“In de krant van zaterdag 24 september 1977 stond een verslag van de prof-jubileum-ronde van Terneuzen, gehouden in het kader van de viering van het 150-jarig bestaan van het Kanaal Gent-Terneuzen. De lange koers leverde een fraaie zege op voor de Zeeuwse vedette Jan Raas die in de eindsprint zijn naaste belager Gerrie Knetemann duidelijk achter zich hield.
Op het 150 kilometer lange traject, dat eerst een kleine 100 kilometer door Groot-Terneuzen voerde, waarna nog 14 ronden van 4 kilometer volgden in het stadje Terneuzen, waren duizenden toeschouwers getuige van een spectaculaire strijd. Nadat de rappe Richard Buckacki in Sluiskil de vette premie van 500 gulden had gewonnen, kwam onder impuls van de strijdlustige Kees Bal een vluchtgroep tot stand met ook Piet van Katwijk en Udo Hempel. Na een jacht van 30 kilometer, met Fedor den Hertog en Wilfried Wesemael als gangmakers, werden de drie in de kraag gegrepen. Toen men aan de 14 plaatselijke ronden begon (attractief gemaakt door een ware premie-regen), toonde Wim de Wilde, ook al een Zeeuw, durf en moed. De stijlvolle neoprof uit Kwadendamme kreeg in zijn spoor Martin Havik en Ko Hoogendoorn mee. Kort daarop streken ook Jan Raas, Henk Lubberding, Frans Verbeeck, Gerrie Knetemann, Romain Demeyer en Jan en Fons van Katwijk op de kopgroep neer en toen was het pleit beslecht. In de laatste ronden was de demarrage van Raas en Knetemann teveel voor de rest, waarna Jan Raas - na een heuse sur place - met een zeer krachtige aanzet de koers op zijn naam schreef. Wim de Wilde werd zesde. Kan iemand meer over deze Zeeuw vertellen? In het boek ‘Een eeuw Nederlandse Wielersport’ van Wim van Eyle staat hij slechts achterin vermeld in de rubriek: ‘was er meer ruimte dan was ik zeker niet aan hem voorbij gegaan….’. Ik heb nagenoeg niets over De Wilde kunnen vinden. Maar als je in je debuutjaar tussen vele toppers zesde kunt worden in een koers over 150 kilometer moet je toch wat in je mars hebben. Volgende maand bestaat het Kanaal Gent-Terneuzen trouwens 180 jaar, de opening was op 18 november 1827, voor zover mij bekend zijn er dit jaar geen wieleractiviteiten gepland. Zelfs geen veldrit.

Op woensdag 24 september 1980 won de Italiaan Pierino Gavazzi de 60e editie van Parijs-Brussel. Na 286 kilometer was hij de snelste van een kopgroep van zeven met daarin Hennie Kuiper (4e) en Gerrie Knetemann (6e). Gavazzi was een snelle jongen maar toch was dit ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 24 september 2007 10:00

Piet de VRIES (1922, Nederland)

