Doelstelling
www.wielersport.slogblog.nl is een digitale stamtafel waar echte wielerliefhebbers van gedachten kunnen wisselen over het verleden, het heden en de toekomst van de wielersport. Iedere oprechte wielerliefhebber is welkom aan te schuiven. Het liefst onder eigen naam en met respect voor andermans mening.
Colofon
Editor



T&T Tekst & Traffic - Zeist

Redactie:
Fred van Slogteren
fred@slogblog.nl

Medewerkers:
Otto Beaujon, Louis Bovee, Patrick Cornillie, Wim van Eyle, Jan van der Horst, Jan Houterman, Rob Kat, Ad van der Linden, Jos van Nierop, Philip van der Ploeg, Peter Ravensbergen, Evert de Rooij, Joep Scholten, Henk Theuns, Miel Vanstreels, Jac Zwart.

Meewerkende fotografen:
Fotopersburo Cor Vos, Hans Middelveld, Philip van der Ploeg, Arjan Schuurman, Henk Theuns.

Archieven:
Wim van Eyle, T&T Tekst & Traffic
www.dewielersite.net
Piet Kessels
e.a.
Zoeken

Een rare Ronde van Vlaanderen. In de eerste plaats het prachtige weer dat er oorzaak van was dat tot in de finale een groot pak renners om de ereplaatsen kon gaan. In de tweede plaats door het koersverloop. Een lange vlucht van zeven man met Maarten Tjallingii, die het WM van Wieler Magazine op zijn kont de hele dag aan de wereld mocht laten zien. De groep liet ze en het was wachten op het exploit van Tom Boonen. Zo leek het althans. Op de Muur moest het gaan gebeuren. En inderdaad, het idool aller Belgen zette zich aan kop om van iedereen gehakt te maken. Zo was het afgesproken. Het kraakte even, maar het brak niet. Een man of dertig kon in zijn spoor mee. Tot daar een slanke renner in het rozeblauw van Lampre uitbrak en sterk naar boven reed. Alessandro Ballan, deze week al winnaar van De Panne, bleek in topvorm. Eén man kon volgen en die reed in de afdaling het gaatje dicht. Leif Hoste en Alessandro Ballan, een sterk duo. Ze werkten goed samen en ze hielden het gaatje vast. De samenwerking stokte op anderhalve kilometer van de finish toen Hoste besloot niet meer op kop te komen. Hoste de betere sprinter ging deze editie van Vlaanderen winnen. Gen twijfel mogelijk. Toen de Belg ging in de laatste halve kilometer, ontstond er direct een gat. Een eitje voor Hoste? Toch niet want die taaie Italiaanse slungel kwam terug en klopte de krachtpatser van Predictor op de streep. Kroon werd netjes vierde en Michael zag ik ergens als tiende finishen. Toch weer een mooie ronde met een prachtige winnaar: Alessandro Ballan. (Foto: © Philip van der Ploeg)

© Hans Middelveld

Deze wedstrijden zijn in het stadion verreden op 5 juli 1944, toen het laatste oorlogsjaar net was ingegaan. Na die zomer brak de hongerwinter aan en het westen van Nederland raakte volledig geïsoleerd van het al bevrijde zuiden en de rest van Nederland. Maar in juli 1944 konden er kennelijk nog wedstrijden verreden worden. En ook nog op 12 juli, 23 juli, 7 augustus, 20 augustus en 3 september. Daarna zijn er tot het eind van de oorlog geen wedstrijden meer in het stadion georganiseerd. Daar waren de omstandigheden ook niet naar, want het ging om overleven en dan staat je hoofd niet naar sport. Maar bij deze wedstrijden zal het publiek zich nog wel vermaakt hebben. Het waren de revanches van de Nederlandse kampioenschappen die op 22, 24 en 25 juni waren gehouden. Bij afwezigheid van …

 Lees meer...

Walter PLANCKAERT (1948, België)

Ik had deze klasbak nog nooit eerder ontmoet toen ik twee weken geleden ineens oog in oog met hem stond bij de accreditatiebalie van de Campina Ronde van het Groene Hart. Er zijn van die renners waar je een zwak voor hebt en Walter is één van hen. Geen speelvogel als broertje Eddy en ook geen stille als zijn broer Willy. Nee Walter was een keiharde prof, die misschien het minste talent had van de drie, maar heel veel heeft bereikt. Hij zag er nog scherp uit als ploegleider van het ProContinentalteam Chocolade Jacques, toen hij autostickers kwam ophalen. Wat grijs in de haren, maar verder nog zo scherp ogend als in zijn beste dagen. Ik reageer altijd een beetje lullig als ik onverwacht iemand ontmoet waar ik een zekere bewondering voor heb. Ik zei hem dat ik hem een van de beste Belgische renners vond van na de tweede wereldoorlog. Hij maakte een wegwerpgebaar en noemde broer Eddy. Hij was bescheidener dan ik had verwacht, want hij had de uitstraling van een type renner dat door roeien en ruiten gaat. Niet dat onderdanige dat veel Belgische renners kenmerkt. Hij was ook kleiner dan ik dacht, maar dat heb ik met bijna alle renners. In werkelijkheid zijn ze altijd kleiner en de Reus van Goirle, de goede Huub Zilverberg, is in feite maar een klein reusje. De palmares van Walter Planckaert mag gezien worden met overwinningen in de Ronde van Vlaanderen en de Amstel Gold Race. Het was Peter Post die een ploegleider van hem maakte, toen De Lange bij Panasonic zich zelf tot manager benoemde en het duo Walter Planckiaert en Theo de Rooij in de ploegleidersauto’s zette. Voor De Rooij was het de opmaat voor een mooie carrière, maar Walter is een beetje blijven hangen. Misschien is hij toch te veel de jongen die door roeien en ruiten gaat en te weinig plooibaar. Of misschien houdt hij veel van chocolade. (Foto: © Cor Vos)

