ad ad ad ad

‘EEN RACEFIETS?’ Het werd vol afgrijzen en met stemverheffing uitgesproken toen ik mijn ouders vertelde dat ik de dertig gulden, die ik met vakantiewerk had verdiend, had uitgegeven aan een tweedehands racefiets. Ze konden er niet over uit en ze vonden het ook niet goed. Ik kreeg te horen dat ik dat ding als de sodemieterij moest terugbrengen naar de verkoper en mijn geld terugvragen. ‘Ben je nou helemaal van lotje getikt?’ Ik moet er bedremmeld bij hebben gestaan, met de fiets die ik diezelfde dag van ene Kees had gekocht, een wielrenner die bij een bedrijfsongeval vier vingers was kwijtgeraakt en zodoende de remmen niet goed meer kon bedienen. Ik was de gelukkige die zijn schat mocht overnemen en zo voelde ik dat ook. Direct na aankoop van die kanariegele fiets – een echte Aandewiel – was ik naar huis gespurt in de volle overtuiging dat mijn ouders mijn enthousiasme zouden delen. Maar wat een teleurstelling. Mijn wereld stortte in bij zoveel onbegrip. Ik was er kapot van en in mijn bedje diep onder de dekens schreide ik die avond bittere tranen.
De volgende dag fietste ik met de rechter broekspijp in mijn sok gepropt terug naar Kees om de transactie ongedaan te maken. Terwijl ik me ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 12 september 2010 12:00

“Wielrennen is belangrijk voor me. Het is een groot deel van mijn leven, nog steeds. Eén dag niet gefietst, één dag niet geleefd, zo’n type ben ik. Toch ben ik een keer in mijn leven met mijn neus op de feiten gedrukt en ik weet sindsdien dat ik niet belangrijk ben, het wielrennen niet belangrijk is en dat het aandeel in de geschiedenis van zelfs de Coppi’s, de Merckxen en de Armstrongs van deze wereld niet meer is dan een zandkorrel in de Sahara. In 1966 sloot ik mijn amateurcarrière af met winst in Olympia’s Tour, het roodwitblauw van een Nederlandse titel en twee klassiekers. Genoeg getuigschriften om de overstap naar de profs te maken, zeker als je bij dezelfde vertrouwde sponsor kunt blijven, in mijn geval Caballero onder de hoede van een vakman als Gé Peters. Ik maakte kennis met de grote koersen als de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix, Parijs-Tours, de Amstel Gold Race en het Kampioenschap van Zürich. Ik brak nog geen potten, maar ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 5 september 2010 12:00

“Naar aanleiding van mijn stukje van vorige week, kreeg ik enkele reacties die er op neerkwamen dat renners wel over doping praten, maar alleen als het om andere renners gaat. ‘Jij hebt toch ook een smetje achter je naam, Jan?’, kreeg ik te horen. Dat is waar en hoewel al 44 jaar geleden zijn er altijd mensen die zich dat nog herinneren. Daarom nu maar eens schoon schip gemaakt en hierbij mijn bekentenis met twee vingers in de lucht. Ik heb nooit doping gebruikt, maar ik heb in dat verband het wel eens op een akkoordje gegooid met de KNWU en daar heb ik nu nog spijt van. Het zat zo. Na het door mij behaalde Nederlandse kampioenschap bij de amateurs in 1966, moest ik met enkele andere renners naar de dopingcontrole in een speciaal daarvoor ingerichte tent onder toezicht van Dr. Baert. Wat mij betreft verliep het ritueel vlotjes en dat gold ook voor de anderen, met uitzondering van twee renners die er - ook na het drinken van liters water – niet in slaagden een plasje te produceren. Ze hadden wel aandrang, maar ze kregen er geen druppel uit omdat de ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 29 augustus 2010 12:00

