ad ad ad ad

Van korhoenders naar de beerput …

Geen enkele serieuze wielersite kan er omheen, ik doel op het grote artikel in de Volkskrant van zaterdag jl. Daarin mag voormalig huisarts te Deurne en sportarts Peter Janssen (foto) zijn ei leggen. Bij dit ei zijn de fipronil eitjes van de afgelopen maanden, zacht gezegd, wonderen van zuiverheid.

De vraag die mij bij dit bericht overvalt is: ‘Hoe kan een academisch opgeleid mens, arts notabene, zo afglijden in algemeen fatsoen en doen wat hij deed?’

Oké, hij voert aan dat hij als kind een slecht voorbeeld kreeg. Zijn vader, ook huisarts, had namelijk schijt aan het schietverbod op Korhoenders en jaagde tot wel drie keer per week op een toen al bedreigde vogelsoort. Ergens op de Holterberg schijnen er nog een paar rond te lopen.

Dat ze nooit gepakt werden, vertelt Peter Janssen niet zonder een zekere trots. Dus word je zelf arts en blijft geïnteresseerd in de wielersport. Daarin heb je, volgens Janssen, niets te zoeken als je niet ook doping wenst te verstrekken. Daarna volgt een opsomming van wielrenners en hun vrouwelijke equivalenten die Peter in zijn praktijk consulteerden en zich lieten behandelen met alle denkbare verboden spullen.

Voor de insider komen daar geen namen voorbij waarvan je het al wist of op zijn minst een ernstig vermoeden koesterde. Wat ik wel behoorlijk deprimerend vond, was de naïviteit die de leiders van het anti-doping laboratorium te Utrecht aan de dag legden.

Professor Jacques van Rossum en Douwe de Boer deden zelfs researchwerk voor Janssen, waardoor hij zijn renners kon vrijwaren voor een positieve uitslag tijdens een dopingcontrole. Ik neem aan dat beide heren zich dat niet realiseerden. Of wordt dit sprookje ook ooit nog eens doorgeprikt!

Peter Janssen is slim, misschien is ‘doortrapt’ een beter woord. In ieder geval lijkt deze insteek een aanbeveling in de wielerwereld. Hij zou bovendien een goede advocaat zijn geweest, want op de vraag of hij niet de vertrouwelijkheid arts-patiënt ernstig schendt, antwoordt hij: ‘Ze waren geen patiënt, maar sporter.’

Het lijkt me dat zo’n uitspraak binnen de medische wereld tot discussie moet leiden. Zelf vraag ik me af of de term die ik gebruik in mijn boek Amarcordsneeuw voor dit soort artsen, namelijk ‘Medisch geschoold zwerfvuil dat langs de gevels dwarrelt en alleen maar troep achterlaat,’ wellicht nog iets te vriendelijk is geweest.

Aan al die reflexmatige ontkenningen van de door hem genoemde sporters gaan we geen woord vuil maken. Zei Janssen dan niet iets zinnigs? Jawel, zijn opmerking dat dopingbestrijding compleet losgekoppeld dient te worden van welke sportbond dan ook en dat hier nadrukkelijk ook een taak ligt voor politici, slaat de spijker op de kop

Een compliment wil ik graag maken aan de journalisten Thomas Blom en Misha Wessel. Hun vasthoudendheid heeft een beerput geopend en dat is het enige lot dat een beerput toekomt. ‘Print the truth and raise hell’ met die instelling win je een Pulitzer prijs (The Chicago Times 2017) Alleen zo garandeert de journalistiek zijn bestaansrecht.

Foto: © Cor Vos

Door Joep Scholten, 11 september 2017 14:00

Reactie op Joep.

Zomaar ineens ben ik er helemaal klaar mee, met die hele wielerwereld.
Het ene na het andere schandaal. Ik ben er niet meer trots op dat ik ooit deel uit maakte van deze wereld.

Ooit als jong kind, mee met mijn vader naar wedstijden, die lucht van midalgan, die witte sokjes met die bruine benen, ik wilde het óók!
Verhalen over Fausto Coppi. Wielrenners zwoegend met een reserveband om hun nek.
Motoren in de baan. Ik kreeg er kippenvel van!

