Slogblog


Op de dag dat we gedenken dat honderd jaar geleden de Eerste Wereldoorlog door een wapenstilstand ten einde kwam, viert Tom Dumoulin zijn 28ste verjaardag. Volgens velen met voor zich een Gordiaanse Knoop, in plaats van een taart.

Wat moet hij doen, de Giro rijden die hem zogenaamd op het lijf is geschreven of de Tour die op het lijf is geschreven van de heren Romain Bardet en Thibaut Pinot. Zeggen de deskundigen, die al zo vaak hebben bewezen er naast te zitten.

Zoals ik al eerder op deze plaats heb geschreven gaat Tom dat helemaal zelf uitmaken en trekt hij zich niets aan van die adviezen die hij in kranten en tijdschriften onder ogen krijgt of wat hij hoort op radio en tv, dan wel hem ongevraagd wordt toegetwitterd.

‘Dat maak ik zelf wel uit,’ zal hij terecht denken, komt tijd, komt raad. En tijd heeft hij nog wel even om een besluit te nemen. Dus zorgen (van anderen) aan de kant, schijt aan dronken Naatje, waar is het feestje? Hier is het feestje!

Een mijlpaal als zijn 28ste verjaardag is veel meer geschikt om stil te staan bij de razendsnelle ontwikkeling van deze Maastrichtse jongen, die pas op zijn vijftiende ging wielrennen, omdat hij voetballen niet zo leuk meer vond.

Hij kocht een racefiets, werd lid van een wielervereniging, maar kon er geen hout van. Hij had geen wielerachtergrond, niemand in de familie of in zijn omgeving deed aan die sport en hij weet eigenlijk niets eens meer waarom hij voor het wielrennen koos.

De eerste jaren bij de junioren en bij de beloften werd hij er steeds afgereden. Hij vond het niet eens erg, want hij vond dat fietsen best leuk ook al reed hij nooit prijs. Jongens die hem uit die tijd kennen, kunnen er nog niet over uit dat hij nu met de top van de wereld om de zege in Tour, Giro of Vuelta strijdt.

Het enige dat de wielrenner in hem verraadde was dat hij ontiegelijk hard kon fietsen en dat hij wel wat weg had van de jonge Eddy Merckx, maar verder leek voor hem geen grote toekomst als wielrenner weggelegd. Dat was ook niet zijn ambitie, want hij wilde arts worden.

De onverwachte ommekeer kwam in zijn tweede jaar bij de beloften toen bondscoach Aart Vierhouten, getipt door een wielerkenner uit Limburg die het nog verborgen talent in een tijdrit aan het werk had gezien, hem uitnodigde voor een achtdaagse etappekoers in Portugal.

In de eerste rit werd hij tweede en in de derde (een tijdrit) legde hij iedereen erop en mocht de leiderstrui aantrekken om die in de rest van die rondrit met elan te verdedigen. Hij won de ronde met beloften aan het vertrek als Izagirre, Atapuma, Demare, De La Cruz, Pantano, Chaves en Quintana, die toen al op weg waren beroemd te worden.

Zijn ploeggenoten begrepen er niets van want toen hij zich voor de reis naar Portugal op het vliegveld meldde hadden Jesper Asselman, Pim Ligthart en Bas Stamsnijder nog nooit van Tom Dumoulin gehoord. Onbekend en dan zomaar van uit het niets een hoog aangeschreven koers winnen, die deel uitmaakte van de strijd om de Nations Cup.

Het feit dat hij kort daarna werd uitgeloot voor de medicijnenstudie aan de Universiteit van Maastricht heeft eraan bijgedragen dat hij toen heeft besloten om serieus wielrenner te worden. Hij koos nog voor een alternatieve studie, maar hij zat toen al meer op het racezadel dan in de collegebanken.

De rest is bekend. Hij ontwikkelde zich in korte tijd tot een tijdrijder van wereldniveau, maar de wereld kwam er al gauw achter dat hij nog tot veel meer in staat was. Met zevenmijlslaarzen ging hij als ronderenner door, op weg naar de wereldtop.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 11 november 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BLASON, Sara (1988, ItaliŽ)
BOERMAN, Coen (1976, Nederland)
BONO, Matteo (1983, ItaliŽ)
DE NUL, Johnny (1955, BelgiŽ)
FEDI, Matteo (1988, ItaliŽ)
GROOT, Daan de (1991, Nederland)
HEBIK, Martin (1982, TsjechiŽ)
IRIARTE GARRO, Francisco Javier (1986, Spanje)
LE DISSEZ, Andrť (1929, Frankrijk)
WEST, Leslie (1943, Groot BrittanniŽ)
WOLSINK, Jelle (1995, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
BEGHETTI, Oreste (1926, † 11.11.2004, Frankrijk)
CHAUMARAT, Albert (1925, † 11.11.2013, Frankrijk)
COONE, Jef (1934, † 11.11.2002, Nederland)
NORET, Jean (1909, † 11.11.1990, Frankrijk)
PAVESI, Eberardo (1883, † 11.11.1974, ItaliŽ)
SOLARO, Bart (1939, † 11.11.2015, Nederland)
Door Fred van Slogteren, 11 november 2018 0:00

