Slogblog


Graeme OBREE (1965, Groot Brittannië)

In juli 1993 werd de wielerwereld verrast met het bericht dat de Schotse amateurrenner Graeme Obree het negen jaar oude werelduurrecord van Francesco Moser had verbeterd met maar liefst 445 meter. Het record ging met 51 kilometer en 596 meter in de boeken van de UCI. Dat was overigens niet het bijzondere, want records zijn er om verbeterd te worden. Behalve het feit dat die Obree volslagen onbekend was, werden we vooral verrast door de fiets waarop hij reed en zijn ongebruikelijke fietshouding. Om een optimale stroomlijn te bereiken lag hij met zijn schouders op zijn handen die uiteraard het stuur beet hielden. Zo reed Obree op een gigantisch verzet naar zijn record. Het moeilijkste was, zo zei hij na afloop, het verdragen van de pijn door de onnatuurlijke houding die hij een uur lang moest volhouden. De fiets was door hem zelf gemaakt met onderdelen van een oude wasmachine, zo kwam in het nieuws. Het bleek slechts om wat lagers te gaan, maar het was een mooi verhaal. Lang heeft Obree niet van zijn record genoten, want nog geen week later werd hij onttroond door zijn landgenoot Chris Boardman. De Schot liet direct weten dat hij revanche zou nemen. Hij pakte dat jaar eerst de wereldtitel achtervolging (Boardman derde) en op 27 april 1994 verbeterde hij wederom het record aller records en bracht het op 52 kilometer en 713 meter. Kort daarna maakte de UCI een eind aan de records op merkwaardige rijwielen en zo werd de tijd van Eddy Merckx uit 1972 weer als record aangehouden. Boardman verbeterde die tijd als eerste op een goedgekeurde fiets en Graeme Obree verdween in de vergetelheid. Nog één keer kwam hij in het nieuws toen hij lijdend aan manische depressiviteit vlak voor kerst 2001 een zelfmoordpoging ondernam, die niet slaagde.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Door Fred van Slogteren, 11 september 2006 0:00

Van mijn goede vriend Hans Prakke ontving ik het volgende mailtje over de GerrieKnetemannClassic, dat ik hierbij integraal weergeef:

‘Een prachtige dag. Prima organisatie! En een mooi rondje!”Dat was het korte en krachtige commentaar van Gre Knetemann, die terugkeek op de toertocht door Noord-Holland die als eerbetoon aan haar overleden echtgenoot dit jaar voor het eerst werd georganiseerd.

Steven Rooks en Miriam Langedijk hebben een huzarenstukje geleverd.Een perfecte organisatie en dito voorbereiding leidde tot veel positieve voorpubliciteit en tevreden deelnemers achteraf. Tussen de 1500 en 2000 deelnemers mocht het duo verwelkomen. Goed uitgepijlde routes leiden de toerrijders langs historische Kneetplekken in Noord Holland. Met Start en Finish bij Motel Akersloot kon worden gekozen voor een rondje van 100 dan wel 150 km. Verloting, Kika-beren en eigen GerrieKnetemannClassic wielerkleding en het boek De Kneetstory te koop. Deel van de opbrengst uiteraard in de stijl van de Kneet voor Kika, het fonds Kinderen Kankervrij waarvan Kneet bij zijn leven zo’n hartstochtelijk ambassadeur was.

Wordt vervolgd in 2007!'

Hans Prakke

Zelf meegedaan, Hans?

Door Fred van Slogteren, 10 september 2006 11:55

Ik dacht dat alles wel zo’n beetje gezegd en geschreven was over het dopinggeval Landis, maar in het Belgische blad Cyclo Sprint van deze maand staat een interview met de uroloog Jo Stragier. Hij herhaalt wat andere medici al meermalen hebben gezegd dat de wederopstanding van Landis na die enorme inzinking nooit het gevolg kan zijn van een extreme toediening van testosteron. ‘Testosteron werkt op termijn, heeft zijn tijd nodig. In sommige gevallen tien weken.’ Hij gaat verder met het opsommen van de vier voordelen van het middel. ‘Eerst en vooral doet het ...

