Slogblog


Roger SWERTS (1942, België)

Roger Swerts was ook zo’n renner die meer in zijn mars had dan er is uitgekomen. Dat kwam omdat er altijd een kopman was die boven hem uit stak. Hij koerste eerst in dienst van Poulidor en daarna van Merckx. Dan weet je dat je van je eigen ambities moet afzien, omdat de mogelijkheden om zelf kopman te worden beperkt zijn. Toch reed Swerts een mooie palmares bij elkaar met zeges in het kampioenschap van België en klassiekers als Gent-Wevelgem en het Kampioenschap van Zürich. Hij won voorts ook de Ronde van België en een hele reeks kleinere koersen. De uit Heusden (Belgisch Limburg) afkomstige renner was een sterke tijdrijder die de Grote Landenprijs won en samen met Merckx de Trofeo Baracchi. Hij startte meerdere malen in alle drie de grote ronden. Een veertiende plaats in de Tour, een zestiende in de Giro en een negende in de Vuelta waren zijn beste prestaties. Hij was veertien jaar beroepsrenner en nadat hij afscheid had genomen werd hij ploegleider bij sterke profploegen. In 1990 was er geen plaats meer voor hem, maar in 1994 werd hij gevraagd om met zijn grote ervaring leiding te geven aan de ploeg Vlaanderen-t Interim, een opleidingsformatie gefinancierd door de Vlaamse overheid om jonge coureurs aan een springplank te helpen om bij een grote ploeg te kunnen komen. De opzet slaagde wonderwel en later succesvolle renners als Stijn Devolder, Wim Van Huffel en Frederik Willems leerden het vak bij Swerts. Met dat alles zit Roger Swerts al meer dan veertig jaar in het vak en ik heb geen idee hoe lang hij nog door wil gaan. Hij heeft er zo te zien nog best plezier in.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Door Fred van Slogteren, 28 december 2006 0:00

Soms word je op je wenken bediend. Vandaag wordt een grote Duitse kampioen uit het verleden 68 jaar en gisteren werd hij door ‘onze Theo’ gespot bij een cross in het Noord-Limburgse Blerick. Geen mens weet meer wie hij is en dat intereseert hem ook niks. Hij is er voor zijn pupillen en hij zat tevreden op de bovenbuis van zijn fiets toen zijn pupil Lucas Wallenhaupt als winnaar werd gehuldigd in de categorie 11- en 12-jarigen.

Zie ook het commentaar van Theo in de rubriek ‘De Burgerlijke Stand van 27 december’.

Door Fred van Slogteren, 27 december 2006 15:59

© Henk Theuns

“Van al mijn truitjes, was deze trui misschien wel het meest toe aan een grote wasbeurt. Niet door de resten van opgedroogde modder of geronnen bloed, maar vanwege de vele tranen die er op zijn geschreid. Het is de gele trui die Herman Vanspringel droeg toen hij aan het eind van de Tour de France 1968 besefte dat niet hij, maar die verdomde keeskop Jan Janssen de Tour had gewonnen. ZIJN TOUR!!! Ontroostbaar zat hij met zijn verloofde Elsa op een bankje aan de baanrand in een stadion waar alle aandacht gericht was op Janssen, die er op de schouders huilend van vreugde werd rondgehost. Ook Vanspringel huilde toen de Belgische wielerjournalist Robert Janssens bij hem kwam. ‘Hij huilde geluidloos, er kwam geen ...

Door Fred van Slogteren, 27 december 2006 10:00

Maurice DE WAELE (1896, overleden, België)