Met enkele tientallen familieleden en vrienden (onder wie Coen Moulijn, meesterkok Cees Helder en de succesvolle veteraanrenner Piet Gruteke) heeft Piet vorige week vrijdag zijn 85e verjaardag gevierd. Op een partyschip in de Rotterdamse haven. Piet is een bijzondere man. In de jaren kort na de tweede wereldoorlog was hij een van de beste amateurrenners van ons land en zijn nationaal kampioenschap in 1947 bewijst dat. Hij werd daarna prof en dat was armoe troef. Behoudens enkele vedetten als Gerrit Schulte en Fiel Middelkamp en baancoryfeeën als Jan Derksen en Arie van Vliet die op basis van hun naam en reputatie aantrekkelijke startgelden toucheerden, was er voor de rest slechts droog brood te verdelen. Toch zette Piet door en in 1952 mocht hij op 29-jarige leeftijd mee naar de Ronde van Zuid-Italië. Dat veranderde zijn leven. Hij ontdekte daar zijn aanleg voor de handel en hij stapte kort daarna het zakenleven in. Het ging aanvankelijk niet van een leien dakje, maar Piet is met veel vallen en opstaan meer dan geslaagd. Toch heeft hij na al die jaren nog steeds spijt dat hij destijds de wielrennerij te vroeg vaarwel heeft gezegd. ‘Dat had ik ook een paar jaar later kunnen doen’, bromt hij als het onderwerp ter sprake komt. ‘Na terugkomst uit Italië kreeg ik bericht van Pellenaars dat ik me moest voorbereiden op de Tour de France van 1953. Ik heb dat niet gedaan en in mijn plaats is Jefke Janssen meegegaan. De Nederlandse ploeg won dat jaar het algemeen ploegenklassement en er waren nog veel meer successen. Daar had ik bij moeten zijn. Dan had ik nu met veel meer plezier op mijn wielercarrière teruggekeken, want je bent toch pas echt wielrenner geweest als je de Tour hebt gereden.’ Piet heeft nog steeds contact met enkele oud-renners uit zijn tijd, zoals Jan Derksen, Henk Faanhof en Gerrit Voorting, zijn enig overgebleven mede-musketier van damals. Zij ontbraken om gezondheidsredenen op zijn feest. De afwezigheid van Faanhof was extra sneu, omdat de Amsterdammer diezelfde dag in het ziekenhuis werd opgenomen na een lichte hartaanval (tia). Bij Piet is van gezondheidsproblemen nog geen sprake want hij leidt nog steeds dagelijks met vaste hand zijn bedrijf en wie hem met zijn lieve Dientje op de dansvloer zag, moet jaloers zijn op zoveel levenslust en vitaliteit. Piet nog vele mooie jaren en Henk wens ik van harte beterschap. His way! (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 24 september 2007 0:00

Twee jaar geleden won hij al eens de Vuelta, ook al moest hij bijna een jaar wachten voor zijn zege officieel was. Hij heeft toen meer dan eens verklaard dat hij daar niet echt blij mee kon zijn. Een papieren overwinning krijgt pas na tientallen jaren waarde, omdat niemand dan meer weet hoe die tot stand is gekomen. Maar op deze overwinning is niets af te dingen. Denis Menchov was over drie weken koers de sterkste. En met afstand. Want hij won niet alleen het algemeen klassement, maar ook het bergklassement en het combinatieklassement, terwijl hij de trui van het puntenklassement pas in de laatste meters aan Daniele Bennati verloor. En dat met een veel mindere ploeg dan in de Tour aan het werk was. Natuurlijk met ervaren mannen als Moerenhout, Posthuma, Ardila en Horrillo, maar voor Eltink, De Maar en Langeveld was het toch nieuw om op dit niveau een leiderstrui te verdedigen. Die ervaring is uiterst waardevol voor de rest van hun carrière. Ook een compliment voor Erik Breukink, die heeft aangetoond een evenwichtig ploegleider te zijn. Het had ook gekund dat de hele Rabobank na het drama van de Tour de kop had laten hangen en het seizoen plichtmatig had uitgefietst. Ze hebben een hoofdprijs en met drie etappezeges van Freire en één van Menchov is deze Ronde van Spanje een van de grootste successen uit de wielergeschiedenis van Rabobank. Nu nog hopen op een eerlijk en openhartig rapport van Peter Vogelzang waar we in kunnen geloven en dan mag Rabobank terugzien op een bizar maar mooi seizoen. En volgende week kan het nog mooier worden, want met Oscar Freire en Michael Boogerd heeft de bank bij het WK in Stuttgart twee belangrijke ijzers in het vuur. (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 23 september 2007 16:51

Dit is een wekelijkse verzameling van uitspraken van wielrenners, journalisten of bij de wielersport betrokken mensen die in diverse media zijn gehoord of gelezen. Een interactieve rubriek, want ik kan in mijn eentje niet alles zien, horen en lezen. Als je een leuke uitspraak in de media tegenkomt, geef die dan door op fred@slogblog.nl met vermelding van wie de uitspraak is, waar die is uitgesproken of gepubliceerd en de datum. Mits voldoende interessant zal die quote dan – met vermelding van je naam – op de slogblog worden gepubliceerd.