“De dopingcontroles van tegenwoordig lijken me een loden last voor topsporters. Altijd maar laten weten waar je bent met de mogelijkheid dat er op de meest gekke tijden een dopingcontroleur op de stoep staat. Je moet anno 2010 heel wat van je privacy weggeven om aan je geliefde sport te kunnen doen. In mijn tijd was dat gelukkig anders. De dopingcontroleurs en ook de koeriers, die de flesjes met urine naar de laboratoria brachten, waren echte wielerliefhebbers. Zoals ome Dennis Klopper, een man die in Amerika miljonair was geworden, maar zich niet te groot voelde om als loopjongen in de zesdaagsen te werken voor Peter Post. Ook voor de wielerbond vervulde hij diverse klusjes, zoals het vervoeren van de dopingstalen naar een laboratiorium in Gent. Iedereen mocht ome Dennis graag, want hij was een zeer aimabel mens. Toen in de jaren zestig binnen de UCI de dopingcontroles op gang kwamen, moest de ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 22 augustus 2010 12:00

“Op de rustdag van de Tour de l’Avenir 1966 bevond ik me met de Nederlandse ploeg in een hotel omringd door Alpenreuzen. Een mooi uitzicht, maar verder was er niets te beleven en dus een dag om je rot te vervelen. Om de tijd te doden maakten we in de ochtenduren een ritje naar de top van de Col de Vars. In de afzink dolde Rini Wagtmans (foto: © Guus de Jong) ons door weer eens zijn ongeëvenaarde daalkunsten te vertonen. Bergop kon hij redelijk aanklampen, maar bergaf was hij niet te volgen, wilde je althans gezond en wel beneden komen. Rini had motorcoureur moeten worden. ‘s Middags was er verplichte rust op de kamers, voorgeschreven door onze ploegleider Jefke Janssen. In een tukkie hadden we geen trek en dus zat er niets anders op dan een beetje slap ouwehoeren en uit het raam turen in de hoop dat er een roofvogel of zo iets voorbij zou komen. Plotseling vroeg iemand hoe lang je er over zou doen om lopend zo’n berg te beklimmen en langs dezelfde kant weer af te dalen. Binnen het uur moest dat kunnen, schatte ik. Ik werd uitgelachen en vervolgens uitgedaagd om dat maar eens te laten zien. Al mijn ploeggenoten legden een biljet van 25 gulden op tafel en die poet zou voor mij zijn, als ik er in slaagde mijn prognose waar te maken. De klok werd klaargezet en zonder ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 15 augustus 2010 12:00

“Jaarlijks maak ik met een groep sportvrienden een toertje door Frankrijk. Ik kan daar helemaal mezelf zijn, want het zijn allemaal ouwe knakkers, waarvan er enkele hun sporen als sportman ruimschoots hebben verdiend, maar wel in een soms ver verleden. Zo was Arie Eriks (foto links) ooit een heel goede schaatser en Hans Bakker (foto rechts), een destijds bekende hardloper en zo zit er nog meer vergane glorie in dat kluppie. Tijdens een van onze ritten door het departement Drôme, dat deel uitmaakt van de regio Rhône-Alpes, moesten we de Col de Rousset beklimmen. Op dit, in de brandende zon gelegen martelwerktuig voltrok zich die middag een ware veldslag, want hoe ouder hoe gekker. Na het onderlinge gevecht, waarin iedereen overigens zijn plaats kent in de pikorde, besloten wij op de top bij het aldaar gelegen restaurantje wat te eten om tijdens de maaltijd onze sterkste verhalen weer eens op te poetsen voor we aangesterkt richting volgende col zouden gaan. In ons clubje is Hans een van de betere klimmers en daar laat hij zich graag op voorstaan. Zo schepte hij boven op de ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 8 augustus 2010 12:00

