ad ad ad ad

Slogblog


Toen de KNWU in 2001 besloot dat het Nederlands kampioenschap niet langer alleen maar in Limburg zou plaatsvinden, maar ook op parcours waarop gebiljart kan worden, ging bij Rudie Kemna in Oldenzaal de vlag uit.

Parcoursen waar ook de sprinters een kans maken om kampioen van Nederland te worden. In 2001 zegevierde in Nijmegen de Beul van Eefde, ook wel bekend als Jans Koerts en een jaar later op dezelfde omloop Stefan van Dijk, de Schicht van de Bollenstreek.

In het derde jaar van alternatieve parcoursen zegevierde Rudie Kemna door in een massasprint iedereen te vloeren. Dat was in Rotterdam. Ik stond er vrijwel op de streep met Henk Faanhof en Willem van der Kaay van Rih Sport, allebei helaas niet meer onder ons, naar te kijken.

Eerlijk gezegd was die Rudie Kemna voor mij nog een vrij onbekende coureur en niemand van de daar aanwezigen zal hem voor die zege getipt hebben. Een voltreffer voor een eendagsvlieg, maar merkwaardig genoeg is dit kampioenschap voor Rudie niet het hoogtepunt geweest.

De overwinning in een etappe in de Ronde van Nederland, met aankomst in Oldenzaal, vond hij veel mooier. Winnen te midden van je familie, vrienden en dierbaren was voor hem veel meer een hoogtepunt, hoewel hij best gelukkig was met die rood-wit-blauwe trui.

Eigenlijk is Rudie in zijn hart altijd amateur gebleven en het duurde heel lang voor hij een proflicentie aanvroeg. Hij was toen al 31 jaar en de grote sponsors waren niet in hem geïnteresseerd.

Wel ene Arend Scheppink, die hem in 1999 strikte voor de ploeg van de Bankgiroloterij, een bescheiden formatie met wat oudgedienden die niet meer bij de grote ploegen aan de bak konden komen en wat jongeren.

Het doel van de ploeg was zo veel mogelijk wedstrijden rijden in Nederland, België en Duitsland. De ploeg was vooral een collectief van mannen die voor elkaar wilden werken. Dat werd beloond en er werden heel wat overwinningen behaald, onder meer door de snelle Tukker.

Kemna had aanvankelijk moeite met de hoge snelheden die de profs draaiden, maar eenmaal gewend ging hij ook winnen. In 2005 was het plots afgelopen met de Bankgiroloterij en de renners stonden op straat.

Op het laatste moment kwam Scheppink begin 2006 rond met Skil-Shimano, maar Rudie had toen al besloten te stoppen. Een 37-jarige heeft immers niet veel meer te verwachten.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 5 oktober 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
DUFOUR, Sjoukje (1987, BelgiŽ)
COSTA DA FARIA, Rui Alberto (1986, Portugal)
KOMISAREK, Artur (1990, † 24.11.2013, Polen)
LAUREDI, Nello (1924, † 08.04.2001, Frankrijk)
LIMBURG, Stefan (1989, Nederland)
OMLOOP, Wim (1971, BelgiŽ)
SCHMITZ, Tim (1990, Nederland)
VAN VOOREN, Stefan (1986, BelgiŽ)
VEEKENS, Mel van der (1998, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
Door Fred van Slogteren, 5 oktober 2017 0:00

Dit truitje heb ik van Albert van Midden gekregen. Dat zal niet veel mensen nog wat zeggen, want Albert heeft in de acht jaar dat hij prof was geen grote erelijst opgebouwd.

Hij was een handige renner met een goed eindschot en een goed ontwikkelde beroepsinstelling. Hij was een echte allrounder die net zo makkelijk op de baan als op de weg reed.

Hij reed in de jaren zestig en zeventig onder andere voor Caballero, Willem II-Gazelle, Beaulieu-Flandria, Canada Dry en nog wat ploegen.

Wie een half uurtje met hem praat hoort alle grote namen van toen de revue passeren en dat zijn mannen waarvoor hij veel heeft betekend.

Hij kon iemand goed uit de wind zetten en een goede spurt aantrekken en daar kun je soms meer mee verdienen dan met het nastreven van overwinningen.

Dat neemt niet weg dat hij in zijn tijd een goed beroepsrenner was die heel goed aan de kost kwam. Hij vertelde me dat hij in die tijd elk jaar een nieuwe Volvo kon kopen en dat konden echt niet alle beroepsrenners in die tijd zeggen.

