Slogblog


WIELERGIDS

door Cor Vos

Dit is een van de oudste boeken in mijn verzameling. Hoe ik er destijds aan ben gekomen, weet ik echt niet meer. Ik denk bij De Slegte, waar ik in de jaren zestig en zeventig heel veel wielerboeken heb gescoord. Het is voor mij een bijzonder boek omdat het in 1973 in eigen beheer is uitgegeven door Cor Vos.

Juist ja, onze Cor, de eminente wielerfotograaf die prachtige fotoboeken over de wielersport heeft gemaakt en zich daarom misschien wel een beetje schaamt voor deze eersteling. Het is een knullig gemaakt werkje dat doet denken aan de getypte en gestencilde clubbladen van arme sportverenigingen in de jaren vijftig en zestig.

Het voorwoord is van Cor zelf en dat luidt: ‘WIELERGIDS is in de eerste plaats bedoeld als een schrijven waarbij de wielersupporter de namen en gedachten van de in dit boek beschreven renners kan nagaan.’ Ondertekend met ‘De samensteller.’

Het boek bevat honderd foto’s die elk een met de hand geschreven nummer hebben gekregen, zodat je elders in het boek kunt opzoeken wie er op staan. Verder staan er ultrakorte beschrijvingen in van in de jaren zeventig bekende renners, zowel arrivées als beginnende beloftes.

Het leuke is dat enkele latere vedetten toen nog bekend moesten worden, maar toch al wel dit boekje haalden. Zo staat er op pagina 137 een ontboezeming van kantoorbediende Jan Raas uit Heinkenszand:

“Het feit dat je op je zelf bent aangewezen en het constant attent zijn, boeit mij. Het liefst zou ik iedere wedstrijd willen uitblinken, maar dat is natuurlijk onmogelijk.”

Mooi zijn ook de advertentieteksten van Theo Sijthoff (foto 2), de oud-renner die toen net een confectiewinkel in de Bovenstraat in Rotterdam-Zuid was begonnen. Door het hele boekje staan advertenties van hem en deze tekst wil ik jullie niet onthouden:
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 23 augustus 2018 12:00

Toen Johan Bruyneel nog bij de liefhebbers reed, zo noemen de Belgen de amateurs, werd er veel van hem verwacht. Het was ook geen alledaagse jongen, deze charmante coureur uit Izegem, de woonplaats van Patrick Sercu.

Een elegante en gesoigneerde verschijning met een HBO-opleiding Marketing op zijn conto. In zijn profcarrière reed hij onder meer voor Lotto, Once en Rabobank en dat waren in die tijd grote ploegen.

Hij had bovendien een vriendin waar iedere man het hoofd voor omdraaide, tenzij die blind of gecertificeerd homo was. Met Muriel aan zijn zijde gingen alle deuren voor Johan open, want de invloed van een vrouw op een rennerscarrière is groter dan menigeen denkt.

Toch is er niet uitgekomen wat er van hem werd verwacht. Hij begon zijn wielerleven op de baan en daar deed hij de souplesse op waarmee je als wegrenner het verschil kunt maken.

Als beroepsrenner ging hij om financiële redenen meer op de weg rijden en hij ontdekte zichzelf. Hij kon goed bergop en reed een redelijke tijdrit. Hij won de Henninger Turm, destijds nog een heuse klassieker, maar hij was toch vooral een ronderenner.

In 1990 won hij de Tour de l’Avenir en zegevierde in etappes in de Tour, de Vuelta en in kleinere rondritten, maar een derde plaats in de eindstand van de Ronde van Spanje 1995 was toch zijn plafond.

Hij was iemand met een helder verstand die alles wat hij zag en beleefde op zijn harde schijf zette. Hij stopte in 1998 en werd toen direct benaderd door Lance Armstrong om de US Postal-ploeg te gaan leiden, waarmee Lance na het overwinnen van zijn ziekte verpletterend terugkwam.

