ad ad ad ad
Deel 3 is uit

Jos van AERT (1962, Nederland)

Na de dopinggevallen van Vino en Moreni en de uitsluiting van Rasmussen in de Tour mocht de wielersport zich verheugen in een buitensporige aandacht van de media. Erg zorgvuldig ging men daarbij niet met de feiten om en zo kon het gebeuren dat op TV enkele malen het filmpje langskwam, waarin Jos van Aert met zijn veel beroemdere ploeggenoten Raul Alcala en Erik Breukink als geslagen honden in een touringcar de Tour verlieten na de Intrapilid-affaire in 1991. Dat had achteraf niets met doping te maken, maar met bedorven voedingssupplementen, maar dat onder- scheid wenst de pers niet te maken in hun ijver om de wielersport zo hard mogelijk te treffen. Toch was de impact op de ploeg en de renners groot. Ploegmanager Manfred Krikke schijnt het nog steeds niet geheel verwerkt te hebben en ook Jan Gisbers kijkt niet vrolijk als hij aan deze zwarte bladzij wordt herinnerd. Jos van Aert kijkt nuchter op de affaire terug, maar hij ergert zich aan het feit dat het steeds weer wordt opgerakeld als het over doping gaat. Hij was een knappe renner, geen hoogvlieger maar een subtopper met uitschieters. Zoals in de zestiende etappe van de Ronde van Italië 1989 toen hij verrassend sterk reed in een zware bergrit en in het kielzog van toppers als Laurent Fignon, Andy Hampsten en Erik Breukink vierde ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 8 augustus 2007 0:00

“Het was een druk weekend in Oudenaarde, met als middelpunt het Centrum Ronde van Vlaanderen. Zaterdag de zevende van de zevende, werd om zeven uur zeven precies, het startschot gegeven voor een tocht van 250 kilometer over 25 hellingen en 25 kilometer kasseiwegen. Wie dat tot een goed einde zou brengen, mocht de gouden Flandrien medaille ophalen. Al jaren loop ik met het idee rond om aan een Retroronde mee te doen in Toscane, maar ja dat is 1600 kilometer rijden met de auto. Daarom kon ik de eerste retroronde van Vlaanderen op zondag niet laten schieten. De fiets van mijn keus was een oude Mercier, compleet met teenhaken zoals onze zuiderburen dat zo mooi zeggen. Natuurlijk ontbrak ook de aluminium bidon niet aan het stuur. Halverwege de jaren vijftig werden deze bidons vervangen door het plastic. Nu moest ik nog de retrokleding bij elkaar scharrelen om het jaren vijftig beeld compleet te maken. Dus een echte wollen broek, schoenen met plaatjes en een mooi RCC Feyenoord koerstruitje met de tekst kampioen der veteranen 1983. Niet helemaal van die datum, maar ik kon niet anders. Ik heb een hele verzameling wollen truien maar het probleem - bij mij en velen retrocollega’s - is dat ze allemaal gekrompen waren door het veelvuldig (te heet) wassen. De anderen kwamen tot dezelfde conclusie en zo konden we moeder de vrouw de schuld in de schoenen schuiven en gezamenlijk dronken we er nog een pintje op. Verder ontwaarde ik tussen de retrotruitjes een heuse veldwachter, een burgemeester alsook een …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 augustus 2007 10:00

Hans DEKKERS (1981, Nederland)

Woedend was hij op 11 oktober 2002 na afloop van het WK voor espoirs in het Belgische Zolder. De net 21 jaar geworden Hans Dekkers uit Eindhoven was een van de grote kanshebbers voor de wereldtitel, want het parcours was op het lijf van de sprinters geschreven. Maar in het sprintgewoel ontstond een valpartij en zeker tien snelle mannen kwakten op het asfalt. De Italiaan Chicchi en Dekkers wisten alles te ontwijken en gingen voor de zege. De Italiaan won en Dekkers werd fraai tweede. Even later stond de gedrongen Brabander met zilver op het erepodium. Drie kwartier later smeet hij de plak met precisie naar het hoofd van Martin Bruin, de Nederlandse voozitter van de jury. Die had met zijn mede-juryleden bepaald dat Dekkers de veroorzaker van die valpartij was en derhalve gedeklasseerd diende te worden. Hetgeen geschiedde. In 2004 werd Dekkers opgenomen in de ProTour-formatie van Rabobank, nadat hij in de opleidingsploeg van Nico Verhoeven meermalen had laten zien een zeer rappe klant te zijn. Geen supersprinter van het niveau Van Poppel, maar wel een hele snelle die met wat meer ervaring een rittenkaper zou kunnen worden. Dekkers stuitte echter op karakterproblemen. Hij kon de druk niet aan en op eigen verzoek ging hij een jaar later terug naar het ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 augustus 2007 0:00

