ad ad ad ad

Uit de ordners van Jan …

“Deze bijlage zat op donderdag 23 februari 1995 gratis bij Het Volk, de Belgische krant ooit voortgekomen uit de katholieke arbeidersbeweging, die vanaf 1945 de semi-klassieker organiseerde die tot en met 2008 de naam van die krant heeft gedragen. Die bijlage werd destijds gemaakt vanwege de vijftigste verjaardag van deze koers, die traditioneel de openingswedstrijd is van het wielerseizoen in Noord-Europa. De bijlage omvatte 12 pagina’s waarin redacteur Marc De Winter de 49 eerder verreden edities van de Omloop liet herleven. Overigens was het niet echt ter gelegenheid van de vijftigste omloop, want in 1986 kon de koers geen doorgang vinden vanwege een pak vers … 
… gevallen sneeuw die de wegen voor een peloton renners onbegaanbaar maakte. Door de overname in 2008 door Het Nieuwsblad draagt de wedstrijd vanaf 2009 de naam Omloop Het Nieuwsblad, een wijziging waar wielerliefhebbers nogal wat moeite mee hadden. Het parcours is hetzelfde gebleven en voert van Gent naar Gent (het is een aantal jaren van Gent naar Lokeren geweest) met de nodige kasseien en heuveltjes door het Vlaamse land, die we ook kennen van de Ronde van Vlaanderen en nog enkele klassiekers en semi-klassiekers. 
Vier of vijf Nederlandse winnaars
Vanaf het eerste jaar tot 1959 kende de Omloop uitsluitend Belgische winnaars. De eerste buitenlander die als zodanig werd begroet was de Ier Seamus Elliott. Daarna was het weer Belgian business as usual tot Jo de Roo in 1966 de tweede niet-Belgische winnaar was en de eerste Nederlandse. Als eerste van slechts vier, want na De Roo won Jan Raas in 1981, Teun van Vliet in 1987 en vorig jaar was het Sebastian Langeveld die de Spaanse kasseienliefhebber Juan Antonio Flecha met slechts enkele millimeters wist te kloppen. Een komische bijzonderheid is dat deze jubileumuitgave nog voor Jo de Roo in 1963 al een Nederlandse winnaar vermeld in de persoon van René Van Meenen. Hoe De Winter daarbij komt is mij een raadsel, want Van Meenen werd op 14 januari 1931 geboren in Drongen en deze deelgemeente van Gent ligt toch echt in Oost-Vlaanderen. Misschien is de auteur in de war geraakt door het feit dat Van Meenen als amateur in 1955 de eerste buitenlandse winnaar was van de Ronde van Noord-Holland, een Nederlandse klassieker die een jaar na De Omloop Het Volk zijn première beleefde.
Een meter beste worst
Behalve over het sportieve verloop van de voor 1995 verreden omlopen maakt de bijlage ook melding van allerlei wetenswaardigheden die er mee verband hielden. Zo is een opsomming van alle premies, die in de loop der jaren in natura door sponsors van diverse pluimage zijn uitgeloofd het lezen de moeite waard. In de tijd dat alleen heel goede wielrenners van hun sport konden bestaan, was het voor de minder bedeelden natuurlijk best aantrekkelijk om een tube, een ketting, een koersguidon, drie liter massageolie of een veloschoen op maat te winnen. Met een meter beste worst, een fijne gateau (taart), 12 dozen perzikken en 5 flessen vermouth zie ik zo’n ouderwetse keienvreter uit de jaren veertig ook nog wel naar huis gaan, maar wat moet-ie in godsnaam met een lap stof voor een golfbroek? Of met een kostbare harenborstel of een stropdas in natuurzijde? Verpatsen natuurlijk, want dat betekende in de eerste decennia na de oorlog een deel van het inkomen waar geen belasting over hoefde te worden afgedragen.
De Muur van Het Volk
