Bergwerff ad ad ad

Slogblog


Theo Buiting, telg uit het voorname Portugees-joodse bankiersgeslacht De Mattos kan er uren over vertellen en nog veel meer over schrijven. Over de jongens van Siebeldezwiebel, zoals hij het Noord-Limburgse dorp Siebengewald noemt.

Door die jongens werd in de jaren vijftig wielergeschiedenis geschreven. Het waren er maar twee, best veul voor zo’n kleine gemeenschap die uiterst goed met de racefiets overweg konden en hun dorp op de kaart zetten.

De ene heette Jaap Kersten en die was jarenlang een trouwe meesterknecht in de Nederlandse Tourploegen van na de periode Pellenaars. De ander heette Willy Gramser, de jarige van vandaag, en zijn naam werd in het amateurpeloton van die tijd met eerbied en een zekere beduchtheid uitgesproken.

Willy Gramser was een van de snelste renners van zijn tijd en bovendien een echt winnaarstype. Zijn eerste prestaties leverde hij in de zogeheten bevrijdingsrondjes die in de jaren na de oorlog overal werden georganiseerd.

De meeste jongens reden op een gewone fiets, want racemateriaal was duur en er was bovendien haast niet aan te komen. Maar prijzen en premies waren er wel en de jonge Willy zorgde er met zijn sprintvermogen voor dat hij altijd rijkelijk in de buit deelde.

Hij had talent en dat zag familielid Jacques Gramser, oud-beroepsrenner en later rijwielhandelaar te Nijmegen met genoegen aan. Jacques of Kobus was voor de oorlog redelijk succesvol geweest achter de motor.

Ome Kobus zorgde ervoor dat Willy niet alleen een echte racefiets kreeg, maar ook dat hij lid werd van een heuse wielervereniging, waar ze aan zijn talent begonnen te schaven en hem koersen leerden.

Met zijn indrukwekkende eindschot reeg hij bij de nieuwelingen en de amateurs de zeges aaneen. Hij kon echter meer dan sprinten en solo won hij de Ronde van Limburg, destijds de meest prestigieuze van alle Nederlandse amateurklassiekers.

Ook internationaal stond hij zijn mannetje en in 1954 won hij de Flèche du Sud, een loodzware etappekoers in Luxemburg. In 1958 werd Willy Gramser beroepsrenner en de verwachtingen waren in Siebengewald hoog gespannen.

Plaatsgenoot Jaap Kersten was al doorgedrongen tot de Nederlandse Tourploeg en nu Willy nog. Die begon bij de profs met het winnen van de B-versie van de Ronde van Vlaanderen en hij kreeg een invitatie voor de Ronde van Spanje. Hij bleek echter niet de mentaliteit te hebben om een goede beroepsrenner te worden.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 21 mei 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BAARLE, Dylan van (1992, Nederland)
BUFFAZ, MichaŽl (1979, Frankrijk)
CAVENDISH, Mark (1985, Groot BrittanniŽ)
DEES, Tim (1988, Nederland)
DINGEMANS, Jeroen (1986, BelgiŽ)
GHIDINI, Gianni (1930, † 20.06.1995, ItaliŽ)
GRIFT, Evert (1922, † 27.03.2009, Nederland)
KOOT, Hans (1951, Nederland)
LASA URQUIA, Josť Manuel (1940, Spanje)
MOLINERIS, Pierre (1920, † 07.02.2009, Frankrijk)
MULDER, Nick (1990, Nederland)
REINERINK, Rik (1973, Nederland)
SOISSONS, Jefferson (1984, BelgiŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
PHAKADZE, Omari (1944, † 21.05.1993, GeorgiŽ)
Door Fred van Slogteren, 21 mei 2018 0:00

Ik neem aan dat iedere wielerliefhebber gisteren genoten heeft van het gevecht op het geitenpad, zoals die verschrikkelijk Zoncolan vroeger genoemd werd toen er alleen geitenhoeders met hun kudde naar boven klauterden.

De dieren konden zich daar tegoed doen aan het malse gras waar nu duizenden belangstellenden waren neergestreken om niets te missen van de heldendaden van Fabio Aru. Ze moesten het doen met die van Domenico Pozzovivo, wiens naam veel te lang is voor een spandoek en daarom veel minder populair.

Het werd een fantastisch gevecht om de dagzege tussen de uit zijn as herrezen Chris Froome en de op dit moment grootste kanshebber op de eindzege: Simon Yates. Twee Britten op de huwelijksdag van Harry en Meghan. God save British cycling!