“Volgende week dinsdag, 14 augustus, wordt hij alweer voor de 30e keer georganiseerd, de Gouden Pijl van Emmen. Een van de weinige criteriums die hebben weten te overleven. En de Drenthse plaats  heeft een erelijst waar je je als wielerliefhebber de vingers bij aflikt. Het gouden kwartet Knetemann, Kuiper, Zoetemelk en Raas, de Tourwinnaars Greg LeMond, Laurent Fignon en Jan Ullrich, buitenlandse toppers als Michel Pollentier, Phil Anderson, Claudio Chiapucci, Stuart O'Grady, Robbie McEwen, Ivan Basso en Frank Schleck en vaderlandse toppers als Gerben Karstens, Leo van Vliet, Peter Winnen, Jelle Nijdam, Gert-Jan Theunisse, Frans Maassen, Léon van Bon, Erik Dekker en Michael Boogerd wonnen in Emmen. De in 2002 overleden Peter van Putten was de initiatiefnemer van en 25 jaar de drijvende kracht achter de Gouden Pijl. Jaarlijks wordt de Peter van Putten Prijs uitgereikt aan de meest strijdlustige renner van de dag een eer die vorig jaar Servais Knaven ten deel viel.

De editie van 1980 was natuurlijk een bijzondere met de Tour de France zege van Joop Zoetemelk in het achterhoofd. Ik was zelf getuige toen Joop samen met Hennie Kuiper boven op een ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 6 augustus 2007 10:00

Corneille MARIJNISSEN (1889, overleden, Nederland)

Deze Corneille Marijnissen is de eerste Nederlandse Tourrenner geweest en dat was 26 jaar voordat er in 1936 voor het eerst officieel een Nederlandse ploeg tot de Tour de France werd toegelaten. Als ik de annalen goed heb bestudeerd waren er in die tijd echte wedstrijdrijders die in fabrieksploegen reden en een groep individuelen (toerrijders), die weliswaar aan de wedstrijd deelnamen, maar tegen het professionalisme van de ploegen geen schijn van kans hadden op een hoge klassering. In dat licht bezien is de 34e plaats in de eindrangschikking van de in Roosendaal geboren Marijnissen een hele prestatie. In een interview in de Tour de France Special van het weekblad Revue uit 1965 vertelt de toen 76-jarige Brabander over zijn avonturen in 1910. Zijn vader werkte voor een Frans bedrijf met een vestiging in Roosendaal en die werd in 1900 overgeplaatst naar Lille. De vier kinderen groeiden op als Franse jongetjes en in 1906 werd Corneille wielrenner. In 1910 werd hij als toerrijder toegelaten tot de Tour. Met een 12 kilo zware doortrapper en een onkostenvergoeding van vijf francs per twee dagen begon hij aan het karwei van 4474 verschrikkelijke kilometers met onbeschrijflijk slechte wegen. Als ze onderweg pech kregen dan moesten ze zelf op zoek naar een fietsenmaker en als ze door een valpartij gewond waren moesten ze maar zien hoe ze bij een ziekenhuis of een dokter kwamen. Na zijn wielerloopbaan werd Corneille kantoorbediende in het bedrijf van een van zijn broers. In 1952 remigreerde hij naar Nederland, waar hij met zijn meer dan uitstekende kennis van de Franse taal werk vond bij een fruitexporteur. Na zijn pensionering in 1954 trok hij zich terug in een pension in Breda, waar hij tot zijn dood heeft gewoond. Wanneer dat was heb ik niet kunnen achterhalen, maar het zal ergens in de jaren zeventig zijn geweest. Hij wordt om een aantal redenen door de historici niet als een echte Tourrenner gezien, maar als ik in het interview lees wat hij toen in 1910 heeft moeten doorstaan, dan was de Tour van 1936, waarin de eerste Nederlanders debuteerden, een gezapig toertochtje. (Foto: archief T&T Tekst & Traffic)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 6 augustus 2007 0:00

Rik WOUTERS (1942, Nederland)

