ad ad ad ad

Slogblog


‘Royal Nord’ was de merknaam van de gebroeders Hufkens uit Lanaken. Dat is een dorp aan de Belgische grens ten zuiden van Maastricht, daar waar het Albertkanaal begint.

De ouders van de broers hadden een café naast het douanekantoor, waar de schippers hun lading moesten inklaren. Er waren vijf zoons (en vier dochters), en de oudste leerde bij Gillet in Herstal hoe een motor in elkaar zit.

Toen hij 26 jaar was, begon hij een eigen fietsenfabriek en motorenhandel in Hasselt, Belgisch Limburg. Honderd procent Belgisch, honderd procent Limburgs, was één van de slagzinnen voor de Royal Nord producten.

Eén van de broers ging de uitvoer naar het toenmalige Belgisch Congo organiseren. Jarenlang exporteerde Royal Nord 35.000 fietsen en brommers naar de kolonie in Midden-Afrika.

Op enig moment werkten de vijf broers allemaal in het bedrijf, terwijl een van de zusters de tweede vestiging in Congo leidde.

De eerste motoren kochten ze van Gillet, Sarolea en Maico. Ze maakten in Hasselt wel het plaatwerk, met een voorkeur voor enorme bakken van spatborden, beenschilden en carosserieën die niet alleen zwaar, maar ook spuuglelijk waren.

Dat je er droog achter bleef, bleek geen goed verkoopargument. Pas toen Royal Nord bromfietsen ging maken naar Italiaans voorbeeld (rank en slank, Dellorto snelgas, vier versnellingen) konden ze de bestellingen nauwelijks bijbenen.
... Lees meer
Door Otto Beaujon, 19 mei 2017 12:00

In Nederland bestaat bij velen het beeld dat in de periode Merckx alleen Joop Zoetemelk in staat was het wiel van de Brusselse geweldenaar te houden, maar dat was dan ook alles. Dit terwijl de Nederlander diverse malen Merckx heeft verslagen.

Ook het feit dat Joop de enige was die Merckx partij kon geven, is niet juist. Er waren er meer, zoals Roger De Vlaeminck in de eendagskoersen en Luis Ocaña in de Tour de France.

De in Frankrijk wonende Spanjaard heeft Merckx zelfs eens vernietigend verslagen. Dat was in de Tour van 1971 in de elfde etappe van Grenoble naar het skidorp Orcières-Merlette.

Merckx – in de gele trui – had die dag geen goede benen en de in supervorm verkerende Spanjaard rook zijn kans. Hij ging op avontuur en hij reed een magistrale solo van meer dan honderd kilometer voor het grootste deel bergop.

Toen de tijdverschillen waren gemeten stond het hele klassement op zijn kop. Van Impe kon met zes minuten achterstand de schade nog beperkt houden, maar Merckx en Zoetemelk gingen met negen minuten aan de broek diep door het stof.

De Belg legde zich direct neer bij zijn nederlaag en verklaarde dat Ocaña de Tour ging winnen, want de achterstand was niet meer in te halen. De volgende dag ging hij al in de aanval, maar Ocaña hield dapper stand.

Ook in de tijdrit gaf hij geen krimp, maar in de veertiende etappe van Revel naar Luchon greep het noodlot onbarmhartig in. In de afdaling van de Col de Mente vloog Ocaña tijdens een vreselijk onweer uit de bocht en belandde zeer onzacht op het kletsnatte wegdek.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 19 mei 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BECKER, Charlotte (1983, Duitsland)
FAIERS, Thomas (1987, Groot Brittannië)
JANSSEN, Jan (1940, Nederland)
MURRO, Christian (1978, Italië)
NOLTEN, Bram (1991, Nederland)
SCHREURS, Geerike (1989, Nederland)
TOMEI, Francesco (1985, Italië)
VANTORNOUT, Klaas (1982, België)
YPENBURG, Renger (1971, Nederland))

of ons op deze datum ontvielen:
BLATTMANN, Albert (1967, † 19.05.1967, Zwitserland)
OCAŃA PERNIA, Luis (1994, † 19.05.1994, Spanje)
Door Fred van Slogteren, 19 mei 2017 0:00

KAMPIOENEN EN KRUKKEN IN KNIEBROEK

door Pierre Heijboer

Een alleraardigst boek uit 1978 waarin op populaire wijze het ontstaan van vrijwel alle bekende sporten wordt beschreven. Het is rijk geïllustreerd met tekeningen en foto’s uit een ver verleden.