Een metronoom is een handig apparaatje met een slinger dat op de rand van de piano de maat aangeeft voor een studerende pianist. Wie als wielrenner ‘metronoom’ als bijnaam krijgt moet wel het toonbeeld van regelmaat zijn. Dat was Maurice De Waele, de Vlaamse coureur die in 1929 de Tour de France won. Dit ondanks het feit dat hij in de Alpen enkele dagen last had van afschuwelijke maagkrampen. Hij startte vier keer in la Grande Boucle en hij eindigde als eerste, als tweede, als derde en als vijfde. De Waele was een typische ronderenner die verder geen grote wedstrijden op zijn naam heeft gebracht. Van de tien Belgen die één of meermalen de Tour op hun naam hebben geschreven, is hij waarschijnlijk de meest onbekende, want er staan geen anekdotes op zijn naam en hij is verder nauwelijks opgevallen. Hij was er, deed zijn ding en verder niks. Bij hem vergeleken is Joop Zoetemelk een flamboyante persoonlijkheid. In zijn geboortestreek hebben ze er alles aan gedaan om zijn imago wat op te poetsen. In zijn geboortedorp Lovendegem is tegen de muur van het café ‘Verzekering tegen de Dorst’ een koperen gedenkplaat bevestigd waarop de kop van De Waele in bas-reliëf is afgebeeld. Na zijn carrière begon De Waele in Maldegem een rijwielzaak en in die plaats is het voetbalstadion naar hem genoemd. Die twee feiten herinneren de Belgen aan een van hun beste zonen op d’n velo, over wie verder niets te melden is. Of toch? De Touroverwinning van Maurice De Waele had voor de Fransen een naar bijsmaakje. Nadat de Tour vanaf 1903 jarenlang het domein was geweest van Franse renners, namen de Vlamingen in 1912 de hegemonie over. Elf jaar kwamen de Fransen er door Belgische overwinningen niet aan te pas. Toen won Henri Pélissier, waarna de Franse renners er weer zes jaar niet aan te pas kwamen. Er werd in die tijd met ploegen gereden gesponsord door rijwielfabrikanten, maar de Belgen die in verschillende ploegen reden, hielpen in 1929 opvallend mee aan de overwinning van De Waele. Liever een concurrent dan een Fransman, was het parool en het gevolg was dat Henri Desgrange de merkenploegen afschafte en overstapte op landenploegen. Het werd een groot succes en de periode van 1930 tot en met 1939 leverde maar liefst vijf Franse overwinningen op. Ze hadden die plaquette voor De Waele eigenlijk in het kantoor van Desgrange moeten hangen. Verzekering tegen de Vlaamse Vorst. (archief T&T Tekst & Traffic)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Door Fred van Slogteren, 27 december 2006 0:00

© T&T Tekst & Traffic

“In 1972 stopte Jan Janssen als actief wielrenner. Had hij in deze tijd geleefd dan zou hij met zijn palmares multi-miljonair zijn geweest. Maar in die tijd werd je nog niet rijk van de sport, zelfs Eddy Merckx moest na zijn carrière nog aan de slag. Kort na zijn afscheid kreeg Janssen een aanbod van de Belgische fietsenfabriek Flandria. Zij zouden racefietsen gaan maken met de merknaam ‘Jan Janssen’. Zij zouden voor een loods vol met fietsen zorgen en Janssen hoefde alleen maar de fietsenwinkels in Nederland af te gaan om de orders te noteren. De tijd was ideaal. Nederland was in de hoogconjunctuur van de jaren zestig in hoog tempo geautomobiliseerd en de fiets werd van vervoermiddel een middel om te recreëren. Door zijn eigen successen en die van Zoetemelk in de Tour de France was er daarom veel vraag naar racefietsen. Ook de autoloze zondagen in 1973 hielpen de vraag flink opvoeren. Janssen verkocht fietsen bij de ...

Door Fred van Slogteren, 26 december 2006 10:00

“Het was verdraaid moeilijk een historische zesdaagse te vinden die eindigde op 25 december. 93 jaar moest ik terug in de tijd om er een te vinden. De tweede Zesdaagse van Brussel eindigde op eerste kerstdag 1913. Er stonden maar zes koppels in de uitslag en daarbij was geen enkele Nederlander. Omdat er in die tijd 6 x 24 uur aan één stuk werd gekoerst, waren er altijd veel uitvallers. De winnaars waren de Fransman Octave Lapize (foto) en de Belg René Vandenberghe. Lapize is de meest bekende van de twee. Hij won in 1910 de Ronde van Frankrijk en dat was tevens de enige keer dat hij de Tour beëindigde. In totaal won hij in zes deelnames zes etappes. Op zijn erelijst is het opmerkelijk dat hij drie keer op rij zowel Parijs-Roubaix won (1909-1910-1911), als Parijs-Brussel (1911-1912-1913) en het kampioenschap van Frankrijk (1911-1912-1913). In 1914 nam hij na het uitbreken van de eerste wereldoorlog als oorlogsvrijwilliger dienst in het Franse leger en hij sneuvelde op 14 juli 1917 tijdens een luchtgevecht in Pont à Mousson. Op de piste bleef het, waar het de zesdaagse betreft, bij die ene in Brussel. Over René Vanderberghe is heel weinig informatie te vinden. Alleen zijn zege in de Ronde van België in 1911 en zijn overwinning met Lapize in de Zesdaagse van Brussel, zijn in de annalen bewaard gebleven.

Van de Zesdaagse van Brussel werden tussen 1912 en 1971 45 edities verreden. En al in 1914 hadden we een Nederlandse winnaar: John Stol (foto) gekoppeld aan de beroemde Belg Cyrille Vanhauwaert. Dat jaar werd Octave Lapize met zijn landgenoot Miquel tweede. Stol werd op 26 juli 1885 in Amsterdam geboren en hij was de eerste Nederlander die een zesdaagse won. Dat was in 1907 de Six van New York met de Duitser Walter Rütt. In totaal won hij zes zesdaagsen op slechts 19 starts. Naast de reeds gememoreerde zeges in Brussel en New York won hij drie keer in Berlijn en een keer in Frankfurt. Behoudens de zege in Brussel steeds met Walter Rütt als partner. Andere Nederlandse winnaars ...