In de net afgelopen Tour de France werd iedere keer als de naam Thomas Dekker werd uitgesproken of geschreven benadrukt dat het om een slechts 22-jarige renner gaat. In 1964 debuteerde Rik Wouters als 21-jarige in de Tour en geen mens maakte zich er druk om dat dat misschien wel eens veel te jong zou zijn voor een zo zware wedstrijd. Wouters is van mening dat hij veel te vroeg voor de leeuwen is gegooid en dat zijn carrière daarom eigenlijk te weinig heeft voorgesteld. Nu was Rik Wouters ook geen talent als Thomas Dekker, maar hij kon wel degelijk een aardig stukje fietsen. Als amateur reed hij voornamelijk in België, want hij was, ondanks een Nederlands paspoort, als inwoner van Baarle-Hertog ook een beetje een zuiderbuur. De kermiskoersen in d’n Bels zijn een stuk zwaarder dan de Nederlandse rondjes rond de kerk en Rik was als het ware geschapen voor het zware werk. Hij was nog maar 20 jaar toen hij voor het eerst de Ronde van Limburg reed en hij werd direct vijfde. Ook in de andere amateurklassiekers reed hij goed en toen Kees Pellenaars begin 1964 renners begon te werven voor zijn Televizier-ploeg kreeg ook Rik Wouters een contract aangeboden. Hij hapte gretig toe en na een alleszins redelijke Ronde van Zwitserland en een derde plaats in het nationaal kampioenschap debuteerde hij als jongste deelnemer in de Tour. Het was een veel te zware opgave voor de overwegend jonge ploeg van d’n Pel en slechts vier renners haalden Parijs, onder wie de taaie Rik. Ook in de twee jaren die volgden presteerde hij naar behoren en van de verdiende centjes begon hij een café in Baarle-Nassau. Het betekende in de praktijk dat hij tot diep in de nacht achter de tap stond en overdag op de fiets zijn conditie op peil moest zien te houden. Het werd allemaal minder en Pellenaars dankte hem af. Hij kreeg in 1969 nog een contract bij de nieuwe Willem II-Gazelle ploeg, maar het verval was reeds ingezet. Van de jonge belofte was niet veel meer over en al op 27-jarige leeftijd beëindigde hij zijn carrière. Naast zijn café begon hij een varkensmesterij en was hij ook nog eens parttime bouwvakker. In 1990 waarschuwde het hart dat het allemaal wat te veel van het goede was en Rik ging het kalmer aan doen. De racefiets is voor hem iets uit een ver verleden en hij houdt het al jaren bij duiven. De Tourreünie in 1996 in Den Bosch haalde hem terug in de wielerwereld en hij heeft nu nog regelmatig contact met mannen als Huub Zilverberg, Jan Hugens en Johan van der Velde. (Foto: archief T&T Tekst & Traffic)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 5 augustus 2007 0:00

Er is de afgelopen weken ontzettend gewauweld over doping. Heel vaak door mensen met onvoldoende feitenkennis die er zonder verstand van de wielersport maar op los kakelden. Op radio en TV en in kranten en tijdschriften. Speciaal voor hen wijs ik op het uitstekende artikel van Ron Couwenhoven, dat De Telegraaf vandaag publiceert. Daarin wordt de geschiedenis van doping in het wielerpeloton op een correcte wijze beschreven en niet op enkele onjuiste feiten gebaseerd, zoals het geval Simpson en de Intrapilid-affaire bij de PDM-ploeg. Couwenhoven is een voormalige wielerjournalist die de Tour en de andere grote wedstrijden jarenlang heeft gevolgd en zijn kennis in een reeks van jaren heeft opgebouwd. Daarom speciaal voor André Zwartbol, Twan Huys, Joost Karhof, Margriet Vromans dit advies: lees het stuk van Couwenhoven en zwijg dan verder vol schaamte of verdiep je verder in het onderwerp en toon je in de toekomst een goed journalist.

