Mathieu HERMANS (1963, Nederland)

Na Jean-Paul van Poppel en Jeroen Blijlevens is Mathieu verreweg de snelste wegsprinter geweest die we in ons land hebben gehad. Hij is vooral in de Ronde van Spanje succesvol geweest waar hij in twee jaar tien ritten op zijn naam schreef. Ook in de Tour won hij een rit. Zijn carrière speelde zich voornamelijk in Spanje af, omdat hij als nieuweling in contact kwam met de bekende trainer Albert Stofberg, die jarenlang in dat land heeft gewerkt. Stofberg was een man van de harde aanpak. Zijn pupillen werden afgebeuld en hij maakte ze veelzijdig. Wegrenners moeten blindelings kunnen schakelen, als de beste kunnen sturen en in één oogopslag onvolmaaktheden in het wegdek zien om die te kunnen ontwijken. Daarom liet hij de jonge Hermans intensief in het veld rijden, omdat hij in zijn categorie als wegrenner niets meer te leren had. Hij won daar namelijk alles, tenzij pech dat in de weg stond. Mathieu was geen gehoorzaam ventje, maar Stofberg zette door en als amateur kreeg de jonge Brabantse renner een plaatsje in de Amstel Bier-ploeg van Herman Krott. Daar bleef hij hangen, de ontwikkeling zette niet door en Stofberg bracht hem naar Spanje waar hij als beroepsrenner een contractje kreeg bij de Orbea-ploeg. Hij ging er aanvankelijk heen om te crossen en daarin was hij zo succesvol dat zijn naam steeds groter in de kranten kwam. Hij was klaar voor het grote werk. Een probleem daarbij was dat hij zich niet in massasprints durfde te begeven en daar was-ie voor geknipt. De relatie met Stofberg hing door de ruzies daarover nog maar aan een dun draadje. Alles kwam goed toen Hermans zijn angst had overwonnen en zich tot een geslepen en vakbekwaam spurter had ontwikkeld die aan het kleinste gaatje genoeg had om er winnend door heen te gaan. Zo bouwde hij een prachtige palmares op. Na zijn carrière trad hij in dienst van het kledingmerk Bioracer, terwijl hij in zijn vrije tijd hand- en spandiensten verleende aan de NOS-équipe o.l.v. Mart Smeets. In die functie voorzag hij de commentatoren tijdens de reportages van inside-information. Smeets, Dijkstra en Ducrot zullen het volgend jaar zonder Mathieu moeten doen, want hij is nu ploegleider van de Belgische ProTour-formatie Unibet.com. Hopelijk heeft hij nog een aantal goede tips van Stofberg paraat om zijn renners aan succes te helpen. We zullen zien. (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 9 januari 2007 0:00

De oud-wielrenner Frans van de Ruit is op oudejaarsdag onverwacht overleden. Tijdens het joggen in het Amsterdamse Bos bezweek de 60-jarige Amsterdammer aan een hartstilstand. Frans van de Ruit was in de jaren zestig en zeventig zowel op de weg als op de baan actief. Hij was twee keer kampioen van Nederland. In 1970 werd hij nationaal achtervolgingskampioen bij de amateurs en twee jaar later won hij het kampioenschap over 50 kilometer zonder gangmaking op de baan. Eveneens bij de amateurs, want Frans is nooit beroepsrenner geweest. Op de weg was hij ook succesvol en zijn belangrijkste overwinning was de Ronde van de Haarlemmermeer, een amateurklassieker. Frans van de Ruit komt uit een echte wielerfamilie. Zijn vader Leen en zijn oudere broer Rob waren eveneens bekende wielrenners. Frans is vandaag in besloten kring gecremeerd. Ik wens zijn nabestaanden veel sterkte toe in deze moeilijke dagen.

Geplaatst door Fred van Slogteren, 8 januari 2007 20:00

“Vandaag gaan we voor de terugblik op een historische zesdaagse een heel eind terug in de tijd. Op de dag af negentig jaar geleden eindigde de 19e editie van de Zesdaagse van New York. Winnaars waren de Australiër Alfred Goullet (foto) en de Amerikaan Jake Magin. Het deelnemersveld bestond, mede als gevolg van de eerste wereldoorlog, uit louter Amerikaanse en Australische deelnemers. Goullet zou New York vier maal winnen en Magin drie maal.
De eerste New Yorkse Zesdaagse werd tussen 4 en 10 december 1899 verreden en dat was in het tijdperk dat in Nederland Jaap Eden en Mathieu Cordang triomfen vierden.

Tussen 1899 en 1961 werden 46 edities verreden met af en toe een Nederlands succes. De zesdaagsehelden van weleer zijn de afgelopen weken al aan de orde geweest maar ik wil ze in het kader van de Zesdaagse van New York toch nog even de revue laten passeren. In 1907 was John Stol de eerste Nederlander die een zesdaagse op zijn palmares schreef en dat was in New York. Drie jaar eerder was hij al eens tweede geweest en in 1905 was hij vierde en in 1908 weer tweede. Klaas van Nek was in 1920 vijfde en later dat jaar ook nog zevende.