Door Fred van Slogteren, 25 december 2006 10:00

Namens Jan Houterman, Peter R. de Fiets, Henk Theuns, Wim van Eyle, Otto Beaujon en Hans Middelveld en de meewerkende fotografen wens ik alle trouwe en incidentele bezoekers van http;//wielersport.slogblog.nl hele fijne kerstdagen. Blijf kijken want ook met de kerst wordt de inhoud dagelijks aangevuld.

Groet!

Fred

Door Fred van Slogteren, 24 december 2006 23:00

© Hans Middelveld

Ik denk dat de zetter geen groter letterkorps in voorraad had, anders had hij die gebruikt om het achtervolgingsduel Coppi tegen Schulte aan te kondigen. Dat was op 30 augustus 1949 een dag voor de toenmalige Koninginnedag, en het stadion zat mudjevol. Het waren de revanches van de wereldkampioenschappen van dat jaar en de indruk wordt gewekt dat de finale achtervolging beroepsrenners ook tussen de Italiaan en de Nederlander was gegaan. Maar dat was niet zo. Coppi was in Kopenhagen wel wereldkampioen geworden, maar de andere finalist was daar de Luxemburger Lucien Gillen. Schulte heeft helemaal niet ...

Door Fred van Slogteren, 24 december 2006 10:00

Het wielerverhaal is op deze weblog wat weggesukkeld. Dat is jammer want het lijden en afzien binnen onze sport leent zich bij uitstek voor literair getinte bespiegelingen. Maar gelukkig kreeg ik een mail met een mooi verhaal van de 21-jarige Frank Heinen, student Nederlands te Utrecht. Frank is geen wielrenner. Hij heeft wel gevoetbald en stond ook fanatiek op de judomat, maar zijn passie is lezen. En korte verhalen en columns schrijven waarvan hij er sommige al heeft gepubliceerd in De Volkskrant en het NRC Handelsblad. Begin 2007 verschijnt een van zijn verhalen in het literaire tijdschrift Lava Literair. Onder het vele leesvoer dat zijn ogen bereikt zit ook sportliteratuur. Omdat de wielersport een populair genre is, is er een ruim aanbod. Overwegend non-fiction en Frank besloot zich daar als schrijver (nog) niet aan te wagen, maar zijn pen aan zijn fantasie te koppelen om tot mooie literaire verhalen te komen. Hierbij een mooie bijdrage over het schrikbeeld van iedere renner: De Bezemwagen.

In de bezemwagen

De daad op zich is niet eens zo bijzonder. Je klikt je schoentjes uit de toeclips, remt langzaam af en zet voet aan de grond. Per dag doen tientallen renners het. Nooit is het een dramatisch moment, zelden vraagt men zich af of ze er de brui aan geven. Dat doen ze dan ook bijna nooit. Ze pissen hun blaas leeg en vervolgen hun weg.
De dramatiek waar de verslaggevers altijd zo naarstig naar op zoek zijn, ontbreekt volledig bij de afstappende wielrenner. Man geeft fiets af aan de toegesnelde verantwoordelijke man (nóóit een vrouw), man doet zijn helm af en stapt achterin. De bezemwagen vervolgt zijn weg. Journalisten proberen het nog wat te dramatiseren door melding te maken van een wanhopige blik op het uitgemergelde gelaat van de renner. Onzin. Afstappen is een plan dat langzaam rijpt in het hoofd van een coureur, een onontkoombaar gegeven dat van geen ontkenning behoeft. Je gaat jezelf executeren, de vraag is alleen nog hoe lang je de executie uitstelt.
De jongen naast me kijkt zwijgend uit het raampje van de bezemwagen. Zijn ogen zijn die van ...

Door Fred van Slogteren, 23 december 2006 10:00

De uitverkiezing van Theo Bos tot Sportman van het Jaar 2006 deed me goed. Een maand geleden moest hij in de strijd om Wielrenner van het Jaar de eer laten aan Michael Boogerd en daar waren veel mensen het niet mee eens. Daarom was het feestje dat hij gisteravond vierde een rechtvaardiging. Het was hartverwarmend hoe hij zijn dankspeechje aanpakte. Iedereen dacht dat hij een papiertje tevoorschijn wilde halen toen hij achter het spreekgestoelte in zijn binnenzak tastte en zijn GSM tevoorschijn toverde. Daar had hij zijn dankwoord in opgeslagen. Op dat moment kwam Bob de Jong in beeld, de sympathieke schaatser die het ook zo had verdiend. Een mooi plaatje waar de teleurstelling van af droop. Dat was heel anders bij ...

Door Fred van Slogteren, 22 december 2006 21:00

« Vorige 1 2 3 ... 1072 1073 1074 1075 1076 1077 1078 1079 1080 1081 1082 ... 1147 1148 1149 Volgende »