“Iedere woensdagavond vonden er in de jaren zestig op de baan van het Olympisch Stadion wedstrijden plaats, die populaires werden genoemd. Renners in alle categorieën, van nieuwelingen tot profs, konden in diverse baandisciplines hun kunsten vertonen en het sluitstuk van de avond was altijd een wedstrijd achter grote motoren. ‘MOTOREN IN DE BAAN!’, riep stadionspeaker Willem Steenbergen dan, waarna de als buitenaardse wezens verklede gangmakers op hun brullende monsters in een gelote volgorde rondjes gingen rijden in afwachting van de bij de startlijn opgestelde renners die elk achter zo’n motor moesten aansluiten. Die renners, het waren er altijd maar een stuk of zes tot acht, droegen merkwaardige pothelmen en zaten op een vreemd ogende fiets. Die had een klein voorwiel, een voorvork die achterstevoren stond en een gigantisch vast verzet. In de eerste honderden meters kregen ze die enorme plaat maar nauwelijks rond, maar eenmaal achter de motor en uit de wind werden snelheden bereikt van zo’n 80 kilometer per uur. Het publiek vond het ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 1 augustus 2010 12:00

“Vorige week heb ik jullie beloofd het verhaal te vertellen van het bronzen wandbord, de gewonnen trofee die me het dierbaarst is van alle onderscheidingen die ik in mijn wielercarrière heb gewonnen. In 1965 werd ik met een andere renner uitgenodigd om in het Duitse Wuppertal aan een koers deel te nemen. Met het vooruitzicht op een riante reisvergoeding en gratis logies bij particulieren hoefden we niet lang na te denken en gaven we ons jawoord. We werden ondergebracht bij een kunstenaar. Toen we voor zijn hek stonden waren we echt onder de indruk. Op een flinke lap grond stond een ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 25 juli 2010 14:00

“Elke wielrenner die wel eens wat heeft gewonnen, kent na verloop van jaren het probleem van de almaar groter wordende verzameling bokalen, medailles, vaantjes, bekertjes, penningen en wat er nog meer aan versierselen wordt uitgereikt na afloop van een koers. Ik had dozen vol op zolder staan en ieder jaar herhaalde Ria de vraag: “Wat moeten we ermee, Jan?” Dan ontstond er bij mij altijd weer de twijfel tussen gevoel en verstand. Voor het merendeel is het waardeloze troep, maar aan elk bekertje of vaantje zit wel een dierbare herinnering. Dat zeg je echter niet gauw uit angst voor sentimenteel te worden aangezien. Ria is echter een kordaat weggooitype en ik was al lang blij dat ze me überhaupt vroeg of het weg kon of niet. Al te vaak had ze, als ik iets niet kon vinden, doodleuk meegedeeld dat ze dat al jaren geleden aan de vuilnisman had meegegeven. Opgeruimd staat netjes!
Deze keer was er echter geen ontkomen aan, de versierselen van mijn vergane glorie moesten nu toch echt maar eens de deur uit. Na een korte discussie, ging ik akkoord en samen droegen we ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 18 juli 2010 14:00


Warning: mysql_num_rows() expects parameter 1 to be resource, boolean given in /home/dhost1191/domains/slogblog.nl/public_html/old_images.php on line 13

“Onze benedenburen hadden als enigen in ons woonblok telefoon en ze hadden er geen bezwaar tegen dat men mij via hun nummer kon bereiken. Als er iemand voor mij aan de lijn was, trok de buurvrouw aan het touwtje dat uit de brievenbus hing en door de geopende deur klonk dan haar schelle stem: “Jan, er is telefoon voor je!”. Het was de KNWU met een uitnodiging om met een ploeg een wedstrijd in Zweden te gaan rijden. “Daar zeg ik geen nee tegen, mevrouw, dank u wel”, riep ik opgewonden in de hoorn. “Gossie Jan, jij komt nog eens ergens”, zei de buurvrouw, die altijd naast me stond mee te luisteren. Het was de tijd dat auto’s, vliegtuigen, caravans en buitenlandse vakanties nog maar voor weinigen waren weggelegd en als er een tent werd opgezet dan was dat op de Veluwe, in Valkenburg of in Bakkum. Dat ik helemaal naar Zweden zou gaan was voor mijn directe omgeving dan ook net zoiets als een retourtje naar de maan.
Een paar dagen later was het zover en ik werd thuis opgehaald door ...

Geplaatst door Fred van Slogteren, 11 juli 2010 14:00

« Vorige 1 1 2 2 3 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 Volgende »