Ik denk dat we het aandeel van Bruyneel in het succes van Armstrong niet moeten onderschatten. De Amerikaan weet precies wat hij wil, maar ik denk dat dat toch vaak is geweest na overleg met zijn Belgische vriend.

Het demasqué van de Amerikaan door zijn op televisie gedane bekentenissen had natuurlijk ook effect op de hele ploeg. Iedereen, de renners, het personeel en natuurlijk ook de ploegleider moet ervan geweten hebben en dat betekende ook min of meer het einde voor Johan Bruyneel.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 23 augustus 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BAEYENS, Henri (1937, BelgiŽ)
BERG, Debby van de (1980, Nederland)
DOWNING, Russell (1978, Groot BrittanniŽ)
FERNANDES SILVA, Janildes (1980, BraziliŽ)
PAUWELS, Dirk (1963, BelgiŽ)
SEIZ, Hubert (1960, Zwitserland)
STEEVENS, Leo (1933, † 25.08.2002, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
Door Fred van Slogteren, 23 augustus 2018 0:00

Het viel vroeger niet altijd mee, die overgang van de amateurs naar de profs. Het was een heel andere wereld, waar timide jongetjes zich moeilijk kunnen handhaven. Toen Eddy Schepers die overstap maakte had hij wel de kwaliteiten om als beroepsrenner te slagen, maar niet het karakter.

Introvert was-ie en allerminst opgewassen tegen de grote bekken van de gelouterde profs. Toen hij in Italiaanse dienst reed klampte hij zich vast aan zijn kopman Stephen Roche. Die was anders.

Ze konden het goed vinden en Eddy werd de meesterknecht van de Ier. In 1987 beleefden ze samen een geweldig seizoen.

In de Ronde van Italië was het helemaal niet de bedoeling dat Roche zou winnen. In de Carrera-ploeg ging de voorkeur uit naar Roberto Visentini.

Maar in de beslissende etappe reed Roche de hele boel aan flarden, inclusief zijn Italiaanse mede-kopman. Eddy bleef trouw aan zijn zijde, hoewel ploegleider Davide Boifava meerdere malen langs kwam en hen sommeerde op Visentini te wachten.

Roche haalde de schouders op en Schepers vreesde voor zijn toekomst. Pas toen Roche hem had verzekerd dat hij voor hem zou zorgen in het geval van ontslag, ging de Belg weer volle bak op kop rijden.

Die avond daalde de privé helikopter van de directie van de spijkerbroekenfabriek op het gazon voor het hotel neer. Boifava werd ontboden en de baas van Carrera eiste dat zowel Roche als Schepers op staande voet werden ontslagen.

Boifava weigerde. “Ik kan de roze trui toch niet wegsturen”, stamelde hij. Daar zat wat in en de grote baas bond in. Tot aan het eind van het seizoen. Toen konden de twee alsnog hun biezen pakken, ondanks het feit dat Roche na het winnen van de Giro ook nog de Tour en de wereldtitel op zijn naam schreef.
... Lees meer
Door Henk Theuns, 22 augustus 2018 12:00

Theo Bos, die vandaag zijn 35ste verjaardag viert, fietst nog steeds, hoewel we bij de onlangs afgelopen Europese kampioenschappen wielrennen niets over hem vernomen hebben. Een heel verschil met zo’n tien tot vijftien jaar geleden toen hij als veelgelauwerd baanrenner top of the bill was.

Als hij de baan trouw was gebleven had hij misschien wel tien wereldtitels gewonnen en wellicht ook nog wat Olympisch eremetaal gedolven. Maar Theo was te veel sportman om alleen op die grote toernooien te teren, hij wilde altijd schitteren.

Bij Nederlandse -, Europese -, Wereld-  en Olympische kampioenschappen won hij respectievelijk zeventien, vier, vijf en één keer goud en nog een hele vracht medailles van ander eremetaal. Zijn prijzenkast puilde uit, maar er knaagde iets.