Na zijn carrière ging hij weer studeren en hij werd tandtechnieker. Hij heeft al weer vele jaren een tandtechnisch laboratorium in Hilversum en hij is klinisch prothese specialist.
... Lees meer
Door Henk Theuns, 4 oktober 2017 12:00

Er wordt wel eens gedacht dat Henk Steevens de oudste nog levende Tourrenner is, maar dat is niet zo. Wies van Dongen senior (er was ook een Wies van Dongen junior) is 64 dagen ouder dan Henk.

De gedachte komt waarschijnlijk omdat Henk de enige nog levende renner is van de zo succesvolle Nederlandse Tourploeg die in 1953 het algemeen ploegenklassement in de Tour de France won.

Daar had Henk nauwelijks een aandeel in, want al na de zesde etappe kon hij naar huis. Hij was te jong aan het avontuur begonnen, was niet goed voorbereid en had zich laten ompraten door de gouden bergen die Kees Pellenaars in het vooruitzicht stelde.

Toen die er niet bleken te zijn, ging zijn carrière bij de beroepsrenners als een nachtkaars uit. Henk was niet voor de wielersport verloren, want hij leidde jarenlang succesvolle amateurploegen als Ovis Roggebrood en Driessen-Optilon.

Later is hij nog enkele jaren tweede ploegleider geweest bij TVM. De eerste ploegleider was natuurlijk Cees Priem en die ploeg is in de jaren negentig heel succesvol geweest met renners als Blijlevens, Knaven, Voskamp, Hoffman en anderen.

Henk was een menselijke empathische ploegleider en bracht jongens naar de profrangen als René Pijnen, Peter Winnen, Johan Lammerts, Jo Maas en niet te vergeten zijn kleine broertje, Harry Steevens, de Witte van Elsloo.

Harry was de derde Steevens die aan wielrennen deed, want tussen Henk en Harry zat nog Leo, ook zo’n succesvolle klepper in de jaren vijftig toen er in het bronsgroen eikenhout het ene na het andere talent werd geboren.

Ik heb Henk persoonlijk leren kennen bij het Nederlands kampioenschap in Landgraaf, ik dacht in 2010. Hij was daar met Jan Nolten en ik heb een uurtje gezellig met ze zitten praten. Jan kon na een herseninfarct niet meer zo goed uit zijn woorden komen, maar Henk maakte steeds duidelijk wat Jan bedoelde.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 4 oktober 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BRUNERO, Giovanni (1895, † 23.11.1934, ItaliŽ)
DAVIES, Emma (1978, Groot BrittanniŽ)
DELBERGHE, Edouard (1935, † 01.09.1994, Frankrijk)
DENOLF, Giovanni (1982, BelgiŽ)
KEMPEN, Jan van (1909, † 07.07.2000, Nederland)
MESTERS, Jack (1940, Nederland)
PODLESCH, Rainer (1944, Duitsland)
SIMON, Julien (1985, Frankrijk)
STEEVENS, Henk (1931, Nederland)
VANDORMAEL, Karel (1924, † 01.10.1985, BelgiŽ)
WOLTMAN, Henk (1966, Nederland)
DRUYTS, Demmy (1995, BelgiŽ)
DUIN, Patrick van der (1995, Nederland)

of ons op deze datum ontvielen:
DANGUILLAUME, Marcel (1928, † 04.10.1989, Frankrijk)
Door Fred van Slogteren, 4 oktober 2017 0:00

Ik kom vandaag nog een keer terug op mijn ontmoeting met Wout Verhoeven. Een man met een groot arsenaal aan verhalen die het navertellen meer dan waard zijn. Zoals zijn rol bij het behalen van goud bij de Olympische Spelen van 1964 door de 100 kilometer tijdritploeg.

De ploeg bestond uit Gerben Karstens, Bart Zoet, Jan Pieterse en Evert Dolman. Op de vooravond van de gedenkwaardige ploegentijdrit werd met het viertal het tactisch plan besproken door bondscoach Joop Middelink.

Wout mocht daar als mecanicien niet bij zijn en wilde dat ook niet. Wel was hij de vertrouwensman van de vier renners en hij hoorde na afloop dat ze het helemaal niet eens waren met de wijze waarop Middelink ze wilde laten rijden.

