ad ad ad ad
Deel 3 is uit

Slogblog


Het zal je maar gebeuren dat je na een diagnose van een cardioloog te horen krijgt dat er niets met je aan de hand is om kort daarna bij een stukkie hardlopen op het strand in elkaar te zakken als gevolg van een hartstilstand.

Het overkwam Paul Haghedooren en de kleine stoemper uit Waregem kon het niet navertellen. Hij was dertien jaar beroepsrenner en hij had meer wilskracht dan talent.

Daarmee realiseerde hij een alleszins redelijke carrière met als hoogtepunt het Belgisch kampioenschap in 1985. In de sprint versloeg hij regerend wereldkampioen Claudy Criquielion en Rudy Dhaenens, die vijf jaar later wereldkampioen zou worden.

Hij won in datzelfde jaar nog de Grote Prijs Pino Cerami en dat was het wel zo’n beetje. Hij werkte alle Belgische ploegen van zijn tijd af en hij was steeds consciëntieus met zijn vak bezig en een toegewijde helper om voor de kopmannen te werken.

Dat waren over het algemeen renners die maar eeen tikkie beter waren dan hij. Ook Haghedooren ontkwam niet aan een dopingaffaire toen in 1989 een te hoge testosteronspiegel bij hem werd aangetoond.

Hij werd een half jaar geschorst, maar na een uitgebreid medisch onderzoek kon hij bewijzen dat zijn eigen lijf verantwoordelijk was voor de onbalans in zijn hormoonhuishouding.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 9 november 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BURG, Germ van der (1977, Nederland)
GALDOS ALONSO, Aitor (1979, Spanje)
GALVIN, David (1981, Verenigde Staten)
HORRING, Lars (1987, Nederland)
MILNE, Shawn (1981, Verenigde Staten)
ORDOWSKI, Volker (1973, Duitsland)
PARRA CELADA, John Fredy (1974, Colombia)
PASSUELO, Giuseppe Walter (1951, ItaliŽ)
PLATERINGEN, Andrť van (1991, Nederland)
VERMEIREN, Pierre (1917, † 30.08.1986, BelgiŽ)
WIGBOLD, Juliette (1986, Nederland)
WREGHITT, Chris (1958, Groot BrittanniŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
BUYSSE, Cyriel (1896, † 09.11.1994, BelgiŽ)
Door Fred van Slogteren, 9 november 2017 0:00

In de drie grote ronden die dit jaar zijn verreden, zag je na ieder succes van de Sunweb-ploeg een oudere man bij de triomferende renner. Of het nou Dumoulin, Kelderman, Matthews of Barguil was, hij was prominent in beeld zonder op te vallen. Een kunst op zich.

Het was zijn taak om alle vragen van de opdringende pers in goede banen te leiden en iedere journalist zijn moment te guinnen. Hij doet dat voortreffelijk. Bennie Ceulen, de perschef van de Sunweb-ploeg doet dat werk al toen de ploeg nog Skil-Shimano heette.

Bennie Ceulen is zelf ook wielrenner geweest. Geen grote, maar in het midden van de jaren zeventig blies hij zijn partijtje in het profpeloton aardig mee. In 1975 debuteerde hij bij de Franse ploeg Gitane. Een jaar later reed hij voor de Belgische ploeg van Maes Pils met het Duitse Rokado als medesponsor. Daar hield hij dit truitje aan over.

Willy en Walter Planckaert en André Dierickx waren de bekendste renners in die ploeg en de omvangrijke Berten De Kimpe was ploegleider. In zijn twee seizoenen is Bennie zonder overwinningen gebleven, maar in het leven dat daarna kwam is hij uitgegroeid tot een belangrijk man in de Nederlandse wielersport.

Na zijn carrière werd Bennie sportjournalist en als oud-coureur kende hij de sport van binnen uit. Dat is een groot voordeel, dat de meeste van zijn collega’s niet hebben. Het is niet voor niets dat mannen als Fred De Bruyne en Jean-Marie Leblanc gezaghebbende journalisten zijn geworden. Bennie daarentegen is meer locaal gericht en erg Limburgs gebleven, maar hij heeft mooie dingen gedaan.

Zo was hij de eerste journalist die de mensenschuwe Charly Gaul tot een interview wist te bewegen. De grote verdienste van Bennie voor de Nederlandse wielersport zit echter in het feit dat hij de ambassadeur in Nederland is van ASO, organisator van onder meer de Tour de France.