Genoteerd van 17 tot en met 23 september 2007:

Onderbroek

“Mollema zit pas drie jaar op een racefiets. Hij meldde zich eind 2004 bij de Noordelijke Wielervereniging in Groningen met een roze en roestig karretje en een door hem zelf gekochte en veel te grote trui van Rabobank. Zelfs de nuchtere noordelingen moesten een beetje om Mollema, die al snel ‘Baukema’ werd, lachen. De jongen wist van niets, zijn materiaal was derdehands en onder zijn koerskledij droeg hij notabene een onderbroek.”

Marije Randewijk in de Volkskrant 17.09.2007

- - -

Vergrootglas

“Als klimmer is hij een uniek talent. In Nederland zijn we de laatste tijd een beetje verwend met jongens die mogelijk een grote toekomst tegemoet gaan. Maar jongens als Bauke ga je in bijvoorbeeld België zelfs met een vergrootglas niet vinden.”

Nico Verhoeven in De Telegraaf 18.09.2007

Geplaatst door Fred van Slogteren, 23 september 2007 10:00

Martin ELMIGER (1978, Zwitserland)

Hij wordt vandaag 29 jaar en al sinds 2001 is hij profrenner. Hij heeft zich ontwikkeld tot een degelijke renner zonder veel hoogtepunten. Hij is een goede rouleur en een redelijke tijdrijder. Dat maakt hem vooral tot een betrouwbare knecht die zijn taken in het peloton naar behoren uitvoert. In de laatste Tour de France reed hij geen enkele uitslag, want bij AG2R was het zijn taak om kopman Christophe Moreau te dienen en hem waar mogelijk terzijde te staan. Dat heeft hij tot in Parijs gedaan en het is niet zijn schuld dat zijn populaire kopman niet verder kwam dan de 37e plaats. De palmares van Martin Elmiger is bescheiden met zo nu en dan een overwinning. Zo was hij enkele jaren terug kampioen van Zwitserland en in het kampioenschap tijdrijden werd hij al eens tweede. Verder was er winst in enkele kleinere eendagskoersen en ereplaatsen in de HEW Cyclassics en de Ronde van Lombardije. Op het eind van het seizoen kan hij dus nog goed mee en dat hij ook in het heel prille voorseizoen zijn mannetje staat, blijkt uit zijn winst dit jaar in de Tour Down Under. Vorig jaar reed hij bij Phonak en hoewel die ploeg al vroeg in het seizoen bekendmaakte dat 2006 het laatste jaar zou zijn, kreeg Elmiger een nieuw contract aangeboden. Waarschijnlijk was er een nieuwe sponsor in beeld en teammanager John Lelangue wilde zijn ploeg graag bij elkaar houden om die als geheel in de onderhandelingen met nieuwe sponsors te kunnen presenteren. De Belgische ploegbaas bleek Elmiger echter niet op waarde te schatten, want hij bood hem een salaris dat maar liefst 30 procent lager lag. Dat pikte de Zwitser natuurlijk niet en hij verklaarde dan nog liever met fietsen te stoppen. Dat was niet nodig, want Vincent Lavenu van AG2R schatte hem wel op waarde. Martin Elmiger beloonde het in hem gestelde vertrouwen direct met een mooie overwinning. Lelangue had het kunnen weten: ‘geen geld, geen Zwitsers’. (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 23 september 2007 0:00

De afgelopen week stond weer volop in het teken van doping en de strijd tussen de UCI en de organisatoren van de drie grote ronden. Floyd Landis werd eindelijk schuldig bevonden aan het gebruik van lichaamsvreemd testosteron in de door hem gewonnen Tour de France van 2006. Hem werd de overwinning officieel ontnomen, nadat de Tourdirectie dat al veel eerder had gedaan, en hij werd voor twee jaar geschorst. De overwinning vervalt nu aan de nummer twee van toen, de Spanjaard Oscar Pereiro, die daar ook niet meer blij mee is. Landis moet ook het prijzengeld terugbetalen. Vier ton in euro’s, bovenop het miljoenenbedrag dat hij al aan advocaten heeft betaald en dat hem vrijwel heeft geruïneerd. Ik snap het niet. Ondanks zijn ontkenningen moet Landis toch geweten hebben dat de beschuldigingen kloppen, want hij is er zelf bij geweest. Waarom jaag je dan je hele vermogen er door om juridisch recht …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 22 september 2007 10:00