Maar het echte gevecht speelde zich af tussen Yates en Tom Dumoulin, een duel dat eindigde in een overwinning voor Yates, maar de Brit was duidelijk teleurgesteld omdat het verschil maar 31 seconden was. Met de bonificatie van vijf tellen mee is hij dus 36 seconden uitgelopen op zijn grootste concurrent.

Of dat genoeg is, is nog met geen mogelijkheid te voorspellen. Er komen nog vier etappes waarin Yates als betere klimmer tijd kan pakken op de winnaar van vorig jaar. Vandaag en dan donderdag, vrijdag en zaterdag. Vooral de rit van vrijdag met de Sestrière is loodzwaar.

Ik geloof dat we op Tom mogen vertrouwen dat hij niet al te veel tijd meer hoeft te verliezen. Zoals hij gisteren de schade beperkt hield en vooral het man-tegen-man-gevecht afgelopen woensdag in de slotkilometer waar Tom maar twee secondjes hoefde prijs te geven, rechtvaardigen dat vertrouwen (foto 1).

Zijn dag komt aanstaande dinsdag als hij in 34,5 kilometer zijn tweede zege in de Giro zal moeten afdwingen. Nagenoeg vlakke kilometers waarin hij Yates op achterstand moet zetten. Yates vreest de Nederlander die al op de eerste dag in Israël liet zien als wereldkampioen de beste tijdrijder van dit moment te zijn (foto 2).

Ze hebben elkaar in een grote ronde in deze discipline nog nauwelijks ontmoet, maar dat Yates geen hoogvlieger is in deze specialiteit is bekend. Maar een leiderstrui kan een renner vleugels geven, zo is al zo vaak bewezen. Maar Tom mag die dag zijn regenboogtrui dragen en dat zal ook motiveren om een topprestatie neer te zetten.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 20 mei 2018 12:00

Op zondag 26 november 2006, de dag is net een half uur oud, steeg er een kreet van ontzetting op van de tribunes van het intieme Gentse sportpaleis ‘Kuipke. De jacht in de zesdaagse was in volle gang en de kenners keken ademloos toe.

Een enkeling vroeg zich wellicht af hoe dat almaar goed kon gaan. Al die krioelende renners op dat kleine houten baantje van maar 160 meter lengte die alle risico’s namen voor een ronde voorsprong of het behalen van punten, zo belangrijk voor de eindzege.

Op de tribune zitten veel supporters van de Dimitri De Fauw een van de specialisten, die gekoppeld aan de zwakke Zwitser Alexander Aeschbach, niet voor de hoofdprijzen kan strijden. Dat doen wel de Spanjaarden Galvez-Llaneras als een van de topcombinaties strijdend voor de overwinning met het koppel Keisse-Gilmore.

Het is half een in de nacht als De Fauw zijn partner voor de zoveelste keer in de jacht slingert en licht omhoog stuurt om boven in de baan even op adem te komen tot hij weer moet. Hij heeft met zijn routine ogen in voor- en achterhoofd, maar ziet dit keer Isaac Galvez niet komen die snelheid maakt om de felle jacht van zijn partner over te nemen.

De sturen raken elkaar en de kleine Spanjaard wordt van zijn fiets gekatapulteerd en beland met zijn kin en borst op de balustrade die de wielerbaan van de tribunes scheidt. De Nederlander Aart Vierhouten, ziet het van dichtbij gebeuren en schat dat Galvez zo’n twintig meter over de balustrade schuift om dan met een doffe dreun op het hout van de baan te vallen.

In het rumoerige sportpaleis, tot de nok gevuld, wordt het ineens doodstil, want iedereen lijkt te begrijpen dat dit een zaak van leven en dood is. Een aanwezige arts begint direct met reanimeren en op de volgepakte tribunes worden zijn bewegingen met spanning gevolgd.

De renners op de baan fietsen stapvoets door. Juan Llaneras, de koppelgenoot van het slachtoffer is afgestapt om te zien hoe de arts wanhopig het hart weer op gang probeert te pompen. Westrijdleider Sercu ziet lijkbleek en last gelijk de zesdaagse af. De stand van dat moment is de eindstand.

Op weg naar het ziekenhuis overlijdt Isaac Galvez, de kleine Spanjaard die drie werken daarvoor in het huwelijk is getreden. Doodsoorzaak: door de enorme klap zijn de inwendige organen ernstig beschadigd en is het hart geperforeerd.

Alle toekomstplannen die hij met zijn bruid had gemaakt zijn ineens verleden tijd. De renner die in de eerste plaats wegrenner is in de sterke formatie Caisse d’Epargne maar op de baan goed uit de voeten kan is op 26-jarige leeftijd op dramatische wijze om het leven gekomen. Arme Isaac.