Het 184 bladzijden tellende werk geeft een goed beeld van hoe het er toen in de diverse sporten aan toe ging en dat was zo tussen 1850 en pakweg 1920, schat ik.

Voor de wielersport zijn elf pagina’s ingeruimd en daarin wordt beschreven hoe het toen was in de eerste edities van de Tour de France; wat de renners moesten doorstaan in de koersen op de hoge Bi en de driewieler.

Voorts hoe hard en hoe lang er gereden moest worden in de eerste zesdaagsen waarin de strijd eens werd aangebonden met cowboys te paard uit de Wild West Show van Buffalo Bill; hoe een stayer in de luwte bleef achter de quint (een vijfpersoonsfiets) en de eerste primitieve gangmaakmotor met twee man op de bok, enzovoort, enzovoort.

Het is leuk en onderhoudend opgeschreven door Pierre Heijboer, journalist bij eerst Het Parool en later bij de Volkskrant. We kennen Heijboer als een serieus onderzoeksjournalist die zich een aantal jaren heeft beijverd om de geheimen achter de vliegramp in de Bijlmermeer te achterhalen en er ook een boek over heeft geschreven.

Ik heb dit boek al vele jaren in mijn bezit en kende naam van de auteur van die Bijlmerramp. Ik vond zijn telefoonnummer op internet en besloot hem te vragen wat zijn persoonlijke beleving is bij de wielersport. Tot mijn verbazing antwoordde hij dat hij zijn leven aan onze sport te danken heeft.

In 1934 was zijn vader Kees Heijboer als machinist werkzaam bij de staatsmijn Emma in Hoensbroek en in zijn vrije tijd was Kees amateurwielrenner. Op het landgoed van de rijke boer en grootgrondbezitter Pierre Cremers lag een houten wielerbaan en daar mochten de renners uit de omgeving trainen.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 18 mei 2017 12:00

Sean Yates, die vandaag zijn 57ste verjaardag viert, heeft een lange carrière achter de rug in de wielersport. Eerst als renner en daarna als ploegleider, onder andere bij Team Sky.

Als renner werd hij vooral bekend als een fantastisch sterke tijdrijder, die na een succesvolle amateurtijd in 1982 werd ingelijfd door de Franse Peugeot-ploeg, wat in die tijd een topformatie was.

De Engelstaligen waren in opmars en zijn ploeggenoten waren onder meer Robert Millar en Stephen Roche. In de jaren die volgden kwamen de Amerikanen het Europese profpeloton binnen met ploegen als 7-Eleven en Motorola.

Yates stapte in 1989 bij Motorola in die Amerikaanse cultuur die in de jaren negentig van grote invloed is geweest op het Europese wielrennen. In die ploeg was er een knechtenrol voor hem weggelegd, maar wel altijd gecombineerd met een vrije rol.

Dat was in de wedstrijden die hem bijzonder goed lagen of wanneer hij toch niets voor zijn kopmannen kon doen, zoals in tijdritten. Dan kon hij geweldig uithalen en won hij ritten in zowel de Tour de France als de Vuelta.

Ook in kleinere rittenkoersen als Parijs-Nice en de Midi-Libre kon hij goed uit de voeten. Toch was hij geen renner voor dat soort wedstrijden, hoewel hij de Tour twaalf keer heeft gereden en in 1994 zelfs een dag de gele trui droeg.