Vanaf mijn twaalfde de zgn schoolkinderen wedstrijdjes op gewone fietsen en al snel bij de jeugdwielerschool van DTS op een heuse racefiets.
Vanaf mijn vijftiende licentiehouder bij de KNWU en natuurlijk hoor en zie je dan wel het eea maar je staat er niet te veel bij stil en denkt dat het uitzonderingen zijn.
Je schrikt wel wanneer het je aangeboden wordt en je denkt er het jouwe van bij het aanschouwen van mannelijke wielrensters.
We maakten er grapjes over tijdens wereldkampioenschappen: heb je die Russinnen gezien? Die gebruiken vast doping…
Geen reden om er zelf mee te beginnen.

Wij werden destijds, jaren zeventig, naar dr Rolink gestuurd. Na de diagnose ijzertekort kreeg je dan een injectie en dan was je vlgs de dokter weer zo sterkt als een leeuw. Achteraf bleek dat deze dokter ook niet van onbesproken gedag was en heb ik me wel eens afgevraagd hoe het nu zat met die injecties.

Van mijn vader Klaas Kwantes hoorde ik hoe renners maar ook het personeel geprepareerd de zesdaagsen door kwam en ook welk gedrag daar kennelijk bij hoorde. In het kader van zoveel dagen, weken, achter elkaar avond na avond volle bak fietsen, begreep ik dat ook nog.

Maar dan toch.
De laatste jaren pas zijn mijn ogen eigenlijk steeds meer geopend. Je spreekt met oud-renners welke uit frustratie gestopt met fietsen zijn omdat kennelijk het halve peloton zich in de kleedkamer zat te injecteren en zij daar niet aan mee wilden doen. Hoe renners in het gekkenhuis zijn beland. Hoe renners zijn overleden. Hoort verhalen over oud ploegleiders welke letterlijk als moordenaar bestempeld worden.
Verhalen over hoe renners kennelijk uit een ploeg gezet werden wanneer ze niet mee willen gaan in het doping programma.

Absolute dieptepunt vond ik de ontmaskering van Lance Armstrong. Iemand die zo belangrijk was ook voor kankerpatiënten.

En het houdt niet op.
Eerst jokken en daarna toegeven.
Je vraagt je daarbij wel af: zijn het nu de slemielen die gesproken hebben en gestraft zijn of zijn het de slimmeriken die nog steeds hun mond dicht houden?

Wanneer iemand hoort dat ik ooit gefietst heb is de eerste vraag: heb jij ook doping gebuikt? Nee? Nee, dat zeggen ze allemaal.
Het geeft me een ambivalent gevoel . Enerzijds wil ik dat het stopt. Ik wil het niet weten. Ik wil naar een wedstrijd kunnen kijken zonder te hoeven denken dat ik in de maling genomen wordt. Anderzijds is het ordinair geld verdienen door vals te spelen en dat dient aangepakt te worden.
Men moet weten dat fout gedrag je tot in lengte van dagen nagedragen kan worden.

Maar er zijn er al zoveel van hun voetstuk gevallen.
En ik wil eigenlijk liever een beetje de romantische gedachten (?) van ooit in mijn hoofd blijven bewaren…
Geplaatst door Willy Kwantes, 11 september 2017 19:03:58

Koester de romantische gedachten

Willy, om even in jouw terminologie te blijven, de echte schlemielen zijn die zogenaamde slimmeriken die blijven zwijgen. Sommige zelfs een leven lang. Ze hebben een pantser aangetrokken, een schijnwereld gecreëerd. Alleen zo kunnen ze de dagelijkse confrontatie aan met het spiegelbeeld dat hen elke morgen aankijkt. Hun angst voor de waarheid heeft het al lang gewonnen van hun gezonde verstand.

Soms schept de factor tijd enig licht en gloort er iets dat lijkt op een bekentenis, een verhuld schoonschip maken. Een mooi voorbeeld.

