Er is geen rechter in de wereld die iemand zal veroordelen die een moord heeft beraamd. De verdachte heeft toegegeven het van plan te zijn geweest; hij had zelfs een motief en een moordwapen en ook nog een manier bedacht om zich van het lijk te ontdoen. Toch heeft hij het niet gedaan en dan is hij ook niet schuldig. Op vrije voeten dus, die pseudo-moordenaar. In de wieler- wereld gaat het anders. De heer Basso, Ivan voor zijn vrienden en de sportpers, wil in 2006 zowel de Giro d’Italia als de Tour de France winnen. Hij vervoegt zich in maart op het spreekuur van de Spaanse dokter Fuentes. Dat is een gynaecoloog en daar komen meestal geen mannen. Dus gaat mevrouw Basso mee, want die is in gezegende omstandigheden. Na wat omtrekkende bewegingen tussen de benen van mevrouw Basso, komt de aap uit de mouw. Fluisterend deelt Ivan zijn verlangen mee. ‘Geen probleem’, roept de arts uit en een minuut later ligt niet mevrouw Basso, maar meneer Basso in een compromitterende houding in de stijgbeugels. Het bloed wordt afgetapt en zorgvuldig van een sticker voorzien met een label eraan, waarop Birillo staat geschreven, Spaans voor Fikkie of Bello. Op de keukentafel van de dokter wordt het bloed met epo verrijkt …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 16 juni 2007 10:00

AL, Thijs (1980, Nederland)
AZANZA SOTO, Jorge (1982, Spanje)
BUUTS, Piet (1940, overleden 09.01.1988, Nederland)
DEKKERS, Hans (1928, overleden 30.08.1984, Nederland)
ENGELS, Addy (1977, Nederland)
FISCHER, Murilo (1979, Brazilië)
HARINGS Peter (1961, Nederland)
HOUTERMAN, Jan (1961, Nederland)
JONG, Guus de (1934, Nederland)
KRIKILION, Dirk (1960, België)
LIGTHART, Pim (1988, Nederland)
PAS, Jos van der (1967, Nederland)
PECHARROMAN, José Antonio (1978, Spanje)
PEREZ RODRIGUEZ, Luis ((1974, Spanje)
SCHRÖDER, Jan (1941, overleden 04.01.2007, Nederland)
TEMMERMAN, Tom (1988, België)
WOLF, Jean-Noël (1982, Frankrijk)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 16 juni 2007 0:00

Rudy PEVENAGE (1954, België)

In zijn rennerstijd leek hij met zijn bleekrossige haar en al die sproeten wel het tweelingbroertje van Peter Winnen, maar inmiddels zijn de heren uiterlijk wat uit elkaar gegroeid. Zijn topjaar als renner was 1980 toen hij in de Tour de France maar liefst negen dagen in de gele trui reed. Dat kwam door die vreselijke tweede etappe van Frankfurt naar Metz toen hij met de Fransen Bazzo en Bertin bijna tien minuten uitliep op het verkleumde peloton. Na die helse rit in de stromende regen kreeg Bertin de leiderstrui, maar een dag later stond de kleine Oost-Vlaming fier aan de leiding. Zonder enige hoop op de eindoverwinning, want die was voorbestemd voor Bernard Hinault. Maar juist in die tweede etappe lieten Raas en Knetemann, de aanvoerders van de Raleigh’s, de ploeg van Hinault het zware werk opknappen. De knechten van Bernard reden zich helemaal stuk en toen moest Hinault zelf aan de bak om de voorsprong van Pevenage c.s. binnen de perken te houden. Die dag reed hij zijn knie kapot en de elfde etappe, een tijdrit over 51 kilometer was het Waterloo voor de trotse Bretoen. Weliswaar nam hij het geel over ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 15 juni 2007 0:00