Dat was in het begin van de Tour toen er nog in seconden werd gerekend, maar hij was de trui na een dag al weer kwijt. Hoewel Yates een lange erelijst heeft, ontbreekt een echt grote overwinning en die had hij zeker verdiend, maar niet gekregen.

Wat dat betreft is de sport keihard. In zijn vijftienjarige profcarrière nam hij ook nog twee keer deel aan de Olympische Spelen. Het leverde hem geen medaille op, maar het is wel opvallend dat er zestien jaar tussen die twee deelnames zit.

Na zijn loopbaan belandde hij als vanzelf in de ploegleiderswagen. Eerst bij kleine ploegen, maar vanaf 2001 bij CSC en later – op persoonlijk verzoek van Lance Armstrong – bij Discovery Channel.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 18 mei 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
BATES, Katherine (1982, Australië)
BRASPENNINCX, Shanne (1991, Nederland)
DURAN DAROCA, Arkaitz (1986, Spanje)
MEER, Jac van (1958, Nederland)
RÉZA, Kévin (1988, Frankrijk)
TERPSTRA, Niki (1984, Nederland)
WELTEN, Kay (1992, Nederland)
DRUYTS, Lenny (1997, België)
HAMILTON, Chris (1995, Australië)

of ons op deze datum ontvielen:
DE MULDER, Marcel (2011, † 18.05.2011, België)
Door Fred van Slogteren, 18 mei 2017 0:00

Toen Willem II-Gazelle eind van 1970 stopte als sponsor van een wielerploeg trof dat niet alleen de renners, maar ook ploegleider Ton Vissers. Hij had zijn schepen achter zich verbrand.

Hij was met de Willem II-Gazelle ploeg niet onsuccesvol geweest en besloot allerlei bedrijven te benaderen om met hem in zee te gaan. Een van die bedrijven was de Koninklijke Frisdrankenindustrie Winters in Maarheeze.

Een bedrijf dat voor Nederland de licentie bezat voor het produceren en bottelen van Seven Up en Sunkist. Nieuw in het assortiment was Canada Dry, een Amerikaans drankje met als soortnaam ginger ale. Dat moest bekend worden gemaakt en dat zou met een succesvolle wielerploeg moeten lukken.

Vissers had niet best onderhandeld want een budget van tweeënhalve ton was ook in die tijd veel te weinig. De Telegraaf bracht de overeenkomst naar buiten en het kon op veel sympathie rekenen.

Nederland had geen wielerploeg meer en de start zou in 1973 plaatsvinden in Scheveningen. Nu nog de renners. Onze beste renner, de nog jonge Joop Zoetemelk, zat vast in een Franse ploeg en wilde ook niet. Ook Hennie Kuiper had geen trek in de ploeg van Vissers.

Uiteindelijk kwam de Rotterdammer bij Rini Wagtmans uit. Die was al eens als vijfde en zesde in de Tour geëindigd en er zat meer in. Maar Rini kreeg begin 1973 last van hartritmestoornissen en moest na vele onderzoeken besluiten met wielrennen te stoppen.

De kopman werd tenslotte Jan Krekels. En verder Wimke Prinsen die had bewezen in het hooggebergte goed te kunnen presteren. Voor de rest moest Vissers kiezen uit het aanbod van goede amateurs en zo kwam de ploeg tot stand.

Een formatie van veertien renners, waarvan de helft niet Tourwaardig was. Niemand zag er iets in en Tourdirecteur Lévitan liet weten dat er geen tweederangsploegen in de Tour welkom waren. Omdat de start in Nederland zou zijn wist Vissers, gesteund door De Telegraaf toch een startbewijs te krijgen.

De ploegen bestonden toen uit elf renners en Vissers kon zijn ploeg maar ternauwernood rond krijgen. Op het laatst contracteerde hij voor de duur van de Tour twee onbekende Portugezen.
... Lees meer
Door Henk Theuns, 17 mei 2017 12:00

Beste Tom,

Je rolde van het startpodium het duistere straatje van Foligno in en toen je daar uitkwam kon je het gelijk al zien. Daar reed weer de briljante Dumoulin van Bourg Andeol-La Caverne uit de Tour de France van tien maanden geleden. Eigenlijk was dit nog mooier. De krachtige, overtuigende stamp en het onbeweegelijke lichaam.