Eloï MEULENBERGH (1912, overleden 26.02.1989, België)

De tweeslachtigheid van het koninkrijk der Belgen staat deze dagen weer volop in de belangstelling. De Vlamingen en de Walen kunnen slecht door één deur en dat is in wielerzaken net eender. Wielrennen is een grote sport in België, maar eigenlijk zou je moeten zeggen dat de wielersport vooral een Vlaamse aangelegenheid is. 25 keer is een Belg tot wereldkampioen bij de professionele wegrenners gekroond en daarmee laten onze zuiderburen alle andere landen ver achter zich. Maar van die 25 titels (behaald door 17 renners) zijn er slechts twee door Walen behaald. Dat waren in 1984 Claude Criquielion en in 1937 Eloï Meulenbergh. Eigenlijk is de laatste maar een halve Waal, want zijn vader – de Vlaamse beroepsrenner Evarist Meulenbergh – trouwde een Waals meisje en Eloï werd in Jumet geboren. Hij trad in de voetsporen van zijn vader en hij werd een van de beste renners uit de jaren dertig. Hij won twee klassiekers, te weten Luik-Bastenaken-Luik en Parijs-Brussel. Meulenbergh was een rappe en veel van zijn overwinningen zijn in de sprint bevochten. Zo ook zijn wereldkampioenschap in Kopenhagen, waar hij de Duitser Emil Kijewski en de Zwitser Paul Egli voorbleef. Hij vertrok vier keer in de Tour en reed die slechts één keer uit. De bergen waren niet zijn cup of tea, maar hij kwam naar Frankrijk om er ritten te winnen. In 1936 won hij er twee, een jaar later vier en in 1938 drie. Een mooi gemiddelde. Hoewel hij dus echt grote koersen heeft gewonnen en zijn mannetje meer dan stond, was zijn bijnaam: Koning der kermiskoersen. In die wedstrijden was hij op zijn best en hij veroverde die titel ook officieel in 1937, toen hij elf maal als eerste in een kermiskoers over de finish ging. Meulenbergh was een fanatieke renner met een enorme eerzucht. Hij was prof tot en met 1950 en tot op het laatst zeer veelzijdig. In 1949 had hij zich ingeschreven voor het Belgisch kampioenschap sprint op de piste van Rocour in Luik. Hij bracht het tot de halve finales, nadat hij in de kwartfinale Milou Gosselin had verslagen. Voor wie dat niet weet: Gosselin was in de jaren veertig en vijftig na het afscheid van Poeske Scherens een van de beste sprinters ter wereld, Europees kampioen sprint 1948, zeven keer Belgisch kampioen en winnaar van 35 internationale Grote Prijzen. Na zijn afscheid reed Meulenbergh nog vele jaren bij de veteranen. Hij kon het gewoon niet laten. 

Geplaatst door Fred van Slogteren, 22 september 2007 0:00

© Otto Beaujon

“Travailleur is een fietsmerk uit de Loirestreek, maar het had uiteraard overal uit Frankrijk vandaan kunnen komen. De eerste fietsen waren tot het einde van de 19e eeuw een speeltje voor de elite. Daarna werd het een vervoermiddel van jan en alleman. Een fiets gaf je, als mens die met werken in zijn levensonderhoud moest voorzien, een voordeel ten opzichte van mensen die alles te voet moesten doen. Nergens is dat zo prachtig verbeeld als in de film ‘De fietsendieven’ van Vittorio De Sica. Een eerlijke fiets zonder tierelantijntjes voor de werkende mens was toen een soort aanbeveling. In Nederland deed bijvoorbeeld het merk Union lange tijd aan marketing van no-nonsense modellen. Maar de tijden veranderen, en een merk als Travailleur, dat werker/arbeider betekent past in de huidige tijd absoluut niet meer.
Ga maar na: de gebruiksfiets bij uitstek zoals die zeven jaar geleden gelanceerd werd heette Kronan, Zweeds voor (konings-)kroon. In feite was de Kronan kwalitatief de slechtste fiets die er op dat moment voor goed geld te koop was: veel ijzer, weinig ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 21 september 2007 10:00