ONZE RENNERS

onbekende auteur

“Vorige week beschreef ik een commercieel werkje van een fabrikant van surrogaatkoffie en daarom deze week een soortgelijk werkje dat je in het begin van de vorige eeuw cadeau kreeg als je een fiets kocht, die gefabriceerd was bij The Imperial Rover Company in Coventry. Die fietsen werden in Nederland geïmporteerd door het bekende handelshuis Stokvis in Rotterdam en die gaf dat boekje uit. Het boekje zonder opgave van de auteur heeft een slappe kaft en het omvat slechts 16 pagina’s. Het is dan ook slechts een reclamewerkje met weinig tekst, maar wel met foto’s van destijds bekende Nederlandse en Britse wielrenners die allemaal hun wedstrijden reden op een Rover racefiets. De Engelse namen zeggen mij niets, maar een aantal van de Nederlandse coureurs is mij bekend. J.A. Jansen (winnaar van 43 prijzen op een …

Geplaatst door Fred van Slogteren, 14 juni 2007 10:00

Eric HEIDEN (1958, Verenigde Staten)

Jullie kijken misschien vreemd op van de keus die ik op deze dag maak voor Eric Heiden. Nou heb ik vandaag niet veel keus. Jan Aling en Stefan Räkers heb ik vorig jaar al behandeld en in hun situatie is voorzover ik weet niets veranderd. Van de Fransman Fabien Patanchon weet ik niets en daarom kom ik bij Heiden uit. En daar weet ik des te meer van, want Eric Heiden is voor mij de grootste langebaan- schaatser die er ooit is geweest. De Amerikaan was drie keer wereldkampioen allround en vier keer wereldkampioen sprint. Zijn superprestatie waarmee hij eeuwige roem vergaarde is echter het winnen van vijf gouden medailles op de Winterspelen van Lake Placid in 1980. Hij won toen op alle afstanden goud en op alle afstanden (500, 1.000, 1.500, 5.000 en 10.000 meter) reed hij een Olympisch record. Zijn records zijn allemaal verbeterd, maar de prestatie is nooit geëvenaard. Hij was de verpersoonlijking van de Amerikaanse sportman en hij maakte de indruk dat het hem allemaal geen moeite kostte. Met baseballpet en een Hamburger banjerde hij tussen de Europese tradities door en doorbrak op veel punten het conservatieve denken dat in het oude werelddeel op sportgebied nog hoogtij vierde. In de wielersport deed Greg LeMond enkele jaren later eigenlijk hetzelfde. Alle bijgeloof verwees Greg naar de prullenmand en hij won drie keer de Tour en twee WK’s. Bijna spelenderwijs. Blijft de vraag: wat doet Heiden op zijn geboortedag op een wielerblog? Welnu op dezelfde speelse wijze als waarmee hij was gaan schaatsen, werd hij in 1981 van de ene dag op de andere wielrenner. Dat leek hem ook wel leuk. En laten we eerlijk zijn, wat had hij als 24-jarige in de schaatssport nog  ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 14 juni 2007 0:00

Frans VERBEECK (1941, België)

