ad ad ad ad

De kus van Janny …

“In de wijk waar ik opgroeide woonden in de jaren vijftig en zestig alleen maar mensen die daar net als mijn ouders geboren en getogen waren. Nog geen allochtoon te zien, tot er plotseling een gezin kwam wonen uit het verre Drenthe. Boeren, zeiden we direct, want alles wat niet uit Amsterdam en omstreken kwam werd door ons als boerenkinkels afgedaan. Tot het gezin behoorde een zoon die Wim bleek te heten. Een wat knokige jongen met kleding waar stadsjongens als wij de neus voor ophaalden en een bloempotkapsel waaraan geen brillantine te pas was gekomen, terwijl wij al met forse vetkuiven indruk op de meiden probeerden te maken. Nadat alle boerengrappen over Wim waren uitgestort, bleek hij een toffe peer te zijn en als jongens uit een andere wijk wat lastig werden dan stond hij zijn mannetje als een van ons. Gaandeweg werden Wim en ik de beste maatjes en in de zomervakantie nodigde hij me uit met hem naar het Drentse dorp te gaan waar hij vandaan kwam en waar zijn oom Geert een boerderij bezat waar we twee weken mochten logeren. De reis ernaartoe was lang, want we gingen op de fiets naar Amsterdam, waar we ons inscheepten op de boot naar Harderwijk om vandaar naar Dalen, vlakbij Coevorden, te peddelen. Oom Geert woonde ...

... samen met zijn twee ongetrouwde zussen en gedurende de hartelijke kennismaking en de daarop volgende maaltijd vroegen de drie mij het hemd van het lijf. Vooral over de wielersport, want ik was toen al een beginnend rennertje en was op de racefiets gekomen. Mijn enthousiasme werkte aanstekelijk en oom Geert beloofde dat hij zich sterk ging maken om volgend jaar een wielerronde in Dalen van de grond te krijgen, waaraan ik natuurlijk mee moest doen. Tijdens ons verblijf leerde ik Janny kennen, een mooie boerendochter en ik was op slag verliefd. Een jaar later bleek oom Geert geen praatjesmaker te zijn geweest, want de eerste Ronde van Dalen was een feit. Ik had nog nooit in die contreien gekoerst, maar ik voelde me tegenover oom Geert verplicht te gaan winnen, mede omdat hij had geregeld dat Janny de rondemiss zou zijn en na afloop de overwinningskus zou geven. Alleen bij het idee al groeide mijn moraal en voelde ik de kracht in mijn benen om de missie feilloos uit te voeren. Zelfverzekerd, maar gespannen, wierp ik voor de start een snelle blik naar mijn opponenten. Een stel boerenkinkels was mijn indruk, met namen als Koster, Smouter, Kuiper en nog zo wat. Alleen de naam Jan Bols (foto) kende ik natuurlijk, maar die was vooral bekend als schaatser en wielrennen was andere koek. Hoewel ik diep van binnen de twijfels voelde, maakte ik mezelf wijs dat ik die gasten allemaal kon hebben, Jan Bols incluis. Een misrekening, want voor ik het wist reed er een groepje weg en toen ze bijna een ronde voorsprong te pakken hadden, leek de overwinningskus voor mij onbereikbaar. Ik wilde me nog niet bij de feiten neerleggen en met een splijtende demarrage maakte ik me los uit het peloton. Het publiek kon mijn actie wel waarderen en het begon mij enthousiast aan te moedigen. Luid applaus was dan ook mijn deel toen ik me bij de drie vooraan wist aan te sluiten. We werkten eendrachtig samen en toen de bel voor de laatste ronde klonk, voelde ik me zeker van mijn zaak. Nog één rondje en ik zou het kusje van Janny in ontvangst mogen nemen. Kuiper en Smouter leken mij wel jongens om rekening mee te houden, maar Jantje Bols zou het zeker niet halen. Nee, die mocht al blij zijn dat hij nog in de kopgroep zat. De finish naderde en ik koos het wiel van Kuiper, de jongen die ik als de snelste beschouwde. Nog één bocht en ik zou de held van het dorp zijn. Schouder aan schouder draaiden we de bocht in en mijn remhendel raakte de zijne. Omdat we allebei geen duimbreed wilden toegeven besliste het noodlot en schoven we hard onderuit. Nog sneller dan ik gevallen was, krabbelde ik overeind greep mijn fiets en wipte in het zadel. Kuiper had het echter nog iets sneller gedaan, terwijl Bols voor ons over de streep loopfietste, want hij was niet gevallen maar had wel de ketting eraf. De bloemen en de kus van Janny waren voor hem en hij genoot er zichtbaar van. Ik mocht me troosten met de derde plaats en het feit dat Janny haar kruit op het erepodium niet verschoten bleek te hebben en er voor mij die avond ook nog wat kusjes over waren. (Foto: archief T&T Tekst & Traffic)

Tot volgende week!”

Jan van der Horst

Steun onze actie!

WAAROM PIETER WEL EN JAN EN JOOP NIET?

Door Fred van Slogteren, 31 oktober 2010 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web