ad ad ad ad

Herinneringen bij een foto …

Europa zucht onder een zware crisis, in tal van Europese landen steekt het rechts nationalisme de kop op en Nederland maakt zich druk om Zwarte Piet. Die regels zouden in het begin van de jaren dertig van de vorige eeuw geschreven kunnen zijn en net zo goed vandaag de dag. In de eerste twee gevallen was het zo’n tachtig jaar geleden een stuk erger en in het geval van Zwarte Piet ging de opwinding ergens anders over. Nu over vermeend racisme bij een al eeuwenoud Hollands kinderfeest en toen om een wielrenner, een hardfietser die de ster was van de zesdaagsen in Europa en Amerika. Piet van Kempen, alias Zwarte Piet vanwege zijn ... 
... ravenzwarte haren, was de toenmalige keizer van het rokerige zesdaagsenrijk. 
Dit soort foto’s stonden toen wel eens in de krant. Een zesdaagse duurde toen nog echt zes etmalen lang. Er moest 24 uur per dag doorgefietst worden ook al was er in de nachtelijke uren nauwelijks publiek. Dan werd het stuur omhooggedraaid, de rennersschoentjes gingen uit, de trijpen pantoffeltjes aan, een dikke trui omdat het in zo’n leeg sportpaleis ’s nachts behoorlijk koud kon worden en dan maar rondjes rijden, eindeloos in de rondte als een tienduizend keer vertraagde centrifuge. De ene voet op de pedaal van het doortrappertje en de andere rustend op het stuur. En natuurlijk met een kopje koffie erbij en een krantje. Ik heb ook wel foto’s gezien waarop een renner zich in die houding zat te scheren. Nat, wel te verstaan, dus met kwast, scheerzeep en een mes. 
Al die kunsten beheerste Piet van Kempen als geen ander in de jaren dat hij op de winterbanen een fortuin bij elkaar fietste. Daarvan kocht hij na zijn carrière in Brussel een groot hotel waarmee hij nog veel meer verdiende. Hij had het breed en liet het breed hangen, bezat renpaarden, een wagenpark met peperdure automobielen, bewoonde een soort penthouse en bewoog zich tussen de groten der aarde. Hij was een grote meneer en dat kon hij zijn omdat zijn vrouw de drijvende kracht op de achtergrond was, die het familiekapitaal optimaal beheerde en steeds groter maakte. 
Dat wisten niet veel mensen, maar het kwam pijnlijk aan het licht toen ze was overleden. De enige echte Zwarte Piet bleek gokverslaafd en joeg het kapitaal er in enkele jaren doorheen. Hij stierf eenzaam en berooid in een achterafkamertje ergens in een Brusselse achterbuurt. 
De moraal van dit verhaal: Zwarte Piet kan niet zonder de sturende hand van een goedheiligman of –vrouw. 
Door Fred van Slogteren, 29 oktober 2013 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web