“Sinterklaas is nog maar net het land uit of ik ga hem met mijn ‘zesdaagse van de week’ achterna naar Spanje. In de hoofdstad Madrid werden tussen 1960 en 1986 dertien zesdaagsen georganiseerd. Op 11 december 1964 was er de finish van de vijfde editie. De winnaars waren de Belg Rik Van Steenbergen (foto) en de Spanjaard Federico Bahamontes. De Adelaar van Toledo had eerder dat jaar voor de zesde maal het bergklassement van de Tour de France gewonnen en in 1959 was hij de eerste Spaanse Tourwinnaar geweest. Van Steenbergen was op de dag van de zege in Madrid de veertig al gepasseerd. Van Steenbergen (ook wel Rik I genoemd, ter onderscheiding van zijn collega en rivaal Rik Van Looy) was een superster op de fiets getuige zijn immense erelijst. Naast etappes in alle grote etappekoersen won hij de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix, de Waalse Pijl en Milaan-San Remo en werd hij drie keer wereldkampioen op de weg. Naar verluid behaalde hij 1645 triomfen, met dat aantal zet hij zelfs Eddy Merckx op ruime achterstand. 322 overwinningen behaalde hij in wegwedstrijden en de rest op de baan in omniums, koppelkoersen en zesdaagsen. Tot zijn 43e draaide hij mee aan de top en hij was 24 jaar beroepsrenner. Zijn zege in Madrid was absoluut geen toeval, want in totaal won Rik I veertig zesdaagsen. In Madrid won hij drie keer op rij, in 1963 met Jos De Backer, in 1964 zoals vermeld met Bahamontes en in 1965 met Romain De Loof.

De Zesdaagse van Madrid had in 1964 geen Nederlandse deelnemers. Toch drukten onze landgenoten ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 11 december 2006 10:00

Franco BALLERINI (1964, Italië)

Deze coureur is een van de beste Italiaanse renners van de laatste twintig jaar met een prachtige erelijst. Met vele overwinningen in onder meer Parijs-Roubaix, Parijs-Brussel en de Omloop Het Volk. Een indrukwekkende lange atleet met een mooie zit, die niet altijd even slim koerste. Ondanks al zijn overwinningen is de Florentijn het bekendst geworden door een pijnlijke nederlaag. Dat was in Parijs-Roubaix 1993 toen hij zijn medevluchter Gilbert Duclos-Lasalle schromelijk onderschatte en met de tweede plaats genoegen moest nemen. Jan Zomer schreef er in Wielerexpresse een mooi stukje over, dat ik hieronder plaats:

‘Het is 11 april 1993. Franco Ballerini heeft in anderhalf jaar geen wedstrijd meer gewonnen. Vandaag is Parijs-Roubaix. Hij heeft er zin in, voelt zich sterk en zit de hele dag bij de eersten te rijden. Hij maakt indruk met zijn krachtige pedaalslagen. Als de finale begint, rijden zestien renners voorop. Adri van der Poel en Herman Frison nemen vijftien seconden voosprong. Ballerini wacht zijn moment af en rijdt dan in één tempoverhoging naar het duo. Hij achterhaalt ze vlak voor een klimmetje. Hij voelt de pedalen niet, hij zweeft, voelt zich gelukkig, zit doodstil in het zadel. Daar waar de anderen zitten te zwoegen en te stampen, daar zit Ballerini doodstil, zijn pedaalslag hapert niet, neen, de ketting blijft één strakke snaar als bewijs van de ononderbroken kracht in zijn coup de pédale. Frison en Van der Poel worden overstoken of zij wtil staan. Alleen een amechtig hijgende Duclos-Lasalle hangt in zijn wiel. Ballerini laat hem zitten, want ach … De grimassen van Duclos zijn aandoenlijk, roepen meelij op. Toch, als de oude vos even overleg pleegt met zijn ploegleider, is het gelaat ontspannen en verdwijnt de grimas. Als Franco achterom kijkt, tovert Duclos weer de diepe pijnlijke groeven in het gelaat. Speelt Duclos komedie? Franco dendcert door, ijlt door het luchtledige, hoort klaroengeschal in de verte. Daar is de wielerbaan. Hij heeft het idee de hemel binnen te rijden. Vandaag is het zijn dag, niemand zal hem kunnen weerstaan. Duclos kiest positie … Franco maakt geen gebruik van ‘de val’ van de baan, hij rijdt gewoon door, onderin de baan. Dan ineens, komt de oude Duclos opzetten! Franco juicht, jubelt, zwaait, kust en schreeuwt van vreugde. Pffff, hij moest toch even verdapperen in die laatste meters. De oude Duclos kan toch ‘nog aardig fietsen op zijn leeftijd’. De officiële uitslag komt … De wereld van Franco stort in, tranen lopen over zijn wangen en slingeren witte sporen in het stof uit De Hel. Als een schreiend kind, waarvan men de lievelingsbeer heeft afgepakt, werpt hij zich in de armen van zijn ploegleider. Alle aandacht gaat terstond naar Duclos. Ballerini wil stoppen met de wielersport, maar zweert later om in 1994 wraak te nemen.’ (Foto: © Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