Dat houdt in dat hij in Parijs steeds een warm pleitbezorger is voor Nederlandse steden die de Tour willen ontvangen. En als dat gebeurt dan is het Bennie die die locatie volledig inventariseert, de hotels en alle andere faciliteiten selecteert. Hij is in die functie direct verantwoordelijk aan Christian Prudhomme.
... Lees meer
Door Henk Theuns, 8 november 2017 12:00

Vandaag wordt een van de grootste wielrenners uit de Nederlandse wielerhistorie 65 jaar. Jan Raas won in de jaren zeventig en tachtig dertien klassiekers, tien Touretappes en nog veel meer en hij werd in 1979 wereldkampioen.

Hij was daarna jarenlang een succesvol ploegleider en behaalde met toppers als Frans Maassen, Jelle Nijdam, Edwig Van Hooydonck en anderen vele successen, tot hij met zijn renners rechts werd ingehaald door de epo.

Middenin deze ellende kreeg Jan de kans om met heel veel geld van Rabobank het hele Nederlandse wielrennen op de schop te nemen. Dat resulteerde in het Rabobank Wielerplan, met niet alleen een WorldTour ploeg maar ook opleidingsploegen en in samenwerking met de KNWU ook het jeugdwielrennen.

Als algemeen directeur van deze organisatie heeft hij het niet goed gedaan, omdat hij een strijd moest leveren die hij op voorhand niet kon winnen. Met meerdere tekortschietende partijen zoals de bank, de renners, de ploegleiding, maar vooral Jan Raas zelf.

Ik heb in 2009 zijn biografie geschreven, maar dat was achteraf gezien eigenlijk te vroeg. De grote vraag die ik in dat boek niet kon beantwoorden was natuurlijk waarom het met Jan Raas en de Rabobank uiteindelijk is misgegaan.

Ik wist het niet, kon er toen geen vinger achter krijgen omdat de hoofdrolspelers (Rabobank en Raas) de kaken stijf op elkaar hielden. Tot op de huidige dag. Maar er waren getuigen die ik toen te weinig heb bevraagd. Zoals de renners en de ploegleiders.

Voor mijn boeken over de geschiedenis van Nederland in de Tour de France heb ik de Rabo-renners van toen, die de Tour hebben gereden, mogen interviewen over hun leven en wielercarrière. En ook over hun jaren onder de hoede van Jan Raas.

Zonder specifieke beschuldigingen te uiten ontstond bij mij langzamerhand het beeld hoe het er in die ploegen zo rond het millennium aan is toegegaan. En hoezeer Jan Raas, verklaard tegenstander van doping, daarin zijn rol speelde.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 8 november 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
AS, Suzanne van (1980, Nederland)
BAŌOLET, Nicolas (1983, BelgiŽ)
GAUTIER, Fabienne (1980, Frankrijk)
GRAHAM, Lorian (1977, AustraliŽ)
HOUA, Lťon (1867, † 31.01.1918, BelgiŽ)
JANSEN, Harm (1967, Nederland)
JANSSEN, Yannick (1990, Nederland)
MATHEOU, Romain (1988, Frankrijk)
PEREZ MUNOZ, Wilmar Jair (1986, Colombia)
PEVENAGE, Patrick (1956, BelgiŽ)
STEEN, Martin van (1969, Nederland)
DANIEL, Gregory (1994, Verenigde Staten)

of ons op deze datum ontvielen:
SAGASTI ALEGRIA, Agustin (1970, † 08.11.2009, Spanje)
Door Fred van Slogteren, 8 november 2017 0:00

Het schrijven van de trilogie ‘Als je Tour niet hebt gereden …’ was voor mij een onverwachte ontdekkingsreis. Natuurlijk kende ik alle namen van de Nederlanders die ooit aan de Tour hebben deelgenomen. Maar verder?

Ik wist in grote lijnen ook wel wat ze als coureur hadden gepresteerd. Maar wie die mannen waren? Ik had geen idee. Hoe stonden ze in het leven, wat zijn ze na hun carrière gaan doen? De meesten waren opgelost in de vergetelheid.

Vooral die uit een ver verleden, die je op zwart/wit foto’s ziet ploeteren met reservebanden om hun schouders, koolbladeren in hun nek, enorme furunkels op hun kont, bezig de verschrikkelijkste verschrikkingen te doorstaan.

Wie was Jan Gommers (foto 1), die in het eerste deel een plaats heeft gekregen? Wie was Fonske Steuten (foto 2) die in deel II figureert? En wie was Johannes Draaijer (foto 3) over wie elke journalist uit die tijd een oordeel had, maar ten onrechte.

Verhalen vol met drama en ik had verwacht dat dat met het voortschrijden van de tijd minder zou worden. Maar dat was niet zo. Ook de kinderen van deze tijd kennen tegenslagen in het leven.