Dit jaar overleed Brunhilde Pomsel, de dame werd 106 jaar. Vanaf 1933 tot aan het eind van de oorlog was ze secretaresse van Joseph Goebbels. In verschillende interviews bleef ze altijd volharden nooit iets geweten te hebben van wat de nazi’s al die tijd uitspookten. Kort voor haar dood zegt ze iets bijzonders, bij die standaard ontkenning voegt ze iets toe: ‘als ik het toen wel allemaal had geweten, weet ik niet hoe ik zou hebben gehandeld, want ik behoor tot de lafaards.’

Sommige oud-wielrenners/sters hebben nog een hele tijd te gaan voor dit zelfinzicht zich aandient.

En dan die mensen die meteen vragen naar dopinggebruik zodra ze horen dat je ooit aan wielrennen deed…. Ik heb de neiging aan zo’n persoon onmiddellijk te vragen: ‘Pillen vergeten vanmorgen?’
En let wel, Goethe zei het al: Gedanken (romantisch of anderszins ) sind frei.
Geplaatst door Joep Scholten, 11 september 2017 23:35:28

Reactie op Willy

Willy,
Ik ben ongeveer in dezelfde tijd als jij wielrenner geweest, van 1970 tot 1978 was ik licentiehouder. Ik reed met zeer veel plezier mijn wedstrijden, clubwedstrijden en criteriums. Hoewel ik wist dat er in mijn zeer nabije omgeving dopinggebruikers en dopingdealers meereden, heeft dat mijn plezier in het wielrennen nooit verpest. Ik had met die gasten niets te maken en zij zochten mij niet op. Meer dan veertig jaar later kijk ik nog steeds met veel genoegen terug op mijn jaren als wielrenner. Natuurlijk vind ik het telkens opnieuw heel vervelend als de wielersport in diskrediet wordt gebracht door dopingverhalen, maar dat kan mijn plezier met terugwerkende kracht niet bederven. Willy ik denk dat jij trots mag zijn op je carrière. Dat (sommige) anderen er een rommeltje van maakten, kon jij niet helpen.
Geplaatst door Piet van der Meer, 12 september 2017 20:05:40

Goed stuk in het Eindhovens Dagblad

Peter Janssen droomde er als jongen van beroepswielrenner te worden, maar hij had geen talent en werd huisarts in Deurne. Als dokter kwam hij in de jaren tachtig toch in het peloton terecht. Hij ging renners begeleiden. Hij hield het niet bij toezicht op hun gezondheid, Janssen deinsde er niet voor terug mensen als Gert-Jan Theunisse en Steven Rooks vers bloed te injecteren. Een dag na zo'n bloedtransfusie zag hij ze in de Tour de berg op vliegen. Dat gaf de huisarts een kick. Met het behandelen van zieke mensen had het niets te maken.

Janssen vertelde het allemaal zelf, afgelopen zaterdag in de Volkskrant. Als 'dopingdokter' deed hij een boekje open over zijn praktijken. Heb ik er van opgekeken, vroegen veel mensen mij. Van 1995 tot 2008, de hoogtijdagen van de epo, heb ik het professionele wielrennen op de voet gevolgd. Over Janssen gingen altijd veel verhalen. Renners gingen echt niet voor een trainingsadviesje of een ontstoken teen naar Deurne. Op vragen van journalisten over doping gaf hij nooit antwoord. Hij hield zich schuil, zeker toen meer bekend werd over het massale gebruik van epo. Janssen kon zich beroepen op zijn medisch beroepsgeheim. Wat hij in zijn spreekkamer uitvoerde, hoefde hij met niemand te delen.

Nu heeft hij dat toch gedaan, op 75-jarige leeftijd, vanuit zijn huis in Thailand. Tot in details vertelt Janssen wat hij uitspookte. Met Rooks en Theunisse, Eddy Bouwmans en jawel, Leontien van Moorsel. Dat hij daarmee zijn beroepsgeheim schendt, vindt hij niet meer tellen. Het waren geen patiënten maar gezonde mensen, is zijn verweer. Maar, dat waren ze destijds toch ook? Waarom gaf hij ze dan toch zware medicijnen, zoals epo, eigenlijk bedoeld voor nierpatiënten?