Geplaatst door Fred van Slogteren, 4 augustus 2007 11:06

Wat op internet al dagenlang als een voldongen feit werd gemeld, is gisteravond bevestigd. Theo de Rooij heeft zich teruggetrokken als algemeen directeur van de Rabobank Wielerploegen. Een verstandige beslissing, want hij zou in de komende weken steeds meer onder vuur komen te liggen. Het gespeculeer houdt pas op als de waarheid over het geval Rasmussen volledig bekend is. Ik hoop dat Peter Vogelzang er in slaagt om die waarheid boven water te brengen en dat Rabobank dan het karakter zal opbrengen om die ook volledig naar buiten te brengen. Bij banken is het woordje ‘vertrouwelijk’ een essentie voor het handelen en denken, maar in dit geval moet de bank bedenken dat heel wielerminnend Nederland enorm teleurgesteld is in de afloop van de Tour de France 2007. Wij hebben recht op de waarheid, want anders zal dat de reputatie van de bank grote schade toebrengen. De Deen Rasmussen, met in zijn gevolg enkele bewonderenswaardige Nederlanders ontketende in Nederland zowaar nationale gevoelens, met de gedachte: Rabobank dat is van ons. Het oranje van de shirts kreeg een heel andere betekenis. Dat verdient de bank ook want zonder Rabobank is het Nederlandse wielrennen ten dode opgeschreven. Nederland is geen dopingland, want op anderhalf gevalletje na is Rabobank nooit in opspraak geweest aan het dopingfront. Ook niet in het geval Rasmussen. Dus is er alle reden om trots te zijn op het Nederlandse vlaggeschip in de top van het internationale cyclisme. Maar een tweede affaire kan een bank zich niet permitteren. Daarom graag de waarheid over het geval Rasmussen, opdat de opvolger van Theo de Rooij rustig aan de toekomst kan werken en het moois dat Jan Raas en Theo hebben opgebouwd niet in elkaar stort tot een ruïne. De ruïne, die ooit de Nederlandse wielersport was. (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 4 augustus 2007 10:00

Henk LUBBERDING (1953, Nederland)

Ik geloof niet dat hij veel vijanden heeft. Hij is eerlijk, oprecht, empathisch en een uitstekende waarnemer. Ik heb me in 1998 voor mijn boek over Peter Post verdiept in de Raleigh-ploeg. Dat doe je door met de mensen te praten die er bij zijn geweest. Dan valt het op hoe weinig de meeste mensen in zich opnemen van de situatie waarin ze jaren verkeren. Iedereen gaat uit van zijn eigen ikje en het vermogen om pijn- en emotieprikkels op te slaan, is bij de meeste mensen matig ontwikkeld. De twee renners die er wat mij betreft torenhoog bovenuit staken, waren Gerrie Knetemann en Henk Lubberding. Pas toen hij op een mooie septemberdag, liggend op een stretcher onder de beroemde driehonderd jaar oude beuk in zijn achtertuin, na urenlang iedere zin gewogen te hebben de verlossende woorden sprak: ‘zo is het geweest’ wist ik dat het goed was. Henk is vaak het verwijt gemaakt dat hij altijd meer met anderen dan met zichzelf bezig was, maar ik vind dat eerder een verdienste dan een tekortkoming. Ook zo’n type coureur was in het collectief van Post broodnodig. Iedereen had er een taak en die van Henk was een bindende. Met een karakter als dat van Hennie Kuiper, was hij misschien een Tourwinnaar geweest want hij was een groot talent. Zijn palmares mag er zeker zijn, maar haalt het niet bij die van Raas, Knetemann, Kuiper en Zoetemelk, de mannen voor wie hij veel voorbereidend werk heeft gedaan. Hij presteerde enkele jaren ver onder zijn niveau door een geheimzinnige aandoening die uiteindelijk door een tandarts is verholpen. In die jaren is het nooit bij de keiharde Post opgekomen om Henk af te danken. Integendeel, hij had hem hard nodig, omdat de boerenzoon uit Voorst de menselijkheid in de ploeg bracht, die hij zelf misschien wel kon maar niet wilde geven. Dat zat niet in zijn opvatting van leiderschap. En zo hield Henk jarenlang de boel bij elkaar en intermedieerde als een volleerd psycholoog tussen botsende karakters als die van Jan Raas en Peter Post. Het beroep dat hij na zijn carrière heeft gekozen sluit ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 4 augustus 2007 0:00

ANDERSEN, Jakob (1973, Denemarken)
BAARS, Henk (1960, Nederland)
BERTOGLIO, Paolo (1978, Italië)
CUGNOT, Jean (1899, overleden 29.06.1933, Frankrijk)
DISSEAUX, Marcel (1927, Frankrijk)
MURAGLIA, Giuseppe (1979, Italië)
PEREIRO SIO, Oscar (1977, Spanje)
VANSWEEVELT, Ronny (1962, België)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 3 augustus 2007 0:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 Volgende »