Geert VERHEYEN (1973, België)

Een goede degelijke prof die aan zijn vijftiende seizoen als beroepsrenner is begonnen in dienst van Mitsubishi-Jartazi. Dat is de ploeg waar Frank Vandenbroucke zijn zoveelste kans krijgt om terug op niveau te komen en waarin ook drie Nederlanders zitten. Hans Dekkers, Stefan van Dijk en Jens Mouris. Voor Geert Verheyen betekent het waarschijnlijk dat hij aan zijn laatste afbouwjaren is begonnen, want bij QuickStep werd zijn contract niet verlengd. In 2001 en 2002 reed hij twee jaar voor Rabobank en hij is destijds door Jan Raas aangetrokken als persoonlijke knecht van Michael Boogerd in het hooggebergte. Verheyen kan redelijk goed omhoog en daarmee kon hij de altijd wat nerveuze Hagenaar goed bijstaan. Het is er niet uitgekomen en na twee jaar Rabo kon hij vertrekken. Na korte intermezzi bij Landbouwkrediet en Chocolade Jacques zag Patrick Lefevere wel brood in de renner uit Diest. Ook weer uit het oogpunt van een goede domestique die de QuickStep-kopmannen goed zou kunnen bijstaan. En nu staat hij dus onder contract bij de oude Jef Braeckevelt die al zoveel jaren in de periferie van het profwielrennen meedraait en het altijd moet hebben van veelbelovende jonkies en vergane glorie. Misschien dat Geert Verheyen na zoveel jaren knechtendom op z’n ouwe dag nog eens voor een verrassing zorgt, want zijn erelijst kan nog wel een paar mooie uitslagen gebruiken als hij daar althans nog eens tegenover zijn kleinkinderen over wil opscheppen. De opa-leeftijd gaat immers naderen. Hij zal ze dan misschien ook nog vertellen over die ene ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 10 maart 2008 0:00

Na het prachtige wielerweekend van vorige week met de Omloop Het Volk en Kuurne-Brussel-Kuurne stond de afgelopen week in het teken van Parijs-Nice. Of beter gezegd in het teken van de oorlog tussen de UCI en de ASO. De UCI dreigde dat de renners die in de rit naar de zon starten een schorsing boven het hoofd hangt en ze bovendien uitgesloten worden van de Olympische Spelen en het WK. De ASO dreigde de ploegen dat zij geen startbewijs voor de Tour de France zullen krijgen als er niet in Parijs-Nice gereden wordt. En waar iedereen toen op hoopte, gebeurde gelukkig. De ploegen maakten voor het eerst, sinds de oprichting van de ProTour, eens geen ruzie en ze besloten eensgezind in Parijs-Nice van start te gaan. Bravo! De wedstrijd die nog altijd de meeste publiciteit genereert is de Tour de France en daar niet aanwezig zijn, betekent ongetwijfeld dat een aantal sponsors zich uit de wielersport zal terugtrekken. En zonder sponsors is er geen geld en zullen veel renners een andere invulling aan hun leven moeten geven. Vooralsnog is de UCI de grootste verliezer van deze eensgezindheid. De internationale wielerunie zal nu haar dreigement moeten uitvoeren en dat betekent een massale schorsing van heel veel …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 9 maart 2008 11:57

Marco VELO (1974, Italië)

Toen ik nog in mijn geboortestad woonde had ik een tandarts die de naam ‘Gravestein’ droeg en toen ik later in een dorp in het Groene Hart woonde werd ik patiënt bij tandarts Kerkhof. De vrees dat deze mannen van mijn gebit een rij zerken zouden maken bleek ongegrond, want de heren verstonden hun vak. Dus what’s in a name? Gisteren was er een oud-wielrenner jarig die Daler heet en vandaag wordt Marco Velo 34 jaar. Er is vandaag ook ene Roberto Ferrari jarig, maar die zit in de verkeerde sport. Velo betekent fiets en de naam ‘fiets’ schijnt ontstaan te zijn toen een meneer Fiets lang geleden als een van de eersten een rijwiel construeerde. Als die meneer Fiets nog heeft meegemaakt dat de fiets een massaproduct werd, moet dat een gewelddadig gevoel zijn geweest. Net als Marco Velo het als muziek in de oren moet klinken als andere renners uitroepen: ‘Waar is m’n velo?’ Hij weet dan dat ze niet hem, maar hun fiets bedoelen. Behalve als Alessandro Petacchi dat roept, want dan moet Marco opletten. Bij die kreet zitten de coureurs in de laatste kilometers van de koers en moet het sprintkanon van Milram in stelling worden gebracht. Marco is altijd de laatste die tempo maakt en uit wiens wiel Alessandro naar de overwinning moet schichten. En dat lukt regelmatig. Dat tempo maken kan Velo als de beste want hij is een formidabele tijdrijder. Vier keer was hij kampioen van Italië in die discipline. Verder is zijn erelijst bescheiden en hij heeft vanaf 2004 ook geen overwinning meer behaald, op twee koppeltijdritten en een ploegentijdrit na. Dat waren co-producties en die tellen wel mee, maar ook weer niet helemaal. Het betekent wel dat Marco Velo vooral op de fiets zit om geld te verdienen en als Alessandro Petacchi enkele tientallen malen per seizoen winnend over de streep gaat, dan bepaalt dat ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 9 maart 2008 0:00