Robert Gesink is niet de enige die zijn vader verloor, net zo min als Steven Kruijswijk de enige is geweest die geplaagd door ernstige blessures een deel van zijn carrière in rook zag opgaan.

Het boek voert je mee naar de idiote wereld van het huidige wielrennen, waarin een renner met een academische graad zich in de koers de kloten afdraait voor zijn kopman die van alle scholen is getrapt.

Een rigide wereld waarin alles anders lijkt dan in het normale leven. Een wereld waarin sommige renners er bewust voor kiezen om vrijgezel te blijven, omdat ze zo’n leven een vrouw niet kunnen aandoen.

Het verschil met het eerste boek is dat van de 86 in deel III geportretteerde renners ze op twee na allemaal nog in leven zijn. Van de honderd coureurs die in het eerste deel beschreven zijn, leven er nog maar veertig.

Van de overledenen heb ik me moeten baseren op de herinneringen van hun nabestaanden, die ik soms met veel moeite moest opsporen. Met veel van hen, heb ik nog contact omdat ze het prachtig vonden dat de prestaties van hun man, vader of broer aan de vergetelheid zijn ontrukt.

Wat ook opvalt zijn de gigantische maatschappelijke verschillen tussen de renners uit deel I en deel III. In het eerste deel komen vrijwel uitsluitend boerenzonen en arbeiderskinderen voor met geen of nauwelijks opleiding.

In het derde deel breek je daarentegen je nek over hoogopgeleide jongens, die fluitend het gymnasium of lyceum hebben doorlopen en in veel gevallen op de universiteit tot hun propedeuse zijn gekomen. Of in een enkel geval nog verder.

Een succesvolle maatschappelijke carrière lag voor hen in het verschiet, maar ze verkozen de wielersport. Waarom? Hoewel geld in die beslissing een niet te verwaarlozen rol speelt, is het toch vooral de liefde voor het fietsen die hen deze keuze liet maken.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 7 november 2017 12:00

Ik zie de gelijkenis niet zo, maar deze Italiaan werd tussen 1956 en 1966 de kleine Coppi genoemd. “Coppino”, zeiden de tifosi vertederd met het beeld van de beroemdste aller Italiaanse wielrenners op hun netvlies.

De gelijkenis was verbluffend, zeiden ze, maar daar hield de vergelijking dan ook mee op. Carlesi, geboren in de omgeving van Pisa, was een goede renner, maar meer ook niet.

Zijn grootste overwinningen boekte hij in de Tour en de Giro, waarin hij respectievelijk twee en zeven etappes won. Verder won hij vijf van die Italiaanse semi-klassiekers en met zijn toenmalige ploeg Philco de Grand Prix Longines, een ploegentijdrit.

In zijn debuutjaar was hij aanwezig in de Ronde van Nederland, waarin hij tweede werd achter Rik Van Looy. Nogmaals een goede renner, maar in de verste verte geen Fausto Coppi, zelfs niet de Coppi uit zijn laatste jaren.

Die bleef vanwege het geld, nodig voor zijn echtscheidingsperikelen, maar doorfietsen hoewel hij tussen 1956 en 1960, het jaar waarin hij stierf, aan een peilloze neergang bezig was.

In die jaren zal Coppino Coppi wel eens uit het wiel hebben gereden, maar daar zal hij geen triomfgevoel van rechtvaardiging bij hebben gevoeld. Een genie in een terminale fase, blijft een genie ook al wordt hij gelost uit een groep die dertig in het uur rijdt.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 7 november 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
CARLESI, Guido (1936, ItaliŽ)
CORDEEL, Sander (1987, BelgiŽ)
GRIEP, Ton (1955, Nederland)
LOPEZ CARRIL, Jesus (1949, Spanje)
MAGNE, Pierre (1906, † 14.11.1980, Frankrijk)
MEEUSEN, Tom (1988, BelgiŽ)
MEEUSEN, Tim (1977, BelgiŽ)
MIRENDA, Gianluca (1983, ItaliŽ)
SCHOONACKER, Jehudi (1978, BelgiŽ)
VERNAECKT, Thomas (1988, BelgiŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
BARRAL, Luigi (1907, † 07.11.1962, ItaliŽ)
Door Fred van Slogteren, 7 november 2017 0:00

Afgelopen oktober vond in Berlijn het Europees kampioenschap baanwielrennen plaats. Met twee keer goud, drie keer zilver en drie keer brons eindigde ons land als vierde in het medailleklassement.

Met de resultaten van de in de afgelopen dagen gehouden wereldbekerwedstrijden met drie keer goud, twee keer zilver en één keer brons is het de zoveelste bevestiging van het huidige niveau van het Nederlandse wielrennen.