Geplaatst door Fred van Slogteren, 11 december 2006 0:00

Het stayeren was kort na de tweede wereldoorlog heel populair en als er wedstrijden achter motoren op het programma stonden dan zat het Olympisch Stadion altijd behoorlijk vol. Het ging het publiek waarschijnlijk om die motoren, meer als om de wielersport. Er werden voor de oorlog zelfs motorwedstrijden op de wielerbaan georganiseerd, maar dat hield abrupt op nadat de populaire motorcoureur Hans Herkuleijns in 1931 was verongelukt. Hij vloog de bocht uit met een snelheid van 125 kilometer per uur en knalde met zijn hoofd tegen een lichtmast. Kort na de oorlog werd een andere tak van de motorsport heel populair in het stadion. Dat was het spectaculaire speedway, waarbij de voor de atletiek bedoelde ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 10 december 2006 10:00

Donato ZAMPINI (1926, Italië)

Uit de Italiaanse stad Saronno in de provincie Varese komt niet slechts een overheerlijke amandellikeur, maar ook een renner die in de jaren vijftig meer door zijn collega’s werd gewaardeerd dan door het grote wielerpubliek. Donato Zampini had als belangrijkste eigenschap dat hij er altijd bij was, maar nooit opviel. Een goede renner, maar geen topper. Iemand die zijn gebrek aan wielertalent compenseerde met onmenselijke trainingen en een uitzonderlijke beroepsernst. Zijn collega’s en dan vooral zijn kopmannen waardeerden hem voor zijn nimmer aflatende steun en zijn gelijkmatige opgewekte karakter. Ze voelden zich veilig bij hem. Altijd bereid te werken en er nooit op uit om anderen te flikken. Een deel van zijn wielercarrière heeft hij in dienst gereden van Fiorenzo Magni en hij volgde de Leeuw van Monza in een voor die tijd nieuw avontuur: de extra-sportieve merkenploeg. Tot het midden van de jaren vijftig reden renners uitsluitend met reclame rond voor fietsmerken en fietsonderdelen. Het Duitse cosmeticamerk Nivea was de eerste extra-sportieve sponsor en behalve Magni en Zampini zaten er renners in de ploeg als Pierino Baffi en Carlo Clerici. Zampini bracht slechts enkele overwinningen op zijn naam, waarvan de Ronde van Sicilië de belangrijkste was. Hij werd voorts een keer tweede in Parijs-Nice en een keer vijfde en een keer zevende in de Ronde van Italië. Na zijn carrière begon hij een rijwielzaak in zijn woonplaats. Die winkel zou best ‘Zampini di Saronno’ kunnen heten.