Zo reed in een ver verleden Frans Slaats uit Waalwijk ook. Deze slagersjongen, die als enige Nederlander het werelduurrecord met staande start verbeterde (1937) zat ook zo gebeeldhouwd op zijn fiets. Een roerloos lijf en benen die als zuigerstangen een hels ritme ontwikkelden. 'Je kon een glas bier op mijn rug zetten. Als ik aan de meet was, was er geen druppel uit,' zei hij altijd. Zo reed jij deze dolle dinsdag in Italië ook. Het was prachtig om naar te kijken.

Het was ongetwijfeld een dag die je met veel twijfels in ging. Natuurlijk, op Blockhaus toonde je al dat je superbenen had, maar het was pas jouw 24ste koersdag in dit seizoen. Je had de Tirreno gereden en was daar maar dertiende geworden in de tijdrit op de volstrekt platte boulevard van San Benedetto del Tronto.

't Was bagger,' had je over die dag gezegd en dat klopte. Het was zo'n beetje de slechtste tijdrit die je de laatste jaren reed. Natuurlijk borrelen dan de vragen in je op. Komt het door mijn gewijzigde voorbereiding? Is het een gevolg van mijn gewichtsverlies, die noodzakelijk was in verband met de ambitie om top te presteren in een grote ronde?

Niemand kon het antwoord geven. Dat kon je alleen zelf, maar op jouw pad naar de Giro lagen geen tijdritkilometers meer. Je trok je terug op een kale berg en koerste meer dan een maand niet. De focus lag volledig op deze maand. Zelfs de Amstel Gold Race in jouw eigen trainingsgebied liet je schieten. Dat zei genoeg over de ambities die je had voor mei.

Al vroeg maakte je de keuze voor de Giro in plaats van de Tour de France. Dat had alles te maken met het parcours: twee tijdritten die voor jou gemaakt leken te zijn. Maar dan moet je dat ook nog even waarmaken. De rustdag was maandag ongetwijfeld een dag waarop er heel wat in jouw hoofd is omgegaan. Steeds maar weer die vragen van journalisten: 'Ga je winnen?' 'Hoeveel tijd denk je te pakken op Quintana?'

Vragen waar je zelf ook geen antwoord op kon geven. Je wist immers ook niet of zo'n flitsende tijdrit als tussen Bourg Andreol en La Caverne er nog inzat. Ik kan me goed voorstellen hoe je op dat startpodium in Foligna stond. Geconcentreerd. Eindelijk bevrijdt van al die domme vragen.

Het ritme dat je er uitgooide moet je snel vertrouwen hebben gegeven. Vlaggen stonden strak aan de masten, maar het tempo naar Bevagna was enorm. In maar tien minuten en 22 seconden was je er al. Negenduizend en achthonderd meters asfalt waren onder je door gevlogen. De kilometerteller stopte op 56,720 per uur! Dat was 2527 meter per uur rapper dan Mollema en Pinot, de nummers vier en twee van het klassement, 3347 meter sneller dan Nibali, de home-favoriet en liefst 4064 meter per uur rapper dan Nairo Quintana in zijn rose trui!

Toen was het wel duidelijk: Tom Dumoulin was op weg naar een prachtige tijdritzege. De cijfers waren onderweg indrukwekkend. Tussen Bevagna en Bastardo lagen 18,4 kilometers met een hoogteverschil van 166 meter. Je reed er als enige sneller dan vijftig kilometer per uur: 50,658. Mollema, ook verbluffend goed, kwam daar van de andere klassementstoppers tot 48 km 504, maar Quintana slechts tot 47,595.