DWDD

Zodra in Tour en Giro
de fietspaden zijn gekleurd,
gebeurt wat er altijd gebeurd,
dan verschijnen de auteurs
in beeld, die als acteurs
hun gepachte wijsheid
met ons komen delen.

En juist dat gaat vervelen,
maar ja, er is geen groter eer,
om gezeten naast meneer,
jouw verhaal pontificaal
met het volk te delen.

‘Die Wielerauteurs Draven Door’,
is wat ik de volgende dag bij
bakker en slager hoor.

© Nol van ‘t Wiel
... Lees meer
Door Nol van 't Wiel, 10 november 2018 12:00

Hij is het neefje van Jean, de nestor van de Nederlandse wielerjournalistiek. Als De Neel in zijn TV-verslag zijn naam moest uitspreken dan probeerde hij dat altijd zo neutraal mogelijk te doen. Maar dat lukte hem niet, want hij had als wielrenner het voorbeeld willen zijn voor dat kleine eigenwijze opdondertje.

Sinds de dag dat hij als broekventje voor een dubbeltje een rondje mocht rijden op de racefiets van Jan Nolten, had Jean een groot coureur willen worden. Dat is niet uitgekomen, maar neef Danny is in 1999 toch nog in zijn voetsporen getreden, zij het als verslaggever van wielerwedstrijden bij Eurosport.

De wielercarrière van Danny Nelissen lijkt nog het meest op een bergetappe met hoge pieken en diepe dalen. De hoogste piek was het wereldkampioenschap op de weg bij de amateurs in 1995 en het diepste dal zijn ontslag bij TVM nadat hij last had gekregen van hartritmestoornissen.

Het was loos alarm en de Limburgse klasbak kreeg bij een second opinion te horen dat hij kerngezond was. De klachten waren het gevolg van stress en uitputting door het loodzware programma dat hij dat jaar had moeten rijden. De ploegleiding van TVM was er niet van onder de indruk en Danny restte slechts een terugkeer naar de amateurstatus.

Hij vond onderdak bij de gastrennersvereniging Dextro Volendam van Leo van Etten en hij stelde zich zelf drie doelen: Olympia's Tour, het NK en het WK. Nadat hij Olympia's Tour had gewonnen en nationaal kampioen was geworden bereidde hij zich supergemotiveerd voor op het wereldkampioenschap in Columbia, waar de hele Nederlandse wielerwereld als een berg tegenop zag omdat het daar zo gevaarlijk zou zijn.

Toen Danny er aankwam schrok hij zich te pletter. De zwaarte van het parcours overtrof de meest verschrikkelijke voorspellingen. Hij ging toch op het pittige rondje trainen en elke dag ging het ietsje beter. Op de dag zelf, zaterdag 7 oktober 1995, had het eigenzinnige talent een superdag.

Tegen zijn ploegmaten zei hij: "Jongens ik verdubbel uit eigen zak de premie van de KNWU als jullie allemaal voor mij rijden. Dat betekent onder meer direct je wiel afstaan als ik lek rijd." Hij had het hele strijdplan klaar. Na twee ronden zou hij demarreren en de hele wedstrijd op kop blijven.

Al in de eerste ronde reed hij lek en hij werd door een ploegmaat in het peloton teruggebracht. Hij stoomde direct door naar de kop van het peloton om nog net aan te kunnen pikken bij een groepje dat er vandoor ging. Hij had rustig bij die kopgroep kunnen blijven, want in de sprint had hij van niemand iets te vrezen. Hij wilde echter een paar mensen in Nederland laten zien wie Danny Nelissen is.

Hij demarreerde in een afdaling en hij ramde omlaag op de grootste versnelling. Niemand kon hem volgen. Hij voelde zijn benen niet en op stukken waar iedereen op de zestien reed, reed hij op de twaalf. Het was ongelooflijk wat hij die dag kon.

In zijn gedachten had hij de wedstrijd al honderd keer gereden. Er kon niks misgaan. Hij werd wereldkampioen en de laatste uit de geschiedenis van de UCI, want het jaar daarna werd de indeling met beroepsrenners onder en boven de drieëntwintig jaar van kracht.

