ad ad ad ad

Zwarte Wout …

In 1967 waagde op 33-jarige leeftijd een renner uit ‘De Glazen stad’ de stap naar de beroepswielrenners. Geen hoogvlieger die Wout van den Berg uit de streek onder Den Haag, waar ook Leo Duijndam en later Leo en Teun van Vliet vandaan kwamen.

Voor deze middelmatige coureur stonden de wielerploegen natuurlijk niet in de rij. Het deerde de vrolijke Wout niet, als hij maar met zijn trainingsmaat Leo Duijndam tussen de vedetten kon koersen.

Iedereen in Westland kent Wout als de man in het zwart. Tot zijn 51e had de voormalige tomatenkweker een proflicentie, maar zijn uitslagen hebben de krantenkoppen niet gehaald. Een tiende plaats in de Nationale Sluitingsprijs Putte-Kapellen was zijn hoogtepunt.

Geen droge snee brood mee te verdienen, zou je denken. Wout lachte maar een beetje als wij naar zijn inkomstenbron hengelden, om vervolgens met een flinke dot gas op het pedaal van zijn dikke BMW ons in raadselen achter te laten.

De organisatoren van de rondjes om de kerk maakten dankbaar gebruik van de populariteit van de zwarte ridder door premies uit te loven als hij het klaarspeelde om bij de volgende doorkomst een plaatsje of meer op te schuiven.

Het voltallige aanwezige publiek vond het al geweldig als Wout dan zijn hand op stak.

Regelmatig kwam ik Wout met zijn karakteristieke paardenstaart op de fiets tegen, altijd gekleed in het zwart. Nooit te beroerd om de groet te beantwoorden.

Hoe zou het eigenlijk Wout van den Berg zijn vergaan?

De zwarte ridder die we jarenlang door de duinen van Scheveningen richting Het Kopje van Bloemendaal en terug zagen trainen is door zijn wielervrienden nog niet vergeten.

Drieëntachtig jaar oud is hij nu en de sleet zit er behoorlijk op. Fietsen en autorijden, kan hij niet meer. Dat is een behoorlijke beperking, maar als ik hem vraag iets over zijn wielertijd barst hij los.

Vanuit zijn fraaie woning te Wateringen komen de anekdotes breed lachend uit zijn mond en na uren vertellen zegt hij: “Ja Jan, zeg maar tegen al die Haarlemmers die mij nog kennen van de koffietent aan de kop van de Zeeweg dat Zwarte Wout nog steeds in leven is.”

Bij het afscheid nemen herhaalt hij die opdracht. “Doe ze vooral allemaal de hartelijke groeten. Doen hoor!” Bij deze, Wout.

Foto’s: archief Jan van der Horst

Door Jan van der Horst, 20 november 2016 14:00

Ooit hoorde ik tijdens een criterium iemand naast me zeggen

Wout demarreert van achteren.
(dat moet een kenner geweest zijn)
Geplaatst door De Trimmer, 25 november 2016 07:47:38

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web