ad ad ad ad

Uit de stalling van Peter R. de Fiets …

In de jaren dat Jan Raas ploegleider was van succesvolle ploegen, werd een deel van dat succes behaald door de Belg Edwig Van Hooydonck. Onder andere door twee maal de Ronde van Vlaanderen te winnen.

Beide keren plaatste hij zijn beslissende demarrage op de Bosberg, een venijnig klimmetje in de laatste kilometers van de koers. Het was een indrukwekkend gezicht hoe hij uit het zadel kwam en met een paar verschrikkelijke trappen de rest ter plekke liet.

Hij hield er de bijnaam Eddy Bosberg aan over. Verder werd hij vaak omschreven met het bijvoeglijke naamwoord ‘rossig’ en nog vaker met het woord ‘boomlang’.

Daarom is hij de geschiedenis ingegaan als de boomlange, rossige Eddy Bosberg. Hij zal er niet mee zitten, want bij een ieder die zijn krachtexplosies op die molshoop heeft gezien, verschijnt hij prompt weer op het netvlies.

Edwig Van Hooydonck is inderdaad iemand die men met zijn lengte van bijna twee meter niet licht over het hoofd zag. Hij had een aardige basketballer of volleyballer kunnen worden, maar hij werd coureur.

En dat zijn – kijk maar eens bij de start van een criterium – vrijwel zonder uitzondering kleine mannetjes. Hoe kleiner, hoe beter want lengte vertaalt zich in gewicht, kilootjes die een renner bergop moet meezeulen.

In de tijd dat Raas nog actief was met ploegen als Kwantum, SuperConfex, Buckler, enzovoort ging hij met een lijstje maten ieder jaar naar Italië om bij zijn vriend Ernesto Colnago de fietsen voor het volgende jaar te bestellen.

Allemaal normale afmetingen, behalve dan van Eddy Bosberg, zijn rossige boomlange troef voor de voorjaarsklassiekers. Een frame op maat werd het niet, want dat zou de stijfheid niet ten goede komen. Colnago zocht het voor Eddy in de onderdelen.

Zoals een extra lange stuurpen (foto 2) en een zadelpen van een halve meter. Plus een verhoging (foto 3) van de staande zadelbuis. Zo was de fiets van Eddy bepalend voor het beeld dat ik nog steeds op mijn netvlies heb staan.

Als de naam Bosberg onderin het beeld verscheen met het percentage erbij, zag je Eddy uit het zadel komen en was even die enorme zadelpen zichtbaar tussen zijn twee benen die maar net iets dikker waren.

En dan waren er die verschrikkelijke trappen. Een vertoon van macht van een man die een aantal jaren later verongelijkt de sport verliet omdat hij woedend was dat de sport, zijn sport, beheerst werd door een zooitje valsspelers, die op superbenzine reden, terwijl hij het met gewone moest doen.

In zijn biografie heeft hij man en paard – in dit geval namen en rugnummers - genoemd. Met name De Leeuw van Vlaanderen (Johan Museeuw) kon het niet waarderen.

Foto’s: © T&T Tekst & Traffic

Door Peter Ravensbergen, 16 mei 2017 12:00

Onderwerp
Tekst
Je naam
Email
Web