Werner POTZERNHEIM (1927, Duitsland)

In het begin van de vorige eeuw tot aan de tweede wereldoorlog heeft Duitsland altijd goede sprinters gehad. Mayer, Engel, Richter en Merkens zijn namen van Duitse sprinters die in de Grote Prijzen van destijds en het WK hoge ogen gooiden. Na de oorlog, toen de wedstrijden betwist werden door een elitegroepje sprinters, had Duitsland alleen nog maar Potz. Werner Potzernheim uit Hannover om volledig te zijn, bronzen medaillewinnaar bij de Olympische Spelen van 1952 en 3e bij het WK amateurs van 1953. Hij hoorde er jarenlang bij, maar hij was geen winnaar. Wel in eigen land waar hij tien keer nationaal kampioen sprint was, met waarschijnlijk nauwelijks tegenstand. Binnen dat groepje topsprinters, dat op elke baan in Europa emplooi had, was hij slechts programmavulling, maar desondanks graag gezien onder zijn collega’s. In het boekje ‘Met banddikte’ dat Jan Derksen in 1961 samen met sportjournalist Dick Ariese schreef, staan nogal wat anekdotes en Potz speelt in vele daarvan een rol. De hierbij geplaatste foto heb ik uit dat boekje gescand en we zien Potz op een carnavaleske bijeenkomst met een Napoleonsteek op zijn hoofd en een gezichtsuitdrukking die het nuttigen van de nodige alcoholische versnaperingen doet vermoeden. Want feesten konden de heren bijna net zo goed als hardfietsen. In die groep bestond een bepaalde hiërarchie. Harris en Maspes waren pure sprinters die niets anders konden, maar Derksen, Van Vliet en Plattner waren van meer markten thuis. Zo reed Derksen 26 zesdaagsen in zijn lange carrière, waarvan hij er geen één won, maar wel goed mee kon komen. Het was een manier om in de winter geld te verdienen, maar leuk vonden ze het niet. In zijn boek wijdt hij een hoofdstuk aan deze harde labeur en somt daarin de koppelgenoten op die hij in die jaren heeft gehad. Zo werd hij in de Zesdaagse van ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 8 maart 2008 0:00

“In de stad Luik en omgeving wordt al eeuwenlang ijzererts en kolen gedolven en als gevolg daarvan waren er aan het begin van de negentiende eeuw letterlijk honderden wapensmeden. De één was goed in geweerlopen, de ander in kolven, enzovoort. In 1812 vormden zij een syndicaat dat een enorm handelscentrum bouwde in de gemeente Herstal en wel in een wijk met de prachtige naam ‘Couronmeuse’, in het Nederlands: de Kroon van de Maas. In 1889 kreeg het syndicaat de opdracht van de Belgische regering om 150.000 Mauser-pistolen in licentie te produceren. Honderdvijftigduizend? Is dat niet een beetje veel? Nou nee, want behalve politie en leger moest elke Belg die naar de Congo ging er ook één hebben, voor als de negerkes lastig werden. Zo werd er destijds gesproken over de escapades van de Belgische kolonialen, die zich voor een reis naar het verre Afrika inscheepten. Ter gelegenheid van deze mega-opdracht moest het syndicaat natuurlijk een betere financiële basis krijgen en zo werd de club omgedoopt in ‘Fabrique Nationale d’Armes de Guerre’, kortweg FN, dé nationale wapenindustrie. In 1898 begon FN een samenwerking met Browning, en de FN-Browning zou een even succesvol vuurwapen worden als de Kalasjnikov. Tot op de dag van vandaag is FN een uiterst succesvolle wapenfabrikant. Een …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 maart 2008 10:00