Door Fred van Slogteren, 10 september 2006 11:44

Filippo POZZATO (1981, Italië)

De Tour zal wel nooit gewonnen worden door een renner in het shirt van QuickStep. Het is een wereldploeg, maar helemaal toegesneden op het winnen van klassiekers en etappes. Met Boonen en Bettini in de gelederen ben je bijna verzekerd van enkele klassieke overwinningen per jaar. En als die twee niet meedoen of hun dag niet hebben dan is daar Pippo. De koosnaam van Filippo Pozzato, winnaar van de HEW Cyclassics 2005 en Milaan-San Remo 2006. Een echt winnaarstype, want het Italiaanse bravouremannetje maakt het regelmatig waar. Een echt showbinkie is hij, die de campings in zijn land zou hebben afgestroopt op zoek naar blonde schoonheden uit Noord-Europa, als hij geen wielrenner was geworden. Na zijn amateurtijd speelvogelde hij twee jaar bij Mapei, om vervolgens door Marco Ferretti bij Fassa Bortolo tot coureur te worden gekneed. Vol discipline kwam hij daarna bij Patrick Lefevere terug om als beschermde renner voor de overwinningen te gaan, die Boonen en Bettini om de een of andere reden hadden laten liggen. Erg geliefd is hij overigens niet in het peloton, want hij kan bijzonder irritant zijn en soms heel oncollegiaal. Pippo is een verwend supertalent, die zelfs in zijn eigen ploeg niet erg geliefd is. Maar dat wordt hem allemaal graag vergeven als hij weer een grote zege binnenhaalt. Dus geen kwaad woord over Pippo. (Foto: © Philip van der Ploeg)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Door Fred van Slogteren, 10 september 2006 0:00

Rik VAN STEENBERGEN (1924, overleden 15.05.2003, België)

Een groot kampioen en een van de beste renners aller tijden. Zeker de veelzijdigste, want Rik I (dit ter onderscheid van Van Looy, die Rik II werd genoemd) reed jarenlang zomer en winter zijn programma. Hij was een van de beste zesdaagserenners ooit en als de laatste er in februari opzat, dan buitelde hij zonder onderbreking de voorjaarskoersen in. Dan ging hij op topniveau door tot en met de najaarsklassiekers, waarna hij in oktober weer vol ambitie aan de eerste zesdaagse begon. In dat overladen programma reed hij drie keer de Tour, vijf keer de Giro en een maal de Vuelta. Hij won acht klassiekers en hij werd drie keer wereldkampioen. Hij reed 134 zesdaagsen, waarvan hij er veertig won. Hoe hij dat al die jaren heeft volgehouden is een raadsel. Hij was in ieder geval beresterk en een fantastische atleet om te zien, met de good looks van een filmster. De voormalige beenhouwersgast was op zijn twintigste al getrouwd en op zijn 38e opa. Dat zorgde voor een unieke combinatie, want het is bij mijn weten verder nooit voorgekomen dat een zesdaagserenner een koppel vormde met zijn schoonzoon. Dat was de Deen Palle Lykke Jensen met wie hij drie winterseizoenen reed. Van Steenbergen was een medisch wonder. Vrijwel iedere renner heeft een vergroot hart met een gemiddelde capaciteit van zo’n 1200 kubieke centimeter, twee keer zo veel als een gewoon mens die niet aan sport doet. Rik had een capaciteit van 1.700 cm3 en dat had voor hem als consequentie dat hij na zijn carrière nog jarenlang heeft moeten aftrainen. Of hij dat ook heeft gedaan, weet ik niet, want hij kreeg andere bezigheden. Na jarenlang in een vast ritme te hebben gezeten wist hij met tijd geen raad en door verkeerde vrienden raakte hij in de criminaliteit. Hij zag gelukkig zijn dwalingen snel in en keerde terug als eerzaam burger. Ter gelegenheid van zijn 75e verjaardag werd in 1999 een grootse huldiging georganiseerd en zijn heldendaden werden nog eens dik in de verf gezet. Bijna vier jaar later verloor België een van zijn grootste wielerzonen.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Door Fred van Slogteren, 9 september 2006 0:00