Toch was er wel iets misgegaan want de volgende dag was Danny ziek. Hij was van start gegaan met een slijmbeursontsteking in de linkerknie. Geen nood, spuit erin. Maar hij forceerde tijdens de koers en hij reed de kwetsbare knie voorgoed kapot. Maar dat wist hij toen nog niet.

Hij werd weer beroepsrenner en direct ingelijfd bij de net opgerichte Rabobank-ploeg van Jan Raas en Theo de Rooij. Hij kreeg daar niet de tijd om de knie te laten herstellen en zijn hele seizoen was naar de knoppen. Via een sterke Ronde van Zwitserland dwong hij in 1997 op het laatste moment een plaatsje af in de Tourploeg.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 10 november 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
ALBERTS, Jos (1961, Nederland)
BRUESSING, Jules (1949, Nederland)
CERUTI, Roberto (1953, ItaliŽ)
DíANIELLO, Antonio (1979, ItaliŽ)
DEHAES, Kenny (1984, BelgiŽ)
ELDEREN, Toon van (1929, Nederland)
FOGNINI, Fausto (1985, ItaliŽ)
GANDINI, Simona (1988, ItaliŽ)
HUPOND, Thierry (1984, Frankrijk)
KERSTEN, Jaap (1934, Nederland)
LEMBO, Eddy (1980, Frankrijk)
MAERTENS, Marc (1959, BelgiŽ)
MINALI, Nicola (1969, ItaliŽ)
NEKKER LACOTA, Mie (1988, Denemarken)
NOVIKOV, Nikita (1989, Rusland)
PINTARELLI, Daniela (1983, Oostenrijk)
PROTIN, Robert (1872, † 04.11.1953, BelgiŽ)
RAYNAUD, Andrť (1904, † 20.03.1937, Frankrijk)
SARTASSOV, Andrej (1975, BraziliŽ)
TEKLEHAIMANOT GIRMAZION, Daniel (1988, Eritrea)
TXURRUKA ANSOLA, Amets (1982, Spanje)
VANHEULE, Bart (1983, BelgiŽ)
WAGTMANS, Wout (1929, † 16.08.1994, Nederland)
ZOONS, Jan (1946, Nederland)
KOPECKY, Lotte (1995, BelgiŽ)
DOOL, Jens van den (1998, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
AESCHLIMANN, Georges (1920, † 10.11.2010, Zwitserland)
GROEN, Bennie (1945, † 10.11.2015, Nederland)
ZIEGE, Otto (1926, † 10.11.2014, Duitsland)
Door Fred van Slogteren, 10 november 2018 0:00

Jean-Baptiste Louvet (let op de afbeelding van een wolf - loup in het Frans - in het logo) begon na een kortstondige carrière als baanrenner in 1903 een fietsenfabriek. Hij maakte, revolutionair voor zijn tijd, autogeen gelaste lugloze frames.

Wie de naam Cycles J B Louvet googelt, vindt een reeks prachtige posters. Louvet had kennelijk een goed gevoel voor marketing, want al vrij snel verkocht hij vijfhonderd fietsen per dag.

In 1922 begon hij een eigen wielerploeg. Verder was hij bezeten van het idee het werelduurrecord met motorgangmaking binnen te halen. Denk daar niet lichtvaardig over, want een uur lang met meer dan 100 kilometer per uur achter een motor over een betonnen baan denderen is geen sinecure.

Het was zelfs levensgevaarlijk want de kans op een valpartij was groot. Afgezien van de fysieke prestatie waren de motoren van die tijd nog lang niet zo betrouwbaar, waardoor veel pogingen mislukten omdat onderweg de motor haperde of uitviel.

Als dat niet het geval was, dan was er wel een lekke band of een gebroken ketting die roet in het eten kon gooien. Er waren om die reden maar weinig renners die trek hadden in zo’n recordpoging, maar er waren er ook die niet van ophouden wisten.

Zoals de Fransman Jean Brunier en de Belg Léon Vanderstuyft, die het om en om probeerden. Vanderstuyft trok uiteindelijk aan het langste eind, met het ongelooflijke record van 125 kilometer en 815 meter in één uur, gereden op 29 september 1928 op de baan van Montlhéry ten zuiden van Parijs.

Van die recordpoging is door een Franse spoorwegmaatschappij nevenstaande affiche gemaakt, maar wonderlijk genoeg komt de naam van Louvet, de constructeur van de recordfiets, er niet op voor.

