
“Na afloop van de Ronde van Kortenhoef van 1984, waarvan ik mede-organisator was, ging ik een hapje eten bij het alombekende Rechthuis in ons dorp. Niet alleen, maar in het gezelschap van mijn vrouw en een groep wielervrienden onder wie Jenny en Gerben Karstens. Uiteraard had de Leidse notariszoon het hoogste woord en mijn vrouw, die niets van wielrennen weet en ook de wielrenners niet kende waar ik het altijd over had, fluisterde me toe dat ze hem wel een leuk binkie vond. We waren in een goede stemming, want …
… het was sportief een mooie ronde geweest en de organisatie was vlekkeloos verlopen. Een van de deelnemers dat jaar was Laurent Fignon, de winnaar van de Tour de France, en die logeerde in het Rechthuis. Vanaf mijn plaats aan tafel zag ik hem in een hoekje aan de maaltijd zitten in druk gesprek met zijn landgenoot Pascal Jules. Ik was niet de enige die de Tourwinnaar had opgemerkt, want Gerben stootte me aan en zei: “Zie je wie daar zit? Zullen we d’r effe naar toe gaan?” Hij stond op, maar ik zei zoiets van: “laat die mannen rustig eten, Gerben, hoe zou jij het vinden als je tijdens het eten wordt overvallen door mensen die je alleen maar willen begroeten.” Tot mijn verbazing zei Gerben, die toen al een aantal jaren was gestopt en Fignon dus niet kende, dat hij dat altijd wel leuk had gevonden. Ondanks mijn bedenkingen stond hij op en stapte op het tafeltje van de twee renners af. In uitstekend Frans maakte hij zijn verontschuldigingen voor het storen en deelde mee dat hij als oud-renner graag even wilde kennismaken met de tweevoudige winnaar van de Tour de France. De reactie van Fignon was verrassend. “Monsieur Karstens, dat is helemaal niet erg. Sterker, ik zit al een half uur met mijn vriend Jules te overleggen of het gepast zou zijn om een groot coureur als Gerben Karstens tijdens het eten aan te spreken. Uit respect voor u durfden we het eigenlijk niet. Ik ben altijd een grote fan van u geweest.” Hierna was het ijs natuurlijk gebroken en binnen enkele minuten schoven de twee bij ons aan tafel en het werd nog veel gezelliger. Jenny Karstens is een mooie en opvallende vrouw en ze viel die avond nog meer op door het knalgele broekpak dat ze aan had. “Dat is ter ere van jou, Laurent”, merkte Gerben op en iedereen lachen natuurlijk. De gesprekken gingen nog lang door. In rap Frans en helaas kon ik het daardoor niet altijd volgen. Ik had het gevoel veel te missen en ik kon me wel voor m’n kop slaan toen ik er bij het afscheid achter kwam, dat Laurent Fignon ook uitstekend Duits sprak, zoals het een echte professeur betaamt.
Het verhaal kreeg nog een vervolg, want ik heb die avond diverse foto’s gemaakt. Toen ik die had laten afdrukken zag ik meerdere kiekjes van Gerben omringd door alle dames van het gezelschap. Mijn vrouw merkte op dat ze ook wel met dat binkie op de foto had gewild. “Ik sta er alleen maar op met dat magere mannetje met dat vlashaar en dat brilletje”, zei ze teleurgesteld.
Tot een volgende keer!”
Cees Schouten
Steun onze actie!