Zijn snelheid was ongeëvenaard, al had hij de pech in de Brit Chris Hoy een tegenstander te treffen die op de grote toernooien soms nog wat koelbloediger was. Buiten de grote toernooien om trad hij met enkele sprintcollega’s op als bijnummer in zesdaagsen.

Theo wilde meer daar was hij sportman voor. Als dat niet als baanrenner kon, dan maar op de weg. Hij droomde dat hij met zijn snelheid grote sprinters van de weg als Cavendish en Petacchi zou kunnen verslaan. Hij wilde net als zij ook triomferen in Touretappes en ritten in andere meerdaagse wedstrijden.

Zo werd Theo wegrenner bij Rabobank, de ploeg waar hij als jong broekie werd weggestuurd, omdat ze daar toen meer heil zagen in klimmers en tijdrijders. Sprinters werden in die tijd toch een beetje als tweede garnituur gezien, geen echte renners.

Uit armoede ging Theo toen naar de baan en hij won er alles wat hij wilde winnen, Maar een tweede carrière op de weg bleef door zijn hoofd spoken en in 2008 nam hij een kloek besluit en werd wegrenner. Het werd geen succes hoewel hij best wel mooie koersen heeft gewonnen. Maar zijn palmares blijft ver achter bij de grote wegsprinters als Cavendish cum suis.

Zijn erelijst als wegrenner staat in geen verhouding tot de verwachtingen die er leefden toen hij de stap naar de weg waagde. Voor hemzelf was het misschien ook wel teleurstellend, want hij kwam erachter dat spurten op de weg met al dat gekwak, getrek en geduw een heel ander vak is.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 22 augustus 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BLOEMERS, Quintero (1991, Nederland)
BRAMBILLA, Gianluca (1987, ItaliŽ)
CAUCCHIOLI, Pietro (1975, ItaliŽ)
COLEDAN, Marco (1988, ItaliŽ)
DE SARRAGA ORVID, Mario (1980, Spanje)
GUDERZO, Tatiana (1984, ItaliŽ)
HOLLENSTEIN, Reto (1985, Zwitserland)
HUYSE, Omer (1898, † 02.03.1985, BelgiŽ)
IJZENDOORN, Rik van (1987, Nederland)
LOON, Patrick van (1984, Nederland)
VLAM, Wil de (1947, Nederland)
BAKEL, Robbie van (1994, Nederland)
MATTIODA, Enzo (1946, Frankrijk)

of ons op deze datum ontvielen:
GRONDELAERS, Robert (1933, † 22.08.1989, BelgiŽ)
LEYTEN, Karel (1944, † 22.08.1996, Nederland)
Door Fred van Slogteren, 22 augustus 2018 0:00

Deze foto sierde de overlijdensannonce die mij vorige week bereikte. Een charmante oudere dame die als vijfjarig meisje met haar ouders vanuit Friesland naar Amsterdam kwam, waar ze huisvesting vonden in een schaftwagen op een bouwplaats in Amsterdam-Zuid, waar vader Van der Sluis werk vond bij de bouw van de Rivierenbuurt.

Het was crisistijd in 1934 en het gezin ontvluchtte letterlijk de honger en de nijpende werkloosheid die in Noord-Nederland heerste. De Friezen waren met andere Noord-Nederlanders de eerste gastarbeiders in ons land, ver voor de Italianen en de Spanjaarden en nog veel eerder dan de Marokkanen en de Turken.

Ze werden destijds niet met open armen ontvangen en de echte Amsterdammers vertelden elkaar lachend over die tramconducteur die bij de halte bij de beroemdste markt van Nederland Albert Kuup riep. Raar volk die Friezen, ze spraken niet eens Nederlands, werd er gezegd.

Vader vond werk als trappenmaker en het gezin verhuisde naar de Van Spilbergenstraat in de zeeheldenbuurt in Amsterdam-West. Ze had zich ontwikkeld tot een echte Mokumse en had het beroep van coupeuse geleerd. Van een (schaars) lapje stof maakte ze zo net na de bevrijding de mooiste jurken en mantelpakjes.

