ad ad ad ad

Van de boekenplank van Wim …

25 STERKE VERHALEN

door Hennie Marinus
Johnny Jordaan zong het voor het eerst in de jaren vijftig, maar de echte Amsterdammers wisten het al veel langer. ‘Bij ons in de Jordaan, waar de Amsterdamse humor nooit verloren gaat.’ Sinds Jantje van Musscher dat in de zomer van 1952 in het Roothaenhuis op de Rozengracht ten gehore bracht, denkt heel Nederland dat elke Jordanees iemand is waar je je blauw om lacht. Blauw waren ze daar echter vaker dan leuk, want in de Jordaan wemelt het van de kroegen en in mijn jeugd is daar menig weekloon verzopen, voordat tante Jans of tante Sjaan er boodschappen mee kon doen. 
Er zijn echter wel degelijk Jordanezen met veel humor. Hennie Marinus is er een voorbeeld van. Die kleine renner uit de jaren vijftig en zestig die ... 
... snel als het weerlicht op weg en baan vooraan reed. Hennie behoort al jaren tot mijn wielervrienden en zijn verhalen ken ik ook. Allemaal. Hij heeft ze me meermalen verteld en het zijn belevenissen veelal zonder clou. Herinneringen met een lach en een traan, want ook op het gebied van emotie is Hennie een echte Jordanees. 
Het was Sophie, de echtgenote van Koos Tacx, die het idee kreeg om de verhalen van Hennie in een boekje vast te leggen en dat in een beperkte oplage uit te geven. Voor de vrienden van Tacx en voor de vele vrienden van Hennie zelf. Een leuk idee en het is ook zeker een leuk boekje geworden. Hennie schreef zijn herinneringen op en Jan Zomer deed de eindredactie.
Ik was vroeger een liefhebber van Max Tailleur, de Joodse moppentapper van het Rembrandtplein. Ik heb als jeugdige stapper menig uurtje in De Doofpot naar zijn moppen geluisterd en voel nog de buikpijn van het lachen. Op het hoogtepunt van zijn roem gaf hij elk jaar een boekje uit. Met een touwtje eraan om bij de verjaardagskalender op het toilet te hangen. Soms las ik er wel eens in, maar kon er zelden om lachen. Max Tailleur moest je consumeren, en zonder die kop en die stem werden zijn mooiste moppen bleke aftreksels. En zo is het ook met dit boekje. 
Ondanks alle goede bedoelingen is het veel leuker als je die verhalen hoort, in plaats van leest. Uit de mond van Hennie zelf. Want als hij vertelt dan krijg je Hennie er helemaal bij. Zoals hij is met die door het leven getekende kop en zijn onvervalste Jordaneze tongval. Zoals een paar jaar geleden toen hij in de VIP-bus van de Ronde van Noord-Holland zijn hilarische belevenissen in de Ronde van Tunesië vertelde. Met de microfoon van de reisleider in de hand. Zelfs de Haagse connectie met Joop van der Putten en Rinus Paul kreeg hij er plat mee.
Toch is dit boekje de moeite waard, ik zou het zelfs een document humaine willen noemen dat een ieder, die Hennie kent en van hem houdt in bezit moet hebben. Als een herinnering aan een man die altijd goudeerlijk, integer, maar soms een tikje naïef in het leven staat.
Hulde daarom aan Sophie Tacx voor dit initiatief in de hoop dat Hennie Marinus nog heel lang in staat zal zijn zijn verhalen zelf te vertellen.
Door Fred van Slogteren, 31 juli 2014 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web