Na afloop van de bespreking werd het overleg op de kamer van de renners voortgezet. Met Wout, maar zonder Middelink. Ze waren er in vijf minuten uit en met een eigen tactisch plan in het hoofd stonden ze een dag later aan de start.

Een houten bruggetje in het parcours zou het ijkpunt zijn, het punt waar ze zouden aangeven of het harder kon. Karstens zou in dat geval een duim opsteken naar Wout in de volgwagen, een door de organisatie beschikbaar gestelde legerjeep.

Voorin zaten de chauffeur, een soldaat, met naast hem de commissaris die er op toe moest zien dat alles volgens de reglementen verliep. Achterin de jeep zaten Joop Middelink en Wout met zijn reservewielen en gereedschap. Het was krap, het stroomde van de regen en Middelink was er bepaald niet op gekleed. De graatmagere Wout wel, maar die schonk zijn regenjack genereus aan de kogelronde bondscoach.

Op dringend verzoek van Wout was er geen roefje op de jeep gezet om in geval van pech snel uit de jeep te kunnen stappen. Met zo’n roefje zou eerst de commissaris moeten uitstappen en dat kostte tijd. Bij het houten bruggetje aangekomen, ging de duim van Karstens omhoog en werd het tempo opgevoerd. Al snel werd het Franse viertal ingehaald dat voor hen was gestart en de ploeg ging erop en erover.

Maar die Fransen bleven hinderlijk volgen, weliswaar binnen de regels, maar onze jongens werden er door afgeleid, terwijl de jeep niet meer achter een viertal, maar achter een achttal reed. Wout besefte dat hij iets moest doen. Ze moesten die Fransen kwijtraken om zo dicht mogelijk bij de jongens te blijven om direct te kunnen handelen als er een lekreed.
... Lees meer
Door Peter Ravensbergen, 3 oktober 2017 12:00

Hij gold in de tweede helft van de jaren zestig als een van de grootste wielertalenten uit de Zwitserse wielerhistorie. Niet direct een winnaarstype, maar wel iemand die in staat werd geacht een grote ronde te winnen.

Zelfs de Tour de France of de Giro d’Italia behoorden voor de kenners tot de mogelijkheden, maar het is er niet uit gekomen en dat wijt hij geheel aan zichzelf. In een interview uit 2004 kom ik het een en ander over hem te weten.

Hij komt daaruit naar voren als een warm en sociaal denkend mens die zijn eigen tekortkomingen bijzonder goed kent. ‘Mijn mentaliteit paste niet bij het vak van beroepsrenner’, zegt hij in dat interview.

Na twee derde plaatsen bij het WK van 1978 in de wegwedstrijd achter zijn landgenoot Gilbert Glaus, die wereldkampioen werd, en de ploegentijdrit voor amateurs, debuteerde hij een jaar later bij de profs met een tweede plaats in Parijs-Nice.

Zijn toenmalige werkgever was Peter Post en hij droeg het shirt van TI-Raleigh. Toen er een jaar later geen plaats voor hem was in de Tourploeg besloot hij zijn contract niet te verlengen maar elders aan de slag te gaan.

Hij won de Ronde van de Middellandse Zee en in 1982 beleefde hij zijn topjaar. Hij won het puntenklassement in zowel de Ronde van Spanje als die van Zwitserland.

Hij werd derde in Luik-Bastenaken-Luik, vierde in Parijs-Roubaix en hij won een rit in de Tour de France. Daarna werd het ieder jaar een beetje minder en in 1990 beëindigde hij zijn carrière.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 3 oktober 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
ANDRESEN, Hans (1927, † 07.02.2014, Denemarken)
BALEMANS, Theo (1910, † 08.12.1976, BelgiŽ)
BEER, Leo de (1918, † 30.06.2000, Nederland)
DE BIE, Sean (1991, BelgiŽ)
FERRARA, Raffaele (1976, ItaliŽ)
FLEEMAN, Dan (1982, Groot BrittanniŽ)
JACOTEY, Myrjam (1985, BelgiŽ)
LEENE, Gerard (1892, † 26.09.1966, Nederland)
MCLEOD, Ian (1980, Zuid Afrika)
POOLEY, Emma (1982, Groot BrittanniŽ)
RUBIANO CHAVEZ, Miguel (1984, Colombia)
SCHULZ, Philip (1979, Duitsland)
VEEN, Suzanne van (1987, Nederland)
LE BON, Johan (1993, Frankrijk)
DOWSETT, Alex (1988, Groot BrittanniŽ)

of ons op deze datum ontvielen:
BUYSSE, Marcel (1889, † 03.10.1939, BelgiŽ)
GODINAT, Andrť (1903, † 03.10.1979, Frankrijk)
LACQUEHAY, Charles (1897, † 03.10.1975, Frankrijk)
Door Fred van Slogteren, 3 oktober 2017 0:00

Parijs–Brussel is een klassieker met een rijke geschiedenis. Desondanks hoort de koers niet meer tot het rijtje van de erkende wielerklassiekers en is zelfs de naam veranderd in The Brussels Cycling Classic.