© Otto Beaujon

“Aimé Dossche, geboren in 1902, was geen uitzonderlijke renner, maar hij fietste tussen ongeveer 1920 en 1930 toch een paar mooie overwinningen bij elkaar. Hij won maar liefst drie maal het criterium van Koolskamp in West-Vlaanderen. Zoals de kenners weten mag de winnaar van die koers zich een jaar lang kampioen van Vlaanderen noemen. Verder won Dossche in 1926 Lyon-Parijs, en in datzelfde jaar twee van zijn drie gewonnen Touretappes. In totaal won hij ...

Door Fred van Slogteren, 8 september 2006 10:00

MONSERÉ, Jean-Pierre (1948, overleden 15.03.1971, België)

Naarmate de jaren zijn verstreken heeft de periode Merckx (1965-1978) mythologische proporties aangenomen. Veel jongeren die dat tijdperk alleen van horen zeggen kennen, denken vaak dat de Kannibaal geen tegenstand van betekenis heeft gehad. Dat is niet juist, want in die dertien jaar had hij te maken met een lichting renners van zeer hoog niveau. Wie naar de erelijsten kijkt van coureurs als De Vlaeminck, Maertens, Godefroot, Van Impe, Gimondi, Motta, Ocaña, Thevenet, Guimard, Janssen, Zoetemelk, Kuiper en nog een handvol vedetten zal erkennen dat Merckx weliswaar koning eenoog was, maar niet in het land der blinden. Het zou zelfs kunnen zijn dat hij nog tijdens zijn actieve loopbaan te maken had gekregen met een aanstormend talent uit eigen land. Een jonge renner die hem zeker in de klassiekers naar de kroon had kunnen steken, ware het niet dat het noodlot ingreep. Dat was op 15 maart 1971 toen de jongste profwereldkampioen op de weg ooit tijdens een koers in Retie met een auto in botsing kwam en ter plekke overleed. Jempi Monseré, 22 jaar oud, was op slag dood en heel België was verslagen. Hij was in 1969 beroepsrenner geworden en hij won de Ronde van Lombardije, de Ronde van Andalusië en het WK van 1970 in Leicester. Hoe zou zijn carrière verder zijn verlopen? Niemand weet het, we kunnen slechts gissen. Het enige dat we weten is dat hij in de twee beroepsjaren die hem werden gegund heeft geschitterd als een ster aan het firmament. Maar er zijn sterren en sterren. Je hebt er die steeds feller gaan schijnen, maar er zijn er ook die je na verloop van tijd niet meer opmerkt. Door zijn dood werd Jean-Pierre Monseré letterlijk een eeuwige belofte.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Door Fred van Slogteren, 8 september 2006 0:00

HIER IS ‘T

door Pierre Huyskens

“Volgens mij is dit de eerste biografie van een ploegleider. Weliswaar is Pellenaars ook een meer dan goed wielrenner geweest, maar zijn roem heeft hij vooral vergaard als leider van de fameuze Locomotief-ploeg uit de jaren vijftig met renners als Wim van Est, Wout Wagtmans, Gerrit Voorting en Jan Nolten. De populariteit van toen heeft hij later niet meer bereikt met merkenploegen als die van Televizier en Goudsmit Hoff. Het boek beschrijft het leven van D’n Pel met alle ups en downs. Hij was een echte prof van hetzelfde slag als zijn generatiegenoot Middelkamp. Het ging hem meer om de poen dan om de eer en om dat te bereiken wheelde en dealde hij dat het een lieve lust was, als het maar ...