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

 Lees meer...

De echte Vlaamse wielerliefhebbers slapen er al nachten niet van. De Ronde komt er aan en dat is voor vele van hen het hoogtepunt van het jaar. In ieder geval van het voorjaar. Na die Spielerei in Het Volk, Kuurne, Harelbeke en de Brabantse Pijl is het nu tijd voor het echte werk. De Ronde van Vlaanderen, bezongen is hij al vele malen. Door de beste schrijvers die zich voor de wielersport interesseren. De 91e editie van de wedstrijd die ze Vlaanderens Mooiste noemen gaat morgen in Brugge van start. Om en nabij de 600 duizend toeschouwers verwacht men langs het parcours en als het mooie weer er komt, dat Erwin Kroll ons voorspeld heeft, dan konden het er nog wel eens veel meer zijn. Ze staan het liefst op één van de 18 hellingen. Die kolerebulten zijn niet hoog, maar wel uiterst steil en daar zie je de coureurs het best als ze roepend om hun moeder kreunend en steunend omhoog zigzaggen. Het mooist is De Muur, maar nog mooier is de Koppenberg, een vreselijke potenbreker die daar als aanvulling op het werk gods door de duivel himself is neergesmeten. Daar viel in het verleden vaak de beslissing, want wie daar op de fiets kan blijven heeft een gaatje. En dat is een gigantische morele opdoffer voor de rest. In 1981 wisten ...

 Lees meer...

Je hebt in de wielersport vier soorten mensen. In de eerste plaats de renners, in de tweede plaats alle mensen die om het peloton heenhangen omdat ze een bepaalde functie hebben, in de derde plaats de wielerliefhebbers en last but not least de statistici. Die laatste groep onderscheidt zich van de andere drie omdat ze zo rond november een enigszins gestoord gedrag vertonen. Ze lijken op een hoogzwangere vrouw, want alles is gereed voor de grote dag. De wieg, de luiers, het flesje, de speen, een garderobe van hier tot Tokyo, alleen de baby ontbreekt. De wielerstatistici hebben dat ook. Alles ligt klaar, de stapel wielertijdschriften, albums met ingeplakte krantenknipsels, een dozijn rode potloden met puntenslijper, een stapeltje brillendoekjes en een paar stripjes amfetaminen. In afwachting van de grote dag dat HET op de deurmat ploft. HET WIELERJAARBOEK VAN HERMAN. Ze komen bijkans klaar als ze dat jaarlijkse godsgeschenk uit ...

 Lees meer...

Joaquim AGOSTINHO (1942, overleden, Portugal)

West-Europa is de bakermat van de wielersport en als we met een viltstift op de kaart de grenzen aangeven dan gaat die van het noorden van Nederland langs de oostgrenzen van Duitsland, Zwitserland en Italië naar het Iberisch schiereiland en zo weer naar boven langs de kusten van Frankrijk, België en Nederland. Daarbinnen ligt het gebied waar alle grote wedstrijden worden gehouden en waar de traditie van het cyclisme diep verankerd is. In al die landen bestaan er legendes omdat er in de loop der geschiedenis duizenden renners van naam zijn geweest. De enige uitzondering is Portugal. Ik kan nog geen vijf Portugese renners van naam opnoemen, maar ik ken wel een Portugese legende van de bovenste plank: Joaquim Agostinho. Veertien keer aan de start van de Tour en acht keer bij de eerste tien. Twee keer derde achter het illustere duo Hinault-Zoetemelk. Winnaar van vijf etappes waaronder een koninginnerit naar l’Alpe d’Huez, waar bocht 17 naar hem vernoemd is. Tinho werd hij genoemd, zowel een afkorting als een koosnaam. Agostinho was geliefd, zowel bij zijn collega’s als bij het publiek. Een simpele boerenman van wie niet eens vaststaat wanneer hij precies geboren is, die waarschijnlijk analfabeet was en die voor hij ging wielrennen de meest vreselijke dingen heeft meegemaakt als huursoldaat in Mozambique. Hij heeft er nooit over gepraat, maar hij is er wel keihard van geworden. Hij viel vaak, want hij was geen handige renner die overal tussen door stuurde. Als er gevallen werd, dan lag hij er solidair bij en zijn kleine geblokte lijf zat onder de littekens. Pleister erop en koersen, was zijn devies. Hij had groots moeten sterven, vind ik, maar het was te schjemielig voor woorden, dat hij zijn einde vond doordat een loslopend hondje overstak in de Ronde van de Algarve, waardoor Tinho zijn zoveelste val beleefde. Pleister erop en koersen maar. Maar een schedelbasisfractuur is geen schrammetje. Hij reed de rit uit en meldde zich toen bij de dokter. Die stuurde hem direct naar het ziekenhuis waar hij elf dagen later overleed. Portugal had zijn grootste wielrenner aller tijden verloren.