Op alle fronten, weg, baan en veld hebben we toppers en spelen we meer dan eens de eerste viool. En het jaar is nog niet voorbij. Met het Europese kampioenschap van Matthieu van der Poel voelt de zilveren medaille van Lucinda Brand bij de dames zelfs als een lichte teleurstelling.

Maar terug naar het baanwielrennen, waarvoor ik het programmaboek uit mijn ordners heb gehaald van het tien jaar geleden in Alkmaar gehouden EK. De Noord-Hollandse kaasstad had toen de beste faciliteit in Nederland om een dergelijk evenement te organiseren.

De half overdekte wielerbaan uit 1964 is in 2003 volledig gerenoveerd. De betonnen baan werd vervangen door hout en tevens werd de baan volledig overdekt. Tot genoegen van de regio, want het aantal goede baanrenners uit Noord-Holland was daarna opvallend groot.

Zeventien landenploegen waren naar Alkmaar gekomen en dat vormde met elkaar een sterk deelnemersveld. Met deelname waren punten te verdienen die weer belangrijk waren voor deelname aan de wereldkampioenschappen en de Olympische Spelen.

Aan grote namen dus geen gebrek, zoals Peter Schep en Joan Llaneras (puntenkoers), Teun Mulder (oud wereldkampioen keirin) en Tim Veldt (Europees kampioen 2006) gingen de strijd aan met de Franse topsprinters Bourgain, Tournant en Pervis.

De Nederlandse équipe presteerde heel goed in Alkmaar. Bij het sprintomnium zegevierde Teun Mulder (foto 2). Dat is een discipline over vier verschillende onderdelen. Voor elk onderdeel krijgen de renners punten.
... Lees meer
Door Jan Houterman, 6 november 2017 12:00

‘Alessandro Ballan oogt als een tiener met zijn slungelachtige lijf en dat babysmoeltje. Een beetje een jonge Johan van der Velde. Maar als hij op de fiets zit is hij een lust voor het oog’, schreef ik elf jaar geleden op deze plaats.

Hij was toen net doorgebroken en had indruk gemaakt bij het WK in Salzburg waar hij zijn kopman Paolo Bettini in een moordend tempo naar de overwinning sleepte. Ballan kon kilometerslang op kop iedereen het snot voor de ogen rijden.

Toen ik dat schreef was ik vooral onder de indruk van deze Italiaan geraakt, toen hij in de Tour van 2006 in de twaalfde etappe deel uitmaakte van een viermanskopgroep met daarin Oscar Freire, Yaroslav Popovych en Christain Le Mevel.

Hij heeft die etappe niet gewonnen want hij moest het in de sprint afleggen tegen Popovych. Die zat kennelijk in een combientje met Freire om Le Mevel en Ballan kwijt te spelen. Ze demarreerden om beurten. Terwijl Le Mevel eraf moest, gaf Ballan geen krimp.

Hij spong onvermoeibaar steeds weer in het wiel en het was Freire die eraf moest. Erg boos was hij na afloop niet over de combine die hem zijn kansen had ontnomen. Hij haalde slechts zijn schouders op en zei: “ik heb ze wel zien smoezen onderweg, maar dat hoort allemaal bij het wielrennen”.

Een jaar later won hij op indrukwekkende wijze de Ronde van Vlaanderen, waar hij Leif Hoste in een adembenemende sprint met twee versloeg. Hoste was de enige die hem kon volgen toen hij op de Muur van Geraardsbergen vol demarreerde. Dit keer won hij wel de sprint.

Het was niet eens zo’n geweldig seizoen dat hij in 2008 realiseerde. Hij kwam pas laat in vorm, won een etappe in de Ronde van Spanje. Maar de bekroning volgde in september toen hij in Varese wereldkampioen werd.

Hij reed met nog drie kilometer te gaan simpel weg uit een kopgroep met uitsluitend grote namen. Ze pakten hem niet meer terug en met drie seconden voorsprong op zijn landgenoot Damiano Cunego mocht hij een jaar lang de regenboogtrui dragen.

Hij kreeg te maken met de vloek die er op de zo begeerde trui schijnt te rusten en het hele seizoen 2009 ging, mede door een virus, grotendeels verloren. De zege in de Ronde van Polen kon dat niet meer goed maken.

In 2010 raakte hij betrokken bij een grootscheeps dopingschandaal. Hij werd door zijn ploeg op non-actief gezet, maar gebruik van verboden middelen kon niet worden aangetoond omdat er geen sluitend bewijs was.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 6 november 2017 9:00

« Vorige 1 2 3 ... 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 ... 1077 1078 1079 Volgende »