Door Fred van Slogteren, 7 september 2006 10:00

Briek SCHOTTE (1919, overleden 04.04.2004, België)

In de rijke Vlaamse wielerlectuur komt Briek Schotte vaak voor, want Den IJzeren van Kanegem stond model voor De Flandrien, een rennerstype dat al lang is uitgestorven. Er bestaan twee lezingen over het begrip Flandrien. De ene zegt dat een echte zich laat herkennen aan een ploeterende stijl en de andere behelst dat de straatarme boerenkinkels van de schrale Vlaamse akkers de koersfiets gebruikten om zich uit de bittere armoede te verheffen. In de eerste opvatting was Schotte er een, in de ander niet want zijn jeugd was niet zo arm als die van bijvoorbeeld zijn generatiegenoot Marcel Kint. Maar wat die ploeterende stijl betreft was hij een echte Flandrien, wat zeg ik de keizer der Flandriens. ‘Hij geleek een vloek op een koersfiets. Bij Briek bewoog, in volle inspanning, alles wat er aan hem was en niet zelden hebben we gevreesd dat hij tijdens al dat getrek en gesleur zijn ellebogen aan de straatstenen zou kwetsen.’ Dat schreef de vermaarde Vlaamse wielerjournalist Jan Cornand eens in een van zijn boekjes. Het getal twee speelt een grote rol in de carrière van Schotte. Hij won twee keer de Ronde van Vlaanderen, twee keer Parijs-Brussel, twee keer Parijs Tours en ook twee keer Gent-Wevelgem. Bovendien werd hij ook nog twee keer wereldkampioen en werd hij een keer tweede in de Tour de France. Hij was niet echt een man voor het grote rondenwerk, maar als alles meezat, zoals in 1948, kon hij ver komen.
Na zijn actieve wielerloopbaan werd hij sportdirecteur bij de Flandria-ploeg. Hij werd een vaderlijke ploegleider van mannen als de gebroeders De Vlaeminck, Leman, Monseré en ook onze eigen Joop Zoetemelk debuteerde bij de man die heilig geloofde in een glaasje rode wijn aan de rennerstafel. Eric Leman won onder zijn leiding drie keer de Ronde van Vlaanderen en dat was voor Briek het allermooiste. Hij was de personificatie van die ronde. Een dag voor de editie van 1996 kreeg Briek zijn standbeeld in zijn geboortedorp en tijdens Vlaanderens mooiste van 2004 kwam het bericht dat Briek Schotte was overleden. Zijn timing was perfect.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Door Fred van Slogteren, 7 september 2006 0:00

© Henk Theuns

“Op dit truitje staat geschreven: ‘Voor mijn vriend Henk. 1983 Italië. Martin Havik. Ciao. Martin Havik was al zeven jaar beroepsrenner toen hij in 1984 een contract tekende bij een Italiaanse ploeg. Hij had zowel bij kleine als bij grote ploegen gereden. De grootste was uiteraard TI-Raleigh, want hij reed in het seizoen 1979 voor de bende van Post. Hij werd niet opgesteld in het grote werk, maar hij won wel een rit in de Vierdaagse van Duinkerke. Plus een kermiskoers in België en een hele ris ereplaatsen. In de jaren die volgden werd het steeds iets minder tot hij die kans kreeg bij het Italiaanse ijsmerk GIS. Veel heeft hij in dat ene jaar niet gepresteerd, want een 129e plaats in de Ronde van Italië is niet om over naar huis te schrijven. Het veranderde wel zijn leven, want ik meen dat Martin toen verliefd is geworden op een Italiaanse, met haar is getrouwd en in Italië is gaan wonen. Hij is nu dus een halve Italiaan, die ik helaas nog maar zelden tegenkom. Maar als herinnering aan een deze goede vriend heb ik dit mooie truitje. Ciao, Martin! Grazie!!!

Tot volgende week!”

Henk Theuns

Door Fred van Slogteren, 6 september 2006 10:00

« Vorige 1 2 3 ... 1102 1103 1104 1105 1106 1107 1108 1109 1110 1111 1112 ... 1155 1156 1157 Volgende »