
De kwaliteit van deze foto is niet best, maar ik heb hem gekozen omdat het Jan Derksen (links) laat zien, zoals ik hem me het best herinner. Als topsprinter was hij een en al souplesse. Het meest indrukwekkend waren altijd zijn laatste meters. De kont schoof dan ver naar achteren, de armen werden gestrekt, het hoofd verdween diep tussen de schouders en de rug werd een gestroomlijnde boog om maar zo min mogelijk weerstand te hebben. Als hij niet fietste maar ...
... in zijn burgerpak rondliep dan kon je je niet voorstellen dat het dezelfde man was. Dan leek hij meer iemand met een saaie kantoorbaan. Op z’n dertigste zag hij er al veel ouder uit met de dunne haartjes keurig in een scheiding, altoos netjes in het pak, gekapt en gekleed als de punctuele procuratiehouder van de Nederlandsche Handelmaatschappij. Maar Jan Derksen was een populaire sportman, die heel de wereld doortrok en – naar eigen zeggen – het mooist denkbare leven leidde van ons allemaal. Hij kon er prachtig over vertellen, met zichzelf altijd als het middelpunt. Hij had veel vaker wereldkampioen moeten zijn, want hij was een van de beste sprinters van zijn tijd en zijn voorbereiding was altijd voorbeeldig. Niets liet hij aan het toeval over om maar zo goed mogelijk aan de start te komen. Hij had echter één makke. In de dagen voor een groot sprinttoernooi was hij zijn zenuwen zelden de baas. Naarmate de datum naderde sliep hij slechter, lag hij ’s nachts te woelen en naar het plafond te staren om eindeloos de grote concurrent te kloppen. Gesloopt door de twijfel en gebrek aan slaap verloor hij dan in de serie nog wel eens van een operettesprinter van de Fiji-eilanden. De kampioen van de training werd hij genoemd, want als het nergens om ging speelde hij met zijn trainingsmaten. Hij liet ze alle hoeken van de baan zien en trok in bovengenoemde houding bijna altijd aan het langste eind. Jan had nog een bijnaam en die luidde Jantje tien procent. Hij was namelijk ook een uitstekende zakenman die voor zichzelf, maar ook vaak voor anderen, het onderste uit de kan haalde. Hij hield er voldoende aan over om zich in de jaren zestig een mooie villa te laten bouwen. Hij doopte zijn huis Ordrup, naar de wielerbaan van Kopenhagen waar hij zijn grootste successen boekte. Afgelopen zondag is hij op 92-jarige leeftijd overleden. (Foto: archief T&T Tekst & Traffic)