Valère OLLIVIER (1921, overleden 10.02.1958, België)

De Vlamingen geven hun zonen niet meer van die prachtige oud-Franse namen, zoals vroeger vaak het geval was. De naam Sylvère is daar een mooi voorbeeld van, maar de Vlaamse wielersupporters noemden tweevoudig Tourwinnaar Sylvère Maes toch liever Peer. Ook Valère Ollivier werd niet met zijn mooie naam aangesproken, maar met Pim. 'Pimmeke' zullen ze hem wel niet genoemd hebben, want veel vertederends straalde hij niet uit. Hij was wel heel populair in Vlaanderen, want Pim was een geweldige kermiskoerser. In zijn tijd verdienden de meeste Vlaamse coureurs in die knoerharde koersen hun brood. Vaak dikbelegd, want een man als Fiel Middelkamp heeft meerdere malen verteld dat hij in drie kermiskoersen meer verdiende als in de Tour met alle klassiekers er bij. Drie keer werd Ollivier Koning der Kermiskoersers, een titel die in aanzien in de buurt kwam van een zege in de Tour de France, het wereldkampioenschap en zelfs de Ronde van Vlaanderen. Ollivier was een sterk coureur met een vlijmscherp eindschot, die in zijn carrière meer dan tweehonderd overwinningen behaalde. Behalve tientallen kermiskoersen staan ook mooie wedstrijden als Gent-Wevelgem en Kuurne-Brussel-Kuurne op zijn erelijst en daarmee kun je toch thuiskomen. Ik weet verder niet veel van hem, maar ik denk dat hij niet graag over de grens ging, want zijn palmares bevat bijna uitsluitend resultaten in België behaald. Een uitzondering is de Ronde van Marokko, waaraan hij twee keer deelnam en drie etappes won. Aan het grote werk als de Tour en de Giro heeft hij zich nooit gewaagd, waarschijnlijk omdat hij er niets te zoeken had. Als jongetje ontdekte ik in Amsterdam eens een snoepwinkeltje bij ons om de hoek, waar ze American Bubble Gum verkochten. Een Belgisch product met een wielrenplaatje er in. In kleuren die pijn deden aan je ogen. Ik heb een hele stapel bij elkaar gekauwd met plaatjes van mannen als André Rosseel, Roger Ghyselinck, Maurice Blomme, Nestje Sterckx en natuurlijk ook Valère Ollivier. Dat was de eerste die ik uit zo’n pakje haalde en die kop als een kassei sprak me wel aan. Zo hoorde een Vlaamse coureur er uit te zien. Hij overleed natuurlijk veel te vroeg, want de kermiskoerser uit Roeselare werd maar 37 jaar. (Foto: archief T&T Tekst & Traffic)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 21 september 2007 0:00

STORIA DEL CICLISMO
 

door Gian Paolo Ormezzano

“Een typisch Italiaans wielerboek. Een zeer uitgebreide beschouwing van de wielersport door de jaren heen, gezien door een Italiaanse bril. Inclusief de zegen van de paus, zal ik maar zeggen. Ruim 260 pagina’s waarvan ca. 70 met foto’s. Die staan allemaal bij elkaar achterin het boek. Omdat ik de Italiaanse taal niet beheers kan ik het niet lezen, maar de foto’s vertellen veel van het verhaal. Hoewel het boek uit 1985 dateert en er wel degelijk moderne kleurenfoto’s in staan (zie de coverfoto met Francesco Moser bezig met het realiseren van het werelduurrecord), ligt de nadruk op het verdere …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 20 september 2007 10:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 Volgende »