Dat hij ook Van Moorsel erbij lapt, steekt mij extra, ik geef het eerlijk toe. Leontien komt net als ik uit Boekel, we zijn leeftijdsgenoten en ik heb haar lang intensief gevolgd. Ik had met haar contact in de donkerste jaren van haar loopbaan, midden jaren negentig, ik was er bij toen ze de moeilijke weg terug bekroonde met de wereldtitel tijdrijden in 1998 en ik was de eerste die zij na een olympische wegtitel omhelsde, in een regenachtig Sydney, waar ik als journalist achter de dranghekken op de eerste quote stond te wachten. Tinus en ik hadden een goede band.
Uiteraard heb ik ook voor haar nooit de hand in het vuur gestoken, als het om doping gaat, maar ik had bewondering voor haar grenzeloze inzet, en hoe ze als Boekels meisje van eenvoudige komaf opklom tot een nationale diva. Leontien ontkent niet echt dat ze ooit epo gebruikte, ze erkent het ook niet. Eigenlijk doet haar verdediging er niet toe. Waar rook is, is vuur. Ook gij Tinus! Mensen als Michael Boogerd, Jeroen Blijlevens en Lance Armstrong kozen er uiteindelijk zelf voor de waarheid te vertellen, Van Moorsel had er misschien ook beter aan gedaan zelf haar mond open te doen. Nu krijgt ze een aanval in de rug, van een man die zij altijd heeft vertrouwd.

Janssen beweert dat hij het heeft verteld omdat 'het systeem' op de schop moet. Hij bedoelt het verderfelijke dopingsysteem. Janssen was echter zelf het systeem. Hij en andere wielerartsen als Rijckaert (Festina), Leinders (Rabobank), Michailov (TVM), Terrados (ONCE) en Fuentes (Spanje) gaven het dopingsysteem een stevige ruggengraat. Zij konden bij de medicijnen waarvoor normale lieden een doktersbriefje moeten hebben. Zij experimenteerden met nieuwe middelen. Zij vulden hun zakken met het begeleiden van toprenners. Het kietelde hun ego als door hen geprepareerde renners naar grote hoogten stegen. En als iemand hen er naar vroeg, beriepen ze zich op hun ambtsgeheim. Ze waren de Raspoetins van het peloton.

Waren die renners dan slechts arme marionetten van de witte jassen? Natuurlijk niet. Die besloten zelf doping te gebruiken. Bij TVM kochten de renners zelf epo en ook Armstrong bepaalde zelf wat hij nam, en zijn teamgenoten. Maar het waren artsen van het type-Janssen die hen begeleidden en de gelegenheid boden. Mannen die ooit een eed hadden afgelegd dat het in hun werk erom draait mensen beter te maken.

In het Volkskrant-interview vertelt Janssen hoe nauw de banden waren met de 'dopingjagers' van de internationale wielerunie UCI. Met de Limburger Lon Schattenberg, jarenlang de rechterhand van voorzitter Hein Verbruggen en de hoogste medische baas van de UCI, zat Janssen in een fietsclubje. Ook met andere hoge UCI-mensen nam Janssen de nieuwste, 'medische' ontwikkelingen door. Het geeft aan hoe verziekt het systeem was.

Dat systeem is de laatste tien jaar op de schop gegaan. De wielersport is schoner geworden, daarvan ben ik overtuigd. Mede omdat lieden als Janssen uit de sport zijn verdwenen, al zal geen enkele topsport ooit van doping gevrijwaard zijn. Zeker het loodzware wielrennen niet. Maar dat uitgerekend Janssen zich nu opwerpt als strijder voor schone sport, is wat je noemt een gotspe.
Geplaatst door Willy Kwantes, 13 september 2017 21:19:21

Berend Nikkels

zie ook mijn discussie met huis- en sportarts Berend Nikkels in oktober 2007 http://wielersport.slogblog.nl/post/1/1450
Geplaatst door Fred, 14 september 2017 07:35:11

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web