Frans Verbeeck kende een heel eigenaardige carrière. Hij was een groot talent bij de amateurs die in 1963 vol verwachting bij de profs debuteerde. Drie jaar reed hij op het hoogste niveau, maar behoudens wat prijsjes viel het bitter tegen. Wel won hij in 1964 de Ronde van Vlaanderen voor individuelen. Dat klinkt mooi maar die toevoeging devalueert de overwinning met tientallen procenten. In 1966 stopte hij om melkboer te worden. Onder het uitventen van die witte vloeistof dacht hij na wat hij verkeerd had gedaan. Hij was in het profmilieu gestapt als galeislaaf, die precies deed wat de anderen deden, terwijl je juist iets anders moet doen om het onderscheid te maken. Hij vroeg weer een licentie aan en hij begon al in de winter van 1967 op ’68 als een gek te trainen. De gebruikelijke seizoensvoorbereiding van 1500 tot 2000 kilometer schroefde hij op tot 8000 kilometer. En op een vast verzet van 52x13. Tot 400 kilometer per dag trainde hij en toen de voorjaarswedstrijden begonnen vloog hij. Hij had veel meer macht en een enorm zelfvertrouwen, omdat hij het tempo dicteerde waarin bijna niemand hem kon volgen. Het was een revolutionaire ontdekking en de hele profwereld ontwaakte. De gezapige trainingskampen in Zuid-Europa waren verleden tijd, gewerkt moest er worden. Kilometers maken en knallen. In het eendagswerk behoorde de melkboer van Wilsele sindsdien tot de vedetten en op zijn palmares prijken koersen als de Omloop Het Volk, de Waalse Pijl en de Amstel Gold Race. Plus nog tientallen ereplaatsen in de klassiekers. Dat het niet meer overwinningen zijn, heeft maar één reden en dat was de aanwezigheid van Eddy Merckx in het peloton. De honger van de kannibaal was vaak zo groot dat tweede plaatsen vaak het hoogst bereikbare waren. Hoewel geen sprinter van nature, was hij met zijn surplus aan conditie een sterke finisher die in een spurt moeilijk te kloppen was. Na zijn carrière begon Verbeeck een bedrijf in sportkleding en hij is inmiddels met pensioen.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 13 juni 2007 0:00

© Peter Ravensbergen

“Dit bedrijf is in 1919 in Amsterdam opgericht door Matheus Antonius de Jong, die met een compagnon een fietsenwinkel begon met daarachter een reparatiewerkplaats. Het ging zo goed dat De Jong in 1924 een rijwielfabriekje opstartte. De eerste vestiging was in de Looierstraat in de Amsterdamse Jordaan en later verhuisde het bedrijf naar de statige Marnixstraat, met twee grote winkeletalages aan de straatkant. Een dure locatie, waardoor De Jong eind jaren vijftig gedwongen werd naar een bedrijfspand in Hilversum te verhuizen. De merknaam Joco staat voor De (Jo)ng & (Co). Op het balhoofdplaatje van deze Joco staat nog Amsterdam vermeld, dus moeten we dit dit raceframe dateren ergens in de jaren vijftig. Het framenummer dat onder de bracketpot vermeld staat is G.1366 of 6.1366, het verschil is niet goed te zien. Wie weet meer van de framenummering die Joco hanteerde? M.A. de Jong, in de wielrennerij ook wel bekend als Rooie Toon, werd geboren in 1902 en maakte door zijn vakmanschap prachtige frame’s. Hij was een geweldige vakman die zijn kennis en ervaring ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 12 juni 2007 10:00

Raphael GEMINIANI (1925, Frankrijk)

‘Le Grand Fusil’ was zijn bijnaam en dat betekent: het grote geweer. Dat zou slaan op zijn wat fors uitgevallen neus, maar ik heb van renners uit die tijd gehoord, dat die uitleg veel te maken had met het preutse karakter van die jaren. Hoe het ook zij, Raphael Geminiani was een opvallend coureur. Alleen die prachtige voornaam al. Hij werd in 1946 prof en hij was vooral een ronderenner, want hij won nooit een belangrijke eendagswedstrijd. Maar hij heeft ook nooit een grote ronde gewonnen en dat is het merkwaardige van Geminiani. Hij behoorde tot de groten van zijn tijd, maar hij kwam net iets te kort om ook een echte grote te zijn. Hij startte twaalf keer in de Tour de France en van de tien keer dat hij hem uitreed, eindigde hij vijf keer bij de eerste tien. Een keer als tweede, in 1951 achter Hugo Koblet en een keer als derde, in 1958 achter Charly Gaul en Vito Favero. In de Ronde van Italië startte hij vijf keer en vier keer behoorde hij tot de top tien. De vierde plaats in 1955 was zijn beste resultaat. In de Ronde van Spanje ging hij slechts twee keer van start en met een derde en een vijfde plaats keerde hij naar Clermont Ferrand terug. In 1955 reed hij in één jaar de drie grote ronden en met een zesde plaats in de Tour, een vierde in de Giro en een derde in de Vuelta leverde hij een ongekende prestatie. ‘Gem’ was ook zeer gezien onder zijn collega’s, want hij was een leiderstype die vaak het woord nam als er namens de renners iets gezegd moest worden. En dat was soms best nodig in die tijd, want renners waren de slaven van de weg, waarover de organisatoren naar willekeur beschikten. De renners? Ach, die koersen wel, was de algemene opvatting. Hoewel hij al vijftien jaar als prof in het zadel zat, werd zijn carrière op 34-jarige leeftijd afgebroken door malaria. Hij liep dat in december 1959 op toen hij met een aantal andere Europese coryfeeën deelnam aan een wedstrijd in Opper Volta, het tegenwoordige Burkino Faso. Doodziek keerde hij naar Frankrijk terug, maar hij overleefde het. Fausto Coppi was minder gelukkig. Met dezelfde ziekte keerde ook hij van dat uitstapje terug en hij overleed op 2 januari 1960. Na zijn carrière werd Geminiani ploegleider. Hij leende zijn naam aan een fabrikant van racefietsen en met het vermouth-achtige drankje St.Raphaël reed zijn ploeg, met de grote Jacques Anquetil als kopman, onder de naam St.Raphaël Geminiani van het ene grote succes naar het andere. Een onbedoeld eerbetoon aan een van de beste renners uit de na-oorlogse periode. (Foto: archief T&T Tekst & Traffic)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 12 juni 2007 0:00

