
“Hij was eens onze premier en minstens zo omstreden als Balkenende nu. Waar JP de MP het imago van kleurloosheid met zich draagt, daar kon je Dries van Agt (voor de jongeren, de renner links) moeilijk kleurloos noemen. Wel vaak onzichtbaar op momenten dat het hem niet uitkwam om …
… zichtbaar te zijn. Dan was hij fietsen, want de racefiets was vaak zijn alibi als het in Den Haag stormde. Hij heeft talloze malen zijn politieke vijand Joop den Uyl tot wanhoop gebracht met zijn strapatsen, maar daar trok ‘het taai reptiel’, zoals hij zich zelf graag noemde, zich niets van aan. Den Uyl nam wraak door hem postuum de toegang tot zijn uitvaartplechtigheid te ontzeggen. Het waren andere tijden waar ik nog wel eens met weemoed aan terugdenk, als ik naar de tegenwoordige kamerdebatten kijk. Dat was in de tijd van Den Uyl, Wiegel en Van Agt toch heel wat levendiger en vooral humoristischer. Als Zwarte Dries tenminste niet aan het fietsen was, zoals hier met de mannen van de politie. Dries begreep het beter dan Balkenende, want wat moet een premier van een fietsland nou in snelle bolides? Rij je een kilometer te hard, dan heb je al een bon.
Tot volgende week!”
Guus de Jong


