Niels PIETERS (1985, Nederland)

Een paar weken geleden was ik op een avond toeschouwer bij de Ronde van Zeist. De duisternis viel eerder in dan verwacht en de wedstrijd werd iets ingekort, nadat een valpartij compleet met de afvoer van een renner per ambulance de jury had gewaarschuwd. Het peloton stormde op de streep af en Niels Pieters uit Zwanenburg won. Met beide armen in de lucht ging hij juichend over de finish. Toen hij weer bij de streep terug was in afwachting van de huldiging, ging hij direct op een oude man af en de twee kusten elkaar. Zijn opa, dacht ik direct, dat moet Piet Pieters zijn de oud-renner die in 1950 kampioen van Nederland was op het onderdeel 50 kilometer op de baan zonder gangmaking. Even verderop stond ook vader Sjaak Pieters te stralen. Hij was in de jaren zeventig samen met Lau Veldt twee keer kampioen van Nederland op de tandem en ik meen ook een keer op de kilometer tijdrit. Sjaak is de oudere broer van Peter Pieters, in 1988 Nederlands profkampioen op de weg en in datzelfde jaar winnaar van Parijs-Tours. Peter is de o zo succesvolle bondscoach van de baanrenners. Wie kent hem niet? Een echte wielerfamilie die Pietersen en op die zomeravond in Zeist waren opa, vader en (klein)zoon ook echt een familie. Blij voor elkaar en blij met mekaar. Net als opa Piet, vader Sjaak en oom Peter kan Niels uitstekend op de baan uit de voeten, want ik meen dat hij dit jaar met Kenny van Hummel de Zesdaagse van Rotterdam won voor beloften. Hij rijdt dit jaar voor Team Löwik en daarin rijdt ook een beloftevolle Deen die zijn talenten ook al in de zesdaagsen heeft laten zien. Een koppel Marc Hester-Niels Pieters zou het best eens aardig kunnen doen in de Zesdaagse van Amsterdam die over een maand al weer van start gaat. Maar ik ga daar niet over en misschien kan Bertus Raats daar eens op reageren? (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 20 september 2007 0:00

© Henk Theuns

“Dit truitje heb ik van Vincent van der Kooij gekregen. Een aardige jongen die bij het wereldkampioenschap pechvogels hoge ogen zal gooien. Zijn carrière werd er uiteindelijk door gebroken. In 2003 overkwam hem een bizar ongeluk tijdens de training. Na een goed voorseizoen met opvallende prestaties in de Belgische semi-klassiekers kwam hem op 12 mei op een smal polderweggetje een vrachtwagen tegemoet. Bij het passeren haakte de buitenspiegel van de vrachtwagen achter de arm van Vincent en hij werd meegesleurd. Hij hield er een gecompliceerde fractuur aan zijn elleboog aan over en een zware hersenschudding. Volgens de artsen in het ziekenhuis kon hij het verdere seizoen wel vergeten, maar hij het NK in juni stond hij al weer aan de start. Zijn ploeggenoot Rudie Kemna werd op die zonnige zondag in Rotterdam Nederlands kampioen en Vincent deelde volop in de feestvreugde. Enkele weken later ontdekte hij in zijn oksel een bult, die daar niet hoorde. Onderzoek in het ziekenhuis wees uit dat hij lymfklierkanker had, de ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 19 september 2007 10:00

Gerald CIOLEK (1986, Duitsland)

Als je leest wat deze renner in zijn eerste seizoen in de ProTour al heeft gepresteerd kun je haast niet geloven dat hij vandaag pas 21 jaar wordt. Al negen keer stond hij dit jaar met de bloemen op het hoogste treetje van het erepodium. Natuurlijk is Ciolek razendsnel, maar toch. Ook een sprinter moet aan een nieuwe omgeving wennen en Robbie McEwen en Alessandro Petacchi hebben er jaren over gedaan voor ze een supersprinter waren. Maar Gerald won in zijn eerste jaar direct drie etappes in de Ronde van Duitsland, twee in die van Oostenrijk en het eindklassement in de Ronde van Rheinland-Pfalz. We wisten natuurlijk wel wie hij was, want in 2006 werd hij bij de beloften eerst kampioen van Duitsland om daarna in Salzburg wereldkampioen te worden. Het mooie van die titelstrijd was dat hij het niet op een massasprint liet aankomen, waarin hij ongetwijfeld hoge ogen zou hebben gegooid. Toen er kort voor het einde een groepje van zes een gaatje sloeg, zat Ciolek erbij en realistisch zei hij na afloop: “In een massasprint kan veel mislopen.” Ciolek is blijkens zijn uitspraken niet uitsluitend met wielrennen bezig. Hij kan uitstekend relativeren, als hij stelt dat hij zich niet alleen laat motiveren door successen, maar ook door pijnlijke nederlagen. “De wielersport is belangrijk, maar niet zo belangrijk dat je de wezenlijke zin van het leven uit het oog moet verliezen”is een andere uitspraak van de T-Mobile-renner. En om nog een citaat van de jonge Keulenaar te gebruiken: “Het gaat zoals het gaat, en niets blijft zoals het was.’ Ik zou zeggen er is een nieuwe Fedor den Hertog opgestaan. Dat laatste zou Fedor ook gezegd kunnen hebben en was ons orakel van Wassenaar ook niet ooit winnaar in Rheinland-Pfalz? (Foto: © Cor Vos)
 