“Het ongelooflijke gebeurt toch, was de kop boven een artikel in de Wieler Revue 4 augustus 1989. U herinnert zich ongetwijfeld nog de schlemielige wijze waarop Laurent Fignon de Ronde van Frankrijk van 1989 met slechts 8 seconden verschil verloor aan Greg LeMond. Hij begon met 50 seconden voorsprong aan de afsluitende tijdrit over 24,5 kilometer. Op 11 juni 1984, vandaag 23 jaar geleden, had hij al iets soortgelijks meegemaakt in de Ronde van Italië. Met alleen nog een tijdrit over 42 kilometer van Soave naar Verona te gaan, had de Parijzenaar 1 minuut en 21 seconden voorsprong op Francesco Moser. De Italiaan, die op zijn speciale fiets reed die hem ook bij zijn wereldrecordpogingen ten dienste had gestaan, raffelde de 42 kilometer af in een niet voor mogelijk gehouden gemiddelde van bijna 51 km per uur. En daar kon zelfs de prima in vorm zijnde Fignon niet tegen op. Hij werd tweede met een achterstand van 2 minuut 24 op Moser. Checco won zo, twaalf jaar na zijn debuut in de Giro, voor het eerst de belangrijkste koers van zijn land. Fignon moest op 1 minuut 3 genoegen nemen met het zilver. Zijn grandioze overwinning enkele wreken later in de Tour de France betekende een belangrijke pleister op de wonde. Overigens, in het jaar dat hij de Tour aan LeMond verloor had hij wél de Ronde van Italië gewonnen. En ook die Ronde finishte op 11 juni. Wat een toeval allemaal?

Dan nog even aandacht voor het wielrennen op de baan. Op 11 juni 1970 vonden er populaires plaats op de wielerbaan van het Olympisch Stadion van Amsterdam. Wekelijkse happenings in Amsterdam, Apeldoorn, Nijmegen of Alkmaar waarin alle disciplines van de baansport de volle aandacht kregen. Zo ook op deze warme donderdagavond. De sprint bij de dames werd gewonnen door ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 11 juni 2007 10:00

DELFOSSE, Catherine (1981, België)
DUARTE ARÉVALO, Fabio Andrés (1986, Colombia)
GISMONDI, Michele (1931, Italië)
MAERTENS, René (1943, België)
SAMYN, José (1946, overleden 30.08.1969, Frankrijk)
SLAATS, Frans (1912, overleden 06.04.1993, Nederland)
VAN IMPE, Frank (1955, België)
VERMEIJ, Marco (1965, Nederland)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 11 juni 2007 0:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 Volgende »