Geplaatst door Fred van Slogteren, 10 december 2006 0:00

Het is altijd prachtig om te zien als een sportman of sportvrouw na een zware blessure terugkomt aan de top. Maanden van keihard werken worden beloond met een grote overwinning. Honderden kampioenen uit het verleden waren haar voorgegaan toen Daphny van den Brand haar tranen de vrije loop liet na het behalen van de Europese titel veldrijden. Ze was van ver gekomen de Brabantse uit Zeeland. Maar de enorme inspanningen die ze zich had getroost om haar plaats aan de top te heroveren betaalden vanmiddag uit. En dat is een felicitatie waard voor de kleine veldrijdster met de vlechtjes. Het was een loodzwaar parcours en haar belangrijkste concurrenten Hanka Kupfernagel en Marianne Vos hadden duidelijk moeite met de blubber, maar Daphny maakte geen fout. Haar gezicht op het podium verried zowel opwinding als emotie en dat belooft wat voor de rest van het seizoen. (Foto: © Cor Vos)

Geplaatst door Fred van Slogteren, 9 december 2006 20:11

Ondrej SOSENKA (1975, Tsjechië)

Een wielrenner die het werelduurrecord aanvalt kan rekenen op veel publiciteit. Als hij het ook nog verbetert dan bereikt zijn naam alle media van de wereld. Het overkwam Merckx, het overkwam Moser, het overkwam Obree en het overkwam Chris Boardman die tot en met 18 juli 2005 het record aller records in zijn bezit had. 49 kilometer en 441 meter had de Brit in een uur tijd onder zich weggetrapt. Op 19 juli 2005 evenaarde een vrij onbekende Tsjechische wielrenner de tijd van Boardman, terwijl er nog 19 seconden van het uur resteerden. 49 kilometer en 700 meter telde de elektronica toen de 60 minuten door de tijdwaarneming waren weggetikt. De plaats van handeling was de Olympische Krylatskoje wielerbaan in Moskou en de hoofdrolspeler was de toen 29-jarige Ondrej Sosenka uit Praag. Een fantastische prestatie die merkwaardig genoeg geen enkele aandacht kreeg in de wereldpers, op wat kleine berichtjes na. Dat betekent voor mij dat het Oost-Europese wielrennen nog altijd als een ondergeschoven kind geldt in de Westerse mediabelangstelling. Dat op dat moment de ... 

Geplaatst door Fred van Slogteren, 9 december 2006 0:00

© Otto Beaujon

“Greg LeMond is recente geschiedenis. Wie precies de eerste Amerikaan is geweest die aan de Tour de France deelnam, is niet interessant. Feit is dat ze er ineens waren, de mannen van Seven-Eleven een grote Amerikaanse supermarktketen en ze droegen namen als Andy Hampsten, Bob Roll, Jonathan Vaughters en Greg LeMond. LeMond bleek de meest succesrijke van allemaal, want hij won drie maal de Tour de France en hij werd tweemaal wereldkampioen op de weg. Hij was de eerste Amerikaan die de Tour winnend afsloot en ook de eerste die wereldkampioen werd. Natuurlijk vonden de Tour-organisatie en de UCI het leuk om een ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 8 december 2006 10:00

Charly GAUL (1932, overleden 06.12.2005, Luxemburg)

De wielersport kent kleine kampioenen, grote kampioenen en legendes. Die laatste groep is het geringst in omvang. Ze stammen allemaal uit het tijdperk van voor de uitgebreide TV-verslagen. Daarin kunnen we zelf zien hoe zwaar ze het hebben en hoe goed of minder goed ze zijn. Vroeger waren we afhankelijk van de journalisten die namens ons naar hun verrichtingen mochten kijken. Omdat ze het ook niet van minuut tot minuut konden zien, soms bijna helemaal niet, werd regelmatig de duim aangesproken om een mooi verhaal uit te zuigen. Er zal wel iets waar geweest zijn van de verhalen over Charly Gaul, die er op neer kwamen dat hij meer kon dan anderen als het goot van de regen en het stormde, onweerde, hagelde en wat nog niet meer aan natuurlijke ellende uit het grijze zwerk neerstriemde. Zo ontstonden mythologische verhalen die generatie na generatie aan elkaar doorverteld werden en er zijn slechts wat bibberige camerabeelden uit journaals om het tegen te spreken. Maar dat geeft niet, want ... 