Geplaatst door Fred van Slogteren, 19 september 2007 0:00

© Peter Ravensbergen

“Hij was een zeer succesvolle prof van 1974 tot en met 1985 en hij kwam uit voor de ploegen TI-Raleigh, Frisol, wederom TI-Raleigh en Kwantum Hallen. Vervolgens werd hij direct ploegleider bij die laatste sponsor en vervolgens van SuperConfex, Buckler, WordPerfect, Novell en natuurlijk Rabobank, waar hij zijn plaats in de ploegleidersauto verruilde voor de bureaustoel van de eindverantwoordelijke manager. Met de bank maakte hij een grote overeenkomst en Nederland kwam weer op de wielerkaart te staan. Als ploegleider bleef hij altijd het merk Colnago trouw, hetgeen tot een niet uit te vlakken vriendschap met de grote Ernesto leidde. Deze uitstekende relatie zorgde er ook voor dat Jan het voor elkaar kreeg een bijzondere witte tijdritfiets los te weken, die van de Zwitser Tony Rominger was geweest. Ik heb deze fiets te danken aan de tussenpersoon van Jan Raas waardoor hij bij deze fietsgek uit Ridderkerk is terechtgekomen.
Verleden week had ik het over de groene trui van Raas en de tijdrituitvoering ervan bestaat uit één stuk. Ik heb dus een kapstok nodig om deze trui op te hangen en wat is er dan mooier dan …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 18 september 2007 10:00

Thomas WEGMÜLLER (1960, Zwitserland)

In een ver verleden was Nidi den Hertog een specialist in monsterontsnappingen. De jongere broer van Fedor kon vanuit het vertrek demarreren om dan tot in de finale alleen voorop te blijven. Het was altijd zinloos, want ik geloof niet dat hij ooit op die manier gewonnen heeft, maar het was goed voor de sponsor als er tenminste TV-camera’s aanwezig waren. Er zijn meer van die renners geweest en de bekendste is wel Jacky Durand, de Fransman die op die manier ooit de Ronde van Vlaanderen won. Dat was in 1992 en Durand was toen nog volslagen onbekend. Zijn vluchtgenoot Thomas Wegmüller was veel bekender, want die was ook een gekend specialist in monsterontsnappingen. Hij ging er al na enkele kilometers koers vandoor en hij kreeg – blijkens het verslag in Wieler Revue – drie nobele onbekenden mee. Dat waren Patrick Roelandt, Hervé Meyvisch en Jacky Durand. Onder aanvoering van Wegmüller reden de vier goed door en ze realiseerden een maximale voorsprong van 22 minuten. Op dat moment begon het peloton te koersen, maar op de Oude Kwaremont had het kwartet vooraan nog een dik kwartier over. Op de Varentberg moest Roelandt lossen en Meyvisch moest er op de Muur van Geraardsbergen aan geloven. Wegmüller stampte echter onverdroten voort met Durand in zijn wiel. De Fransman had het slim gespeeld en net genoeg kopwerk gedaan om niet als profiteur gebrandmerkt te worden. Op de Bosberg, traditioneel de laatste potenbreker van de ronde zag hij het licht bij de Zwitser langzaam uitgaan en hij demarreerde. Met 48 seconden voorsprong op Wegmüller arriveerde hij aan de meet. Allebei waren ze volkomen leeggereden. Die Ronde van Vlaanderen was illustratief voor Thomas Wegmüller. Het leeuwendeel van het werk doen, terwijl een ander er met de winst vandoor gaat. Dat was hem in 1988 ook al eens overkomen toen hij in Parijs-Roubaix alleen vooruit was met Dirk Demol. Hij deed het meeste werk en de Belg won. Toch was Wegmüller een goede renner, een tijdrijder vooral. Beroemde tijdritten als de Grote Prijs Lugano en de Grand Prix des Nations staan op zijn erelijst. Verder won hij de Henninger Turm en de Grote Prijs Wallonië en hij was twee keer wegkampioen van Zwitserland, waarvan één keer bij de amateurs. Tegenwoordig is hij een collega van Fred Rompelberg, want hij organiseert fietsreizen. Niet op Mallorca, maar op Cyprus. (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 18 september 2007 0:00