BLAINE, Alexandre (1981, Frankrijk)
BODNAR, Maciej (1985, Polen)
BUCHACEK, Tomás (1978, Tsjechië)
ELLEGAARD, Thorvald (1877, overleden 27.04.1954, Denemarken)
NEDELEC, Michel (1940, Frankrijk)
RICHEZE, Ariel Maximiliano (1983, Argentinië)
VAN DER LINDEN, Wesley (1982, België)
WINDEN, Gé van der (1946, Nederland)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 maart 2008 0:00

LE CENTENAIRE DU TOUR DE LOMBARDIE

door Claude Degauquier

“Dit boek is een uitgave van ‘Coups de Pedales’, voor mij het beste wielertijdschrift dat ik ken. Het is een Waals blad en dat is daarom curieus omdat de Walen amper nog een aandeel hebben in de Belgische wielercultuur. Het Belgische wielrennen is voornamelijk een Vlaamse aangelegenheid. De reden dat dit blad zo goed is, is waarschijnlijk te danken aan de kennis en de gedrevenheid van Claude Degauquier, de hoofdredacteur van het blad. Die man heeft een verzameling wielerboeken, wielertijdschriften en foto’s uit de hele wereld waar mijn verzameling in kan omkeren. Coups de Pedales verschijnt zes keer per jaar en zo’n vier keer in een jaar geeft het blad een wielerboek uit. Zoals dit exemplaar dat vorig jaar verscheen ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van de ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 6 maart 2008 10:00

Emile FRIOL (1881, overleden 06.12.1916, Frankrijk)

Emile Friol was een sprinter uit het begin van de vorige eeuw. De tijd van Thorwald Ellegaard, Willy Arend, Walter Rütt, Gabriel Poulain, Harie Meyers, Frank Kramer en Henry Mayer. Hij kwam uit het stadje Tain l’Hermitage in het Rhônedal. Een streek van wijnbouwers, maar de jonge Emile werd op jonge leeftijd hulpie bij een fietsenmaker. De enige in de wijde omgeving want fietsen was nog een luxe. Er waren al wel wielrenners en die kwamen hun fietsen bij de baas van Friol laten repareren als ze weer eens schade hadden opgelopen door een val. In die jaren legde hij geen bijzondere belangstelling aan de dag voor de sport, maar in militaire dienst kwam de jonge provinciaal in Parijs terecht en hij keek er zijn ogen uit. Daarom keerde hij na zijn diensttijd niet terug naar Tain, maar hij probeerde in de lichtstad werk te vinden. Als fietsenmaker, want dat was zijn vak. Op zoek naar een betrekking kwam hij in de Velodrôme d’Hiver terecht, de winterbaan van Parijs waar grote wielerprogramma’s werden afgewerkt en waar overdag het topje van de Europese wieleradel bijeen kwam om er te trainen. Hij raakte bevriend met de Duitse sprinter Henry Mayer, werd diens materiaalman en probeerde het tussen de bedrijven door ook eens op de baan. Hij had talent, bleek al spoedig en Mayer moedigde hem aan ook wielrenner te worden. Twee jaar later was Emile Friol kampioen sprint van Frankrijk en nog eens drie jaar later wereldkampioen door in de finale zijn …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 6 maart 2008 0:00

“Marianne Vos is nog maar twintig jaar en nu al mag ze in één adem worden genoemd met Keetie Hage en Leontien van Moorsel, haar twee illustere voorgangsters. Die waren op die leeftijd nog niet zo gelauwerd als Marianne nu en dat wettigt de verwachting dat de beroemdste inwoonster van Babyloniënbroek het nog verder gaat brengen dan De Keet en Tinus. Ik schrijf dit met enig voorbehoud omdat de carrière van Marianne nog maar net is begonnen en er nog van alles kan gebeuren. Verwachting en werkelijkheid volgen niet altijd dezelfde marsroute, maar aan het talent, de intelligentie en de discipline van …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 5 maart 2008 10:00

CHAPPE, Georges (1944, Frankrijk)
DE CLERCQ, Mario (1966, België)
GROSSKOST, Charly (1944, overleden 19.06.2004, Frankrijk)
HAGE, Klaas van (1985, Nederland)
HAYNES, Hamish Robert (1974, Groot Brittannië)
IVANOV, Sergei (1975, Rusland)
KNEES, Christian (1981, Duitsland)
MEIRHAEGHE, Filip (1971, België)
OLMO MENACHO, Juan (1978, Spanje)
PLOUHINEC, Samuel (1976, Frankrijk)
REDONDO RAMOS, José Antonio (1985, Spanje)
WESSELIUS, Gerard (1945, Nederland)
WIJCHEN, Theo van (1935, Nederland)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 5 maart 2008 0:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 Volgende »