Oorspronkelijk startte de wedstrijd in Parijs, maar later werd dat in de nabijheid van Disneyland aan de oostkant van Parijs. In 2013 onderging Parijs–Brussel een ingrijpende aanpassing.

De naam werd veranderd en het parcours is sindsdien volledig op Belgisch grondgebied uitgezet. Omdat het nieuwe parcours in en rond de Belgische hoofdstad ligt sloeg de naam Parijs-Brussel nergens meer op.

Met zijn lengte van om en nabij de driehonderd kilometer was Parijs-Brussel samen met Milaan-San Remo één van de langste klassiekers. In de beginjaren tussen 1893 en 1938 bedroeg de afstand zelfs om en nabij de vierhonderd kilometer.

Het was niet alleen een van de langste, maar ook een van de oudste klassiekers. Die eerste editie in 1893 werd namelijk 124 jaar geleden verreden en de winnaar was de Belg André Henry.

Ter vergelijking, Parijs–Roubaix beleefde in 1896 haar ouverture en Milaan-San Remo in 1907. Alleen Luik–Bastenaken–Luik is qua leeftijd net iets ouder. In 1892 won Léon Houa de eerste editie.

Op de erelijst van Parijs-Brussel en The Brussels Cycling Classic prijken de namen van zes Nederlanders. Jan Raas was in 1978 de eerste, gevolgd door Jacques Hanegraaf (1982), Adrie van der Poel (1985), Jelle Nijdam (1989), Max van Heeswijk (2000) en Dylan Groenewegen (2015).

Het hierboven afgebeelde programmablad stamt uit 2000, het jaar dat ‘Mad’ Max van Heeswijk (foto) zijn eerste en enige klassieker won. Op de cover de finishfoto van de winnaar van 1999, de Let Romāns Vainšteins, die een jaar later wereldkampioen zou worden.
... Lees meer
Door Jan Houterman, 2 oktober 2017 12:00

Er staan ruim tweehonderd overwinningen op zijn palmares, maar Wilco Zuijderwijk is vooral bekend geworden door de incidenten, waarin hij – misschien wel – zijns ondanks betrokken was.

Het gaf hem het imago van een lastige jongen. Hij was een dominante renner die een koers naar zijn hand kon zetten en ook afmaken. Een lange vent met een mooie zit die, hoewel sterk, toch vooral op souplesse reed.

Zijn carrière voltrok zich aanvankelijk volgens de lijnen der gelijdelijkheid met mooie uitschieters. Hij behoorde eind jaren tachtig tot de top van de Nederlandse amateurcategorie en daarom was het logisch dat hij in 1991 de overstap maakte naar de beroepsrenners.

Hij tekende bij Buckler de toenmalige ploeg van Jan Raas, en hij won direct drie koersen, waaronder de Grote Prijs Jef Scherens.

In de jaren daarna bleef hij een beetje hangen en in 1993 reed hij onder leiding van Joop Zoetemelk de Tour du Limousin. Het ging niet lekker en uit pure balorigheid ging hij op een avond met twee ploeggenoten uit zijn dak.

Eric Vanderaerden en Martien Kokkelkoren waren de andere twee en gedrieën misdroegen ze zich in het hotel waar de ploeg verbleef, vernielden het een en ander en Zoetemelk stuurde het drietal naar huis. De beroemde veelwinnaar Vanderaerden hoefde niets te vrezen, want iedere ploeg wilde hem er wel bij hebben.

Bij Kokkelkoren en bij Wilco lag dat anders. Jan Raas – zelf als renner berucht om zijn hotelverbouwingen, die hij overigens altijd netjes afrekende – ontsloeg de drie en het voorval haalde alle kranten. Wilco kwam nergens meer aan de bak en werd noodgedwongen weer amateur.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 2 oktober 2017 9:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 ... 1061 1062 1063 Volgende »