In 1969 won Joop Zoetemelk de Tour de l’Avenir en drie jaar later deed Fedor den Hertog hetzelfde. De Nederlandse kranten stonden er destijds vol van. Dat kwam mede omdat die koers parallel liep aan de Tour de France en grotendeels over hetzelfde parcours ging. De Ronde van de Toekomst was wat de naam aangaf, het oefenterrein voor toekomstige Tourvedetten. Vorige week heeft een Nederlander voor het eerst sinds Den Hertog de Tour de l’Avenir gewonnen en het haalde nauwelijks de Nederlandse kranten. Bauke Mollema is de naam en hij komt uit Zuidhorn in Groningen. Hij is 20 jaar en pas drie jaar wielrenner. Hij reed zich direct in de kijker en Nico Verhoeven wist niet hoe gauw hij het talent uit het hoge Noorden moest inlijven in zijn beloftenploeg van de Rabobank. Een ruwe diamant die kan klimmen en tijdrijden, maar nog alles moet leren op het gebied van ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 17 september 2007 12:00

“Je zult maar Piet Kuijs heten en tussen 8 en 18 september 1992 met een stel Nederlandse amateurs naar de Ronde van de Toekomst mogen gaan. Renners die zich stuk voor stuk als amateur redelijk bewezen hadden, maar nog ongewis waren van een eventueel profbestaan. En Kuijs kon toen niet weten dat hij een ploeg vol toekomstige Nederlandse paradepaardjes onder zijn hoede had. Inderdaad, Michael Boogerd, Bart Voskamp, Leon van Bon, Richard Groenendaal en Erik Dekker reden in 1992 de 29e Tour de l'Avenir en niet zonder succes. Drie ritten werden aan de zegekar gebonden, Dekker (2) en Van Bon. Verrassend genoeg was de Betuwnaar Bart Voskamp (tegenwoordig directeur van de Eneco Tour – zie foto) de beste in de eindstand op een keurige derde plaats, Groenendaal werd 9e, Dekker 18e, Boogerd 26e en Van Bon 40e. Bovendien won Tristan Hoffman van de TVM-ploeg ook nog twee ritten. En o ja, ene Lance Armstrong uit de Verenigde Staten won het bergklassement, ook van hem zouden we later nog het een en ander vernemen. Ik ben benieuwd of we in 2020 net zo zullen praten over Nico Verhoeven met zijn renners Bauke Mollema, Steven Kruijswijk, Tom Leezer, Jos van Emden en Dennis van Winden.
 
Op woensdag 20 september 1967 werden de traditionele clubkampioenschappen van Nederland verreden. Ditmaal niet, zoals in de voorbije vijftien jaren in Wijk bij Duurstede, maar in de ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 17 september 2007 10:00

Juan-Antonio FLECHA GIANNONI (1977, Spanje)

Ik heb in januari van dit jaar een heel kort gesprek met hem gehad. Dat was tijdens de presentatie van de Rabobank-ploeg in Utrecht. Ik weet niet eens meer waar we het over hadden. Wat me bij is gebleven is zijn vrolijke uitstraling. Een opgewekte jongen met lachende bruine ogen. In het aan hem gewijde tekstje in de Rabo Wielergids 2007 wordt die indruk meer dan bevestigd. Hij wordt daar een FAN-TAS-TISCH mens genoemd en een absolute positivo. Altijd en overal heeft hij zin om te fietsen. Flecha is ook een sociaal mens, die altijd de eerste is om een helpende hand toe te steken als er iemand in de lappenmand zit. Ik vraag me af of Rasmussen dat ook gemerkt heeft, maar aan wiens zijde staat Flecha? Er zijn maar twee Rabo-renners die zich over de zaak Rasmussen hebben uitgelaten. Michael Boogerd had met de Deen te doen en Denis Menchov maakte van de week in De Telegraaf gehakt van hem. En de rest van de ploeg doet er het zwijgen toe. Maar terug naar Flecha. In dat stukje in de Rabo Wielergids staat ook dat hij te gretig is en daar ben ik het wel mee eens. Hij heeft veel klasse, maar in zijn wedstrijden, de voorjaarsklassiekers, kan hij behoorlijk met zijn krachten smijten. Iedere keer vliegt hij er weer in en brengt hij zijn kansen om zeep. Daar zal in de ploeg best wel vaak met hem over gesproken zijn, maar effect heeft dat tot nu toe niet gehad. Hij heeft de klasse om een grote koers te winnen, maar het is er nog niet uitgekomen. Het mag de pret voor hem echter niet drukken, want (wederom een citaat) hij verschijnt bij iedere wedstrijd aan de start in de heilige en stralend lachende overtuiging dat hij vandaag het peloton zijn wil gaat opleggen. Een on-Spaanse renner, want hij prefereert de kasseien boven het hooggebergte, en een on-Spaans mens. Dat klopt ook, want Juan-Antonio is Argentijn van geboorte en als kind met zijn ouders naar Spanje gekomen en al lang tot Spanjool genaturaliseerd. Ik hoop in april volgend jaar weer van hem te mogen genieten. (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 17 september 2007 0:00