Geplaatst door Fred van Slogteren, 8 december 2006 0:00

ANTONIN MAGNE

door François Terbeen

“Een Franstalig boek dat in 1984 is uitgekomen naar aanleiding van het overlijden van Magne in 1983. Het is 290 pagina’s dik met vele foto’s. Antonin Magne is als renner en als ploegleider een enorme mannetjesputter geweest. Hij was voor de tweede wereldoorlog tweevoudig Tourwinnaar (1931 en 1934) en wereldkampioen (1936) en na de oorlog werd hij ploegleider van de ploegen van het vermaarde Franse fietsmerk Mercier. Hij startte tien keer in de Tour de France en hij eindigde negen maal bij de eerste tien. Hij was een redelijke klimmer en een superieur tijdrijder. Een zeer methodisch man, die ook als ploegleider grote successen heeft behaald met renners als Marcel ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 december 2006 10:00

Fiorenzo MAGNI (1920, Italië)

Het wielerland Italië werd in de jaren veertig en vijftig beheerst door twee iconen die in aanzien op een voetstuk stonden zo hoog als de Eiffeltoren. Fausto Coppi en Gino Bartali verdeelden de tifosi in twee kampen. De Bartalisten waren aanhangers van de vrome, devote Roomse leer van Pius XII en de Coppisten hunkerden naar enige verlichting, waarin niet iedere stap door de plaatselijke Don Camillo werd gedecreteerd. De vermetele echtbreker Coppi was in het geniep hun held, terwijl ze zich in het openbaar lafhartig uitspraken voor de tachtig keer per dag biddende Bartali om bij de heilige maagd de zoveelste zege af te roepen. Qua romantiek een fantastische tijd, waarover Martin Ros nog kraaiend kan schrijven, maar als niet-gelovig-jongetje zocht ik mijn heil liever bij Fiorenzo Magni. Fiorenzo, zo wilde ik ook graag heten, maar we hadden alleen de eerste letter gemeen. Ongeveer tweehonderd meter lager dan de top van de Eiffeltoren stond mijn held in de publieke belangstelling en dat was altijd nog veel hoger dan mannen als Ronconi, Bevilacqua, Astrua en Minardi die toch ook een aardig stukje konden fietsen. Magni was mijn held, niet vanwege zijn uiterlijk, want met zijn kale kop met zo’n lullig haarrandje achterom de oren leek hij meer op mijn opa dan op een wielerheld. Magni waardeerde ik vanwege zijn temperament en zijn inzicht om een gegeven niet als een voldongen feit te aanvaarden. Een mens is op aarde om het talent dat hij heeft meegekregen zo goed mogelijk te gebruiken, hield mijn vader me al heel jong voor. En die Fiorenzo Magni uit dat mooie Toscane bracht die wijze les in praktijk. Als een van de eerste Italianen trok hij naar de voorjaarskoersen in het noorden van Europa om er de Leeuw van Monza te worden. Hij won drie keer Vlaanderens mooiste door over de kasseien te dokkeren en de stront op zijn lippen te proeven als een echte Flandrien. Geen Vlaming die moeite had met zijn superioriteit, want hij werd een van hen. Een paar jaar geleden las ik een interview met een joyeuze zakenman in zwierig maatpak, nog altijd aan het werk in het automobielbedrijf dat hij charmant maar met harde hand runt. Tegen de tachtig liep hij, maar op de foto’s zag hij er uit als een zestiger. Gewoon een tweede leven begonnen en daar ook weer een succes van gemaakt. Door zijn kale hoofd leek hij als actief wielrenner twintig jaar ouder dan hij was en nu leek hij twintig jaar jonger dan hij is. Hij zal zijn tegenslagen wel hebben gehad, zoals iedereen, maar dan was er altijd weer het karakter van de Toscaan van Vlaanderen om er zich doorheen te rammen.

Geplaatst door Fred van Slogteren, 7 december 2006 0:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 Volgende »