Wat staat er nog meer in het geboorteregister?

 Lees meer...

© Otto Beaujon

“Dit plaatje kreeg ik nog niet zo heel lang geleden van een vriend in Canada. Hij had het in de la van de werkbank gevonden en het kwam bij mijnheer Shields zelf vandaan. Mijn vriend kende Shields omdat hij vroeger voor hem gewerkt had, en ik ken Lorne Shields via het verzamelen. De man heeft een weergaloos mooie collectie fiets-memorabilia, bijna uitsluitend 19e eeuws. Puntgave zakhorloges voor fietsers met een geëmailleerd fietsje op de wijzerplaat, gouden en zilveren medailles, miniatuurtjes, lampen, pistolen (in de handgreep van het stuur, om je onderweg tegen struikrovers te weren), klokken, schilderijen, kortom een rijke en zeer bijzondere collectie. Lorne Shields was importeur in Canada van het fietsenmerk Peugeot, en dat was 25 jaar geleden zeker in het Franstalige deel van Canada een bestseller. Zoals eigenlijk alle importeurs maakte ook ...

 Lees meer...

AKKERMANS, Theo (1966, Nederland)
BAILEY, William (1888, overleden 22.01.1971, Groot Brittannië)
BRAND, Daphny van den (1978, Nederland)
CROCI TORTI, Emilio (1922, Zwitserland)
FOTHEN, Thomas (1983, Duitsland)
JEREMIASSE, Wim (1956, Nederland)
SÉRÈS, Georges (1887, overleden 26.06.1951, Frankrijk)
SGAMBELLURI, Roberto (1974, Italië)

Vandaag is hij in heel Nederland weer in de bus gegleden en ligt hij overal in de winkels. Ik bedoel de nieuwe WM, het glossy tijdschrift boordevol wielernieuws. Het is al weer het vierde nummer en dan is het tijd voor een kleine recensie. Met de twee pilotnummers van vorig najaar heeft het blad, met de gehele voltallige redactie van Wieler Revue aan boord, hoog ingezet waar het kwaliteit betreft. Die kwaliteit is in de eerste vier nummers van 2007 niet alleen gehandhaafd, maar zelfs nog verbeterd. Ook dit nummer ademt ambitie. Met goede reportages van Milaan-San Remo en de Campina Ronde van het Groene Hart en met mooie interviews met Jans Koerts, Andreas Klier, Jukka Vastaranta, Mirjam Melchers en Stef Clement, vraaggesprekken met dopingzondaar Tyler Hamilton en het nieuwe fenomeen in het hooggebergte Riccardo Riccò. En verder een aantal vaste rubrieken en columns, waaronder die van de meester zelf: Jeroen Wielaert. Altijd goed voor een uurtje of twee wielergenot. Hierbij een foto van de cover en onder lees meer de column van hoofdredacteur Evert de Rooij.

 Lees meer...

FLANDRIA
de 20 wondere jaren van een wielerploeg
 

door Mark Van Hamme

“Anderhalf jaar geleden kwam het boek van Joop Holthausen uit over de geschiedenis van de o zo succesvolle Raleigh-ploeg van Peter Post. Toen ik dat boek zag en het had gelezen dacht ik direct dat dit wel navolging zou krijgen. Vooral ploegen die lang bestaan hebben en grote successen hebben beleefd, lenen zich uitstekend voor een dergelijk boek. Des te succesvoller, des te groter, zwaarder, dikker zo’n boek natuurlijk wordt. Het Raleigh-boek is niet geschikt voor broze medemensen, want die kunnen het alleen lezen zittend aan tafel. Dat geldt ook voor het boek over Flandria. Een dikke pil, zeiden we vroeger. Bijna 400 pagina’s dik. Er wordt eerst ingegaan op het bedrijf dat omstreeks 1905 is begonnen en daarna worden per jaar de twintig jaren behandeld waarin de roemruchte ploeg heeft bestaan. Elk jaar geeft een overzicht van de renners die voor het merk hebben gereden met alle overwinningen die de ploeg in dat ...

 Lees meer...