Vervolgens brak het tijdperk Piet van Kempen aan. In 1921 won The Flying Dutchman in New York aan de ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 8 januari 2007 10:00

De wijze waarop de piepjonge Lars Boom vanmiddag de Nederlandse kampioenstitel greep in het veldrijden was indrukwekkend. Het kan zijn dat het parcours door de natte weersomstandigheden van de laatste dagen in zijn voordeel was, maar de twee sterkste Nederlandse veldrijders van de laatste jaren – Richard Groenendaal en Gerben de Knegt – hadden geen antwoord op de krachtsexplosie van de net 21 jaar geworden renner uit Vlijmen. De vraag is daarmee gewettigd of dit een aflossing is van de wacht. Generaties volgen elkaar op en internationaal blijven Groenendaal en De Knegt dit jaar ver achter bij het Belgische geweld van Sven Nys en Bart Wellens. Wat is echter de toekomst van Lars Boom? Hij is niet alleen een buitengewoon talentvol veldrijder, maar hij is ook een coureur met grote talenten voor het wegrennen. Daarom zal hij moeten kiezen. Als hij voor de weg kiest – wat ik geheel zou kunnen begrijpen – dan is de rol van Nederland in het veldrijden voorlopig uitgespeeld. Kiest hij daarentegen voor het veld dan zou hij over enkele jaren wel eens wereldtop kunnen zijn. Het is een loterij, met wat meer nieten in de wegrennerij. Maar daar zijn de prijzen weer veel hoger. Als ik Lars Boom was, dan zou ik het niet weten. (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 januari 2007 20:30

Gisteravond mijn jaarlijkse avondje zesdaagse gedaan. In Rotterdam was het op de Hollandse avond weer groot feest. Met een optreden van Lee Towers en de hele avond mooie sport kwam het publiek volop aan haar trekken. Het zat bomvol en op het middenterrein was het goed toeven al is een gesprek voeren een zware inspanning. In de box van Wieler Magazine trof ik goede bekenden als Herman en Ria Harens met hun dochter, collega Dominique Elshout, Peter R. de Fiets van onze eigen slogblog en fotograaf Philip van der Ploeg, die er in slaagde om in die hectiek toch een aantal mooie foto’s te maken. De intermezzi met de ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 januari 2007 15:00

© Hans Middelveld

Dit is een hele oude affiche, want op dinsdag 17 september 1935 (ruim 70 jaar geleden) werden in het Amsterdamse stadion de wedstrijden gehouden die hierop worden aangekondigd. Het programma was opgehangen aan het afscheid en het 25-jarig jubileum van Cor Blekemolen, de populaire stayer die toen al 39 jaar was. De Amsterdamse slagerszoon reed zijn laatste wedstrijd in zijn zo geliefde stadion. 37 jaar later zou hij op een steenworp afstand van dat stadion op de begraafplaats Buitenveldert ter aarde worden besteld.
Achter de ‘groote motoren’ nam Blekie het op tegen grote stayers uit die tijd als Paillard, Metze en Grassin. Tweevoudig wereldkampioen op de weg George Ronsse deed ook mee, alsmede landgenoten als ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 januari 2007 10:00

Gerrit SCHULTE (1916, overleden 26.02.1992, Nederland)

Gerrit Schulte was een van de wielerhelden van mijn jeugd. Als er een programma was in het Olympisch stadion was ik lang van tevoren aanwezig. Dan zag je hem aankomen in zo’n grote Amerikaanse slee met een grote koffer er op bevestigd voor zijn fietsen en ander materiaal. Dan moest hij even wachten tot het hek openging en dan deelde hij met nors gezicht handtekeningen uit aan de jongetjes die daar met mij stonden te wachten. Later in de jaren zeventig moest ik regelmatig in Den Bosch zijn. Voor de lunch ging ik dan naar zijn restaurant in het sportpark De Vliert. Er was nooit een mens. Als de grote Gerrit Schulte dan een uitsmijter voor me had gebakken kwam hij bij me aan tafel zitten. Lekker over wielrennen lullen. Een prachtige renner, een soms moeilijk mens die er tot zijn dood van overtuigd was dat hij de allergrootste is geweest. De enige die hij het voordeel van de twijfel gunde was Fausto Coppi en die had hij verslagen in het WK achtervolging 1948. Ik had in die tijd net een tweedehands RIH-frame overgenomen van een Amsterdamse renner die een goede amateur was geweest, maar als beroepsrenner de verwachtingen niet had kunnen waarmaken. Die had nog een nieuw frame laten maken bij de keizerlijke fietsenmakers van de Westerstraat en hij trok er iedere zondag op uit met een groepje oud-renners. Toen Schulte mij vroeg of er nog renners uit zijn tijd actief waren op de racefiets, noemde ik de naam van die oud-renner. Ik zag even een soort irritatie in zijn ogen en hij zei: “Ik bedoel renners, geen koekebakkers, mannen als Derksen en Post, fietsen die nog?” Dat was Schulte ten voeten uit. Hij was bereid andere renners enigszins te erkennen, maar die moesten dan wel minstens wereldkampioen zijn geweest of meer zesdaagsen hebben gewonnen dan hij. Volgende maand is hij al weer vijftien jaar dood. (Foto: archief Wim van Eyle)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 januari 2007 0:00