Een jongen die om de hoek op het Mercatorplein woonde, hoorde over haar vaardigheden met naald en draad en belde op een dag bij haar aan met de vraag of ze voor hem een overhemd kon maken. Voor de stof had hij bij Loe Lap, de legerdumpwinkel een strook parachutezijde op de kop getikt. Daar maakte Fokje een prachtig overhemd van en Piet van Heusden was gelijk de bink.Dat parachutezijde niet ademt, bemerkte hij pas toen bij het eerste avondje uit het zweet over zijn rug liep.

Het klikte tussen die twee en Piet en Fokje kregen verkering. Op zaterdagavond een bioscoopje pikken in de Westend, de buurtbioscoop en na afloop een ijsje eten bij lunchroom Marja er vlak naast. Of dansen bij Hecks op het Rembrandtplein waar ook de hele Amsterdamse wielerwereld in die tijd neerstreek. Piet kende die jongens.

Hij was elektricien van beroep en in zijn vrije tijd deed hij aan wielrennen. Zijn naam stond maar zelden in de krant want veel tijd om te trainen had hij niet. Fokje was ook sportief zat op een gymnastiekvereniging en op zwemmen. In het Sportfondsenbad-West de thuisbasis van Zwemvereniging Admiraal de Ruyter, kortweg ZAR.

Ze was goed en haar naam stond weleens in de krant, maar in 1952 moest ze in Piet toch haar meerdere erkennen. Ze waren al verloofd toen hij onverwachts Nederlands kampioen achtervolging werd op de baan van het Olympisch Stadion. En twee maanden later in Parijs tot ieders verrassing ook wereldkampioen in die discipline.

Het hele Mercatorplein stond zwart van de mensen toen ze samen in en open auto werden ingehaald. Ze trouwden in 1955 en kregen twee zonen, Rhalf en Olaf. Na zijn wielercarrière, die hem wel roem, maar geen rijkdom heeft gebracht, werd Piet een van de drijvende krachten van de organisatie van Olympia’s Tour.

Dat was zijn hobby, maar om het dagelijks brood te verdienen stonden ze samen jarenlang achter de toonbank van hun sigarenwinkel in de Bilderdijkstraat met zijn naam prominent op de etalageruit. Sigarenwinkelier was niet Piets droom en toen hij de kans kreeg om inspecteur van de bezorging te worden bij Het Parool greep hij die met twee handen aan.

Fokje werd nachtzuster in een verzorgingstehuis. Ze was vaak in haar eentje de hele nacht in de weer met die oudjes en bij ieder sterfgeval vloeiden de tranen omdat ze een band had met die mensen. Dat heeft ze vijftien jaar gedaan en toen was het tijd om samen van de oude dag te gaan genieten.

Dat betekende er met de caravan op uit trekken en wat van de wereld zien. Ze doorkruisten tal van Europese landen en altijd gingen de racefiets van Piet en de sportfiets van Fokje mee. Ze fietsten wat af die twee, maar Fokje voelde wel aan dat Piet zich steeds moest inhouden als ze samen een tocht maakten.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 21 augustus 2018 12:00

De op 23 juli 1910 geboren Fransman Maurice Richard was in zijn tijd een weergaloos tijdrijder. De Parijzenaar verbeterde twee maal het werelduurrecord, en wel in 1933 en in 1936.

De eerste keer deed hij dat op de wielerbaan van St. Truiden in België. Zijn record werd verbeterd door de Italiaan Giuseppe Olmo en Maurice Richard trok als reactie daarop naar de toen snelste piste in de wereld.

Dat was de Vigorellibaan in Milaan waar hij andermaal een poging deed het record weer in handen te krijgen. Het lukte en hij had de smaak te pakken. In de zomer van 1938 voegde hij de records over 60 en 70 kilometer aan zijn erelijst toe.