Maar er is nog een slachtoffer. Dimitri De Fauw, die het ongeluk onbedoeld heeft veroorzaakt, is ontroostbaar. Hij is in shock en roept dat hij een moordenaar is. Hij is niet tot bedaren te brengen en ook hij wordt in een ambulance naar het ziekenhuis gebracht. Hij krijgt daar een kalmerende injectie en wordt in een aparte kamer gelegd.

De gordijnen om zijn bed zijn gesloten, maar de deur van zijn kamer staat echter open. Hij hoort twee artsen op de gang met elkaar praten. Over Isaac Galvez en hij hoort dat zijn Spaanse collega zojuist aan zijn verwondingen is bezweken. Vanaf die avond gaat het ook mis met Tarzan, de bijnaam van de renner van Quick-Step vanwege zijn gespierde gestalte.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 20 mei 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
DAKTERIS, Janis (1991, Letland)
HULST, Marco van der (1963, Nederland)
JAUNATRE, Marina (1982, Frankrijk)
KAVSEK, Rik (1985, Nederland)
KUYCKX, Jan (1979, BelgiŽ)
PARRAVICINI, Mattia (1982, ItaliŽ)
PEETERS, Willem (1953, BelgiŽ)
SMITH, Raynold (1985, Zuid-Afrika)
SUAREZ VASQUEZ, Antonio (1932, † 06.01.1981, Spanje)

of ons op deze datum ontvielen:
Door Fred van Slogteren, 20 mei 2018 0:00

Spaans benauwd

Er is veel over gesproken,
veel over geschreven,
misschien overdreven,
maar de man is gebroken,

hij komt geen berg meer op,
fietst ver van achter
en niemand wacht er,
‘t blijft maar malen in z’n kop.

Is ‘t dan toch de salbutamol,
of ‘n heuse burn-out,
hij, jarenlang succesvol

heeft ’t nu Spaans benauwd.
Mijn beste Knikkebol,
wat gaat er toch allemaal fout.

© Nol van ‘t Wiel
... Lees meer
Door Nol van 't Wiel, 19 mei 2018 12:00

Vandaag is Jan Janssen jarig. Er is deze zomer extra veel aandacht voor de eerste Nederlandse Tourwinnaar omdat het vijftig jaar geleden is dat hij de Tour de France won en dat gaat niet onopgemerkt voorbij.

Vijftig jaar is lang geleden en dat hele generaties toen nog niet geboren waren of nog in de luiers liepen, merkte ik van de week toen ik als zijn biograaf aan een redactielid van een tv-programma moest uitleggen wie Jan Janssen was.

Het kwam bij haar binnen zoals ik destijds op de lagere school de feiten van de 80-jarige oorlog te horen kreeg. Willem van Oranje alias Jan Janssen, Philips de Tweede alias Herman Vanspringel en de Hertog van Alva alias Ferdinand Bracke.

Je kunt het niemand kwalijk nemen er niet bij te zijn geweest, maar het is wel eens moeilijk uitleggen, hoe groot die prestatie van Jan destijds is geweest. Ik durf zelfs te beweren dat het misschien wel de meest indrukwekkende Tourzege van de laatste vijftig jaar is geweest.

Geen winnaar had in die periode zo weinig steun. Alle andere winnaars beschikten over een sterke ploeg, al moet ik misschien een uitzondering maken voor Greg LeMond in 1989, maar die was nog heel wat groter dan waar Jan over kon beschikken.

De veelwinnaars Anquetil, Merckx, Hinault, Indurain, Armstrong en Froome beschikten steeds over de sterkste ploeg in de wedstrijd en Joop Zoetemelk had in 1980 de steun van de op dat moment sterkste ploeg (TI-Raleigh) ter wereld.

Dat had Jan Janssen in 1968 bij lange na niet. Zijn ploeg was in de Tour, met die bedroevend ingelaste landenformule, misschien wel de zwakste van het hele deelnemersveld. Met tien renners afkomstig uit zeven verschillende commerciële ploegen. De eenheid was dan ook ver te zoeken.

Op dag 1 moest de eerste al naar huis, op dag 4 de tweede. Op dag 10 ging nummer drie en een dag later volgden er drie tegelijk. Toen waren er nog maar vier over en geloofde niemand meer in de zegekansen van Jan Janssen.

Behalve Jan zelf al liep hij daar niet mee te koop. Hij wist precies wat hem te doen stond. Het scenario zat in zijn kop, ook al strooide hij iedereen zand in de ogen door aan wie het maar horen wilde te vertellen dat hij zich verder zou richten op het winnen van etappes.