Er is in deze weken veel te doen over de Muur van Geraardsbergen, die we op 1 april aanstaande zullen gaan missen in de Ronde van Vlaanderen. Ter relativering van alle commotie zou ik willen opmerken dat De Muur ooit als scherprechter is ontdekt door Jerôme Stevens, destijds de organisator van de Omloop Het Volk. De Omloop was in 1950 de allereerste wielerkoers die over De Muur is gegaan, waarna de Ronde van Vlaanderen dit voorbeeld volgde en die verschrikkelijke potenbreker nu door alle Vlaamse wielerliefhebbers wordt gezien als een onmisbaar onderdeel van De Hoogmis, ofwel Vlaanderens Mooiste. De inrichters van De Omloop zijn wat dat betreft bescheidener en refereren in deze bijlage slechts aan het bestaan van premiejagers. Voor wie het eerste over de top kwam, lag er op de top van De Muur een premie van tienduizend frankskes te wachten. Albert ‘Berten’ Wauters uit Aalst heeft die premie eens gewonnen en daar was hij zo blij mee dat hij in Ninove afstapte bij het café van zijn trainingsmaat Kamiel Beeckman. Dolgelukkig met al dat geld trakteerde hij de hele zaak op een pint. Het kon er af, want hij hield nog genoeg over om in datzelfde jaar een nieuw huis te bouwen. 
De alternatieve omloop
België telde in de jaren vijftig en zestig honderden beroepsrenners. Die konden niet allemaal aan de start komen, want met alle grote Nederlandse en Franse coureurs mee, zou er dan een pak van vierhonderd man of meer moeten vertrekken. Dat kon natuurlijk niet op die smalle kasseistroken en daarom werden er als experiment in 1966 twee identieke koersen voor profs georganiseerd. Eén voor de gebruikelijke deelnemers, de beste coureurs van die tijd, en één voor de mindere goden die net niet goed genoeg waren om aan de start van de grote wedstrijd te worden genood. Bij die tweede garnituur zaten toch nog flink wat goede renners die de pech hadden dat ze buiten het aantal vielen dat hun sportdirecteur mocht opstellen. Het experiment heeft maar één jaar geduurd. Waarom weet ik niet, want het was een spannende koers die de individuelen opvoerden, die in een eindsprint van zeven eindigde, waarvan Jan Boonen de snelste was. Hij deed er precies een half uur langer over dan Jo de Roo, de winnaar van de echte Omloop.     
De pech van Kübler
Iedere koers kent een aanlooptijd, waarin het moeilijk is om grote namen aan de start te krijgen. In 1954 pronkte de organisatie van de Omloop met het feit dat de beroemde Zwitser Ferdi Kübler zou gaan meedoen. Dat was een grote erkenning, want Dolle Ferdi had in 1950 de Tour gewonnen, was in 1951 wereldkampioen geweest en had in 1951 en 1952 zowel Luik-Bastenaken-Luik als De Waalse Pijl op zijn erelijst bijgeschreven. Maar toen het startschot klonk was de Zwitser in geen velden of wegen te bekennen. De meute was al zeven minuten onderweg toen hij met zijn vaste secondant Rolf Graf bij de startlijn verscheen. Als razenden zetten de twee de achtervolging in, om al vlug tot de ontdekking te komen dat het een nutteloze missie was. Schuldbewust wilden ze hun reis- en verblijfvergoedingen terugbetalen, maar de organisatie wilde daar niets van weten. Op voorwaarde natuurlijk dat de Adelaar van Adleswill nu al toezegde het volgende jaar weer aan de start te verschijnen, maar dan op tijd. Kübler kon moeilijk weigeren, maar in de ijskoude editie van 1955 kwam hij al kort na de start ten val en totaal verkleumd en licht beschadigd gaf hij al na 30 kilometer de pijp aan Maarten. 
Tot volgende week!”
Jan Houterman

Door Fred van Slogteren, 27 februari 2012 10:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web