De laatste 11,6 kilometer van Bastardo tot Montefalco draaide je af in zeventien minuten en dertien seconden. De weg liep permanent omhoog. Het tempo daalde naar veertig kilometer en 426 meter per uur, maar ook nu was je veruit de snelste. De enige die dat stuk rapper dan veertig per uur reed. Nibali, die op het slot sterk verbeterde en nog zesde werd, verloor toch nog 29 seconden, maar hij slaagde er niet in zijn uurgemiddelde over dit lastige stuk boven de veertig te krijgen: 39 km 322.

Geen wonder dat je na de finish even ging zitten uitpuffen op de straat. Dit was een prestatie van hoog niveau. Wat ik wel opvallend vond, was dat Quintana juist op dit stuk verbeterde ten opzichte van de concurrentie, maar niet ten opzichte van jou. Hij verloor nog eens 44 seconden! Reed Nairo Quintana slecht? Dat vond ik niet. Hij koerste op zijn niveau. Een jaar geleden eindigde hij in La Caverne ook pas als 20ste en verloor hij over 37,8 kilometer drie minuten en acht seconden op jou. De marge was nu iets kleiner (twee minuten en 53 seconden).

Zo was het eigenlijk ook met Bauke Mollema, die met zijn sterke tiende plaats een plek klom in het klassement. Hij verloor nu twee minuten en zeventien seconden. In de Tour was dat één minuut en 54 seconden. Er is dus in de strijd tegen die als maar doortikkende secondenwijzer ten opzichte van hen niets veranderd.
... Lees meer


Door Ron Couwenhoven, 17 mei 2017 10:00

Toen zijn naam in 2008 op de deelnemerslijst stond van de Ronde van het Groene Hart, waren mijn collega’s Philip van der Ploeg en Martin Bons van de commissie pers- en PR-zaken, direct lyrisch.

Een supertalent begreep ik en het was een Noor, een landgenoot van Thor Hushovd en Kurt Asle Arvesen, toen de beste renners uit dat land. Sinds 2006 was hij beroepsrenner, eerst bij Team Maxbo Bianchi, daarna bij Team High Road en vervolgens bij Team Sky.

Philip en Martin hebben helemaal gelijk gekregen, hoewel ik ze toen niet heb tegengesproken of anderszins aan hun woorden getwijfeld. Edvald Boasson Hagen, die vandaag zijn dertigste verjaardag viert, is een toprenner geworden.

Eén blik op zijn erelijst is voldoende om dat vast te stellen. Hij was tien keer kampioen van zijn land op de weg en in het tijdrijden; hij won etappes in de Tour en in de Giro en won twee maal zowel de Eneco Tour als de Tour of Great Britain.

Ook de Ronde van Noorwegen won hij twee maal en waar het rittenkoersen betreft ook een keer de Ronde van Oman. Er staan twee klassiekers op zijn naam, te weten Gent-Wevelgem en de Vattenfalls Cyclassics.

En dan nog de Grand Prix Ouest France in Plouay en in ons land de Dutch Food Valley Classic. En voorts nog tal van etappes in diverse etappewedstrijden. Kortom de Noor is een veelwinnaar.
... Lees meer
Door Fred van Slogteren, 17 mei 2017 9:00


Zij die vandaag hun verjaardag vier(d)en ...
ALBIZURI ARANSOLO, Beńat (1981, Spanje)
BRAS, Martine (1978, Nederland)
COLBRELLI, Sonny (1990, Italië)
ELZING, Adrik (1992, Nederland)
GALVEZ LOPEZ, Debora (1985, Spanje)
HUISSOON, Jaap (1936, Nederland)
KESSIAKOFF, Fredrik (1980, Zweden)
LLANERAS ROSSELLO, Juan (1969, Spanje)
PESENTI, Antonio (1908, † 10.06.1968, Italië)
RYBAKOV, Alexander (1988, Rusland)

of ons op deze datum ontvielen:
FAVERO, Vito (2014, † 17.05.2014, Italië)
GAUMONT, Philippe (2013, † 17.05.2013, Frankrijk)
Door Fred van Slogteren, 17 mei 2017 0:00

« Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 ... 1010 1011 1012 Volgende »