Hij voerde zijn plan dan ook met grote precisie uit, wist dat hij in de laatste bergetappe niet meer dan een paar seconden op Vanspringel mocht verliezen en ging daarbij zo ver dat hij vier seconden na de Belg op de top van de Cordon over de streep kwam en direct bewusteloos van zijn fiets viel.

Hij was zo diep gegaan dat ploeggenoot Arie den Hartog maar één conclusie had: “Vier plankies, meer heb-ie niet nodig. En een bloemetje erop.” Maar de volgende ochtend zag hij Janssen fluitend naar de ontbijtzaal lopen, in de wetenschap dat hij alleen nog maar de tijdrit hoefde te winnen. Mind you, Jan had nog nooit een tijdrit gewonnen of zelfs tegen het horloge bij een zege in de buurt geweest.

Volgens Den Hartog konden alle grote mannen van zijn tijd afzien als een beest, maar tussen hun afzien en dat van Janssen zit een wereld van verschil. Bereid zijn om tot over de grens van de uitputting te gaan, kan maar een enkeling. Hij kende er in zijn tijd behalve Janssen maar één en dat was Tom Simpson. De Brit die het met de dood moest bekopen.
... Lees meer


Door Fred van Slogteren, 19 mei 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BECKER, Charlotte (1983, Duitsland)
DE MARCHI, Alessandro (1986, ItaliŽ)
FAIERS, Thomas (1987, Groot BrittanniŽ)
MURRO, Christian (1978, ItaliŽ)
NOLTEN, Bram (1991, Nederland)
SCHREURS, Geerike (1989, Nederland)
TOMEI, Francesco (1985, ItaliŽ)
VANTORNOUT, Klaas (1982, BelgiŽ)
YPENBURG, Renger (1971, Nederland))

of ons op deze datum ontvielen:
BLATTMANN, Albert (1904, † 19.05.1967, Zwitserland)
Door Fred van Slogteren, 19 mei 2018 0:00

Het Verenigd Koninkrijk staat in deze dagen weer volop in de belangstelling vanwege het huwelijk van Prins Harry met de mooie Meghan. Voor de Britten een gelegenheid om de Brexit en andere zorgen even te vergeten, omdat ze niets willen missen van de pracht en praal die met zo´n gebeurtenis gepaard gaat.

Er zullen ook wel weer enkele hoogwaardigheidsbekleders verschijnen die een sjerp dragen als uiterlijk teken van hun ridderschap in de orde van de kousenband. Het zijn er niet veel, maar de oma en opa, alsmede de  vader van de bruidegom kroonprins Charles en zijn broer William zullen hem zeker dragen, maar niet zoals dat vroeger gebruikelijk was.

De Orde van de Kousenband is een wat frivole benaming en het bijbehorende ereteken werd bij officiële gelegenheden dan ook niet op de borst gedragen, maar om het been, waar een kousenband behoort te zitten. Om het dragen geloofwaardig te maken werd er tot enkele tientallen jaren geleden een kuitbroek bij gedragen alsook de verdere kostumering uit de tijd waar deze orde uit stamt.

Maar dat is niet meer en de kousenband is niet meer te zien. Het is een kleinood met daarop de tekst: Honi soit qui mal y pense. Naar een uitspraak van koning Edward III, die ongeveer 670 jaar geleden tijdens een hofbal, dansend met de gravin van Salisbury, spontaan op de knieën ging om haar afgezakte kousenband even boven de knie en dus onder de hoepelrok om haar dijbeen te gespen.

De hovelingen er omheen gniffelden en de koning werd fluisterend een geile snoodaard genoemd. His Majesty ving daar van onder die rok iets van op, maar in plaats van in woede te ontsteken sprak hij de bovengenoemde zin, die zoveel betekent als: ‘Schande voor hem die er iets kwaads achter zoekt’.

Waarom hij dat in het Frans deed en niet in zijn moerstaal komt omdat in de hogere kringen van toen bij voorkeur Frans werd gesproken als uiting van beschaving en voornaamheid. De kousenband is bovenaan gedrapeerd rond het wapen in de Coat of Arms te zien, een schild dat uitsluitend hofleveranciers, in dit geval Humber, mogen voeren.