De rubriek ‘Uit het museum van Hans’ is gestopt omdat Hans door zijn affiches heen is. Daarom vandaag een nieuwe rubriek op zondag. Wekelijks verzamel ik uitspraken van wielrenners, journalisten of bij de wielersport betrokken mensen die in diverse media zijn gehoord of gelezen. Een interactieve rubriek, want ik kan in mijn eentje niet alles zien, horen en lezen. Als je een leuke uitspraak in de media tegenkomt, geef die dan door op fred@slogblog.nl met vermelding van wie de uitspraak is, waar die is uitgesproken of gepubliceerd en de datum. Mits voldoende interessant zal die quote dan – met vermelding van je naam – op de slogblog worden gepubliceerd.

Genoteerd van 10 tot en met 16 september 2007:

Oscar Freire uit de Ronde van Spanje

“’m heeft weer last van z’n poep.”

Michel Wuyts op Sporza 10.09.2007

- - -

Contractverlenging

“Ik heb de afgelopen twee jaar veel progressie geboekt in het Skil-Shimano team en hoop die lijn het komende jaar door te trekken.”

Kenny van Hummel op de website van Wieler Magazine 11.09.2007

- - -

Afscheid

“Blij dat het gedaan is? Toch wel ja. Ik heb een mooie carrière bijeen gefietst. Welke overwinning nu de mooiste was, kan ik voor de vuist weg niet zeggen maar mijn eerste zege in de Ronde van Vlaanderen, dat gaf toch een geweldig gevoel. Zeker omdat die koers in mijn streek gereden wordt. Dat er een pak supportersbussen vanuit mijn streek afgezakt zijn naar Desselgem? Dat moet zijn want ik heb hier al een pak bekende gezichten gezien. Dit doet enorm deugd.”

Peter Van Petegem in de Gazet van Antwerpen 11.09.2007

Geplaatst door Fred van Slogteren, 16 september 2007 10:00

Henk BENJAMINS (1945, Nederland)

Henk Benjamins was een heel goede amateur die in 1969 het regelmatigheidsklassement won dat het blad Wielersport elk jaar organisserde. In de Tour de l’Avenir van dat jaar kon hij redelijk meekomen en hij eindigde op een 36e plaats. Op basis van die prestaties kreeg hij in 1970 een profcontract aangeboden bij de Caballero-ploeg van Gé Peters. Hij mocht gelijk mee naar de Tour. De Drent was een sterke, fanatieke doordouwer die niet van opgeven wilde weten. Maar in de 19e etappe kreeg hij last van maagklachten en hij verloor in de beklimming van de Tourmalet het contact met de bus. Eenzaam vocht hij tegen de tijdslimiet vlak voor de bezemwagen uit. Ondanks zijn gezwoeg kwam hij 20 minuten te laat binnen. Zijn eerste profjaar was het laatste van de Caballero-ploeg. Met enkele andere Caballero’s kreeg Henk een contractje bij Goudsmit-Hoff van de vermaarde en zeer omstreden ploegleider Kees Pellenaars. In het shirt van die behangfabrikant mocht hij direct aan zijn tweede Tour beginnen. In een interview in Wielerexpress 2005 kijkt hij met gemengde gevoelens op die ervaring terug. Veel goeds heeft hij over zijn ploegleider van toen niet te melden en het verhaal van de etenszak met keien is het waard in het kort naverteld te worden. Het was op een dag in de Tour van 1971 bloedheet en Benjamins snakte naar drinken. Maar Pellenaars beet hem vanuit de ploegleidersauto toe: ‘Eerst koersen en dan drinken’. Dan maar gewacht op de ravitaillering, dacht Henk. Vrijwel uitgedroogd greep hij de zak uit handen van mekanieker Jo Hulshof. Het ding was zwaar, loodzwaar en Benjamins slingerde het ding om zijn schouders om er de bidon met koel, helder water uit te graaien. Maar de zak bevatte slechts keien en de arme boerenzoon uit Hollandscheveld moest maar zien hoe hij aan eten en drinken kwam. Lang heeft hij daarna niet meer gekoerst, want in 1973 stopte hij er al mee. Hij werd vertegenwoordiger in werkkleding. In 1991 begon hij voor zichzelf met de verkoop en verhuur van werkkleding. Hij vond een gat in de markt, want de handel in gebruikte overalls en stofjassen is booming business en Henk Benjamins verdient er een goede boterham mee. Hij is een tevreden mens die al lang geen keien meer hoeft te vreten. (Foto: archief Sportexpress)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 16 september 2007 0:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 Volgende »