De Tweede Wereldoorlog sneed zijn carrière doormidden, maar hij bleef tot en met het seizoen 1950 als beroepsrenner actief. ‘Zijn’ werelduurrecord was inmiddels in handen van Fausto Coppi, die in 1942 ruim 500 meter meer aflegde.

Maurice Richard was een echte recordjager, want hij verbeterde in zijn loopbaan de beste tijden op de 3 kilometer, de 2 mijl, de 4 kilometer, de 3 mijl, de 5 en 6 kilometer, de 4 mijl, de 7 en 8 kilometer, de 5 mijl, de 10 km, de 7, 8 en 9 mijl, de 15 kilometer, de 10 mijl, de 20 kilometer, het halve uur, de 25, 30, 35, 40, 45, 50, 60 en 70 kilometer, de 30 mijl en natuurlijk het werelduurrecord.

Hij stelde dat toen op 45 kilometer en 398 meter en dat is ruim vier kilometer minder dan het huidige record dat op naam staat van Sir Bradley Wiggins met een afstand van 54 kilometer en 526 meter, wat bijna een kilometer meer is dan de afstand die Maurice Richard in 1936 aflegde.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 21 augustus 2018 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
CADOLLE, Marcel (1878, † 21.08.1956, Frankrijk)
CELIS ZABALA, Vidal (1982, Spanje)
DEKKER, Erik (1970, Nederland)
HUYBRECHTS, Frans (1884, † 30.11.1944, BelgiŽ)
R‹TTIMANN, Stefan (1978, Zwitserland)
STEELS, Stijn (1989, BelgiŽ)
STEIGER, Daniel (1966, Zwitserland)
ZANDBEEK, Mart van (1982, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
CADOLLE, Marcel (1878, † 21.08.1956, Frankrijk)
Door Fred van Slogteren, 21 augustus 2018 0:00

Gisteren eindigde in Geraardsbergen de BinckBank Tour. Deze etappekoers is ontstaan als opvolger van de Eneco Tour en de Ronde van Nederland. Toen de UCI tot de invoering van de UCI ProTour (later WorldTour) besloot, werd snel duidelijk dat een ronde die uitsluitend door Nederland zou voeren niet in aanmerking kwam voor de hoogste categorie.

Er werd toen een Ronde van de Benelux voorgesteld, een concept dat wel genade vond, hoewel de ronde tot op heden Luxemburg niet heeft aangedaan. Wel is het wielerevenement dat jaarlijks in de maand augustus wordt verreden internationaal bekend als de Tour of the Benelux.

We laten de BinckBank Tour even voor wat het is en gaan vijftien jaar terug in de tijd met het programmaboek van de voorlaatste Ronde van Nederland. Die ronde was voor ons land bepaald geen succes. Van de zes ritten werd er slechts één door een landgenoot gewonnen.

Dat was Rik Reinerink die in Sittard de topsprinters Alessandro Petacchi en Erik Zabel versloeg. In het eindklassement was Michael Boogerd met een zevende plaats de beste landgenoot. Eindwinnaar werd de Rus Vjatsjeslav Ekimov.

Dat was een hele prestatie van Reinerink, want in de eerste twee ritten speelde de Italiaanse sprinter Alessandro Petacchi met zijn tegenstanders Met zulk een overmacht dat ploegleider Piet Hoekstra van BankGiroLoterij zei in Nijkerk: “Laten we hopen dat Petacchi na twee etappezeges voldaan is, want hier is geen houden aan.”

Ook Rabobank wist het even niet meer. Hun sprinttroef Oscar Freire werd na zijn zevende plaats in Rotterdam in Nijkerk slechts elfde. Ploegleider Theo de Rooy: “Het verschil tussen Petacchi en Freire is in de uitslag groot maar we moeten vertrouwen blijven houden.”
... Lees meer
Door Jan Houterman, 20 augustus 2018 12:00

« Vorige 1 2 3 ... 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 ... 1149 1150 1151 Volgende »