Waarschijnlijk om die reden heeft Louvet er zelf een affiche van laten maken die ook als advertentie dienst deed. Net als Dunlop trouwens die de banden had geleverd. Ik schreef het hierboven al Jean-Baptiste had een goed gevoel voor marketing.

De fietsenfabriek J.B. Louvet is in 1936 verkocht aan Dilecta, het bedrijf dat omstreeks die tijd van de organisatie van de Tour de France jaarlijks opdracht kreeg om voor elke deelnemer aan de Tour een geel gespoten fiets op maat te maken, zonder stuur en zadel.
... Lees meer
Door Otto Beaujon, 9 november 2018 12:00

Ik moet voor vandaag mijn toevlucht weer eens zoeken bij de heiligenkalender, want er is vandaag geen renner jarig waar ik genoeg van weet voor een stukkie. Op die kalender heb ik meestal keus te over en zo kwam ik bij Theodorus Tiro uit, een Romeinse soldaat die de christelijke leer aanhing.

Dat werd bij de Romeinen niet getolereerd en de legerleiders eisten van Theodorus dat hij de Romeinse goden moest eren, maar dat weigerde hij. Dat moest hij in 306 na Christus met de dood bekopen, na afschuwelijke martelingen te hebben ondergaan. Sinds zijn heiligverklaring is Theodorus Tiro de patroon de beschermheilige van de soldaten.

Een soldaat kun je Theo Verschueren, geboren op 27 januari 1943 niet noemen, wel dat hij ooit als een soldaat is gedrild door Hitler himself. ‘Hitler’ was de bijnaam van Cesar Bogaert, een profrenner van voor de Tweede Wereldoorlog. D’n Cesaar was er een van Sint Janssteen op Zeeuws Vlaanderen, het dorp waar Theo Verschueren het levenslicht zag en opgroeide.

Bogaert was keihard voor de jonge Theo en de in Nederland geboren Belg was op weg een goed wegrenner te worden tot hij op de training, verblind door zonlicht, onder een vrachtwagen schoof, waar hij allerlei lichamelijk leed aan overhield. Een carrière als wegrenner kon hij vergeten en zo ging Theo naar d’n piest.

Hij werd een goede zesdaagsenrenner en was twee keer wereldkampioen stayeren, maar in Nederland herinneren we ons Theo toch vooral vanwege de adembenemende duels die hij achter de derny uitvocht met Peter Post. Post was in zijn gloriejaren achter dat brommertje niet te kloppen en de enige renner die enigszins bij hem in de buurt kon blijven was Theo.

Toen in het Sportpaleis van Antwerpen in 1970 het Europees kampioenschap achter derny’s weer eens op het programma stond, ging Theo er niet vanuit dat hij ook maar enige kans zou maken. Post zou wel weer winnen, was zijn verwachting en die van de pers en het publiek.

Niet wetend dat De Keizer diep gebukt ging onder een zeer pijnlijke zitvlakblessure. Het was onverantwoord om er mee te rijden, maar Peter spotte wel vaker met zijn gezondheid waarbij hij er steeds zorgvuldig voor waakte dat ook maar iemand iets zou merken van zijn lijden.

Op de avond van 27 januari hoopte Verschueren wel zijn 27ste verjaardag luister bij te zetten met het kampioenschap, maar er echt in geloven deed hij niet. Tot een uur voor de wedstrijd plotseling Piet Libregts, de verzorger van Post zijn cabine binnenstapte met het verzoek het wat kalm aan te doen.

Hij hoorde dat zijn grote opponent op dat moment in zijn cabine lag te kronkelen van de pijn, en absoluut niet in staat zou zijn om hem partij te geven. Het verzoek was dan ook niet om Post te laten winnen, maar hem niet te vernederen door hem op vele ronden te rijden.

Verschueren dacht aan de vele keren dat Post hem vernederd had en weigerde ook maar enige clementie te hebben. Hij zag het al voor zich, Europees kampioen worden en dan door zijn vele supporters in het sportpaleis op zijn verjaardag rondgehost te worden. “Nee Piet, zeg maar tegen Peter dat hij op geen medelijden hoeft te rekenen.”