Nog maar net in het nieuwe jaar en het eerste overlijdensbericht is al binnen. Van slogblog-vriend Theo ontving ik een scan van zijn rouwkaart. Daarop een mooi rijmpje in het Limburgs:

Wer höbbe ’t neet altied vuur ’t zègke
Sömmige dinger gebeure gewoon
En dao zulle wer ös bie neer motte lègke
Want dao kènne wer zelf toch niks aan doon

Jan Schröder herinner ik me als een zeer sterke amateurrenner die onder andere de klassiekers de Omloop van de Kempen en de Ster van Zwolle op zijn naam schreef. Hij werd geselecteerd voor het WK op de weg van 1961 en hij werd daar 12e. De Fransman Jean Jourdan werd wereldkampioen en Jan Janssen was de beste Nederlander met een 7e plaats. Als onafhankelijke en beroepsrenner ging het wat minder met Jan. In zijn debuutjaar 1963 werd hij 24e in de Ronde van Nederland en 7e in het Nederlands kampioenschap. In de jaren die volgden won hij nog criteriums in Ulvenhout en Enter. Jan Schröder is 65 jaar geworden. Jan wordt a.s. dinsdag begraven in zijn woonplaats Koningsbosch.

Zie ook het stukje dat De Limburger vandaag aan hem wijdde.

Geplaatst door Fred van Slogteren, 6 januari 2007 15:00

Ga voor een van de honderden schitterende prijzen die aan de prijsvraag Ronde van het Groene Hart verbonden zijn.

Ga naar www.rondevanhetgroenehart.nl of klik op de banner ‘Ronde van het Groene Hart’ in de linker kolom.

Veel succes!!!

Geplaatst door Fred van Slogteren, 6 januari 2007 10:30

Patrick LEFEVERE (1955, België)

Hij was geen slechte renner, want hij won Kuurne-Brussel-Kuurne en dat is altijd een lastige wedstrijd. Hij was echter geen topper en daarom stopte hij al op z’n 25e. Hij zag zijn beperkingen, want hij had het vermogen om renners en dus ook zich zelf te doorzien. Hij werd assistent-ploegleider bij Marc-Zeepcentrale, de ploeg waar hij de laatste twee jaar van zijn beroepscarrière voor reed. Hij leerde het vak van Walter Godefroot, zijn sportdirecteur. Hij ging in diens schaduw mee naar Capri-Sonne en vervolgens naar Lotto. Toen Godefroot naar Telekom ging trok hij naar Italië, waar hij bij de Italiaans-Belgische formatie GB-MC doorbrak als een van de beste ploegleiders van het peloton. Na GB-MC werkte hij bij de fameuze Mapei-ploeg om vervolgens weer in België te geraken bij eerst Domo en later QuickStep, de succesformatie waarvan hij nu de grote baas is. Onder zijn leiding kwamen renners als Johan Museeuw, Michele Bartoli, Paolo Bettini en Tom Boonen tot grote bloei. Ik heb hem een keer ontmoet in Luik. Aan de vooravond van La Doyenne had ik in een groot hotel een afspraak met David Duffield, Brits verslaggever van Eurosport. Vanuit de parkeergarage reisde ik met de lift naar de lounge van het hotel. Gelijk met mij stapte Lefevere in de lift en hij knikte mij vriendelijk toe. Luttele seconden stonden we zwijgend in een ruimte van misschien vijf kubieke meter en dat was genoeg voor mij om te zien wat het succes van deze man is. Hij heeft een geweldig charisma en hij zorgt er voor er altijd perfect uit te zien. In de hal van het hotel werd hij direct omringd door mensen die van alles van hem wilden. Hij ging daar prettig en geroutineerd mee om. Ik trof Duffield diep weggezonken in een lederen bankstel en met een pint onder handbereik hadden we het over Peter Post over wie ik een boek aan het schrijven was. Duffield is de man geweest die Post en Raleigh bij elkaar bracht en op mijn vraag waarom hij juist Post voorstelde als de ideale ploegleider voor de Britse ploeg, zei David: “He had that certain something”. Op dat moment liep Lefevere langs. “Like him”, vroeg ik. David knikte en zei: “he also has it.” (Foto: © Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 6 januari 2007 0:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 Volgende »