De Vries kocht een wielerploeg en modelleerde die begin jaren zeventig om het supertalent Fedor den Hertog heen; Scheringa kocht de BVO AZ op en strooide er met geld en Oleg Tinkoff deed hetzelfde met een wielerploeg.

Rijk geworden met Tinkoff Credit Systems wilde hij de wereld laten zien hoe rijk hij wel niet was. En wat is dan een betere etalage dan een wielerploeg? Om jonge Russische renners de kans te geven aan het grote wielergebeuren te ruiken.

Het werd in eerste instantie een Russisch-Italiaanse ProContinental-formatie die hij in 2007 de weg opstuurde. Voor de ploegleiding shopte hij in Italië, waar hij ook zijn landgenoot, oud-renner Dmitri Konyshev, oppikte.

Met een tiental Russen en wat Italianen had hij snel een ploeg op de weg, maar de namen waren hem te onbekend om indruk te maken. De echt grote renners zaten verankerd in de ProTour-ploegen dus dat was geen optie.

Er waren wel grote namen beschikbaar, maar die hadden een kruisje achter hun naam. Een dopingkruisje wel te verstaan, waardoor er met een grote boog om ze heen werd gelopen.

Tinkoff geloofde toen nog dat het met de dopingjacht wel mee zou vallen, had minder scrupules en zo traden Danilo Hondo, Tyler Hamilton, Jörg Jaksche en Salvatore Commesso tot zijn ploeg toe.

Geschrokken door wat er allemaal in 2007 is gebeurd werd hun jaarcontract niet verlengd en Oleg ging met zo’n twintig renners verder, die met elkaar gemeen hadden dat ze vrijwel onbekend waren.

Hij kwam weer in beeld toen hij ging samenwerken met de Saxobank-ploeg van Bjarne Riis, maar dat die samenwerking niet goed zou gaan kon je bijna voorspellen.

De wielervakman die als een geweldige coach zijn renners met geduld en toewijding bracht en de rouwdouwer met een te grote bek en te veel macht, die direct successen verlangde met de stelling dat met geld alles te koop is.
... Lees meer
Door Henk Theuns, 29 november 2017 12:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 ... 1077 1078 1079 Volgende »