Terug in de cabine bij Post bracht Libregts de woorden van Theo over aan de gekwelde keizer. Hij adviseerde hem zelfs de handdoek in de ring te gooien en niet te starten. Maar met dat advies was hij bij Post aan het verkeerde adres.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 9 november 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BURG, Germ van der (1977, Nederland)
GALDOS ALONSO, Aitor (1979, Spanje)
GALVIN, David (1981, Verenigde Staten)
HORRING, Lars (1987, Nederland)
MILNE, Shawn (1981, Verenigde Staten)
ORDOWSKI, Volker (1973, Duitsland)
PARRA CELADA, John Fredy (1974, Colombia)
PASSUELO, Giuseppe Walter (1951, ItaliŽ)
PLATERINGEN, Andrť van (1991, Nederland)
VERMEIREN, Pierre (1917, † 30.08.1986, BelgiŽ)
WIGBOLD, Juliette (1986, Nederland)
WREGHITT, Chris (1958, Groot BrittanniŽ)
VAN DEN BROECK, Nicole (1946, † 17.04.2017, BelgiŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
BUYSSE, Cyriel (1896, † 09.11.1994, BelgiŽ)
Door Fred van Slogteren, 9 november 2018 0:00

100 HOOGTEPUNTEN UIT DE RONDE VAN FRANKRIJK

door Hagen en Beate Boßdorf

Dit boek heb ik ergens in de jaren negentig in de ramsj in Rotterdam gekocht voor een paar gulden. Als de prijs tien gulden of meer was geweest dan had ik het waarschijnlijk laten liggen. Ik had er geen hoge verwachtingen van tot ik het thuis doorbladerde en geboeid de fraaie foto’s zag die ik voor het merendeel nooit eerder had gezien.

Zoals een afbeelding van de rondemiss anno 1910, die Octave Lapize met een flinke pakkerd feliciteert met zijn Touroverwinning (foto 2).

Dat komt waarschijnlijk omdat het echtpaar Boßdorf dat dit boek heeft gemaakt geheel vanuit een Duits oogpunt naar de Tour de France heeft gekeken.

De verhalen komen uit Duitse archieven en ook de foto’s komen daar vandaan. De in de titel genoemde hoogtepunten gaan bijvoorbeeld over Kurt Stöpel, de Berlijner in het geel (1932); Rudi Altig, de brutale debutant (1962) en Karl-Heinz Kunde, de gele bergvlo (1966).

Er komen niet alleen Duitsers aan bod, want ook aan onder meer Francesco Cepeda, de dodelijke afdaling (1935); Abdelkader Zaaf, de verdwaalde wijndrinker (1950) en Greg LeMond, an American in Paris (1986) zijn korte hoofdstukken gewijd.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 8 november 2018 12:00

Zijn naam klinkt erg Frans, maar Prosper Depredomme (foto 1) was een echte Vlaming. Hij werd in Frankrijk geboren, maar nadat de familie in het vaderland was teruggekeerd vestigden ze zich in Brussel. In Bruxelles dus, de Vlaamse hoofdstad van België waar ze tot ergernis van alle Vlamingen bij voorkeur Frans spreken. Maar ook de stad waar je met zo'n naam goede sier kunt maken.

Ondanks dat hij in de jaren direct na de Tweede Wereldoorlog tot de beste Belgische coureurs behoorde, is Depredomme niet in de herinnering gebleven. Hij won twee keer Luik-Bastenaken-Luik en dan kun je wel wat, lijkt me. Zijn bijnaam was Yop-la-Boum en dat klinkt even vrolijk als raadselachtig.

Het is de titel van een hit van Maurice Chevalier uit 1935 en na de oorlog gebruikt in een reclamespot voor een chocoladekoekje, waarin een beertje optrad die Prosper Yoplaboum heet. Maar dat maakt de man die vandaag 98 zou zijn geworden als hij nog had geleefd, niet bekender. Daarom de wielerliteratuur maar eens geraadpleegd.

Ik kom Prosper tegen in het boekje ‘Van onze reporter ter plaatse’ van Jan Cornand. Die beschrijft de Ronde van Luxemburg van 1947, waarin hij mag meerijden met de ploegleider van de Belgische ploeg, de bekende oud-renner Jean Van Buggenhout (foto 2).

Hij verhaalt dat eerst Depredomme achterop raakt door pech en even later Briek Schotte (foto 3). Schotte de kopman, die die ronde het jaar daarvoor had gewonnen, beveelt de ploegleider bij hem te blijven tot hij de groep weer heeft bereikt.

Van Buggenhout, de latere matchmaker van het sportpaleis in Brussel, kan dat niet omdat de bevoorrading nakende is en hij haast moest maken om tijdig de etenszakken voor zijn renners in ontvangst te nemen. Hij bedenkt een oplossing.

Als hij ervoor kan zorgen dat Depredomme bij Schotte komt dan kunnen de twee samen de achterstand goedmaken en kan hij naar de ravitaillering.
... Lees meer


Door Fred van Slogteren, 8 november 2018 9:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 ... 1165 1166 1167 Volgende »