Het Frans is in Britse hofkringen al lang geen voertaal meer en het Engels, waar men zich destijds wellicht voor schaamde, is het belangrijkste communicatiemiddel in de wereld geworden. Zelfs in de Tour de France. De Engelssprekenden in het peloton en dat worden er steeds meer, hebben daarnaast ook nog een taaltje tot hun beschikking, waarvan de woorden in geen enkel woordenboek voorkomen. Bradley Wiggins gaf hier eens een mooi voorbeeld van toen hem tijdens een persconferentie werd gevraagd of hij soms doping gebruikt.
... Lees meer
Door Otto Beaujon, 18 mei 2018 12:00

Hoe zou de carrière van de toen 21-jarige Jac van Meer zijn verlopen als hij eind 1979 het contract had getekend dat Peter Post hem namens TI-Raleigh voorlegde? We zullen het nooit weten, maar de kans van slagen was zeker groter geweest dan de weg die hij daarna noodgedwongen in het profmilieu moest afleggen.

Hij was toen een topamateur die naar bondscoach Rini Wagtmans luisterde die hem graag nog een jaartje bij zijn amateurselectie wilde houden met het oog op de Olympische Spelen in Moskou. Dat moet je als sportman een keer hebben meegemaakt dacht Jakske. Hij won in het voorjaar de Omloop der Kempen en de Ronde van Limburg en werd Nederlands kampioen bij de amateurs.

Maar in Moskou kwam hij er in de Olympische wegwedstrijd niet aan te pas, vanwege de aanwezigheid van een stel opgevoerde brommers, zoals de bondscoach de uit het Oostblok stammende staatsamateurs noemde. De Nederlanders hadden geen schijn van kans, maar Jac had dat seizoen wel zijn marktwaarde opgevoerd. Dat zou Peter Post niet ontgaan zijn.

Jac rekende er dan ook een beetje op dat hij wel weer een aanbieding zou krijgen om bij TI-Raleigh prof te worden, maar dat viel tegen. De grote ploegbaas hield er niet van om een negatief antwoord te krijgen. Jaren later bij de begrafenis van Gerrie Knetemann werd er nog even gepraat. Toen zei Post, jammer dat het zo gelopen is, je was best wel een goede renner. Wat koop ik daarvoor?

De kleine renner uit Pindorp, zoals zijn geboorteplaats De Wouwse Plantage tot 1958 (zijn geboortejaar) heette was teleurgesteld, maar kon na zijn zinnen te hebben gezet op een verbintenis met de Belgisch/Nederlandse ploeg DAF Trucks alleen nog maar bij HB Alarm tekenen, een kleine ploeg waar sponsor Rody Hoogenboom zich, zonder verstand van zaken, nadrukkelijk met het technische beleid bemoeide.

Nadat hij zijn renners had verweten dat ze het in de Amstel Gold Race tegen de top van de wereld hadden laten afweten, omdat niemand van de ploeg het podium had gehaald of een rol van betekenis gespeeld voor de eindzege, liet Jac zijn teleurstelling over zoveel onbenul de vrije loop.

Er stond een journalist in de buurt die het verhaal direct publiceerde en de volgende dag werd de opvliegende dreumes, zoals een journalist hem eens omschreef, per aangetekend schrijven op non-actief gezet. Hij zat de rest van het jaar thuis.

Een jaar later reed hij voor De Gribaldy, de Franse burggraaf die jarenlang met zijn ploegen het afvoerputje was voor ontslagen profs bij andere ploegen. Hij werd er tussen allemaal Fransen niet geaccepteerd, terwijl die wel de Ier Sean Kelly accepteerden en zelfs aanbaden.

Terecht, want die verdiende het geld voor de bescheiden Skil-ploeg. Kelly had zich het lot van Jac aangetrokken en De Gribaldy en de andere renners in het begin van de Tour van 1985 voor de keus gesteld, dat Jac een volwaardig lid van de ploeg moest zijn of dat de zonder hem en zijn Hollandse vriend verder moest.

Het Franse smaldeel, maakte de juiste keus en gingen na afloop van de Tour met een leuk bedrag naar huis omdat King Kelly twee etappes had gewonnen en het puntenklassement op zijn naam had geschreven. Zo doen vedettes dat.

Skil fuseerde aan het eind van het seizoen met Skala en er ontstond een formatie van meer dan dertig renners, met als consequentie dat Jac maar weinig startgelegenheid kreeg en dus nauwelijks kansen om zich te laten zien. Om niet uit de boot te vallen had hij zijn ontslag aangevochten en de rechter had hem gelijk gegeven.

Daar maak je geen vrienden meet en met geen uitslag achter zijn naam werd zijn contract niet verlengd en kon hij alleen nog bij ploegjes terecht om kermiskoersen te rijden. Daar voelde hij zich te goed voor en hij besloot te stoppen.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 18 mei 2018 9:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 ... 1108 1109 1110 Volgende »